Hoofdstuk XX, Van 1 tot en met 28 februari 2018.

Donderdag 1 februari 2018.

De maand januari 2018 is geëindigd met een totaal aantal bezoekers die maand van deze website van 565. Een absoluut maandrecord vanaf de start op 1 april 2016.  Januari 2018 eindigde zelfs de laatste dagen met een soort eindsprintje. Wel leuk natuurlijk zo’n maandrecord, maar des te lastiger wordt het om dit record in de komende maanden nog te verbeteren. Temeer omdat februari uiteraard maar 28 dagen lijkt te gaan hebben.

Nu we toch met standen bezig zijn viel het me vandaag ook op dat ik over de maand januari een stuk minder energie heb verbruikt dan over de maand december.

Ik heb naar deze meterstanden een leven lang  niet omgekeken, behalve dan als eenmaal per jaar de leverancier de meterstanden opvroeg, en heb daarna rustig gewacht op de (af)rekening en die vervolgens betaald. Sinds de huizen hier geïsoleerd zijn, en ik door begon te krijgen dat dat wel eens in energiekosten zou kunnen gaan schelen, ben ik het maandelijks gaan bijhouden. Ik moet toch gegevens hebben voor het overleg met de verhuurder, maar ook voor het overleg met de overige bewoners en ons bestuur. Op basis van een indruk en een gevoel overleggen is me toch wat te mager. Dat verklaart ook waarom ik al zeker een half jaar de vochtigheidsgraad in de woning opmeet. Daarbij was me al eerder opgevallen dat de vochtigheidsgraad maar heel geleidelijk terugliep. De uitleg daarvan was, dat het huis bij de start kletsnat was en maar heel geleidelijk opdroogde. Dat duurde gewoon enkele maanden. Pas enkele weken is de ‘opdroogstand’ min of meer stabiel en schommelt nu tussen 38 en 44%, afhankelijk van het weer. Dat zelfde verschijnsel heeft zich nu ook bij de energiekosten voorgedaan.  De vergelijking is ook mooi, omdat zowel december als januari 31 dagen hebben en het weer ongeveer hetzelfde was. We hebben in beide maanden geen opmerkelijke koudegolf gehad en ook geen ‘hittegolf’, op een enkele dag na met een record. Ik ben geen zuinige stoker en heb bewust een heel constant gedrag vertoond met het dagelijks hoog en weer laag zetten van de temperatuur en het aan en weer uit zetten van de belangrijkste elektriciteitsverbruikers.

Dit heeft erin geresulteerd dat ik in december 239 kWh heb verbruikt en in januari 203 kWh. Dat is een terugloop van 15%.

Voor wat het gasverbruik betreft ben ik teruggegaan van 186 naar 173 kuub, hetgeen een terugloop is van ongeveer 8%. Begin januari had ik al vastgesteld dat de terugloop over een heel jaar ongeveer 180 kuub zou moeten worden, maar in werkelijkheid is de terugloop dus nog groter. Het nieuwe systeem heeft gewoon tijd nodig voordat het huis van binnen is opgedroogd. Die opdroging zou – gegeven de stand van de hygrometer –  nu wel ongeveer klaar moeten zijn. De isolatie heeft dus werkelijk zijn nut en besparing opgebracht. Maar we weten het pas precies als de winter goed en wel voorbij is, dus ergens in het voorjaar, als het stookseizoen voorbij is.

Volgens de jongste inzichten lijkt er vanaf aanstaande maandag dan toch nog zoiets als een winter aan te komen. Gelukkig wordt er dan nauwelijks neerslag verwacht, dus dat zou het nog mogelijk moeten maken om boodschappen te blijven doen. ‘Operatie eekhoorn’ heeft opgeleverd dat ik begin volgende week door mijn ingevroren maaltijden heen zal zijn, dus dat wordt het tijd voor ‘operatie eekhoorn, fase 2’. Voor alle zekerheid ga ik dan maar aanstaande zaterdag ‘groot’ inkopen voor opnieuw enkele tientallen maaltijden. En dan maar hopen dat we deze winter daarna opnieuw schadevrij hebben overleefd.

Gisteren overleg met Noordervastgoed, de beheerder van onze woningen. Voor het eerst in wellicht wel een jaar. Wel goede afspraken gemaakt, maar ik geloof het pas echt – bij deze verhuurder – als de boter ook echt bij de vis komt. Over een dag of veertien dan weer een bewonersbijeenkomst, zoals het nu lijkt op zaterdag 17 februari.

Vrijdag 2 februari 2018.

Gisteravond kennis gemaakt met een mogelijk nieuw lid van onze bewonerscommissie: Tim. We zijn nu in feite met zijn zessen, maar daar zal er snel eentje van afvallen. En dan moet de kandidaatstelling nog beginnen. Dat gaat dus in elk geval wel goed, voorlopig.

Vandaag in de New York Times een interessant artikel over vluchtende Rohingya’s van Myanmar naar Bangladesh. Ook weer een van die merkwaardige vluchtelingenstromen op de wereld. De Rohingya’s zijn islamiet en wonen in het boeddhistische Myanmar. Bangladesh is zeer overwegend islamitisch. Journalisten worden in Myanmar niet toegelaten, dus journalisten moeten het doen met de verhalen die de gevluchten in Bangladesh vertellen. Een kritische journaliste heeft nu bij een aantal van de verhalen die ze heeft gehoord dat ze onmogelijk waar konden zijn. Het was bij een aantal zelfs de vraag of het wel vluchtelingen waren. Een jongetje van een jaar of tien met een verschrikkelijk vluchtverhaal, vertelde later spontaan dat hij zoveel hield van cricket. Helaas voor hem bestaat cricket in Myanmar helemaal niet, maar is juist wel erg populair in Bangladesh. Bij nader onderzoek bleek daarnaast zijn vluchtverhaal niet waar kon zijn. En dat gold voor veel meer van deze vluchtverhalen. Een man die met drie vrouwen getrouwd zou zijn vertelde dat hij een vrouw in Myanmar achtergelaten en dat was precies de moeder van zijn vier jonge kinderen. Bij interviewen van de twee vrouwen bleken de drie vrouwen elkaar helmaal niet ten kennen. De journaliste benadrukte meerdere malen in haar stuk dat de Rohingya’s zonder enige twijfel veel ellende hadden meegemaakt, maar dat er door deze vluchtelingen tegelijk ook veel complete onzin wordt verteld. Het is lastig om feiten en fictie dan goed uit elkaar te houden.

Dan het bericht uit van vanmorgen Duitsland. Daar mocht een islamitische man zijn tweede vrouw op grond van gezinshereniging laten overkomen, omdat dat in het belang van de kinderen die al in Duitsland waren, was. Honoreert Duitsland nu de bigamie? Een woordvoerder verklaarde dat het van geval tot geval wordt beoordeeld, en uitsluitend wordt toegestaan in het belang van kinderen. Die formulering betekent dus gewoon dat, zodra er een kind is, mannen net zoveel vrouwen kunnen laten overkomen als ze willen. Ik heb al vaker betoogd en ook zelf meegemaakt, dat de frase ‘in het belang van het kind of van de kinderen’ ook in Nederland op grote schaal wordt misbruikt, zowel bij autochtone als bij allochtone kinderen. Prompt zijn er ook in ons land inmiddels door diverse fracties Kamervragen gesteld, of dit in Nederland ook voorkomt. Het zou me eerder verbazen als dat niet het geval is. Ook hier zal de formulering wel zijn: dat dat in voorkomend geval heel zorgvuldig wordt onderzocht en dat dan uitsluitend gebeurt in het belang van het kind.

Zaterdag 3 februari 2018.

Vanmorgen sneeuw op de struiken. Dan denk je – optimist als ik ben – dat de winter wel weer voorbij is, maar dan komt er nog wat. In elk geval hier.

Vanmorgen 10.10 uur vanuit mijn voordeur genomen. Op dat moment sneeuwde het zelfs nog, maar dat is op de foto niet te zien. Daarvoor was – met het vele licht en wit – de sluitersnelheid blijkbaar te laag. Op dit moment is de weg nog beloopbaar, maar het schijnt erger te gaan worden. Gelukkig heb ik voorlopig nog genoeg in huis – met gisteren nog een verse portie pistachenoten – om het nog een tijdje te kunnen overleven.

Ook in de roemruchte Taklamatanwoestijn in China sneeuwde het gisteren. Deze woestijn, in het uiterste westen van China, is bekend vanwege zijn talloze archeologische vondsten. Er zijn over de afgelopen duizenden jaren vele volkeren van west naar oost doorgetrokken en vice versa. Er zijn graven gevonden van mensen van duidelijk Europese, Turkse, Tibetaanse en Chinese origine. Het zou de of een route moeten zijn geweest waarop vanuit Afrika Oost-Azie bevolkt is gaan worden en daarna de Amerika’s. De andere route is dan langs de Indiase kust en verder. Ook Marco Polo zou er door getrokken zijn. Dit is een gebied waar nog veel onderzoek plaatsvindt en gaat plaatsvinden, en waar nog veel zal worden ontdekt. Daar is het laatste woord nog niet over gezegd.

Verder was er vandaag in het nieuws dat de roemruchte Gina Lollobrigida een eigen tegel heeft gekregen in de Hall of Fame in Los Angeles.

Dat moet je dan in een Chinees medium aantreffen, want westerse media hebben dit niet opgenomen. Daar is ze blijkbaar niet meer interessant. Toch hadden wij in de zestiger jaren op padvinderij een yell met haar naam: G punt I punt N punt A, G i  n a  L o l l o b r i g i d a. Kerner vond dit niet zo leuk om te horen. Bovendien is zij – naast haar talloze films waar ze in schitterde – ook bekend geworden in een cartoon van Tom and Jerry. In de zoveelste jacht van Tom op Jerry, dit keer over de Venetiaanse kanalen, was er een brug waar Jerry nog makkelijk onderdoor kon, maar Tom niet, en die dus knalhard zijn hoofd/kop daar tegenaan stootte. Boven die brug was echter een tekst aangebracht: Lowlabridgada. Oftewel nep-Italiaans voor Lage Brug. Tenslotte heeft deze Gina nog een nichtje met dezelfde achternaam die straks als schaatster meedoet met de Olympische Spelen in Zuid-Korea.

Zondag 4 februari 2018.

Na tientallen jaren voor me uitschuiven kreeg ik dan gisteren de geest om toch eens de populariteit van mijn diverse websites te analyseren. Dat kwam natuurlijk omdat ik bij het opruimen, een flink overzicht van bezoeken uit het verleden, van september 2000 tot en met oktober 2003 terugvond. Ik weet eigenlijk niet precies wat ik toen voor websites had, laat staan dat ik de statistieken ervan heb bijgehouden tussen november 2003 tot april 2016, toen de tegenwoordige serie begonnen is. Zoals u elders op deze website kunt lezen, begon eind december 2000 mijn grootste reclamecampagne ooit, vooral bestaande uit radioreclame verspreid over diverse radiozenders. In de loop van maart 2001 werd voor mij toch nog onverwacht, na jarenlange trouwe dienst,  het einde van mijn contract bij de Hogeschool Holland aangekondigd, waardoor ik noodgedwongen weer moest stoppen met de vrij omvangrijke reclame. Vanaf december 2000 tot en met april 2001 haalde ik dus de hoogste bezoekcijfers ooit met mijn websites. Vóór en na die tijd maakte ik nog een tijd gebruik van Google Adwords. Dan krijg je in Google op door jezelf gekozen zoekwoorden advertentietjes te zien en je betaalt dan voor elke klik die iemand op die advertentie doet. In de tweede periode, vanaf april 2016, heb ik dat zeker niet meer gedaan en is elk bezoek ‘puur natuur’ zonder enige stimulans. Ter vergelijking: in januari 2018 haalde ik bij elkaar 662 bezoekers met tendens stijgend. Vanaf oktober 2000 had ik – dankzij Adwords – voor het eerst hogere aantallen: 758. In november waren het er 1008, in december met vanaf eind december radioreclame 4.231 bezoekers en in januari 2001 15.045 bezoekers, bijna 23 keer zoveel als vorige maand. Dat aantal daalde vervolgens en vanaf juni 2001 tot en met december 2017 had ik steeds een lager aantal  bezoekers dan vorige maand. Hogere aantallen en korte tijd ook flink hogere aantallen dan nu had ik dus alleen van oktober 2000 tot en met mei 2001: een periode van 8 maanden. Als de tendens van de afgelopen twee jaar zich voortzet zal dat aantal in de komende periode wel kleiner worden dan 8, maar ik zie toch ook weer niet gebeuren dat ik ooit nog op meer dan 15.000 bezoekers in een maand kom. Dat kan alleen maar als ik weer reclame ga inzetten en dat zit er voorlopig niet in en waarschijnlijk zelfs nooit meer. Ik maak – voor de liefhebber – een aparte pagina op deze site aan om deze kwalitatieve gegevens verder te vermelden.

Een andere oude kwestie is dat ik gisteren ook weer de kandidatenlijst tegenkwam van de Tweede Kamerverkiezingen van 6 mei 1998. Daar was ik nog kandidaat voor D66. Tot gisteren stond op deze website dat ik vanaf 1995 helemaal passief werd, qua politiek, maar dat bleek dus niet zo te zijn. Ik was – zo vond ik gisteren – uitsluitend verkiesbaar in de Kieskringen I tot en met V: de provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel en Flevoland en stond ik heel laag op de lijst. Ik kreeg 196 voorkeurstemmen. Dat waren meer voorkeurstemmen dan de ook op de lijst voorkomende Arthie Schimmel kreeg, die op dat moment al jarenlang Tweede Kamerlid was en 10e op de lijst was geplaatst, en een bekende Nederlander was.  Ik had ook veel meer voorkeurstemmen dan de tegenwoordige wethouder van Haren Michiel Verbeek, die ook hoger dan mij op de lijst was geplaatst. Alleen plaatsgenoot Olga Scheltema, ook al jarenlang Tweede Kamerlid, 9e op de lijst, en ook een bekende Nederlander, had in genoemde kieskringen  fors meer voorkeurstemmen. Het beeld dat ik vrij veel voorkeurstemmen kreeg, meer dan veel landelijk, regionaal of plaatselijk bekende Nederlanders, die regelmatig in media en op de tv verschenen, en ik nooit, was hetzelfde als dat ik voor de verkiezingen voor Provinciale Staten van 1991 en 1995 gekregen had. Daar had ik zelfs de meeste voorkeurstemmen van alle D66-ers en ook meer dan de meeste andere partijen hadden. Ik kan maar niet bedenken waarom ik bij verkiezingen zo relatief populair was, ook in provincies en regio’s en plaatsen,  waar ik helemaal niemand persoonlijk kende. Ik had natuurlijk bij de RGD en bij KPN jarenlang landelijke verantwoordelijkheden gehad, maar of dat het dan was?  Voor details verwijs ik u naar de inmiddels aangepaste pagina over 1998.

Vrijwel nergens op deze site laat ik weten dat ik een liefhebber van Archeologie en al jaren geabonneerd op het Archeologie Magazine. Ik ben vooral een liefhebber van de ontstaansgeschiedenis van beschavingen. Dat verklaart meteen waarom ik dat boek over de Hethieten kocht en heb gelezen. Eén van de interessantste ontstaansgeschiedenissen is natuurlijk die van Egypte. Het enige nog bestaande wereldwonder van de klassieke oudheid is de piramide van Cheops. Dit bouwwerk uit zo’n 3000 jaar vC staat er nog steeds en dat zal nog wel lang zo blijven. Het heeft voor onderzoekers nog altijd vele raadsels. De farao die de naamgever van dit bouwwerk was stamde uit de 4e Egyptische dynastie. In deze dynastie werden er in begrafenisplaatsen en dus ook niet in de piramide van Cheops teksten geschreven en ook geen afbeeldingen achtergelaten. Dat verklaart ook dat we maar zo weinig over de bouw van die piramide weten. Teksten en afbeeldingen begonnen dus pas in de 5e dynastie, vanaf plm. 2500 vC. Dezer dagen is een nieuwe ontdekking gedaan: de graftombe van een  priesteres met de naam Hetpet uit de 5e dynastie. Het moet natuurlijk Depet zijn, maar mogelijk was het in die tijd anders. De tweede foto van livescience.com

Maandag 5 februari 2018.

Gisteren was er dan weer het wereldkampioenschap veldrijden in Valkenburg. Er zijn maar weinig sporten waar ik graag naar kijk, zoals langebaanschaatsen en wielrennen op de weg, maar het veldrijden hoort daar zeker ook bij. Ik volg lang niet alles, maar zo’n wk wil ik graag wel gaan bekijken, als ik niets dringenders te doen heb.  Het strijden tegen de elementen door weer en wind op amper berijdbare paden: dat mag ik wel. Ook veldlopen vind ik daarom wel interessant, al kijk ik daar (nog) minder naar. De gedoodverfde kandidaat was gisteren de Nederlander Mathieu van der Poel, maar van mij mag en moet zelfs gewoon de beste winnen, al is het een eskimo. Gedoodverfd of niet, maar Mathieu werd niet de winnaar, hij werd derde, terwijl zijn grootste (Belgische) rivaal Wout van Aart met het goud ging lopen.  Na afloop moest hij natuurlijk verklaren hoe het kwam dat hij gewonnen had. Hij had er twee redenen voor. De eerste was dat hij op smallere banden had gereden: 30 mm in plaats van de meer gebruikelijke 33 mm. Tja. En de tweede reden was dat na het steeds weer tussentijds schoonmaken van alle bewegende delen van de fiets ze daarna Dr Oetker bakspray hadden gebruikt. Dat zorgde ervoor dat alle modder en vuil minder makkelijk aan de verschillende bewegende delen bleef plakken. Dat vond ik meteen een heel sterk argument: het gebruik van dr. Oetker bakspray levert winnaars op.

Het is de zoveelste bevestiging van wat ik al jaren beweer: veel voorverpakt eten komt rechtstreeks uit de chemische industrie en kan niet anders dan ongezond zijn. Vermijd het voor consumptie. Die chemicaliën, zoals dr. Oetker bakspray, kunnen natuurlijk wel uitstekend werken bij fietsen die onder de modder en vuil hebben gezeten. Er zit heel veel, vaak jarenlang onderzoek in. Ze doen die spullen niet zomaar op de markt. Ik ga dus maar ook zo’n spuitbus halen, voor de situatie dat ik weer veel of althans veel meer ga fietsen dan ik nu doe. Of voor het onderhoud van andere bewegende delen ………….. Ik wil tenslotte ook wel eens bij de winnaars horen.

Dinsdag 6 februari 2018.

Van mijn nog huidige energieleverancier Vandebron moest ik al twee weken geleden de meterstanden opgeven, ‘uiterlijk per 20 februari’ . De volgende energieleverancier, NUON, wilde gisteren ook mijn meterstanden weten, maar deze keer per ‘uiterlijk 10 februari’. Dat loopt dus lekker langs elkaar heen. Aangezien ik vorig jaar ook mijn meterstanden moest opgeven en dat heb gedaan op 7 februari, kies ik dit jaar dus ook maar voor 7 februari, morgen dus. Dan heb ik bij de oude leverancier in elk geval precies een vol jaar. Maar het zou me ook weer niets verbazen, als de overgang van de ene naar de andere leverancier bijvoorbeeld per 15 februari zal zijn, zodat ze beide nog met een volkomen oncontroleerbare na-afrekening zullen komen. En van geen beide leveranciers krijg je daar dan maar een snippertje informatie over.

Nog weer eens een schitterend winterplaatje:

Je kunt gewoon niet uitmaken of dit nu een zwart/wit- of een kleurenfoto is.

Intussen ben ik al dagen bezig met de meest rigoureuze opruiming van papier sinds ik besta. Stapels papier die elke voorafgaande opruiming hebben overleefd, gaan nu achter elkaar op de stapel voor de versnipperaar. Ik twijfel nog een beetje over de massa foto’s die ik nog heb. Anders dan veel andere mensen heb ik die nooit in albums gestopt. Een selectie ervan is wel op deze website verschenen. Maar ik heb natuurlijk niet voor niets een selectie gemaakt. Alle overige foto’s vond ik niet de moeite waard voor deze levensbeschrijving. Waarom nu niet alle andere gewoon maar weg te gooien. Zou er nu werkelijk een nabestaande voor deze foto’s, waarvan ze doorgaans niet zullen weten wie er opstaan en van wanneer ze zijn, nog belangstelling hebben? Ik kan me het niet voorstellen. Dus mijn aanpak zal wel zijn: nog eenmaal kritisch doorkijken of er nog foto’s zijn die de moeite waard zijn om op deze website te plaatsen en anders weggooien. Dat geeft met alle bijbehorende negatieven toch ook weer een enorme opschoning van mijn huis. De voor deze website gebruikte foto’s en stukken bewaar ik dan nog wel. Waarom weet ik nog niet. Dan heb ik in elk geval later nog wat op te ruimen.

Woensdag 7 februari 2018.

Vanmorgen dus de meterstanden opgenomen. Voor de elektriciteit is er nauwelijks iets veranderd ten opzichte van vorige jaren, maar bij het gas wel. Jarenlang zat ik rond de 1780 kubieke meter gas per jaar. Bij eerdere tussenstanden in de afgelopen twaalf maanden liep  het verbruik op jaarbasis al flink terug: van 1680 naar 1590 kubieke meter. De stand van vanmorgen was dan 1520 kubieke meter op jaarbasis. En dan is de winter nog maar halverwege. Ik vermoed dat de eindstand wel eens onder de 1300 kuub zou kunnen komen.  Voor de nieuwe leverancier had ik een  schatting gemaakt op 1500 kuub, want ik wilde mezelf uiteraard niet rijk rekenen. Liever iets teveel betalen en dan wat terugkrijgen dan achteraf bijbetalen. De vochtigheidsgraad in huis is inmiddels gedaald naar 30%  bij wijlen en dat is ook ongekend.

Twee plaatjes, opnieuw van onze Chinese vrienden. Die maken toch veel meer dan alle anderen werk van veel mooie plaatjes. De eerste foto is van de meest noordoostelijke grens van China bij het plaatsje Mohe, aan de Siberische grens. De temperatuur is hier gezakt tot -40 graden Celsius. Opvallend aan dit plaatje vind ik dat de grenswachters allemaal, volkomen logisch natuurlijk, heel stevig zijn ingepakt, terwijl de hond er helemaal bloot bij loopt. Voor hem geen moonboots of een warme sjaal. Ik heb geen verstand van honden en ook niet van Chinezen, laat staan van Chinese honden, maar blijkbaar kunnen die honden wel tegen die extreme kou.

De Chinese klederdrachten zijn wel de meest weelderige die ik ken. Er zijn daar regelmatig allerlei festivals en dergelijke, waarbij ze hun klederdrachten tonen. Hieronder een voorbeeld.

Donderdag 8 februari 2018.

Het doorgeven van de standen aan Vandebron liep ook weer helemaal fout. Al drie keer eerder heb ik – op verzoek van Enexis – aan Vandebron gemeld dat ik nog maar één telwerk voor elektriciteit heb en pas na de derde keer kreeg ik ook de bevestiging van ze dat ze dat eindelijk hadden begrepen. Het duurt even voordat je tot die jongens doordringt. Vervolgens kreeg  ik – op 24 januari 2018 een vraag van ze of ik per uiterlijk 20 februari mijn meterstanden wilde doorgeven. Vervolgens kreeg ik gistermorgen het verzoek om het toch maar dezelfde dag, dus op 7 februari te doen. Wat willen ze nou? Wat een chaos is het daar toch. Vervolgens heb ik, goedwillend als ik ben, toch gepoogd via de door Vandebron meegestuurde link mijn meterstanden per 7 februari door te geven, maar daar liep ik vast. Hun systeem bleef, net als het systeem van Essent, maar doorvragen naar de tweede meterstand, die ik helemaal niet heb. Verdergaan naar de volgende stap is dan niet mogelijk. Hoewel ik schriftelijk van ze heb gemeld gekregen dat ze eindelijk begrepen hadden dat ik nog maar één meterstand heb was dat blijkbaar nog niet tot hun systeem doorgedrongen. Van Essent begreep ik dat ze gebruik maken van het systeem van de leidingenbaas, in mijn geval Enexis, dat aangeeft of je één of twee telwerken voor elektriciteit hebt.  En dat systeem geeft blijkbaar nog steeds aan dat ik over twee telwerken voor elektriciteit beschik. Dan kun je doen en laten wat je wil, al ga je op je kop staan, en al krijg je de schriftelijke bevestiging dat ze begrepen hebben dat je er maar eentje hebt, maar dan houden ze zich aan hun systemen dat het er twee zijn. Wanhopig word ik van zoveel hardnekkige bureaucratie. Vandebron wil dan wel dat je nog dezelfde dag je meterstanden doorgeeft, maar maakt het vervolgens onmogelijk om het ook echt te doen. Als je dan daar een klacht over indient moet je uiteraard wel drie dagen wachten, zo geeft men aan, op een antwoord.  De klant moet – in de visie van Vandebron – drie keer zo snel zijn als zij zichzelf veroorloven te zijn. En dat is dan de door de Consumentenbond aanbevolen firma voor energieleveringen. Al die energiecowboys van tegenwoordig zijn volgens mij hetzelfde. Ik heb er nu met drie ervaring, Energiedirect, Oxxio en Vandebron, maar het zijn alle drie chaotisch georganiseerde bedrijven, van  volgens mij een stelletje criminelen, die alleen maar proberen een graantje mee te pikken.

In Nederlandse media wordt hoog opgegeven over de grote belangstelling voor het Chinabezoek van onze Koning en Koningin. Nu ben ik helemaal niet koningsgezind. Maar Xinhuanet, toch een soort Staatsnieuwswebsite, zei er vrijwel niets over.  Tot vanmorgen vroeg, toen er ineens wel bovenaan hun homepage een foto met artikel over dit bezoek verscheen. Ook weer opgelost.

Vrijdag 9 februari 2018.

Vandaag het begin van de Olympische Spelen in Zuid-Korea. In de fotoseries van Xinhuanet vielen me vanmorgen enkele actuele foto’s uit Afrin op. Afrin is de Syrische plaats dichtbij Turkije, waar het Turkse leger alweer een dag of veertien geleden onderweg naartoe was om het te ‘bevrijden’ van de Koerdische ‘bezetters.’ We kregen daarna geen enkele mededeling over de strijd die daar dan moet zijn en worden gevoerd, geen slachtoffers (behalve op een dag zeven Turkse militairen) en zeker niet dat Afrin inmiddels door de Turken is bezet. In de fotoserie van Xinhuanet uit Afrin lijkt het wel of er helemaal niets aan de hand is. Knikkerende kinderen (wel alleen maar jongens uiteraard), op een grasveldje picknickende mensen, winkelend publiek. En iedereen zo op het oog goed gekleed en geluimd en de winkels vol.  Dus wat daar nou aan de hand is?

Met carnaval voor de deur moet er natuurlijk aandacht zijn voor de beveiliging tegen terroristische aanslagen, maar daar hoor je niets over, terwijl het dreigingsniveau hoog is. Dat is cartoonisten ook opgevallen.

Zaterdag 10 februari 2018.

De Olympische Spelen zijn weer begonnen en dat is meteen te merken aan de bezoekersaantallen op deze website. Nu zijn vrijwel alle wedstrijden ’s nachts en ’s morgens, terwijl de meeste bezoekers op deze website er juist in de middag en avond zijn. Dat zegt vermoedelijk maar weinig. Mensen hebben uiteraard ook nog andere bezigheden dan de spelen en deze website. Ze moeten nog naar hun werk of school/studie, doen boodschappen, gaan met familie en/of vrienden uit, bezoeken allerlei evenementen en dan zijn er natuurlijk in de avond nog de talloze sportherhalingen op vrijwel alle zenders.  Nu zitten we qua bezoekers in februari nog steeds goed op de lijn omhoog, zeker ten opzichte van februari vorig jaar, maar ik veronderstel dat dat wel wat minder zal gaan worden.

De eerste Nederlandse uitvaller, de 17-jarige snowboarder Niek van der Velden, is er al. Na een oefening en nog niet op een wedstrijd geweest en een val had hij een gebroken arm. Die is weer naar huis. Dit heeft volgens mij weer alles te maken met selectie en daarom schrijf ik vandaag een column over de selectie voor de Olympische Spelen op mijn website invictusbv.nl

In mijn huishouden begint zich nu in mijn werkkamer steeds meer orde af te tekenen. Er moet ook nog wel veel gebeuren, maar ik weet nu tenminste in welke stapel wat ligt of zou moeten liggen. Tegelijk is ook steeds duidelijker geworden hoeveel er nu nog weg zal moeten. Gemakkelijke een meter en wellicht wel anderhalve meter hoge stapel papier die ik nog blaadje voor blaadje door de versnipperaar zal moeten halen, omdat het om privé-informatie gaat.  Bij een stapel met ten minste dezelfde hoogte gaat het om persoonlijke informatie, bladen van allerlei aard en bewaarde reclame. Dat kan naar de oudpapierbaas. Die was al zo blij met mijn bijdragen van de afgelopen weken en dat zal alleen nog maar meer worden. Wat dan vervolgens nog overblijft is nog enkele kisten vol ‘technische’ overschotten. Allerlei spijkers, schroeven en andere bevestigingsmaterialen, snoeren van allerlei soort en onderdelen van allerlei apparaten waarvan ik geen idee meer heb waar het ooit van was. Ik vrees dan altijd dat ik een onderdeel dringend nodig heb, op de dag nadat ik het net heb weggegooid. Ik ben nog wel even met dit alles bezig. Vandaag geen plaatje. Alle media staan bol van plaatjes uit Korea, en ik zou niet weten welke minder algemeen is. Ik probeer hier toch altijd anders te zijn.

Tenslotte het bericht dat ik het boek “The Second World Wars” van Victor Davis Hanson uit heb. Het boek dat premier Netanyahu van Israel aan het lezen was en waarbij ik me afvroeg wat een Israëlische premier nou nog over de Tweede Wereldoorlog zou willen weten. Ik wist al zo veel uit die periode. Ik heb maar weinig nieuw geleerd. Al is het wel eens goed om een compleet overzicht uit die tijd te hebben, waar ik tot nu toe over vele deelgebieden heb gelezen. In de door hem geraadpleegde literatuur valt me op dat alle daar genoemde (vele honderden) boeken Engelstalig zijn. Hij beheerst blijkbaar geen enkele andere taal. Het zijn zelfs voor ruim meer dan 90% Engelse boeken van Engelse of Amerikaanse schrijvers. Ik vond maar twee boeken van Japanse schrijvers (in de Engelse vertaling dan), ook maar twee van Duitse schrijvers (Mein Kampf van Adolf H. en Verlorene Siege van Von Manstein) en ook weer in de Engelse vertaling en zelfs twee boeken van Nederlandse auteurs, ook weer in de Engelse taal. De eventuele Franstalige en nog anderstalige boeken heb ik niet gezocht, maar erg veel zullen het er niet zijn geweest. Hij beschouwt die oorlog als een strijd van politieke, strategische, materiële en personele middelen. En met name op het gebied van de personele inzet en hoe de strijdende partijen aan hun beste aanvoerders kwamen, was ik uiteraard zeer benieuwd wat hij te vertellen had. Dat was evenwel: helemaal niets. Zoals bijna iedereen die boeken heeft geschreven beschouwt hij het al dan niet de beschikking hebben over de geschikte aanvoerders als een natuurverschijnsel: iets dat je op geen enkele manier kunt beïnvloeden.  Het is zo zoals het is en daar moet je het dan mee doen. Dus hoe je dit nu wel kunt beïnvloeden, daar zal ook Netanyahu helemaal niets van deze schrijver en uit dit boek hebben geleerd, aannemende dat hij het inmiddels ook uit heeft.

Vanaf vandaag is het dus het boek over Jan Pieterszoon Coen aan de beurt. Dan weet ik tenminste waar het over gaat als er weer eens een standbeeld of straatnaam moet worden veranderd.

Zondag 11 februari 2018.

Nu eerst even een teken van leven, want er is eerst even iets urgents te doen. Maar in de loop van de dag wordt deze column zeker weer verder aangevuld.  Inmiddels ben ik met het boek over Jan Pieterszoon Coen begonnen, zoals ik gisteren al meldde. Wat mij na de eerste twintig of zo bladzijden opviel dat deze Coen, zolang hij leefde (1587 – 1629) alleen maar een situatie van oorlog heeft gekend. Van 1568 – 1648 woedde immers de 80-jarige oorlog van Spanje tegen ‘Nederland’. Geen dag vrede dus. Ook tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609 – 1621) gold de wapenstilstand alleen maar voor ons gebied, zo las ik, want dat heb ik nooit geweten, maar niet voor de rest van de wereld, zoals Afrika en Azië, waar de oorlogstoestand en de oorlog ‘gewoon’ verder woedde.  Je realiseert je niet dat een toestand van vrede, waar we nu al zo lang in leven, eigenlijk de uitzondering is, en een toestand van oorlog doorgaans de ‘normale’ situatie was en voor veel volkeren nog steeds is. Ik heb wel al meerdere keren in allerlei gezelschap gezegd, dat ik me gelukkig prijs dat ik – geboren in 1946 – altijd vrede heb gekend. Wat dat betreft ben ik gewoon op een gelukkig moment geboren. Tegelijk zeg ik hiermee natuurlijk ook dat ik een toestand van oorlog best nog wel eens zou kunnen gaan meemaken. Een raar idee, maar wel realistisch.

De politiek die we vanaf WO II hebben gekend lijkt ook wel op zijn eind te lopen. In Duitsland kost het de grootste moeite nog een regering te vormen en in Nederland lukte het ook alleen maar met de grootste moeite. Ook in het Verenigd Koninkrijk en in de V.S. zijn regeringen gevormd met maar een heel minimale voorsprong op de oppositie. In Oost-Europa zijn bijna overal rechtse regeringen aan de macht en in Zuid-Europa lukt het de landen maar niet hun financiën in evenwicht te brengen. Alleen in China en in Rusland is (lijkt) er een hoge mate van stabiliteit. In het Midden-Oosten vliegen landen en volkeren elkaar voortdurend naar de keel. Waar dat nou toch naartoe moet?

Het opruimen van mijn papiertroep begint al echt wat meer vorm te krijgen. Alle zakelijke en persoonlijke documenten vanaf 2011 tot heden zijn in elk geval nu op jaar gesorteerd, zodat ik in principe elk document snel moet kunnen vinden.

Maandag 12 februari 2018.

Toen ik vanmorgen vroeg naar buiten keek zag ik dat het paadje voor de deur wit van een dun laagje sneeuw zag. Ik hield mijn hart vast. Als dat maar goed gaat, aanstaande woensdag. De langetermijnverwachting van het KNMI gaf echter aan dat het mogelijk dan wel koud is en eventueel licht vriest, maar dat de kans op neerslag dan vrijwel afwezig is. We blijven hopen. De rest van de dag is het overigens flink boven nul en neerslagvrij, dus weer thuiskomen lijkt dan zeker geen probleem.

Verder een paar losse berichten, vandaag.

Steeds meer vakken in mijn nieuwe meubels komen nu helemaal vrij en er is dus nog veel ruimte om mijn boeken in de stoppen. Eerst maar uit de berging.

Gisteren een foto van oma Tjeertes (moeder van mijn moeder) gevonden en meteen maar op de kwartierstaat bij haar naam geplaatst.

De komende dag heb ik het maar druk, al wil ik ook nog wel de deur uit.  Eerst wil ik alle stukken van het zakelijke jaar 2017 compleet maken en wegbrengen naar mijn administrateur. Vervolgens moet ik alle stukken voor de vergadering van woensdag nog uitprinten en lezen en beoordelen.  Het is wel een zaligheid dat sinds ongeveer een week mijn werkbureau zo leeg is. Elk papier dat binnenkomt gaat meteen op de juiste stapel in de kast.

Dinsdag 13 februari 2018.

Opnieuw foto met handen, die – net als ongetwijfeld de vorige – afkomstig blijkt uit de stad Calcutta (tegenwoordig Kolkata) in India.

Dit keer geen prijsvraag, want die zou te gemakkelijk zijn. Het zijn er volgens mij 28 en wie weet dus de vorige keer ook wel. Het moeten dus dan ook 28 ogen zijn.

Het ziet er wel naar uit dat de operatie Eekhoorn ergens eind van deze maand, wellicht begin maart, zijn uitwerking zal verliezen. Tegen die tijd zal ik er toch aan moeten geloven om weer nieuwe porties te gaan maken, want de winter zal dan waarschijnlijk nog niet voorbij zijn. Een bijkomend voordeel is dat ik al enkele maanden heel goed op gewicht blijf en bovendien die hele tijd mijn ingewanden helemaal rustig zijn gebleven. Ik houd er dan ook een consequent dag eet- en drinkprogramma op na. Als het even kan eet ik tot op de minuut en anders er zo dicht mogelijk bij, de hele dag door mijn vaste porties uitgekiend voedsel en drinken. Aan drinken gebruik ik dan uitsluitend water en koffie en een klein glaasje wijn bij het avondeten.  Elk extraatje, eigenlijk alleen buiten de deur,  compenseer ik nog dezelfde dag. Later zal ik hier wel eens een uitgebreidere opgave doen van mijn eetgewoonten.

Vandaag verder het voorbereiden van de vergadering van morgen en nog wat schaatsen bekijken. Ook nu nog ziet alles er qua weer en weersverwachting nog heel goed uit voor morgen.

Woensdag 14 februari 2018

Vandaag is het Valentijnsdag. Niet dat ik er iets aan doe of er ooit iets aan heb gedaan, maar juist daarom meld ik het. Achteraf blijk ik namelijk vele jaren  door anderen regelmatig op deze dag te zijn bedrogen, die tegelijk daarmee ook anderen om de tuin hebben geleid.  Dat is allemaal wat mij betreft voorbij. Ik koester er verder geen slechte, maar ook geen goede herinneringen aan, maar ik zal hem waarschijnlijk ook nooit meer vieren. Voorlopig zal ik er waarschijnlijk om deze reden wel elk jaar steeds weer heel eventjes bij stil staan. Het zal hopelijk nog wel slijten.

Vandaag weer een dagje afwezig. Dus morgen hoop ik weer een grotere bijdrage te geven.

Donderdag 15 februari 2018.

Gisteren veel geluk gehad. Bij vertrek, heel vroeg in de morgen, lag de straat er heel goed bij: er was geen spoortje wit of iets glimmends te zien, hoewel het flink vroor. Voor alle zekerheid koos ik er toch maar voor om met de bus naar station Groningen te gaan en daar de trein naar Enschede te nemen. Dat betekende in elk geval 100% zeker een goede looproute: het stukje dat ik vanuit mijn raam kon zien, plus een stukje weg die altijd door de gemeente gestrooid wordt. En de route liep ook perfect. In Groningen de intercity genomen, die Haren dan uiteraard voorbij reed. We waren nog nauwelijks Haren voorbij of er kwam een melding op mijn gsm dat het treinverkeer van Groningen naar Haren gestremd was. Dat had ik dus geheel per ongeluk goed gedaan. Met opstappen in Haren was het waarschijnlijk niet goed gegaan. De verbindingen verliepen allemaal uitstekend en ik kwam dus ruim op tijd in Enschede aan. Na opnieuw een dag succesvol vergaderen ben ik via Deventer teruggegaan, alwaar ik nog een eersteklas ijstent ontdekte. Dat kan ik dus vaker gaan doen.  Ook nu weer liepen alle verbindingen gesmeerd en ik kwam dus tegen zessen op station Haren aan. Het had de hele dag gedooid, dus ik had me geen seconde afgevraagd of het niet beter was om ook op de terugweg de omweg via Groningen te nemen. Naar huis wandelend kwam ik echter vrij snel tot de ontdekking dat de stoepen op vele plaatsen volledig beijsd waren. Soms stukken van enkele tientallen meters, maar ook een stuk van ruim meer dan 100 meter. Afwisselend via de straat en de stoepen lopend bereikte ik heelhuids mijn huis. Dat was dus de looproute na een dag dooi en verder geen neerslag.  Hoeveel zouden stoepen en wie weet ook wegen ’s morgens vroeg dan voor mij beloopbaar zijn geweest? Het probleem van de heenweg is natuurlijk dat die trein – als ie er is – doorgaans op tijd vertrekt en ik dus niet onverwacht een flink stuk kan gaan omlopen. Op de terugweg is er natuurlijk geen probleem als ik onverwacht later thuiskom. Kortom: ik had per ongeluk en zonder duidelijke reden, ’s morgens vroeg de enig juiste beslissing genomen. Zonder geluk vaart niemand wel.

De media staan deze dagen bol van de schaatssuccessen van de Nederlanders bij de Olympische spelen in Zuid-Korea, waar tot nu toe elke schaatsafstand door een Nederlander is gewonnen. Bij het overige nieuws domineren Oxfam en andere hulporganisaties die in opspraak gekomen zijn als gevolg van de ‘orgieën’ die ze in Haiti, in Tsjaad en elders hebben aangericht, met behulp van ontwikkelingsgelden. Voer voor cartoonisten uiteraard. Een kleine keuze:

Zaterdag 17 februari 2018.

Dat is niet vaak gebeurd: een dag overgeslagen. Gisteren me vooral bezig gehouden met het opnieuw weggooien van oude papieren. Op zeker moment voelde ik zelf dat ik de smaak te pakken kreeg, waardoor ik er uren mee ben doorgegaan. Op het nippertje realiseerde ik me dat het gisteren weer nootjesdag was en die wilde ik uiteraard niet missen. Zo vergaat de roem der wereld. Opnieuw drie stampvolle vuilniszakken geproduceerd. Bovendien was er natuurlijk ook nog eens de gouden medaille op de Olympische Spelen op de 5000 meter voor de dames, voor Esmée Visser. Meteen de lieveling van het Nederlandse publiek. Ze had zo lekker geschaatst, zei ze. Ja, als een straaljager, zei een kijker. Drie maanden geleden had ze nog geen enkele keer tegen een buitenlander geschaatst en haar training bestond uit het ‘met de jongens’ van een Groningse schaatsvereniging rondjes 31 rijden. Dat moest ze deze keer voor het echie tegen de wereld 12,5 keer doen en ze versloeg iedereen. Een waardig opvolgster van Yvonne van Gennip “Goud hė”, die dit kunstje voor Nederland voor het laatst verrichtte in 1988.

Ook gisteren de zoveelste schietpartij met vele doden in de V.S. Onderstaande cartoon beeldt het heel goed uit:

Zondag 18 februari 2018.

Dankzij het verwoede opruimen van de afgelopen dagen heb ik weer op diverse pagina’s op deze website aanvullingen en verbeteringen kunnen plaatsen. Je maakt de verhalen van wat je op dat moment weet en met de stukken en foto’s die je op dat moment voorhanden hebt. Mijn geheugen – en ieders geheugen – is toch niet zo perfect als we graag zouden willen. Bij bankafschriften, treinkaartjes, tankbonnen of andere papieren, moet ik soms toch vaststellen dat mijn verhaal niet helemaal kon kloppen.  Dat heb ik dan gecorrigeerd. Verrassend was de afgelopen dagen ook dat ik in de afgelopen jaren weliswaar zaken, zeker vanaf 2008, per jaar in mappen had geordend, maar dat er toch ook nog documenten uit allerlei andere jaren tussen bleken te zitten.  Die heb ik dan blijkbaar in 2008 nog ergens voor nodig gehad of gewoon tijdens het sorteren op de verkeerde stapel gelegd. Nu is 2008 ‘af’, maar intussen heb ik nog een stapeltje stukken opgedoken met stukken van oudere datum. Die ga ik nu eerst wegwerken, waarna 2009 aan de beurt komt. Ook ben ik al met het uitsorteren van mijn foto’s begonnen.  Ik heb ze nooit mooi in albums gestopt. En nu ik ze weer terugvind, weet ik vaak nog wel wie er op staat en wanneer hij (ongeveer) gemaakt is, maar dat zegt verder vrijwel helemaal niemand meer iets. Ik probeer naar een foto te kijken met de blik van een nazaat. Zegt het plaatje iets over mij of mijn tijd? Zo ja, dan is de volgende vraag: staan er nog mensen op die nog in leven zijn en waarvan je gewoon niet weet of deze bezwaar zou hebben tegen publicatie? Zo komt er nog een beperkt aantal foto’s tevoorschijn die wel iets over mij zeggen, maar die ik toch (nog) niet kan publiceren. Die wil ik dan toch nog maar blijven bewaren, voor eventuele latere publicatie. Het overgrote deel van de overige foto’s gaat de versnipperaar in, en een klein restant komt nog op deze website in het betreffende Hoofdstuk terecht. Dus door alle Hoofdstukken heen, komt er nog nieuwe informatie bij en dat was ook van meet af aan de bedoeling: eerst het ruwe verhaal, met later steeds meer verfijningen en aanvullingen. In dat proces zit ik nu.

Gisteren nog onze bewonersbijeenkomst, met weer nieuwe vrijwilligers. Dat gaat dus ook nog altijd vrij goed tot heel goed.

Nu nog enkele bijzondere foto’s en opnieuw van onze Chinese vrienden: een sneeuwlandschap en de opstelling van hogesnelheidstreinen.

Maandag 19 februari 2018.

Het grote dilemma dat ik met deze website steeds heb gehad is dat ik nu wel mijn kant van het verhaal van mijn scheiding hier kan vertellen, maar dat voor elke lezer de vraag is wat er nu van waar is. De ander zal wel een heel ander verhaal hebben. ‘Hij zegt’ tegenover ‘zij zegt’. De zaak wie je nu geloven moet, wordt helemaal onoplosbaar, als de ander volledig het zwijgen er toe doet. Dan blijft mijn versie toch maar wat in de lucht hangen. Wie heeft het juiste verhaal en wie is nu de echte leugenaar en bedrieger? Dat dilemma duurde tot gisteravond. Via WhatsApp kreeg ik toch inzage in het Facebookaccount van Marianne de Kemp, dat normaal voor mij door haar is afgesloten en onbereikbaar is. Tot mijn niet geringe verbazing las ik daar, dat Marianne de Kemp daar stelt dat ze op het Grotius Lyceum in Den Haag heeft gezeten. Dat was namelijk mijn school, waarvoor de schriftelijke bewijzen al jaren overvloedig op deze website zijn te vinden. Niet alleen dat ik mij niet kon herinneren dat wij op dezelfde school hebben gezeten, wij hebben het er ook nooit met elkaar over gehad. Een blik op Wikipedia bij de zoekterm in Google van “Grotius Lyceum” gaf het gegeven dat het Grotius Lyceum in 1968 is opgehouden te bestaan. Dat was bij de invoering van de Mammoetwet op 1 augustus 1968. Het Grotius Lyceum veranderde op die datum in Scholengemeenschap Hugo de Groot. Marianne de Kemp is geboren in juli 1960 en zou dus, als je haar mededeling over haar school mag geloven, op achtjarige leeftijd naar het Grotius Lyceum zijn gegaan. Dat kan onmogelijk waar zijn. Het is dus een leugen. Wel kan ze op de Scholengemeenschap Hugo de Groot hebben gezeten, maar dan op de MAVO-variant. Op het Grotius Lyceum is er nooit een andere mogelijkheid geweest dan hetzij HBS (A of B) of Gymnasium (A of B). Zou ze nu werkelijk niet meer weten wat de naam van haar school was? Toen zij van de basisschool kwam bestond het Grotius Lyceum al tenminste vier jaar niet meer. Wat was dan de reden dat ze de verkeerde naam voor haar Facebookaccount heeft gekozen? De verklaring is simpel. Leerling van Scholengemeenschap Hugo de Groot zegt helemaal niets over het soort onderwijs dat je hebt genoten. Dat kan echt van alles zijn en heeft dus weinig of geen status. Het enige dat je dan weet is dat ze als kind naar school is gegaan. Grotius Lyceum staat natuurlijk veel beter: dan heb je of HBS of Gymnasium gedaan. Met een dochter die gepromoveerd is, een zoon die afgestudeerd academicus is en met nog een zoon die mogelijk nog dit jaar ook zijn master haalt, en met een niet bestaande vader, kan moeder natuurlijk niet te ver achterblijven. En dat is de reden dat ze zich veel beter probeert voor te doen dan ze is. Door glashard te liegen over haar opleiding zet ze iedere lezer compleet op het verkeerde been. Dat is niet alleen liegen, maar ook bedriegen.  Deze stelling van mij  is nu voor iedereen controleerbaar: kijk maar op het Facebookaccount van Marianne de Kemp bij haar schoolopleiding en daarna op Wikipedia bij “Grotius Lyceum”. Het volgende is geknipt en geplakt uit Wikipedia:

Grotius Lyceum

Het Grotius Lyceum was een Nederlandse school in Den Haag, die bestond van 1946 tot 1968. Zoals bij lycea in die tijd gebruikelijk was, bood de school de keus tussen een vijfjarige hbs– en een zesjarige gymnasiumopleiding. Het eerste jaar was gemeenschappelijk. In 1968 fuseerde het Grotius Lyceum met de HBS Beeklaan, de voormalige Derde Gemeentelijke HBS, aan de Houtrustlaan en de ulo aan de Zonnebloemstraat tot de Scholengemeenschap Hugo de Groot. Die bestond tot 1981 en fuseerde in dat jaar op zijn beurt met het Tweede Vrijzinnig-Christelijk Lyceum tot het Segbroek College.

Kijk voor de vergelijking dan eens op deze website naar mijn schoolopleiding. Dan zul je zien dat ik wel op het Grotius Lyceum zat en daar in mei 1967 eindexamen HBS-B heb gedaan en daarvoor ben gezakt. Daar heb ik alle schriftelijke bewijzen aan toegevoegd, voor iedereen te zien. Die gegevens staan er niet voor de gelegenheid vanaf nu, maar die staan er al jaren zo op. Nu mag de lezer nog een keer zijn mening vormen. Wie is  nu de eerlijke persoon en wie is de leugenaar en bedrieger?

Het is een soortgelijk liegen en bedriegen wat de veel vaker op deze website genoemde Peter Jacobs heeft gedaan. Hij is inmiddels overleden, maar op zijn ‘Ter nagedachtenis’ Facebookpagina staat vermeld dat hij naar school ging op het ‘Tymstra Atheneum.’ Hier werkte het liegen en bedriegen omgekeerd: Peter Jacobs was geboren in juli 1942 en het Tymstra Atheneum ontstond pas bij de invoering van dezelfde Mammoetwet in hetzelfde jaar 1968, als hierboven staat vermeld. Dus als Peter Jacobs zijn verhaal klopt zou hij op zijn vroegst op zijn 26e naar het Tymstra Atheneum zijn gegaan en daar dan op zijn vroegst op zijn 32e zijn diploma hebben gehaald. Wie gelooft dat nou? Toen Peter Jacobs naar Tymstra ging in 1955 heette die school nog Tymstra Scholen en dat bleef de naam tot dat hij ervan afging in 1960 of daaromtrent. De reden voor het liegen en bedriegen over zijn schoolopleiding is precies dezelfde als voor het liegen en bedriegen daarover dat voor Marianne de Kemp geldt. Als Peter Jacobs had vermeld dat hij op ‘Tymstra Scholen’ had gezeten, zou hem dat geen enkele status hebben opgeleverd. Tymstra Atheneum klinkt en staat natuurlijk vele malen beter. Van Peter Jacobs weten we nog veel meer over zijn voortdurende en levenslange gelieg en bedrog. Grof liegen en bedriegen is nooit of vrijwel nooit een geïsoleerd verschijnsel. Als iemand dat kan en dat doet, is er volgens mij altijd meer aan de hand.

Dan nog een plaatje. Van een citruskoningin.

Dinsdag 20 februari 2018.

Gisteren weer alle taken voor ons platformbestuur verricht. Ben toch weer blij dat dat weer allemaal gedaan is. Vanmorgen een serieuze ingreep van de tandarts en ik heb nog geen idee hoe ik me daarna voel. En dus ook niet of ik daarna nog tot wat in staat ben. Maar als dat zo is, is nu als eerste de bewonerscommissie aan de beurt. Daarmee heb ik nu toch ook wat achterstallig onderhoud.

Gisteren had ik ook mijn eerste ervaring met airbnb. Daar staan de kranten regelmatig vol van, omdat het toch het moderne summum voor het bespreken van een bed and breakfast ergens zou zijn. Aangezien men zegt dat je alles wel een keer in je leven moet hebben geprobeerd, meende ik er goed aan te doen dat toch ook eens te gaan proberen. Dan weet ik tenminste ook weer hoe dat gaat en of ik het ook aan anderen kan aanbevelen. De ‘ouderwetse’ manier om een B&B uit een gids, al dan niet van internet, te gaan bellen, en met die persoon ook meteen een afspraak te maken, inclusief persoonsgegevens uitwisselen en een eventuele (aan)betaling, is blijkbaar nu toch echt wel uit de tijd. Airbnb is me niet goed bevallen, om het maar eens vriendelijk te zeggen.

In de eerste plaats begin je dan met de keuzemogelijkheid voor instellingen die in jouw wensregio liggen. Dat leverde met mijn zoekcriteria 19 verhuurders op. Door een ruimere straal te kiezen kom je dan natuurlijk op een (veel) hoger aantal. Maar een keus uit 19 leek mij een goede start met ruime keus. Vervolgens ga ik dan stuk voor stuk deze verhuurders op deze airbnbwebsite op internet af, om te bezien of ook bij inzoomen mijn gestelde criteria (aantal bedden, prijs, voorzieningen, beschikbaarheid) nog steeds overeenkomen. Er staan opmerkelijk voordelige, of zeg maar heel goedkope mogelijkheden tussen, die toch lijken te voldoen aan alle criteria, met ook nog eens hoge waarderingen van hun klanten.  Aangezien mijn plannen betrekking hadden op de periode tot eind april en ik ook niet gebonden ben aan vakanties, zou het voor mij dus extra makkelijk moeten zijn. Maar dat viel tegen. Om een lang verhaal kort te maken: 17 van de 19 mogelijkheden vielen snel af om heel duidelijke redenen en niet omdat ik nou zo kieskeurig was. Aan een schifting op reviews (wat anderen van deze locatie vonden) was ik nog helemaal niet toegekomen. Doorgaans was het adres niet beschikbaar: zover het oog in de agenda reikte, tot ver voorbij april,  was de instelling vanaf de eerste dag dan compleet volgeboekt. Ook klopte nogal eens het aantal bedden of andere inrichting niet met wat de bijgevoegde foto’s te zien gaven. Bij een adres dat opgaf twee bedden te hebben, gaven de vele foto’s steeds slechts één tweepersoonsbed te zien, met hetzelfde beddengoed, dat werkelijk van alle kanten gefotografeerd was. Van het tweede bed geen enkel plaatje. Soms leek het wel of van sommige gasten verwacht werd dat ze op een bank of op de grond moesten slapen. Dan zag ik op de foto’s geen enkel (tweede) bed.

De twee overgebleven adressen waren uiteraard de twee duurste van alle 19. Ze waren allebei ruim beschikbaar, eigenlijk al vanaf meteen. Ik kreeg toch de smaak in de mond dat er nogal wat fake-adressen opstonden, met niet-bestaande accomodaties. Ik laat dus mijn keus op één van beide locaties vallen. Vanaf toen begon de pret echt pas goed. Eerst natuurlijk alle persoonsgegevens invullen. Dat snap ik nog. Maar waarom de e-mailadressen van alle overigen in het gezelschap moeten worden opgegeven, voordat je verder kunt, is me dan toch echt een raadsel. Waar hebben ze dat voor nodig? Dat wordt toch alleen maar gevraagd om zoveel mogelijk echte e-mailadressen te hebben, zodat ze zoveel mogelijk mensen daarna met hun reclame kunnen bestoken? Om van misbruik hiervan maar te zwijgen. Bij een andere reservering in een horeca- of andere gelegenheid heb ik nog nooit de e-mailadressen van alle deelnemers hoeven op te geven. Ik voel dus al aankomen dat de deelnemers jarenlang zullen worden bestookt met allerlei ongein, als de adressen zelfs niet worden verkocht aan derden. Daarna merkte je aan het horten en stoten van het systeem dat je van het ene systeem naar het andere werd geloodst, met steeds weer nieuwe vragen. Daarbij moest ik o.a. ook de betaalmogelijkheid opgeven. Onder andere meteen betalen via iDeal of je creditcard-nummer(s). Ik gaf mijn creditcardnummer(s). Dan kun je namelijk een eventuele onterechte afboeking makkelijk storneren. Je kon zelfs vragen stellen aan de verhuurder! Zo wilde ik weten wat het adres was en de dichtstbijzijnde parkeergelegenheid. Zoals zo vaak als je twee vragen stelt, krijg je dan maar op één vraag antwoord. Het adres kreeg ik pas als ik alles betaald had en bijgesloten bij dit antwoord was de rekening voor het volle bedrag. Probleem was nu natuurlijk dat ik niet wist of men gebruik zou gaan maken van het opgegeven creditcardnummer, of dat ik de rekening apart moest betalen. Na een uurtje wachten wist ik het antwoord op deze vraag: het gehele bedrag was inmiddels in één keer van mijn creditcardrekening afgeschreven. Prompt kwam daarna de mededeling waar het adres was. Op de vraag over de parkeermogelijkheid moet ik na een etmaal nog steeds een antwoord krijgen. Een tweede vraag moet je namelijk altijd apart stellen en pas nadat de eerste vraag is beantwoord. Ik vraag me zelfs af of ik wel een e-mailadres heb van het adres, want de vraag kon ik namelijk alleen stellen via het invulsysteem.

Mijn ervaring is nu dat airbnb een heel erg bureaucratisch systeem is, met meerdere invulsystemen, waarbij geen menselijke communicatie mogelijk is voordat je eerst alles hebt betaald. En ook daarna is deze menselijke communicatie uiterst minimaal. De ‘ouderwetse’ methode om gewoon een adres te bellen, de vragen te stellen die je wilt en afspraken te maken, uiteraard ook over de betaling,  bevalt me 100 keer beter. Ik weet ook wel zeker dat de airbnb-methode niet voordeliger is. Je krijgt 19 mogelijkheden aangereikt, maar je kunt in de praktijk alleen maar voor de twee duurste kiezen.

Dan nog een plaatje uit een Chinese luxetrein.

Allereerst valt op dat er vijf stoelen naast elkaar staan. Ik weet niet of Chinese breder zijn en/of de zitplaatsen smaller. Maar vooral die jongeman met het bord viel me op. Ook na lang piekeren kan ik maar niet bedenken waarom precies hij daar staat en wat dat bord betekent. De meeste Chienese passagiers vinden het in elk geval blijkbaar niet erg boeiend.

Woensdag 21 februari 2018.

Gisteren kreeg ik voor het eerst een implantaat in mijn mond en het werden er zelfs meteen twee. Het was een hele operatie, waarbij ik grotendeels werd ingepakt, inclusies haarkap, en inclusief ontsmetten van de buitenkant van de mondomgeving. Het is wel prettig dat je merkt wat er gedaan wordt, anders dan bij veel ander tandartsbezoek. Na de verdoving wordt eerst het ‘tandvlees aan de kant geschoven’ , zoals mijn  tandarts zei. Vervolgens komt de boor. Anders dan de gewone kiezenboor is van deze boor het toerental beduidend lager. In plaats van het hoog-piepende geluid is er nu een sonoor gebrom. Het bot is blijkbaar van een stuk zachter materiaal dan de kies, die kennelijk veel harder is. Het gaat ook vrij vlot. Daarna wordt het implantaat in het gat geplaatst en dit wordt vervolgens met een of ander instrument in een stuk of vijftien halen vastgedraaid. Je merkt vanzelf, al houd je je ogen steeds dicht, aan welke fase men toe is. Als de tweede is vastgezet, wordt het tandvlees weer teruggeplaatst en gehecht. Klaar is Kees. Je merkt wel dat het onderwijl vrij flink moet bloeden, want dat proef je. Ik begrijp nog steeds niet wat vampiers daar nou aan vinden. Maar wellicht is het bloed van maagden wel veel lekkerder. Ik zal het nooit weten en ik wil het ook niet weten. Daarna nog een foto of alles is zoals bedoeld en ik vroeg natuurlijk meteen een afdrukje.

Het zijn wel twee verschillende, zowel qua maat als qua vorm, maar ik had ook tevoren begrepen dat dat ook de bedoeling was. Het had mogelijk te maken met de dikte van het bot ter plaatse. Na afloop werd me nog gemeld dat er wel een flinke napijn zou komen en ze drong aan op het in huis hebben of halen van pijnstillers. Die heb ik niet in huis en daar keek ze vreemd van op. Blijkbaar is haar idee dat iedereen pijnstillers in huis heeft. Ik ben namelijk als kind in een kist medicijnen gevallen en heb daarna voor de rest van mijn leven geen medicijnen meer nodig gehad. Dus kreeg ik van haar enkele tabletten Ibuprofen mee, omdat paracetamol bij mij sowieso niet helpt. Ik nam er meteen eentje in toen ik thuis was. Ik voelde me wel dizzy en met een beurs hoofd, maar ik ging eerst maar even wachten totdat de pijn zou komen. Zo’n pil werkt een uur of drie/vier, begreep ik.  Na een tijdje merkte ik wel dat de verdoving aan het uitwerken was,  maar er kwam geen pijn voor in de plaats. En ook nadat de pil moest zijn uitgewerkt, kwam er geen pijn. En die is er nog steeds niet. De linkerkant van mijn mond en hoofd is nog steeds beurs en eten gaat supervoorzichtig, maar pijn doet het niet. Op 6 maart worden de hechtingen verwijderd en daarna moeten er kronen op komen, maar daarvoor zijn nog geen afspraken gemaakt.

Vanmorgen dan het bericht dat ook Justin Forsyth, tegenwoordig de of een baas bij Unicef, in zijn vorige baan als baas van Save the Children, vele vrouwen heeft lastig gevallen. Het is de zoveelste bevestiging van mijn stelling: managers worden binnen dezelfde tak van sport steeds rondgepompt, omdat ze altijd voldoen aan de belangrijkste, of zelfs enige selectiecriteria: motivatie en ervaring. Wat wil Unicef nou nog meer dan een gemotiveerde en ervaring kracht met veel ervaring met kinderen? Hij was bij Unicef zonder de minste twijfel de beste kandidaat toen hij solliciteerde.

Foto van De Telegraaf van Justin Forsyth. Ik heb het sowieso niet en nooit gehad met Save the Children. Alleen de naamkeuze vind ik al helemaal fout. Ten eerste maakt die naam de organisatie meteen bijzonder aantrekkelijk voor de categorie gewetenloze criminelen die kinderen belaagt: pedofielen van de ergste soort. Het tweede probleem is dat ik mij maar niet goed kan voorstellen hoe je nu kinderen kunt gaan redden en tegelijk de volwassenen kunt laten tobben. Als je namelijk iedereen wilt redden, waarom heet je dan ‘Save the Children.’ ? Het beste voorbeeld kreeg ik wel toen ook Save the Children een schip naar de Middellandse Zee zond om bootvluchtelingen te redden. Met voor het fraaie plaatje, dat alle kranten heeft gehaald, een spandoek zo groot als het hele schip met in koeienletters: SAVE THE CHILDREN.  Ik probeerde me meteen voor te stellen hoe ze dat nou zouden gaan doen.  De kinderen uit zee oppikken en alle volwassen ‘gewoon’ laten verdrinken? En hoe gaat het dan met de identificatie? Verreweg de meeste vluchtelingen hebben namelijk geen identificatie bij zich. Op de een of andere manier moet je dan toch proberen de leeftijd van de drenkeling vast te stellen, als je alleen de kinderen wilt redden. Stel je voor dat van de vluchteling, eenmaal aan boord, wordt vastgesteld dat hij toch meerderjarig is? Wordt hij dan weer overboord gezet? Waarom zou je trouwens met alle geweld kinderen van hun ouders willen scheiden? Of willen ze alleen maar sommige kinderen redden en andere niet? Wat is dat voor een rare organisatie met vreemde doelstelling? Als ze dan toch iedereen gaan redden, waarom heet het dan Save the Children?

Daar kan ik maar één antwoord op bedenken: de enige reden om Children in de naam te hebben, is dat kinderen nu eenmaal bij volwassenen de weekmakers zijn.  Dan geven ze meer. Dat is dezelfde reden waarom bij vrijwel alle tv-reclames kinderen optreden, ongeacht het product. Of het nu wasmiddelen, auto’s, koffie of iets anders is: altijd kinderen erbij. Dat zijn de weekmakers die ervoor zorgen dat jij het product koopt of (meer) aan het ‘goede doel’ geeft.

Ik weet wel waarom Justin Forsyth naar Unicef ging: daar verdient hij meer en er is minder controle. Nu in Nederland en in steeds meer landen, steeds meer overheidsorganisaties of door de overheid betaalde organisaties een plafond voor het inkomen van het management hebben ingesteld (de zogenaamde Balkenendenorm), blijven de Goede Doelen over. Daar is geen Balkenendenorm, en daar kunnen nog altijd de hoogste inkomens bij elkaar worden geharkt, zonder dat iemand er iets tegen kan doen. Ze worden namelijk betaald door particuliere gevers en niet door de overheid. Toen een tijdje terug tienermeisjes bij de Albert Heijn stonden te collecteren voor Unicef (de kinderorganisatie van de VN), vroeg ik aan zo’n collectante of ze wist hoeveel de directeur van Unicef Nederland verdiende. Ze had geen enkel idee. ‘Het enige dat je nu bereikt met je actie, is dat straks de directeur van Unicef Nederland in een nog grotere auto kan rijden. ‘ Ze keek me aan of ik gek was geworden.

Ook zag ik vandaag kans om alle stukken van het jaar 2009, zowel zakelijk als privé, aan de vernietiging prijs te geven. Nu mag 2010 nog en dan ben ik helemaal bij. Want je moet zeven jaar je financiële stukken bewaren, volgens de fiscus. Dus 2011 komt dan in januari aanstaande aan de beurt, als ik het stipt ga bijhouden, hetgeen ik wel van plan ben.

Donderdag 22 februari 2018.

Eerst even twee cartoons.

En dan kwam gisteren het Rode Kruis bij het rijtje ‘hulpverleners’ die hun boekje ver te buiten zijn gegaan. Het past allemaal perfect in mijn voorspelling. In elke tak van sport, dus zeker ook in de hulpverlening, worden mensen eindeloos rondgepompt tussen de diverse werkgevers, want de kandidaat  heeft zoveel ervaring in dit werk en hij is ook zo gemotiveerd voor hulpverlening. Dat blijkt wel uit zijn cv. Er komen echt nog meer organisaties aan, dat voorspel ik. Het is eerder interessant om de organisaties te vermelden die zuiver op de graat zijn. Dat lijstje zou wel eens – indien bestaand – wel eens heel kort kunnen zijn.

Zojuist is bekend geworden dat ook seksueel misbruik plaatsvond bij Plan International, volgens mij het vroegere Foster Parents Plan. Het is een kwestie van tijd voordat de volgende organisaties er bij komen.

Omdat ik me enkele dagen rustig moest en wilde houden, de dagen toch nuttig besteed aan het opnieuw weggooien van oude papieren en spullen. Vanaf vandaag ga ik dus weer eens echt aan de bak. De bewonerscommissie is nu echt als eerste aan de beurt. Ik voel me ook prima, na al dat gesleutel aan mijn hoofd.

Vrijdag 23 februari 2018.

Vandaag melden veel kranten dat de Neanderthalers toch grotere kunstenaars moeten zijn geweest, dan tot nu toe gedacht is.

Het kost me weer veel moeite om te bedenken wat deze kunst nu voorstelt, of waarvan het anders een foto zou kunnen zijn. Ik ben er niet uitgekomen. Spare-ris van dichtbij? Een slecht verzorgd gebit?

In de NYT dan een foto van gisteren, uit het Syrische Afrin,van Assad-getrouwe soldaten die daar zijn aangekomen om de Koerdische YPG bij te staan tegen de Turken die de plaats belegeren. Volgens het bijschrift en de foto werden deze militairen met veel vreugde door de bewoners onthaald, portretten van Assad en Ocalan meevoerend. Het is me al een tijd duister hoe het nu opschiet van het offensief van de Turken tegen Afrin. Dat schiet maar niet op. De chaos aldaar wordt er steeds groter op.

Het verband tussen beide foto’s: het is nog maar de vraag of de mensheid al zoveel verder is gekomen als ze in de tijd van de Neanderthalers was.

Zaterdag 24 februari 2018.

Sinds gisteren om 13.00 uur heb ik dan mijn energie van Nuon, in plaats van Vandebron. Vandebron, even ter opfrissing van het geheugen, was in 2015 of 2016 de winnaar van de vergelijking van de Consumentenbond voor beste energieleverancier. In de tijd dat ik, de afgelopen twee jaar, energie bij Vandebron afnam is mij gebleken dat Vandebron net zo’n stelletje gewetenloze graaiers is als al die andere energiecowboys, zoals energiedirect en oxxio en nog een heleboel andere.  Het zit hem in de eerste plaats in het verschijnsel dat je voor het eerste jaar met een voordelig tarief gelokt wordt, om daarna het dubbel en dwars terug te betalen. Zo ging ik in twee jaar tijd van 95 euro per maand naar 165 euro per maand, bij afnemend energieverbruik. Je gelooft je ogen haast niet. Een zo mogelijk nog groter probleem vind ik dat deze graaiers hun organisatie en administratie niet op orde hebben. Of misschien juist wel op orde hebben, maar bewust proberen de klant steeds een oor aan te naaien. Elke keer kloppen hun gegevens niet met de mijne en elke keer wordt het ‘misverstand’ in hun voordeel uitgelegd. Als je niet reageert of niet erg wakker bent hebben ze je weer te pakken. Dit soort lieden is gewoon onbetrouwbaar. Hoe verklaar je nu, dat ik op de dag van de overgang naar de volgende leverancier, gisteren dus, van de vorige leverancier, Vandebron, terwijl de overgang van leverancier al zes weken bekend bij ze is, een nota krijg voor betaling van mijn energie voor de maand maart 2018? Is dat nu een misverstand of een bewuste poging om mij op te lichten? Na zoveel jaren ervaring met dit soort schurken weet ik het wel: het is het laatste. Gewoon doorgaan met rekeningen sturen, ook al is betrokkene geen klant meer. Dat is hun motto. Er zijn altijd mensen die toch gaan betalen. Alle betalingen die je zo binnenkrijgt zijn toch maar mooi meegenomen. Als ik nog eens van energieleverancier ga wisselen, zal het steeds weer gaan om de grote drie: Essent, Eneco of Nuon.  Maar met mijn ervaring met werving en selectie, vrees ik toch ook dat ook deze organisaties besmet zullen raken. Als ze al niet besmet zijn. Bij het vervullen van een vacature van een medewerker of manager wordt toch altijd weer gekozen voor de kandidaat met de meeste motivatie en ervaring. En er komen uiteraard steeds meer medewerkers en vooral managers met heel veel ervaring met het leveren van energie. Met alle gevolgen vandien. Het is hetzelfde verschijnsel als bij de hulpverleners, maar op een andere manier: ook hier worden steeds mensen door de diverse organisaties van elkaar overgenomen omdat ze in die tak van sport zoveel ervaring en motivatie hebben. Met als gevolg dat ook gewetenloze schurken over alle hulpverlenende organisaties verspreid zijn geraakt. En je dus overal van dit soort tuig tegenkomt en de hele branche besmet raakt.

Gisteren kwam er nog een andere mijlpaal. Mijn buurman, op wie ik al diverse malen een beroep had gedaan om zijn afvalcontainer binnen te plaatsen en niet permanent langs de weg te laten staan, is nu ook door schade en schande wijzer geworden. Alleen rond de jaarwisseling plaatste hij hem binnen, maar direct in het nieuwe jaar stond hij weer permanent buiten. Omdat hier het afval per kilo wordt afgerekend, dankzij een chip op je container, was het een kwestie van wachten, totdat  de eerste voorbijganger zou ontdekken dat je in zijn container gratis je afval kon dumpen. En gisteren was het blijkbaar zo ver. Een afvalzak van een onbekende was blijkbaar in zijn container gedumpt en nu vond hij ook – geheel toevallig kwam ik net naar buiten – dat hij er beter aan zou doen zijn container maar ‘achter slot en grendel’ te plaatsen. Nu nog even afwachten totdat die mooie fiets die hier permanent buiten staat en waarvan ik hem ook al meerdere keren gevraagd had die niet steeds daar te laten staan, wordt gestolen. Ook dat is gewoon een kwestie van tijd. Ik heb er veel vertrouwen in dat ook dat helemaal goed komt.

Zondag 25 februari 2018.

Eindelijk zie ik licht aan het eind van de tunnel. Alle oude stukken die op hopen en stapels door elkaar lagen, zijn nu uitgesorteerd en 95% daarvan heb ik inderdaad weggegooid.  Ook de jaargangen stukken die ik gesorteerd op zakelijk en privé, vanaf 2006 of zo, heb ik nu gesorteerd en tot en met het jaar 2010 weggegooid. Vanaf 2011 moet ik de stukken voor de fiscus bewaren. Dan kunnen de stapels van 2011, die al klaar liggen, direct na de komende jaarwisseling weg. En zo elk jaar het volgende jaar. Aangezien ik vanaf het jaar 2014 een officiële administrateur mijn zakelijke stukken en aangiftes heb laten doen, duurt het nog een paar jaar, tot 1 januari 2021, voordat alles bij mij supergeordend is en t.z.t. nazaten minimaal voor mijn oude stukken en zaken moeten zorgen. Het is niet dat ik niets meer te doen heb nu. Ik moet nog enkele oude ordners, waarin hele geschiedenissen zijn geordend, nog in hun geheel versnipperen en weggooien. Ook een hoop inmiddels overtollige lege ordners moeten nog weg. Alle foto’s en fotomateriaal van een leven lang, een koffer vol,  moet ik nog uitsorteren en grotendeels weggooien en verder met ik nog vergaderstukken van de diverse clubs waarvan ik lid was en ben sterk uitdunnen. Maar dat zijn allemaal overzichtelijke en reeds bij elkaar gegroepeerde stukken. Ik weet nu wat waar ligt (of zou moeten liggen) en anders is het weg of kan het weg. Ik ben hiermee nog wel enkele weken bezig, vrees ik.  En als dat allemaal achter de rug is, dan ga ik eindelijk mijn volgende plannen en vooral websites uitwerken.

Sommige zaken kan ik nog niet goed duiden. Zoals de wijze waarop de Saoedische minster van Buitenlandse Zaken zich vertoont. Je mag toch aannemen dat hij als minister van dit aartsconservatieve land, toch ook een gelovige moslim is. Maar hij verschijnt altijd zowel in zijn traditionele klederdracht, als altijd glad geschoren.

Blijkbaar kun je de islamitische geloofsregels heel verschillend uitleggen en wordt dat daar ook getolereerd, zelfs tot op de  hoogste niveaus.

Foto van deze week uit Brussel, met de Saoedische minster van Buitenlandse Zaken Adel al-Jubeir.

Dan nog een foto van pruimenbloesems uit China.

Maandag 26 februari 2018.

Er is bij mij inderdaad een ander ‘klimaat’ ontstaan. Eindelijk gestopt met die eindeloze weggooierij, is het om me heen kijken wat er vervolgens aan de beurt komt. Intussen heb ik alle boeken die ik eind vorig jaar in de berging had geplaatst, weer terug in huis geplaatst en het was toch wel verrassend om te zien hoe snel sommige boeken intussen zijn beschimmeld. Je kunt daar echt geen boeken bewaren. Bij verreweg de meeste andere boeken was er helemaal niets aan te zien, dus het heeft waarschijnlijk ook te maken met het soort materiaal. Morgenvroeg komt de afvalboer weer langs, dus ik heb vandaag nog de hele dag om mijn afvalcontainer nog even verder te vullen. Dat gaan we dus maar eens doen met ‘hardware’: allerlei knutselspullen die ik een halve eeuw bewaard heb, zonder ze ooit nog nodig gehad te hebben en zelfs meestal niet wetend waarvoor het eigenlijk ooit gediend heeft. Dat maakt de container natuurlijk wel extra zwaar, maar dat merken we volgend jaar pas aan de rekening. Ik neem me voor dat ik qua knutselspullen me ga beperken, tot een hamer, twee schroevendraaiers (kruiskop en plat) en een meetlint. Mogelijk is dit toch iets te ambitieus, maar een mens, althans deze mens, moet doelen hebben.

De kou is nu dus echt losgebroken, met regelmatig laagjes wit, dus ik ben weer erg voorzichtig buiten. Vanmorgen las ik een artikel uit de Osnabrücker Zeitung, over de komende herbouw van de Friesenbrücke bij Werner, in Duitsland, over de rivier de Ems. Die brug ligt in de treinverbinding Groningen – Leer en de rest van Duitsland. Die brug werd eind 2015 stukgevaren door een schip en is sindsdien rijden er pendelbussen, als noodmaatregel. Men is er nu in Duitsland eindelijk uit hoe het met de herbouw moet. De financiering is na ruim twee jaar debat rond: de Bondsregering draag 20 miljoen bij.  De provincie Groningen had, zo las ik, nog aangeboden om mee te financieren, als de brug dan maar wel tweebaans wordt. Dat wilden de Duitsers niet. Dus ook de nieuwe brug wordt weer voor enkelspoor. Nu kan der planvorming ingaan, de bezwarenprocedures  en kan de bouw beginnen. Volgens de jongste planning kan dan in de herfst van 2024 de eerste trein weer over de brug rijden. Vertraging bij zo’n project is natuurlijk niet uit te sluiten. In minder dan negen jaar (als ze de planning halen) zien Duitsers tegenwoordig kans om een enkelspoorsbrug te bouwen over een middelgrote rivier. Er was een tijd dat ze in staat waren in de kortste keren honderden bruggen over talloze rivieren te bouwen, de meeste binnen een etmaal of zelfs binnen enkele uren. Das war einmaal. Daar is de vertraging met de aanleg van de Hoekse lijn (Rotterdam – Hoek van Holland) , met anderhalf jaar en de Uithoflijn te Utrecht met een jaar kinderspel bij, vergeleken. En dat zijn dan dubbelsporige lijnen over vele waterwegen.

Dan nog even een plaatje, wederom uit China.

Dinsdag 27 februari 2018.

Het was gisteren een bijzondere dag. In chronologische volgorde vond ik eerst, bij het begin van het opruimen van mijn overvloedige fotovoorraad, een foto van een grafsteen, die behoorlijk vaag was, maar je in elk geval nog wel kon lezen dat het graf van ene Christina van Leeuwen, gevolgd door een vrij lange maar onleesbare meisjesnaam, was.

Wie zou nou deze Christina van Leeuwen geweest zijn?  Het duurde niet erg lang tot ik doorkreeg dat daarvoor maar één gegadigde in aanmerking kwam: Christina van Leeuwen – Broekhuizen, mijn oma van vaderskant. Die vrouw was echter al in 1934 overleden dus die heeft niemand van de tegenwoordig levende familieleden nog gekend. Het duurde nog even voordat ik eens op de achterkant ging kijken. Ik zal die foto wel een keer van moeder hebben gekregen, want van wie anders? En moeder wilde nog wel eens wat op de achterkant schrijven. En warempel. Achterop stond, in het handschrift van mijn moeder: fam. graf van Leeuwen. En in mijn eigen handschrift stond erbij: Jaffa, Delft. Mijn eigen handschrift? Ik kon me totaal niet herinneren dat ik die foto ooit heb gezien of dat ik er zelf iets had opgeschreven. Maar als dit inderdaad het familiegraf van Christina was en/of is, dan zal daar mogelijk dus ook mijn opa Arie van Leeuwen overleden in 1968 bij moeten liggen. En wie weet nog zijn vrijgezelle kinderen Ida en Dirk.  Uiteraard heb ik direct mijn broers de foto opgestuurd met vragen om eventuele details. In de avond met Jan in gesprek kon hij me vertellen dat hij wist dat opa inderdaad op Jaffa begraven is geweest. Dat wist ik weer niet, maar zo klopte het wel.

Daarna kwam ik bij mijn zoveelste zoektocht op het internet een ‘Helpdesk WordPress’ tegen. Mijn qatrazesite (www.qatraze.nl) staat al een hele tijd stil, want ik kon maar niet ontdekken hoe ik een reactieformulier van de homepage kon verwijderen. Een e-mail gestuurd naar deze helpdesk. Binnen minuten kreeg ik een reactie. De persoon wilde het wel voor mij doen, voor de somma van € 36,50. Dat vond ik wel een schappelijke prijs, na een half jaar getob, dus ik meldde hem per kerende post: doe maar.  Kort daarna kreeg ik van hem de melding dat het was gebeurd met een rekening bijgevoegd. Dan laat ik me natuurlijk, na zulke flitsende service me ook niet kennen, dus heb ik ook maar meteen per kerende post de betaling verricht. Weer een staaltje van heel snel handelen en zaken doen, tot en met de betaling. Nu kan ik dus eindelijk ook deze website gaan uitbreiden. Voorlopig begin ik maar eens met een flink deel van mijn boekenverzameling erop te zetten. Enkele honderden boeken. Wie weet wat ik er nog ooit te koop op zal zetten. Ideeën zat. Ik verwacht overigens niet hier snel heel veel zaken mee te zullen gaan doen. Maar je weet het nooit.

Woensdag 28 februari 2018.

Opnieuw een dag dat het vriest dat het kraakt. Dus ook weer een dag dat je mij met geen stok de deur uitkrijgt. Ik was gisteren nog net op tijd om mijn container weer binnen te zetten, want bij mijn laatste stappen buiten begon het te sneeuwen. Een mooi gezicht buiten, dat wel. Redding is nabij, want komend weekend zou het weer overal moeten dooien. Er is dus alleen een kans dat ik vrijdag mijn nootjesvoorraad niet kan bijvullen. Voor een rechtgeaarde eekhoorn is dat toch wel een probleem. We wachten het nog eerst maar even af.

Sinds gisteren zit ik dus in de antiquariaatsbusiness. Ik heb maar meteen 25 boeken op mijn andere website geplaatst. Dat is wel een bewerkelijk proces. Ik heb natuurlijk geen idee wat een boek nu waard is of zou moeten kosten, dus een boek ga ik dan eerst eens even googelen. In zeker 20 van de 25 gevallen kwam het betreffende boek ook meteen op meerdere websites tevoorschijn, als ‘te koop’. Daarna kwam ik er langzaam maar zeker achter dat de website ‘boekwinkeltjes’ een ware marktbederver is. Een boek dat elders voor diverse prijzen, bijvoorbeeld tussen 4 en 10 euro te koop is, kun je bij ‘boekwinkeltjes’ dan ineens voor bijvoorbeeld 0,45 cent kopen. Het zijn daar ook vaak van die vreemde bedragen, vaak afgerond op 5 eurocenten.  ‘Boekwinkeltjes’ is, als ik het goed snap, waar iedereen zijn boeken op te koop kan geven, zodat je niet zelf een eigen website hoeft te hebben of te bouwen en te onderhouden. Het zal vast wel iets kosten, maar daar staat dan ook wel iets tegenover. Ik stel me wel voor dat de boekbezitter dan zelf zijn boeken moet bewaren en een belangstellende het dan zelf moet opsturen. Dan weet de koper dus nooit zeker of en wanneer hij het aangebodene ook werkelijk in huis heeft of krijgt. Ik heb zelf dus maar een minimumtarief bedacht van 5 euro per boek, maar bij afname van 3 of 5 van deze exemplaren krijgt de koper dan een forse korting. Het gaat me overigens niet eens erom hier nou geld aan te verdienen, maar meer om het spel. Bij een stuk of vijf boeken, van de ingevoerde 25, bleek de waarde een stuk hoger te zijn, zelfs soms ook bij ‘boekwinkeltjes’. Ik vind het dan nog lastig om een goede prijs te bepalen. Omdat ik wel weet dat ik mijn boeken niet altijd in perfecte omstandigheden bewaard heb, zou het kunnen dat ze bij mij niet helemaal in topconditie zijn. Dat geldt overigens voor vrijwel alle anderen ook, vermoed ik.

Ook heb ik al ontdekt dat sommige van mijn boeken helemaal niet in Google te vinden zijn. Bijvoorbeeld het boek ‘Jet-Lie’ van Anna van Gogh – Kaulbach uit 1920. In Wikipedia vind je dan nog wel de schrijfster (overleden in 1960) en in haar bibliografie bij Wikipedia vind je dit boek ook nog, geschreven in 1918. Maar het is verder op het internet nergens te koop of wordt zelfs nergens genoemd. Dit moet dus een schaars artikel zijn, maar wat voor prijs vraag je dan, als je geen enkel voorbeeld hebt? Overigens vroeg ik me natuurlijk ook af hoe ik ooit aan dit boek ben gekomen. Ik weet nog dat ik in mijn tienertijd, zestiger jaren,  eens met de medeleden van mijn padvindersgroep een zolder heb opgeruimd, van een pand dat in gebruik was geweest van een padvindersgroep die overleden was. Daar stond ook een verzameling boeken bij, maar die konden we aan de straatstenen niet kwijt. Niemand wilde ze hebben en al helemaal niet kopen.  Zelfs de opruimers hadden er geen belangstelling voor. Behalve ik dan. Als niemand ze wil, wil ik ze wel. Allemaal of vrijwel allemaal romans uit de veertiger en vijftiger jaren. Ik heb ze nooit gelezen. Het gros daarvan zet ik nu allemaal te koop, en ik ben dus benieuwd of er nog iemand belangstelling voor heeft. Ik koester geen enkele verwachting en ik wacht het wel af. Zolang ze op internet staan eten ze geen brood. Ik neem me voor met de boeken die nergens op het internet staan, door kijkers die er belangstelling voor hebben, een bod te laten doen. Eens kijken of dat nog iets oplevert.

Voorts viel me de volgende foto op van een jonge vrouw op de Filippijnen. Mensen kunnen zich voor van alles en nog wat inzetten in het leven, en de variëteit is ontzettend groot. Maar dit doel en daar? Het kost me moeite om me er iets bij voor te stellen.

Het vervolg met volgende data staat in het volgende Hoofdstuk XX: 2018, maart en april. Voorlopig nog staan deze gegevens van die dagen ook nog vermeld op de pagina’s ‘blog’ en blog vanaf 9 april 2018″.  Aan herstel hiervan wordt gewerkt.