Hoofdstuk XX, mei en juni 2018.

Dinsdag 1 mei 2018.

Een nieuwe maand. Na het inspannende weekend heb ik het gisteren maar even rustig gehouden. Wel bezocht ik nog een volgende oudere bewoner, om nog eens te informeren naar de eigen tuinen van lang geleden. Hoewel het echtpaar, dat hier woont sedert 1999, aanvankelijk zich hiervan niets zei te kunnen herinneren, kwamen later in het gesprek toch de herinneringen weer boven. Het werd me wel duidelijk dat het verschijnsel van de eigen tuin, ook in 1999 al grotendeels, zo niet (vrijwel) helemaal was uitgestorven. Nu ga ik nog de vroegere huismeester bellen, van wie ik de contactgegevens kreeg, om nog even mijn eigen herinnering op te frissen. Deze week moeten dus de WOZ-beschikkingen in de bus vallen en over een week of twee krijgen we dan uitsluitsel over de verdwenen tuinen.

Op de 1e van elke maand heb ik een vast ritueel, waarvan ik hier maar een deel verklap. Zo’n ritueel is te pogen een maandelijkse analyse te maken van de bezoekersaantallen van mijn diverse websites. Daar heb ik op deze website een aparte pagina voor. Tenzij zich een heel bijzondere tussentijdse ontwikkeling voordoet maak ik daar alleen op elke 1e van elke maand een analyse van de bezoekersaantallen van de afgelopen maand. Dat is intussen vandaag ook weer gebeurd. De andere analyse die ik op elke 1e van de maand, in dit geval tijdelijk, doe is van mijn elektriciteits- en gasverbruik.  De enige reden daarvoor is, dat ik wil weten hoeveel nou het verbruik van elektriciteit en gas heeft gescheeld vóór en na de isolering van de woning. Dan kan ik op bewonersvergaderingen mijn eigen ervaringen melden, zonder dat ik hoef af te gaan op allerlei meningen en onbewezen stellingen. Dat moet ik tenminste zien vol te houden tot 1 november 2018, als we een heel jaar rond hebben. Ik probeer mijn lamp- en stookgedrag intussen al meer dan een jaar constant te houden. Elke dag, als ik thuis ben natuurlijk, gaat de de kachel zomer en winter op dezelfde temperatuur en in de avond op ongeveer hetzelfde moment omlaag. Hetzelfde geldt voor het aansteken en weer uitdoen van de lampen en andere stroomverbruikers. Dan houd ik het zo goed mogelijk vergelijkbaar. Wat niet verraste is dat het gasverbruik met sprongen omlaag is gegaan. Wat me wel verraste is dat ook het elektriciteitsverbruik maandelijks een lagere stand te zien geeft, allebei gemeten over de voorafgaande twaalf maanden uiteraard. Zo had ik op 1 april 2018 een jaarverbruik van stroom van 2324 kWh en op 1 mei 2018 van 2270 kWh. Het gasverbruik ging op diezelfde meetdata van 1487 m3 naar 1404 m3 per jaar.  Op 1 november 2017 was het jaarverbruik elektriciteit 2400 kWh en het gasverbruik 1800 m3. Het gasverbruik is dus inmiddels met 22% teruggevallen en het stroomverbruik met ongeveer 6%. Het verbruiksjaar is nog niet om, dus zowel gas- als stroomverbruik zullen nog verder gaan dalen. Na 1 november 2018 ga ik dan eens nadenken over hoe ik nu eigenlijk wil gaan stoken. Dat kan volgens mij nog een heel stuk zuiniger, maar dat zien we tegen die tijd wel.

Donderdag 3 mei 2018.

Gisteren heen en weer naar station Groningen, 11,8 kilometer lopen. Uit de ervaring van vorig jaar weet ik dat voor mij de ideale combinatie om af te vallen is, om mij strikt aan mijn dieet te houden en tevens dagelijks tenminste 10 kilometer en liever nog iets meer te wandelen. En de kilo’s vliegen er dus deze dagen weer af. Dat mocht ook wel na een lange winter zonder veel wandelen en periodes met relatief ongebruikelijk en ook ongebruikelijk veel eten. De totale schade die ik in een hele winter op deze manier opliep was een kleine drie kilo, en daar is nu weer een kilo vanaf. Ik wil toch als het straks echt mooi weer wordt, er ook in badpak graag goed uitzien. Dat gaat op deze manier wel lukken. Wel volhouden natuurlijk, dat is zoals altijd wel de kunst. Maar straks mag ik er dan weer zijn en kan ik me weer in elk gezelschap in elk daarbij passend kostuum vertonen. Ik kijk er weer naar uit.

Ik neem mij voor zaterdag weer eens boodschappen in Weener, Duitsland te gaan doen. Mijn voorraad koffie en mijn voorraad verrukkelijke Langmannsoepen en -ragouts is weer vrijwel helemaal op, dus het is wel weer tijd. Ik aarzel nog over mijn kledij, want het zou wel eens warm kunnen gaan worden en dan moet ik niet met een trui aan een lange wandeling gaan maken en zeker niet met een zware boodschappentas. Ook aarzel ik nog over mijn transport. Heen waarschijnlijk per trein tot Nieuweschans en vandaar uit met lege tas naar Weener lopen, moet goed te doen zijn en dan bijvoorbeeld vanaf Weener met volle tas weer helemaal met de trein naar huis. Ik ken het Duitse ov-systeem niet, dus ik weet gewoon niet hoe ik aan een kaartje kom, maar hopelijk kan ik dat kaartje ook wel in Groningen kopen. We stellen alle beslissingen voor de zaterdag nog maar even uit.

Vandaag moet ik nog veel voorbereiden voor de vergadering van onze bewonerscommissie (bc) van vanavond, dus mogelijk komt er niet zo veel van lopen, maar vrijdag en zaterdag gaat dat zeker wel lukken. In de bc zijn veel onderwerpen aan de orde en vooral veel mogelijke procedures tegen de verhuurder. Eerst het verkrijgen van onze jaarlijkse bijdrage. Net als vorig jaar geeft dat weer veel uitstel en problemen en ik vrees dat we dat net als vorig jaar opnieuw aan de rechter zullen moeten voorleggen. Daarnaast is er de kwestie van het betalen van het groenonderhoud, dat we als gevolg van het Parkstadarrest van de Hoge Raad volgens ons niet zouden hoeven betalen, terwijl tegelijk hier de Postwet van 2009, die bepaalt dat brievenbussen niet verder dan 10 meter van de openbare weg mogen liggen niet wordt toegepast.  Tenslotte zijn er dan nog de te hoge huurprijzen, als gevolg van het doorberekenen van 28 tuinen van 65 m2 elk, die elke benedenwoning zou hebben, maar die er in werkelijkheid helemaal niet zijn. Voorlopig maak ik me dus nog op allerlei manieren nuttig voor de mensheid.

Donderdag 3 mei 2018.

Gisteren heen en weer naar station Groningen, 11,8 kilometer lopen. Uit de ervaring van vorig jaar weet ik dat voor mij de ideale combinatie om af te vallen is, om mij strikt aan mijn dieet te houden en tevens dagelijks tenminste 10 kilometer en liever nog iets meer te wandelen. En de kilo’s vliegen er dus deze dagen weer af. Dat mocht ook wel na een lange winter zonder veel wandelen en periodes met relatief ongebruikelijk en ook ongebruikelijk veel eten. De totale schade die ik in een hele winter op deze manier opliep was een kleine drie kilo, en daar is nu weer een kilo vanaf. Ik wil toch als het straks echt mooi weer wordt, er ook in badpak graag goed uitzien. Dat gaat op deze manier wel lukken. Wel volhouden natuurlijk, dat is zoals altijd wel de kunst. Maar straks mag ik er dan weer zijn en kan ik me weer in elk gezelschap in elk daarbij passend kostuum vertonen. Ik kijk er weer naar uit.

Ik neem mij voor zaterdag weer eens boodschappen in Weener, Duitsland te gaan doen. Mijn voorraad koffie en mijn voorraad verrukkelijke Langmannsoepen en -ragouts is weer vrijwel helemaal op, dus het is wel weer tijd. Ik aarzel nog over mijn kledij, want het zou wel eens warm kunnen gaan worden en dan moet ik niet met een trui aan een lange wandeling gaan maken en zeker niet met een zware boodschappentas. Ook aarzel ik nog over mijn transport. Heen waarschijnlijk per trein tot Nieuweschans en vandaar uit met lege tas naar Weener lopen, moet goed te doen zijn en dan bijvoorbeeld vanaf Weener met volle tas weer helemaal met de trein naar huis. Ik ken het Duitse ov-systeem niet, dus ik weet gewoon niet hoe ik aan een kaartje kom, maar hopelijk kan ik dat kaartje ook wel in Groningen kopen. We stellen alle beslissingen voor de zaterdag nog maar even uit.

Vandaag moet ik nog veel voorbereiden voor de vergadering van onze bewonerscommissie (bc) van vanavond, dus mogelijk komt er niet zo veel van lopen, maar vrijdag en zaterdag gaat dat zeker wel lukken. In de bc zijn veel onderwerpen aan de orde en vooral veel mogelijke procedures tegen de verhuurder. Eerst het verkrijgen van onze jaarlijkse bijdrage. Net als vorig jaar geeft dat weer veel uitstel en problemen en ik vrees dat we dat net als vorig jaar opnieuw aan de rechter zullen moeten voorleggen. Daarnaast is er de kwestie van het betalen van het groenonderhoud, dat we als gevolg van het Parkstadarrest van de Hoge Raad volgens ons niet zouden hoeven betalen, terwijl tegelijk hier de Postwet van 2009, die bepaalt dat brievenbussen niet verder dan 10 meter van de openbare weg mogen liggen niet wordt toegepast.  Tenslotte zijn er dan nog de te hoge huurprijzen, als gevolg van het doorberekenen van 28 tuinen van 65 m2 elk, die elke benedenwoning zou hebben, maar die er in werkelijkheid helemaal niet zijn. Voorlopig maak ik me dus nog op allerlei manieren nuttig voor de mensheid.

Vrijdag 4 mei 2018.

Alles wijst er nu op dat we de komende dagen weer een periode met mooi en droog weer zullen krijgen. Dus dat wordt morgen tamelijk zeker al vrij vroeg naar de Oosterburen. En zwaar beladen weer terugkomen, vermoedelijk.

Gisteravond de vergadering van de bewonerscommissie. Om het zeven mensen agendatechnisch helemaal naar de zin te maken, van wie meer dan de helft ook nog eens overdag een baan heeft vraagt veel discipline. Vooral van de voorzitter. Tussen het moment dat de laatste aanwezig kon zijn en de eerste alweer weg moest zat nauwelijks een uur. Toch is het vrij goed gelukt om alle onderwerpen te behandelen en afspraken over te maken. Er staan meerdere procedures tegelijk op het programma. Gisteren meteen maar even een afspraak met de kapper gemaakt voor komende dinsdag. Dan ben ik daarmee ook weer helemaal bij.

Het was ook nog eens de derde opeenvolgende dag van tenminste tien kilometer lopen. Ik blijf voorlopig nog proberen dat ook vandaag en morgen vol te houden, maar vanaf zondag zijn mogelijk de temperaturen weer te hoog. We zien wel.

Zaterdag 5 mei 2018.

Alles gaat tot nu toe volgens plan.  Zelfs het weer werkt mee. Dus dat wordt vandaag een dagje boodschappen doen in Germanij. Ik neem me voor onderweg de foto’s te maken en morgen hier te plaatsen, die ik bij voorgaande bezoeken achterwege had gelaten.

Gisteren was ook weer de vertrouwde notenboer terug en ik heb hem dus meteen maar even ‘geplunderd’. Met betaling van de hele prijs natuurlijk. Ik kan er dus weer eventjes tegen.  Het wordt wel weer stevig wandelen, maar dat is goed voor me. Ik dacht eerst nog dat ik terug met de trein kon, maar de winkels die ik wil bezoek liggen in Bunde en daar stopt de trein niet. Dat is dus een extra reden om vroeg te vertrekken. Want ook de terugweg moet ik een flink stuk lopen, maar dan flink bepakt. En dat doe ik liever niet in open land in de bloedhitte. Het is allemaal goed voor mijn conditie en mijn gewicht. Dus morgen volgt hier het verslag, met illustraties.

Zondag 6 mei 2018.

De heenweg liep heel goed. Eerst nog even langs de Bruna, waar ik om 09.00 uur de eerste klant was, om nog even enkele zaken te doen. Daarna haalde ik bij halte Sportpark Esserberg met gemak bus 51, waar ik in een lege bus stapte, afgezien van de chauffeur uiteraard. Mooi op tijd op station Groningen, waar ik nog even een broodje kocht. Met een lange en inspannende wandeling voor de boeg moest ik toch even iets gegeten hebben en dat niet met een lege maag gaan doen. Ook al zo’n uitgangspunt dat ik van mijn moeder heb geleerd. Ik ben nog nooit door een lege maag van mijn stokje gegaan en misschien wel juist hierom niet. In de trein raakte ik in gesprek met een andere passagier. Behalve mij zaten nog twee andere mensen in deze trein. Deze man vertelde me dat je in Weener gewoon kon uitchecken bij een Nederlandse OV-chipkaartpaal, hetgeen volgens hem zelfs ook nog in het nog verder gelegen Leer kon.  Dat moet ik even voor alle zekerheid gaan checken en zo een volgende keer gaan reizen. Wel zo makkelijk. Hij kende Weener en volgens hem was de grootste supermarkt in Weener ook een Combimarkt. Ook iets om een volgende keer eens te proberen. De aankomst in Bad Nieuweschans was ook exact op tijd om 10.42 uur. Ik wilde in dat station nog even mijn ov-chipkaart opwaarderen, opdat ik op de terugweg niet ergens klem kwam te zitten, maar ik kon het apparaat niet vinden. Pas toen ik overal op dat station gekeken had en ook op het voorplein niets van dien aard zag, ben ik toch maar naar Bunde gelopen. Dan maar enig risico, ik zal het wel overleven. Buiten het station aan de achterkant ervan zag ik dan toch nog een opwaardeerapparaat. Enigszins verdekt opgesteld in een huisje. Dat was ook weer gelukt dus. Het was voor de tweede keer dat ik die wandeling maakte en ik nam dit keer de kortste weg, enigszins buiten het plaatsje om, via de Europaweg. Dat was achteraf bezien toch niet zo’n goede keus, aangezien je dan geruime tijd loopt op een autoweg zonder fiets- of voetpad. Bij de Nederlands-Duitse grens, heb ik deze keer maar wel het informatiebord gefotografeerd, wat ik de vorige maal verzuimd had.

Middenin het bruggetje ligt de grens. Hoewel Bad Nieuweschans, net als de vorige keer, weer compleet uitgestorven leek en je nauwelijks een levende ziel zag (wat zoekt een mens daar toch?), stond net aan de overkant van de brug een flink gezelschap aan mensen. Misschien wel een honderd. Het was blijkbaar een excursie en er werd een toespraak gehouden in het Nederlands. Het zal vast iets te maken hebben gehad met wat zich daar in de Tweede Wereldoorlog heeft afgespeeld. Het was immers Bevrijdingsdag.

Het bijzondere van deze grensstreek is, dat het heel lang duurt voordat je het idee krijgt dat je in Duitsland bent. Geen enkel Duits woord is er in de wijde omtrek te vinden. Niet op een verkeersbord, niet van een reclame of van welke uiting dan ook. Ook op een auto met een Duits kenteken moet je lang wachten. Zelfs naar een huis of een bouwwerk moet je goed zoeken. Het informatiebord over de streek, dat vrijwel pal op de landsgrens staat, op bovenstaande foto, is er ook alleen maar in het Nederlands, terwijl je juist op de grens een tweetalig bord zou verwachten. Er staan curieus genoeg wel enkele Engelse woorden op.

Zodra ik het groepje met toespraak voorbij was krijg je dan de eerste Duitse weg:

Daarna, vlak langs de spoorlijn naar Weener gelopen naar Bunde. Voornamelijk door een compleet leeg landschap:

Tegen een uur of twaalf kwam ik dan aan op het plein in Bunde, waar zich een Aldi, een Lidl en een Combimarkt bevinden. Mijn favoriete winkel is dan de Combimarkt. Intussen ken ik in deze winkel wel enigszins de weg. Koffie, diverse Langmannsoepen en -ragout en keukenpapier aangeschaft, ingeladen en weer terug. Dat was uiteraard een stuk zwaarder, niet alleen vanwege het gewicht van de boodschappen, maar ook omdat het inmiddels een stuk warmer was geworden. Bij binnenkomst in Bad Nieuweschans viel het me meteen op dat vanaf veel huizen de Nederlandse vlag was uitgestoken. Meer dan in Haren bijvoorbeeld. In Duitsland was er uiteraard geen enkele vlag te zien geweest. Ik had nog niets gedronken of gegeten, dus in de COOP in Bad Nieuweschans  heb ik een ijsje gekocht en een halve liter bronwater. Het was mijn eerste bezoek aan een COOP. Best een mooie winkel, maar bij de kassa’s stonden lange rijen, net zoals ik dat bij Albert Heijn gewend ben, maar niet bij Jumbo bijvoorbeeld. Bij vertrek van de COOP naar het station vroeg ik op een terrasje aan een voorbijganger nog even de weg. Het bleek een Duitser te zijn. Deze was blijkbaar in Nederland ook Bevrijdingsdag aan het vieren. Toen pas vroeg ik me voor het eerst ineens af, waarom Duitsers eigenlijk geen Bevrijdingsdag vieren. Niet de Nederlandse uiteraard, maar de Duitse. Zij werden immers ook bevrijd, enkele dagen later dan wij.  Om 14.18 vertrok de trein uit Bad Nieuweschans weer naar Groningen, opnieuw vrijwel leeg. Maar dat zou snel heel erg veranderen. Direct bij het volgende station, Winschoten, stroomde de trein grotendeels vol: met allemaal jonge vrouwen van een jaar of 18. En deze dames hadden dolle pret. Ik had geen idee wat ze, behalve de leeftijd en het geslacht, verder met elkaar gemeen hadden. Een (sport)vereniging, een opleiding? Het was aan niets te merken. Ze zagen er allemaal uit als in uitgaanstenue. Ze waren beschaafd opgemaakt, ik zag bij geen van hen piercings of tattoos en allemaal hadden ze nette en vooral ook hele kleren aan. Een trein vol heel nette meiden. Althans naar het uiterlijk te oordelen. Maar toen ze begonnen te zingen werd het wel wat anders.  Eerst waren de liedjes nog wel redelijk netjes, voor zover ik het kon verstaan, maar de teksten werden vrij snel een stuk ruiger. Ik geloofde mijn oren niet. Teksten die ik hier niet wil en zal herhalen. Wij zongen in onze jonge jaren ook wel liedjes die soms op het randje waren, maar deze liedjes lieten helemaal niets aan de verbeelding over. Ik geloof nooit dat hun ouders dit hadden goedgekeurd. Ik was niet zozeer geschokt of zo, maar eerder verbaasd. Welkom in 2018, dacht ik alleen maar. Bij elk volgend station wilden er steeds meer van deze jonge vrouwen bij, maar op zeker moment besloot de machinist toch maar enkele stations voorbij te rijden. Zich blijkbaar niet afvragend of er ook nog mensen de trein uit wilden. Waar willen vele honderden jonge vrouwen, van allemaal ongeveer dezelfde leeftijd,  in uitgaanskledij nou op een zaterdagmiddag om half drie naartoe? Ze stapten allemaal in Groningen uit, maar die willen toch niet naar Groningen op een zaterdagmiddag? Er was bij mijn weten voor hen in Groningen niets te doen. Mogelijk gingen ze verder naar Amsterdam, bedacht ik me later.

Ik kwam in elk geval op een iets rustiger wijze thuis, om kwart voor vier of daaromtrent. Het was weer een interessante en nuttige dag geweest.

Dinsdag 8 mei 2018.

Gisteren weer de zoveelste rondgang gemaakt langs de diverse winkels voor weer enkele porties voedsel. Deze keer voor weer de volgende lading oudhollandse erwtensoep, waarvoor het nou echt het weer is. Die erwtensoep verveelt me nog steeds niet. Daar heb ik eigenlijk het hele jaar door porties van in de vriezer liggen en dat al zo lang ik een vriezer heb, zo ongeveer. Daarnaast heb ik de ingrediënten voor een nieuw patérecept in huis gehaald, van een recept van een inmiddels gepensioneerde Gelderse slager.  Ik heb al talloze malen het personeel van mijn slager, dat wel wat van me gewend is, voor verrassingen geplaatst. Deze keer had ik broekspek nodig. Zelfs de tekstverwerker van Apple kent dit woord niet en keurt het af.  Toen ik dus aan een nieuwe medewerkster om broekspek vroeg keek ze me eerst enkele seconden zwijgend aan. Ze wist gewoon niet of ik een grapje maakte of serieus was. Uiteraard bleef ik met een stalen gezicht naar haar terugkijken. Na enige tijd riep ze toch maar naar achteren, waar blijkbaar de slager zelf rondliep, of ze ook broekspek hadden, waarop de slager meteen terugriep: ‘hoeveel?’. Toen was het ijs gebroken. Het moest nu wel een serieuze vraag zijn. Vandaag is de dag van een nieuwe megapan erwtensoep en een nieuwe paté, maar ik moet ook vandaag nog een brood bakken en uiteraard ook nog voor mijn avondmaaltijd zorgen. Het  wordt dus een keukendag vandaag. De paté staat intussen te rijpen in de koelkast en het brood is ook alweer op een oortje na gebakken. De hele erwten staan al sinds vanmorgen vroeg in de week.

Een ander goed voornemen van me is om mijn hele levensgeschiedenis op deze website nog eens kritisch door te gaan lezen. Naarmate de tijd vordert kunnen er verschillen zijn ontstaan tussen dat wat je dacht te hebben opgeschreven en wat je werkelijk hebt opgeschreven. Door de tijd sijpelt zowel ook langzaam nieuwe of oude informatie in je geheugen door en wordt je wellicht ook milder in je oordeel, of juist strenger. Ik had me al vanaf het begin voorgenomen dit opnieuw doorlezen periodiek te gaan herhalen en binnenkort moet dan maar eens de eerste keer gaan worden. Waarschijnlijk nog niet vandaag of morgen, omdat ik dan nog een dagvullend programma heb, maar daarna moet het toch echt een keer gaan beginnen, hoewel ik dan toch ook weer nieuwe taken op zie doemen.

Woensdag 9 mei 2018.

Alles lukte weer voortreffelijk: het brood, de erwtensoep (mezelf weer overtroffen), de paté (ziet er goed uit, maar moet ik nog wel proeven) en de lamskoteletten. Daarna alles weer afgewassen, schoongemaakt en opgeruimd.

In China wordt er in een ziekenhuis aan de medewerkers lesgegeven in glimlachen. Dat spreekt me natuurlijk wel aan. Moesten we hier natuurlijk ook invoeren. In China doen ze dat met eetstokjes. Hier moeten we daar nog iets Hollanders’ op vinden.

Verder vandaag weer eens een dagje met uithuizige afspraken.

Donderdag 10 mei 2018 (Hemelvaartsdag).

Gisteren was ik weer een dagje op stap. Het land in. Wat ik vandaag precies uitspookte zal ik wellicht later nog wel eens melden. In elk geval was het erg warm. Ik had zo’n treinkaartje waardoor je tussen 09.00 uur en 16.00 mag reizen, en tevens vóór 06.30 uur en na 18.00 uur. Vlak voor 16.00 ‘strandde’ ik in Assen en ik besloot vandaar een stuk naar huis te lopen. Met 28 graden is dat voor iemand en zeker voor mij geen sinecure. Ik had niets te drinken bij me, dus ik wilde dat dan ergens in Assen nog te kopen. Te beginnen natuurlijk in het winkeltje van station Assen zelf. De stationswinkel van Assen werd echter verbouwd en was dus niet geopend voor publiek. Dat was opmerkelijk omdat het noodwinkeltje zelf al het resultaat was van de grote verbouwing van het hele station Assen.  De noodwinkel, die pas sinds vorig jaar bestond,  moest dus blijkbaar plaatsmaken voor een noodnoodwinkel, omdat het nieuwe station – met winkels- naar verwachting pas volgend jaar zal worden geopend. Ik verbaas me elke keer weer over de bizar slechte planningskwaliteiten van zoveel bouwers. De Noord-Zuidlijn in Amsterdam kent intussen een vertraging van nu al 18 jaar op de planning, de Uithoflijn in Utrecht loopt ook al vele jaren achter en de Hoekse lijn, van Rotterdam naar Hoek van Holland is nu ook al zeker een jaar achter op het schema. En geen van drie de lijnen rijdt ‘al’, dus verdere vertraging is bij alle drie nog niet uitgesloten.  Dan is er nu dus de noodwinkel te Assen, die voor twee jaar bedoeld was, maar die het na een jaar al opgeeft en opnieuw moet worden gebouwd.

Enfin, de aankoop van een flesje water mislukte dus hier. Via de binnenstad van Assen dus langs de busroute van lijn 50 naar het noorden. Die route voert langs een heleboel winkels, maar pas bij een van de laatste, een snackbar, kon ik ook iets te drinken kopen. Ik bestelde dus iets warms, want ik had ook zin iets hartigs en een halve literfles water. Het was weer zo’n klantenbehandelaar die de klant een totaal oninteressant verschijnsel vindt, die geen woord zegt en die de klant ook geen moment aankijkt. Bang waarschijnlijk dat de klant iets gaat zeggen. Hij verstond me wel, want meteen staat er dan een ijskoud flesje water op de toonbank, maar op de warme hap moet je dan natuurlijk nog even wachten. Dat wachten duurde opmerkelijk lang. Ik heb het niet getimed, maar het waren makkelijk vijf minuten of wellicht nog wel wat meer. Al die tijd stond dat flesje water natuurlijk in de weg bij volgende klanten. Ik wilde het water uiteraard na de warme hap gebruiken, maar zonder enige communicatie met de klant weet de medewerker dat niet. Dan krijg je uiteindelijk  wel je warme hap, maar tegen de tijd dat je die op hebt is het flesje ijskoude water inmiddels lauwwarm geworden. Dat wordt nog erger als je in plaats van het flesje water een ijsje bestelt. Dan is het ijs al gesmolten. Je moet dus in een snackbar – als de medewerk(st) je niet aankijkt en ook niet tegen je praat –  de gewenste producten apart bestellen. En dus ook apart afrekenen. Eerst je warme hap bestellen en afrekenen. En als je dat op hebt, je ijskoude water of je ijsje bestellen en apart afrekenen. En eventueel daarna nog iets apart bestellen en afrekenen. Wat daar nu handig aan is voor de winkelier snap ik nog niet, maar ik ben ook geen winkelier. Communiceren met de klant wil volgens mij ook wel helpen.

Daarna verder gewandeld in de bloedhitte. Pas voorbij de ringweg-Noord van Assen, in de wereldplaats Ubbena, ben ik op de bus getapt. Ik was op slag van zes uur weer thuis.

De paté is in elk geval qua smaak uitstekend gelukt, maar hij moest nog wat beter smeerbaar zijn en ik heb ook al een idee hoe dat nu is gekomen. Dat gaan we een volgende keer wel uitzoeken.

Vrijdag 11 mei 2018.

Het afgelopen etmaal was superrustig. Mag ook wel eens een keertje. Het is ongetwijfeld de stilte voor de ‘storm’, want ik voel aankomen dat er weer veel op ons afkomt. Ik kijk er naar uit.

In The Guardian stond een artikeltje over de redenen die 100+-ers opgaven waarom ze zo oud geworden zijn. Er is – zoals te verwachten was – geen chocola van te maken, hoewel aan donkere chocola, met mate gebruikt, levensverlengende eigenschappen worden toegekend. Vandaar dat dat ook tot mijn dagelijkse consumptie behoort, natuurlijk. Enkele vrouwen uit deze groep dankten hun hoge leeftijd aan het feit dat ze nooit met een man een relatie hebben gehad. ‘Mannen zijn nergens goed voor’, zei er eentje. Daar zit wel wat in, vind ik. Sommige mannen dan in elk geval, of wellicht wel veel mannen. Van een Britse krant die interviewde bij Britten, was ook te verwachten, dat veel eieren eten ook een probaat middel werd genoemd. ‘Drie per dag, waarvan twee rauw’, meende er eentje. De meningen varieerden of dat met of zonder spek moest. Een oude dame meende dat meerdere glazen gin met tonic het beste middel was. Zij begon er al bij de lunch mee, met twee glazen, bij het diner nam ze er nog eentje en in de avond ‘nog enkele’. Ik kan me nauwelijks voorstellen dat je daarmee honderd wordt, maar het zal vast wel een keer waar zijn.

Ikzelf heb ook de ambitie om honderd of nog ouder te worden. Ik probeer zo gezond mogelijk te eten, en alles met mate te doen. En het hoofd steeds bezig te houden. Voldoende fruit en groente, uiteraard de dagelijkse donkere chocolade en veel bewegen. En je dagelijkse nootjes uiteraard. Allerlei ondeugden, zoals roken, drugs en sterke drank heb ik ook al jaren geleden afgeschaft, of zelfs helemaal nooit gebruikt. Ik voel ook wel wat voor de stelling om het verder zonder vaste partner te doen. Het geeft altijd gedoe, vooral ook omdat ieder mens, uiteraard inclusief mezelf,  altijd een hele rugzak vol aan ellende met zich meetorst. Ik heb al genoeg zelf meegemaakt om ook nog eens de lasten van een ander te moeten meedragen. Maar ook geldt natuurlijk dat gedeelde smart halve smart is. Sinds ik mijn laatste relatie verbrak in november 2015 heb ik niet de allerkleinste behoefte of impuls gehad om weer met een nieuwe relatie te willen beginnen. Ik ga zeker niet op een datingsite en ik zie wel wat me overkomt. En als dat zou betekenen dat ik geen vaste relatie meer zou krijgen dan heb ik daar niet alleen volledig vrede mee, ik zie er ook totaal niet tegenop.

Zaterdag 12 mei 2018.

Een van de vele goede herinneringen die ik met mijn zoon Bart heb is het bezoek aan de Mezquita in Cordoba in Spanje. In 2014 (?). Daar heb ik toen zeker weten ook foto’s van gemaakt, maar die moet ik dan nog even zoeken, maar onze Chinese vrienden hebben me weer geholpen:

Gisteren nog ‘even’ gelopen naar een mogelijk huis voor mijn andere zoon in Groningen-Zuid. Zo’n persoonlijk bezoek zegt toch doorgaans veel meer dan een fotoreportage. Ik kwam zodoende, ook omdat het nootjesdag was, weer ruim boven de 12 kilometer. Onderweg kwam ik een grote gesloten donkergroene vrachtwagen tegen, voorzien van goed werkende zwaailichten en tweetonige hoorn. Het lawaai was oorverdovend. Eenmaal langszij gekomen stond daar op VEILIGHEIDSREGIO en COMMANDO-UNIT. Bij thuiskomst toch maar even gegoogeld of je aan zo’n auto nou ook voorrang moet verlenen. En inderdaad: dat moet. Er schijnen tegenwoordig nog meer auto’s te zijn waaraan je voorrang moet geven: o.a. van de bloedbank, de dierenambulance en nog meer. In een filmpje werd aan een automobilist gevraagd waar hij aan zou denken als hij plots in zijn achteruitkijkspiegel ziet dat er een donkergroene auto achter hem rijdt met tweetonige hoorn aan en met zwaailichten. Deze automobilist zei spontaan: dan denk ik dat de boswachter voorbij wil. Tja, boswachters hebben ook hun rechten, natuurlijk. En hebben ongetwijfeld ook wel eens haast. Bijvoorbeeld als er ergens een plant spoedhulp nodig heeft. Het wordt dan ook tijd voor een Partij voor de Planten (PvdP).

Zondag 13 mei 2018.

Vandaag moet dan duidelijk worden of onze verhuurder inderdaad alvast een voorschot heeft betaald of juist helemaal niets. In het laatste geval- hetgeen ik sterk verwacht – gaan we weer voor de volgende rechtszaak helaas. Ook deze rechtszaak zullen we – net als die van vorig jaar – weer glansrijk winnen, omdat we nog altijd ruim binnen de mogelijkheden van de Overlegwet blijven. Of heel misschien kunnen we een wat rustiger periode ingaan, als de verhuurder wel heeft betaald.

Verder heb ik al enkele dagen enige last van het onderstel, en met name van het niet-bestaande kniegewricht. Het is niet heel veel last, maar ik voel de afwezigheid van het lichaamsdeel, zonder dat het overigens pijn doet, die ik nooit gevoeld heb. Voorlopig ga ik maar even ervan uit dat (meer) rust het moet doen, als het idee juist is dat de frictie die de hoge schoenen geven op het stijve been niet goed is. Als rust helpt, dan moet dat de oorzaak zijn. En dan heb ik ook de oplossing al: hetzij laagjes traagschuim, dan wel splitsen of een combinatie van beide mogelijkheden. Eerst maar even rustig aan doen.

Het opruimen gaat ook nog altijd gestaag verder. Ook daar komt maar geen eind aan. Ook dinsdag over een week zal ik weer een propvolle container wegbrengen en waarschijnlijk veertien dagen later nog wel eentje. Gisteren al mijn kostuums, overhemden en stropdassen gesorteerd. Ik had wel 25 ‘nette’ overhemden, een stuk of acht kostuums en ook wel 25 stropdassen. De meeste van deze kleren draag ik al jaren niet meer, of heel af en toe bij een officiële gelegenheid, zoals een promotie, een uitvaart of een belangrijke receptie. Ik kon één kostuum weggooien, vijf overhemden en vijf strop-dassen, die de toets der kritiek niet meer konden doorstaan. Een vrij groot aantal stropdassen moet worden gestoomd of gewassen. Tijdens eten en drinken met pak aan, bijvoorbeeld op een receptie, mors je natuurlijk het eerste iets op je stropdas. In elk geval ik. Truc van Jan: stropdas oprollen en in een jampotje stoppen, en dat verder vullen met wasbenzine. Een paar uur laten staan en daarna uithangen. Ze zouden dan weer als nieuw moeten zijn. Ik heb nog zoveel stropdassen, dat ik me best een mislukking kan veroorloven.

Maandag 14 mei 2018.

De verhuurder heeft inderdaad niets betaald, zoals ook te verwachten was. Meteen ben ik maar begonnen om een concept-verzoekschrift voor de rechtbank te maken en dat vervolgens door te zenden aan onze mede-bestuursleden. Tegelijk heb ik vastgesteld dat ook de gemeente de eigen beloftes niet nakomt. Vandaag precies twee weken geleden kreeg ik de toezegging van de gemeente dat we binnen een week onze WOZ-beschikkingen zouden krijgen en binnen drie weken uitsluitsel over het mysterie van de 28 verdwenen tuinen. Ook na twee weken hebben we nog geen WOZ-beschikkingen gekregen, dus die termijn is intussen al ruimschoots overschreden. Het is achteraf bezien wellicht ook wel logisch dat de gemeente liever de definitieve WOZ-beschikkingen toestuurt dan binnen twee weken na elkaar twee verschillende. We hebben dus nu nog precies een week en ik wil weer graag blij verast worden met een tijdige beslissing van de gemeente en het nakomen van de tweede belofte. In het enige telefoongesprek dat ik daar met de ambtenaar over voerde werd mij wel duidelijk dat de gemeente jaarlijks met de eigenaar overlegt over de WOZ-waarde van de woningen. Mijn vondst van twee weken geleden, dat de WOZ-waarde van de benedenwoningen te hoog is vastgesteld, die immers anders dan volgens de taxatie geen tuin hebben, zal dus ongetwijfeld tot een nieuw overleg met de eigenaar moeten voeren, zo bedacht ik mij. Ik betwijfel of dat wel moet, maar in feite zal dat wel gebeuren. Het is dan weer niet in het belang van deze eigenaar dat de waarde van de woningen omlaag gaat. Dus zal hij ongetwijfeld overgaan tot zijn gebruikelijke manier van werken: dit soort zaken zo lang mogelijk voor zich uitschuiven en er liefst helemaal niet op reageren. Dus die drie weken reactietermijn die de gemeente beloofde zal dan te weinig zijn. Dat laat mij geen andere keus om vandaag over een week contact met de betreffende ambtenaar op te nemen en te informeren naar de mogelijkheid van bezwaar. Want ook niet beslissen, waar wel een besluit moet worden genomen is een voor beroep vatbare beslissing. Maar wie weet worden worden we toch blij verrast met een tijdige beslissing.  Ik hoop het.

Vervolgens kwam dan gisteren de eerste trein tussen China en Antwerpen aan. Daar heb ik noch in Nederlandse, noch in Belgische media iets over gelezen, zelfs niet in de Gazet van Antwerpen. Daar is die trein dan. Hij heeft 11 dagen gedaan over een traject van 11.000 kilometer.

Woensdag 16 mei 2018.

Op verzoek van een lid van ons bestuur wachten we eerst nog even de brief van de huidige waarschijnlijke gemachtigde van de eigenaar af. Het verslag van het gevoerde telefoongesprek verontrusten me. Daar stelde deze, ene Van de Pol of een naam die daar op lijkt, de vraag wie de schrijver van de laatste brief is geweest.  Een mededeling van deze persoon in dat gesprek was ook dat de toonzetting hem niet beviel. Twee verontrustende mededelingen. Ik weet nog altijd niet of ik nu met spijt en verdriet moet terugkijken op mijn verleden, waarbij ik een heel nest gewetenloze figuren ben tegengekomen, hetgeen ik pas tientallen jaren later doorkreeg. Of dat ik hier nu juist blij mee moet zijn, omdat ik dit soort uitschot nu veel eerder herken en me zo in de toekomst veel ellende kan besparen. Misschien het laatste wel: ik ben blij dat ik het meegemaakt. Dat zorgt er in elk geval voor dat je niet in het verleden kan blijven hangen, waar niemand wat mee kan opschieten, omdat het verleden immers onveranderbaar is. En dat zorgt er ook voor dat je je kunt blijven richten op de toekomst. Dat lijkt me een stuk gezonder voor je geestelijk welbevinden. Mijn ervaringen combineer ik nu natuurlijk met alles wat ik het laatste jaar of zo van al die documentaires over ‘true crime’ heb opgestoken. Het is me nu dus compleet duidelijk dat mensen zonder geweten alle mensen die ze tegenkomen in drie categorieën indelen: 1. mogelijk slachtoffer, dus prooi 2. mogelijke medeplichtige en 3. mensen die hem dwarszitten en die dus op de een of andere manier moeten worden uitgeschakeld. Alle overige mensen zijn per definitie niet interessant voor hem, totdat er eentje aan de categorieën 1, 2 of 3 kan worden toegevoegd. Zo ziet een gewetenloze verhuurder al zijn huurders als zijn slachtoffer en prooi, categorie 1, die je dus verder zo veel mogelijk moet zien uit te buiten, en zoekt hij medeplichtigen, categorie 2, die voor de uitvoering daarvan helpen zorgen en werkende weg moet je mensen in de categorie 3 die je tegenkomt zoveel mogelijk zien uit te schakelen.  Om ze te kunnen uitschakelen moet je natuurlijk wel identificeren wie dat dan is of zijn. Dat de nieuwe contactpersoon van de huiseigenaar wil weten wie de bedenker van de brief is wijst er meteen op dat hij inderdaad net zo’n gewetenloze schurk is als zijn baas. Een eerlijk persoon reageert namelijk op de aangevoerde argumenten en niet op de vraag wie wat heeft geschreven. Van de VVD-er Geertsema, meen ik, is het gezegde: wie klaagt over de toonhoogte heeft geen argumenten. En deze man klaagde over de toonhoogte dus heeft dan blijkbaar inderdaad geen argumenten, hetgeen ik ook al om een andere reden moet aannemen. Ook dat klopt perfect met mijn veronderstelling dat hij niet deugt. Tegelijk heb ik geen enkel gegeven gevonden of waargenomen, waardoor ik zou kunnen aannemen dat het toch heel anders zit. We zouden deze week zijn schriftelijke reactie krijgen. Ik wil dan weer o zo graag compleet in het ongelijk worden gesteld. Zeker als we ook even meteen een stevig voorschot uitbetaald krijgen, waarvan niemand kan ontkennen dat we daar recht op hebben. Ik laat het u weten zodra ik het zelf weet.

Een andere kwestie die ook nog speelt is de WOZ-waarde van onze woningen. Daar schreef ik eergisteren al over. Ook hier zal volgens mij de eigenaar een negatieve rol spelen, om precies dezelfde redenen. Over minder dan een week weten we meer over beide zaken. Of weten dan juist volgens mij nog helemaal niets. Wat zal ik blij zijn als ik alles bij het verkeerde eind heb gehad.

Op meerdere plaatsen op deze website kunt u het hele verhaal over gewetenloosheid lezen, maar voor alle zekerheid meld ik toch nog even dat gewetenloosheid op zichzelf geen aan betrokkene te verwijten eigenschap is. Je kunt er immer niets aan dat je die ‘kwaliteit’ hebt. Ik ken hele families waar het verschijnsel endemisch is, dus er zal vast ook wel een erfelijke factor zijn. Er is nu eenmaal een aantal mensen dat absoluut geen verkeerd gevoel ervaart bij het benadelen van een ander. Of het nu om leugens, diefstal, moord of nog iets anders gaat. Wat wel een persoon verwijtbaar is, met of zonder geweten, is dat hij   (in veel minder gevallen uiteraard ook zij), iets doet waarvan hij of zij moet weten dat dat niet mag en strafbaar is. Het doet er niet toe of je er een goed of slecht of helemaal geen gevoel aan overhoudt: stelen (etc.) mag niet. Dat weet een kind. Voor mensen zonder geweten is de drempel om iets kwalijks te doen blijkbaar lager. Ze hebben geen moment het gevoel dat ze iets verkeerds hebben gedaan. Het uitzetten van je verstand, waartoe een bepaalde categorie mensen inderdaad in mijn ervaring in staat is, terwijl je tegelijkertijd een misdrijf pleegt is aan iemand wel te verwijten. En moet wat mij betreft ook gestraft worden.

Donderdag 17 mei 2018.

Vandaag is het de verjaardag van Koningin Maxima. Dat zou ik een week geleden absoluut niet hebben geraden, maar een verzoek of zelfs maar suggestie van mijn hoogbejaarde buurvrouw, kan ik onmogelijk negeren en dus hangt de vlag weer. Met wimpel natuurlijk. Ik zou het zelf nooit doen, maar op verzoek van haar wel en dan doe ik dat ook niet met tegenzin. Het is maar een heel kleine moeite om een ander mens een heel klein beetje gelukkiger te maken, zonder daarmee iemand anders te benadelen. Zo zie ik dat.

Het afgelopen etmaal was het weer rustig. Het is weer de tijd van de grote wielerrondes, met op dit moment de Ronde van Italië. Dan vind ik het altijd weer een belevenis om in het bijzonder de bergetappes te volgen. De strijd van man tegen man (of vrouw tegen vrouw in voorkomend geval) vind ik elke keer weer mooi om naar te kijken. De dood of de gladiolen. Alles uit de kast halen. De afdalingen horen daar natuurlijk ook bij, al vind ik die soms superriskant. Menig keer is al bij zo’n afdeling een renner verongelukt, met ernstige verwondingen of zelfs de dood tot gevolg. Geen enkele moeder van zo’n renner wil dat bekijken. ‘Alle moeders de kamer uit’, hoor je dan door de verslaggever zeggen. Ik zou het het liefste eigenlijk zelf ook doen. Het is dat iedere renner uiteraard zelf verantwoordelijk is voor het eigen handelen, anders keek ik niet bij zo’n afdeling. Zeker niet bij nat wegdek. Ik slaak altijd weer een zucht als iedereen weer veilig beneden is. Als een Nederlander voorop rijdt of een sterke kanshebber is, vind ik dat natuurlijk wel extra leuk, maar het is voor mij absoluut niet doorslaggevend om al dan naar te kijken.

Verder is het deze week wachten op twee brieven die allebei voor uiterlijk deze week zijn toegezegd: eentje van de gemeente over de verdwenen tuinen en eentje namens de eigenaar. Beide brieven hebben indirect met dezelfde persoon te maken: de de facto-eigenaar van onze woningen. Als mij inschatting juist is dan zullen we deze week geen van beide brieven zien, omdat we deze persoon hebben leren kennen als iemand die beslissingen permanent voor  zich uitschuift, zeker beslissingen met mogelijk voordeel voor de huurders en nadeel voor hem. We wachten af. Over dik twee etmalen weten we meer.

Vrijdag 18 mei 2018.

Gisteren was er de slotbijeenkomst van onze Sociëteit. Een tiental ouderen uit ons wijkje die vele jaren lang bijeenkomsten, uitstapjes etcetera hebben bijgewoond, die overigens voor elke bewoner altijd toegankelijk waren, werden voor de laatste keer uitgenodigd voor een lunch. Er was nog een restantje geld over van een inmiddels gestopte gemeentelijke subsidie, en een heel kleine subsidie van de bewonerscommissie maakte het mogelijk. Het was gezellig en nuttig.

De laatste dagen heb ik besteed om alle pagina’s van ‘Mijn leven’ op deze website, van 1946 tot 2016, Hoofdstuk I tot en met XVIII, nog eens kritisch door te lezen en te actualiseren, correcties te maken of een enkele keer ook van een veranderd of nieuw inzicht te voorzien. Wellicht word ik namelijk in de loop der jaren milder of juist minder mild, blijken zaken die in het verleden speelden nu minder relevant of minder interessant dan toen, of juist niet. Bovendien vind ik altijd nog kleine taal- en tekstcorrecties, al worden dat er bij elke volgende ‘doorlichting’ minder. Nu moeten ook de andere websites nog hetzelfde lot ondergaan.

De beloofde brieven van of namens de verhuurder en van de gemeente over de 28 verdwenen tuinen zijn ook gisteren nog niet gekomen. Maar niet getreurd: we hebben zowel vandaag als ook morgen nog een postbestelling te goed. Mijn voorspelling vanaf de start dat ze ook beide niet zullen komen is tot nu toe uitgekomen, maar ik kan dus nog altijd blij verrast worden.

Zaterdag 19 mei 2018.

Ook gisteren was er geen post die voor deze week was beloofd, maar beide (gemeente en beheerder) zijn ze afhankelijk van de activiteiten van onze verhuurder en dus was steeds mijn verwachting dat er deze week van geen van beide post zou komen. Die man komt immers nooit zijn afspraken na en voorzover hij verplichtingen heeft probeert hij zich er ook altijd onderuit te wurmen. Het kan dus alleen nog vandaag en we hebben zelfs twee beloftes tegelijk die niet worden nagekomen als er vandaag geen post komt.  Maar ik blijf in blijde verwachting, want het kan vandaag nog.

Ik ontdekte dat ook voor mij uiteraard gaat gelden, dat ik een privacy-reglement moet hebben per uiterlijk 25 mei aanstaande. Nu houd ik er slechts op één van mijn websites, met veel fantasie, mogelijk een bestand aan persoonsgegevens op na. Ik was en ben overigens totaal niet van plan met ook maar één persoonsgegeven iets te doen of te laten doen, maar dat moet ik dan ook maar gaan vermelden. Zelfs mensen die bij mij iets gekocht hebben, zal ik daarna nooit meer met iets lastig vallen, tenzij ze zelf weer een volgende bestelling doen. Ik bewaar hun gegevens alleen maar omdat dat van de fiscus gedurende zeven jaren moet. Dat is een wettelijk voorschrift, waar ik niet omheen kan. Na zeven jaar worden ze sowieso vernietigd. Op deze website staan weliswaar veel persoonsgegevens, maar bijvoorbeeld bij de kwartierstaat gaat het om duizenden gegevens van reeds overleden mensen, en dan mag het. Overledenen hebben namelijk geen privacy meer. Voor zover er nog mensen in leven zijn ze verder op geen enkele manier ergens te identificeren of met de door mij vermelde gegevens te vinden.  Bij de enkelingen die wel met naam en toenaam genoemd worden, en dan ook nog zonder enig contactgegeven, gaat het uitsluitend om heel slechte mensen. Ik vind dat ik anderen tegen ze moet waarschuwen, en vooral kinderen moet beschermen. Als ze daar bezwaar tegen hebben, daag ik ze juist uit om er werk van te maken. Dan komt er juist meer publiciteit van en dat is alleen maar beter voor iedereen.

Gisteren heb ik toch maar weer een keer enkele wandelingetjes gemaakt. Het rare gevoel aan de rechterknie is nog altijd niet helemaal over, maar ik moet toch verder, en pijn doet het ook niet echt. Eerst even naar het station, dat weer eens een grondige renovatie aan het ondergaan is met een nieuwe onderdoorgang voor fietsers en wandelaars. Ik zie niet dat het erg opschiet, maar het ‘aangetaste’ gebied lijkt wel steeds groter te worden. Ik mag een volgende keer wel enkele minuten meer uittrekken om bij een vertrekkende trein te kunnen komen. Daarna nog even een nieuwbouwwijkje bezocht, waar ik duidelijk wat meer vooruitgang zag ten opzichte van de laatste keer.  Vervolgens langs de slager, om weer een voorraadje vlees in te slaan, zodat ik daarmee zeker vijftien maaltijden verder kan, afgezien dus van de kant-en-klare maaltijden die sowieso bij me in de vriezer liggen. Dan nog naar de Jumbo om nog ingevroren vissen te kopen en tenslotte nog naar de notenboer voor een volgende lading pistachenoten, waar ik nu ook wel veertien dagen mee vooruit kan. Bij thuiskomst een verzoek van de buuf om voor haar nog een brief te posten. Met veel excuses omdat ze te lang had zitten kletsen en zo de tijd vergat. Die excuses waren natuurlijk nergens nodig voor, want als ik thuis ben wil ik altijd wel even een brief voor iemand naar de brievenbus brengen. En dat heb ik dus maar meteen even gedaan, zodat hij morgen nog bezorgd kan worden.

Zondag 20 mei 2018, Eerste Pinksterdag.

Inderdaad is mijn voorspelling helemaal uitgekomen: noch van de verhuurder noch van de gemeente is de afgelopen week een bericht gekomen, dat beiden hadden beloofd. De oorzaak daarvan ligt zonneklaar in beide gevallen bij de eigenaar van onze woningen. Die kennen we al vanaf de eerste dag van kennismaking in mei 2015 als iemand die alle beslissingen voor zich uitschuift, vooral de beslissingen waar voor hem wel eens een prijskaartje aan zou kunnen hangen. In beide gevallen moet hij handelend optreden en dat doet hij dan niet. Ik heb het zelf helemaal gehad met deze eigenaar, van mij mag de beuk erin. Ik ga zelf dinsdag naar de gemeente, om na te vragen waar onze WOZ-beschikkingen blijven die we al in februari hadden moeten ontvangen. De gemeente zal zich toch wel aan de Wet moeten houden zou je zeggen. Iemand anders van onze club, die er nog wel zin in heeft, mag dan achter de beheerder/eigenaar aan.

Gisteren liep ik bijna achteloos de Jumbo in, via de kassa’s. Ik had ook geen mandje of karretje genomen, omdat ik ook geen boodschappen nodig had. De enige reden dat ik dat zo deed was om even naar het schap van de diverse meelsoorten van de Kropswolder Molen te lopen, om te bezien of ze al het schap hadden bijgevuld. Dat schap stond er al een dag of tien steeds leger te worden. Vrijdagmiddag laat was ik er nog geweest en toen was het nog niet bijgevuld. Dus mijn verwachtingen voor de zaterdagmorgen waren niet hoog gespannen. Maar warempel. Het schap was aangevuld. Van mijn favoriete meelsoort stonden er weer drie tweekilopakken. Omdat het zo vaak leegstaat nam ik er meteen maar twee onder de armen mee, dan heb ik weer een voorraad voor enkele maanden om mijn eigen favoriete brood te bakken.  Effect is natuurlijk wel dat dit schap binnen de kortste keren na aanvulling meteen weer leeg staat, als een volgende klant ook zo’n pak wil.

Ik heb me al veel vaker verbaasd over het beleid van deze Jumbo. Ik heb al een heel rijtje artikelen gehad, waarvan het schap ook vrijwel permanent leeg stond waarna het betreffende artikel uit de roulatie werd genomen wegens te geringe omzet. Ik sla natuurlijk niet alle voorbeelden waterdicht in mijn hoofd op, maar ik weet er spontaan wel enkele te noemen. Eerst waren er de zogenaamde oranjesnippers. Dat zijn stukjes gekonfijte sinaasappelschil, die in sommig gebak, bijvoorbeeld oliebollen, moeten. Wordt het hele jaar door verkocht, maar vooral in de tweede helft van december. Het schap was permanent leeg, volgens mij omdat er veel vraag naar was, maar dat had wel tot effect dat er weinig van verkocht werd. Dat is dus de reden, dat heb ik wel eens een manager tot mijn verbazing horen vertellen,  dat het artikel uit het assortiment is opgenomen: omdat er te weinig vraag naar was. Vervolgens komen de kleine potjes mosselen me voor de geest. In periodes at ik elke dag zo’n potje en ik had dus ook altijd een voorraadje van die potjes in huis. Juist ook omdat ik regelmatig een leeg schap aantrof. Met voortdurend lege schappen die niet worden aangevuld  was opnieuw het motto dat er te weinig omzet was en het product dus uit de roulatie moest worden gehaald. Daarna kwamen de biologische sinaasappels. Voor netten met gewone handsinaasappels staan er permanent een hele rij kisten vol voor de klanten ter beschikking. Van deze sinaasappels krijg ik echter ernstige buikloop, vanwege de toegepaste conserverings- en bestrijdingsmiddelen, die ook in de sinaasappel zelf doordringen. Dus nam ik mijn toevlucht tot biologische sinaasappels. Daar zit ook veel chemische viespeukerij op en in, maar minder dan op de gewone sinaasappels. Daar heb ik dus minder last van. Probleem is alleen dat hiervoor in de winkel maar één kistje beschikbaar is, dat dus ook weer vrijwel permanent leeg staat. Als er dan weer een klein voorraadje ligt dan neem ik maar voor alle zekerheid enkele netten tegelijk mee, met als gevolg dat het opnieuw snel leeg is. Ook hier zal wel de conclusie van deze Jumbo zijn  dat er te weinig omzet van is, met maar één kistje per week en dat het daarom uit het assortiment wordt genomen. Dat is nog niet zover, maar dat gaat vast nog wel gebeuren. En hetzelfde verschijnsel doet zich nu dus ook bij een aantal meelsoorten voor, die dan hoogstwaarschijnlijk ook wel binnenkort van de sterkte zullen worden afgevoerd. Als een schap permanent leeg staat moet het juist veel vaker worden aangevuld, of meer vakken daarvoor ter beschikking komen.

Maandag 21 mei 2018, Tweede Pinksterdag.

We hebben een rustig etmaal achter der rug. En hoewel ik al dagen niet veel wandel, val ik dankzij mijn eetpatroon toch af. Nog even en ik ben weer op mijn laagst mogelijke streefgewicht. Laag genoeg om weer mijn zomergoed te kunnen aantrekken, want dat kan niet bij een te zwaar gewicht. Dat kan elke badgast je vertellen. Dat komt natuurlijk mooi uit, omdat we een periode met warm weer tegemoet gaan, lijkt het wel. Ik zie me overigens nog niet naar het zwembad gaan, en ook niet naar een strand, aan een meertje of aan de zee. Ik zou ook niet weten waarom ik dat zou doen. Je kunt er toch alleen maar verbranden en ik ben ook al niet uit op een nieuwe relatie, noch afgezien van het feit dat ik daar ook helemaal niet naar op zoek ben.

Vanavond moet de container weer naar buiten en voor het eerst in zeker een jaar is hij op de dag zelf nog niet helemaal vol, al scheelt het ook weer niet veel. Ik moet nog bedenken wat er nog meer weg moet of kan. Dat is dus alvast een waarschuwing voor de volgende keer: over veertien dagen kan het wel eens helemaal voorbij zijn, dat ik elke twee weken een grote container laat afvoeren.

Het ziet ernaar uit dat de maand juni een drukbezette maand zal gaan worden. Zeker drie weekends lijk ik nu weg te zijn. Gisteren stelde ik vast dat de NS en Prorail hebben bedacht om vanaf 30 juni tot half juli Zwolle per trein geheel onbereikbaar te maken. En ik heb twee reizen in die periode dat ik er heen en weer langs zal moeten. De keus is dan ofwel een door NS georganiseerde reis per luxe touringcar van Meppel naar ’t Harde. Luxe touringcars hebben echter het bezwaar dat de beenruimte op elke stoel voor mij te krap is, omdat men zoveel mogelijk zitplaatsen wil creëren en ik dus op geen enkele plaats met gestrekt been kan zitten. De andere keus is dan een reis per lijnbus, waarin juist zoveel mogelijk staanplaatsen zijn gemaakt, hetgeen voor mij een heel stuk comfortabeler is, omdat ik er gewoon op de meeste plaatsen in kan zitten, maar die reis duurt dan weer een eeuwigheid, omdat die bussen ‘overal’ omrijden en moeten stoppen. Trek maar rustig ruim vier uur uit per enkele reis, zonder de wachttijden aan het begin- en eindpunt meegerekend. Ik moet nog gaan bedenken hoe ik dat zal gaan oplossen.

Dinsdag 22 mei 2018.

Opnieuw een rustige dag gehad. Behalve dan dat ik weer enkele plannen heb gemaakt en gepoogd te realiseren voor de toekomst. Ik ga weer een aantal dagen weg!

Dat voornemen is ook een goede aanleiding om een keer uit te leggen hoe ik deze blog dagelijks opbouw. Ik kijk in deze blog vrijwel uitsluitend terug, zelden vooruit en dat laatste al helemaal niet concreet op dag of uur. Dat heeft uiteraard zijn redenen. Op zich heb ik niets te verbergen. Gelukkig niet. Ik heb geen dubbele bodem en iedereen mag dus alles van me weten. Tegelijk heb ik helaas, of juist gelukkig maar, want nu ben ik gewaarschuwd, in mijn leven teveel mensen ontmoet die er niet zulke normen op na houden en die er juist op uit zijn om anderen en dus ook mij juist zoveel mogelijk schade toe te brengen. Dus daarom ben ik supervoorzichtig om iets tevoren aan te kondigen. Dan kan het gewetenloze deel van onze samenleving en van mijn lezers, daar meteen handig misbruik van gaan maken. Dat gun ik ze uiteraard niet. Tegelijk verbeeld ik me dat ik bewust behoorlijk onvoorspelbaar ben. Dus aan gedragingen van mij uit mijn verleden kun je maar heel moeilijk of zelfs helemaal niet iets opmaken over mijn gedrag voor de komende week. Dat gedrag van mij verklaart ook zo mooi waarom Carin, als ze zeker wilde zijn of ik niet toevallig bij haar in de buurt was, als zij weer eens met haar criminele vrienden en vriendinnen omging, altijd voor alle zekerheid mij belde om te checken waar ik precies was. Als ik zelf niet precies weet waar ik morgen zal zijn, hoeveel moeilijker is het dan niet voor een buitenstaander om dat te raden?  Door de documentaires over ‘true crime’ die ik heb gezien, heb ik al veel voorbeelden gezien van mannen, maar soms ook vrouwen, die hun levenspartner volledig willen controleren. Ik moet er niet aan denken. Als ik nog ooit een relatie zal beginnen ben ik inmiddels totaal allergisch geworden voor mensen aan wie ik verantwoording moet gaan afleggen over van alles en nog wat. Het eerste signaal daarvan betekent voor mij onherroepelijk meteen het einde van de pret. Maar ook met meldingen achteraf ben ik nog voorzichtig. Dit keer niet om mezelf te beschermen, maar veel meer om ook anderen in bescherming te nemen tegen het gespuis dat nu eenmaal tussen andere mensen rondloopt. Vandaar mijn cryptische of geheel afwezige berichten over wat ik van plan ben. En mijn minder cryptische, maar soms toch ook nog niet geheel duidelijk informatie over wat ik gedaan heb. Voor het gespuis zelf maak ik een uitzondering. Dit gedrag moet naar mijn mening juist zoveel mogelijk worden verteld, zodat anderen gewaarschuwd zijn.

Na een Chinese trein die onlangs aankwam in Antwerpen, nu opnieuw een Chinese trein, maar deze keer aankomend in Hamburg. Binnenkort zal toch ook eens Rotterdam aan de beurt zijn, neem ik toch aan.

Woensdag 23 mei 2018.

Opnieuw een dagje uithuizig. Het afgelopen etmaal niets spectaculairs beleefd, behalve dan dat ik mijn toekomstige afwezigheidsplannen heb afgemaakt. Zowel in termen van transport als van accommodatie. Daarover dus later meer, maar dat kan nog even duren.

Donderdag 24 mei 2018.

Het was gisteren een uitzonderlijk hectische dag. Vroeg op. Dan naar Aalten en de hele dag in Aalten, te beginnen met het overleg van ons bestuur met onze Commissarissen en daarna het onderlinge overleg. Door verblijf van onze voorzitter in het buitenland mocht ik vandaag de dagvoorzitter zijn. Het was een nuttige dag waarin we weer goede afspraken hebben gemaakt.  Al bij het teruggaan zag ik dat ik een e-mail had gekregen van de Harense ambtenaar met het uitsluitsel over de 28 verdwenen tuinen. Alle bewoners krijgen vandaag de WOZ-beschikking in de bus, gedateerd op eind februari 2018 met de mededeling dat we/ze zes weken beroepstermijn hebben. Die gaat dus in ons geval tellen vanaf datum verzending, ofwel gisteren. Vervolgens een heel verhaal hoe een WOZ-waardebepaling tot stand komt, o.a. vergelijking met huizen in de buurt en de verschillende voorzieningen. Alsof ze afstand wilde nemen, hetgeen ze hiermee ook deed volgens mij, van haar eerdere telefonische mededeling dat het verschil tussen boven- en benedenwoningen 5.000 euro was. Bang voor koude voeten blijkbaar. Wat ligt er meer voor de hand dan dat je de boven- met de benedenwoningen vergelijkt? Hoe dichtbij wilde je het hebben? Dan de mededeling dat de door mij verstrekte informatie niet van de eigenaar afkomstig was, maar dat als mijn mededeling klopt dat we hier helemaal geen eigen tuinen hebben,  dat de waarde dan eventueel zal worden aangepast. Zoals gebruikelijk weten we het nu nog niet. Gaat de gemeente nu achter de eigenaar aan, met verzoek om een verbeterde opgaaf of moeten de bewoners die het betreft (28 dus) nu een bezwaarschrift indienen? Moeten ze dat dan allemaal doen, of is eentje voldoende en volgt de rest dan ambtshalve? Daar moeten we dus weer achteraan. Niets gaat vanzelf in deze wereld. Je moet alles eindeloos blijven regelen en iedereen steeds weer achter de broek blijven zitten. Anders krijg je niets voor elkaar. Bij een poging vanmorgen om de betreffende ambtenaar te bereiken, bleek deze als gevolg van een personeelsbijeenkomst onbereikbaar. Natuurlijk. Vanzelfsprekend.

Gisteravond dan eerst de auto weer weggebracht, vervolgens uit eten geweest. Bij thuiskomst kreeg ik bericht van een medebestuurslid van de bc dat er bericht was van de eigenaar van onze woningen. Het bericht was per e-mail naar drie (voormalige) bestuursleden gegaan, maar bijvoorbeeld niet naar mij en niet naar een ander officieel en actief bestuurslid. Het bericht staat weer bol van de opvattingen van eigenaar Lubbers zoals hij het overleg met de huurders ziet, met – zoals gebruikelijk – volledig voorbijgaan van de Overlegwet. Er zijn twee overlegdata voorgesteld, met hemzelf, maar wel met de bijzin ‘indien niet verhinderd’ en twee anderen. Maar opnieuw zonder de door ons vele malen gevraagde machtiging. Zo zie ik al gebeuren dat de verhuurder op de afspraak afwezig is, hetgeen hij ook al min of meer had aangekondigd, maar dat ook degenen die wel met ons zouden moeten overleggen daartoe niet gemachtigd zijn, zodat de verhuurder zich aan de daar gemaakte afspraken altijd kan onttrekken. Dan keren we bij binnenkomst meteen weer om en dan heeft tenminste één bestuurslid geheel nodeloos een vrije dag opgenomen. Kortom: deze kwestie krijgt nog een staartje of mogelijk zelfs een staart.

Vanmorgen bleek overigens dat de verhuurder het jaarbedrag waartoe de rechter hem over de afgelopen twee jaar had veroordeeld opnieuw heeft overgemaakt. Hij is blijkbaar tot de conclusie gekomen, dat hij onder betaling daarvan, welk bedrag de rechter vorig jaar vaststelde,  in elk geval niet zal uitkomen.

Vrijdag 25 mei 2018.

Binnenkort bezoek van de gemeentelijke taxatie-ambtenaar! Die wil blijkbaar met eigen ogen zien hoe de toestand er hier nu uitziet. Verder veel onderling overleg gehad. Onder ander over de vraag of het komende voorgestelde overleg moet doorgaan en zo ja hoe dan.

Zondag 27 mei 2018.

Gisteren schoot de blog er een keer bij in. Omdat het een erg warme dag zou worden en ik naar het winkelcentrum van Oosterhaar wilde, wilde ik al in de morgen die wandeling gaan maken. Eenmaal terug was het lunchtijd en daarna volgde dan het middagritueel. En de laatste spannende etappe van de Giro d’Italia. Pas liggend in bed realiseerde ik me dat de blog niet bijgewerkt was. Er zijn natuurlijk ergere dingen.

Door mijn gebitsrenovatie realiseerde ik me ineens dat ik voor het eerst in decennia mogelijk recht heb op aftrek van ziektekosten. Dat heb ik even nagekeken en dat zou echt wel eens het geval kunnen zijn. Morgen nog even bij mijn tandarts checken of ik inderdaad alle tandartskosten, voor zover niet vallend onder het eigen risico en de drempel, volledig aftrekbaar zijn. Als zij dat ook bevestigt, dan is het zeker te overwegen om nog iets meer te laten doen, temeer omdat ik ook al een uitzonderlijk jaar heb voor mijn orthopedisch schoeisel.

Het overzicht van wat wel en niet aftrekbaar is wegens ziektekosten heb ik voor het eerst in ook alweer decennia, weer eens nagekeken. Er is in die tijd echt ontzettend veel veranderd, zag ik. Er is vooral heel veel geschrapt. Tot mijn vreugde zag ik wel dat nog altijd aftrekbaar is: de meerkosten van vervoer van een gehandicapte, ten opzichte van een niet-gehandicapt persoon, in dezelfde inkomensomstandigheden.  Dat was de strijd die ik over mijn aangifte 1971 (!) had gevoerd. Voor details zie aldaar op deze website. Toen weigerde de inspecteur de door mij opgevoerde aftrek van de kosten van een Ford Taunus, terwijl volgens CBS-gegevens iemand met mijn inkomen toen, in een Eend of in een Volkswagen Kever reed. Na heel veel kosten en langdurig onderzoek heb ik daarna de uitspraak van de Hoge Raad gevonden, waarbij in een soortgelijk geval dit was uitgesproken. Vervolgens kende de inspecteur mijn aftrekpost helemaal toe. Ook voor 2018 geldt nog steeds, net als wat ik over 1971 zelf bedacht had, dat je dat moet kunnen aantonen met behulp van CBS-gegevens. Wat aardig nou. Mijn geest waart na 46 jaar, ondanks alle veranderingen op het punt van ziektekosten sindsdien, nog altijd rond bij de Belastingdienst. Jammer alleen dat ik er zelf geen gebruik meer van kan maken. Ik heb geen auto namelijk. En als ik al een auto zou aanschaffen, ga ik zeker geen grotere aanschaffen dan ik echt denk nodig te hebben. Wellicht kan ik deze aftrekmogelijkheid voor mij nog op een andere manier gebruiken. Er borrelen wel een paar ideeën bij me op. Wordt wellicht nog vervolgd dus.

De Chinezen hebben alweer een glazen brug in gebruik genomen. Wat een merkwaardige hobby toch. Mij krijg je voor geen prijs en met geen stok op zo’n brug.

Maandag 28 mei 2018.

Straks mijn voorlopig laatste bezoek aan de tandarts en worden er twee kronen geplaatst. Vanmorgen nog even paniek in de buurt door een gevallen buurvrouw die niet meer overeind kon komen. Dankzij de politie – ja, inderdaad, goed dat er politie is – is mevrouw weer overeind kunnen komen. Ook weer gered. Voorlopig heb ik een relatief rustige periode. Toch heb ik het gevoel dat het de stilte is voor de storm.

Dinsdag 29 mei 2018.

Gisteren liep ik weer eens tegen een ouderwetse overheidsbureaucratie op. Van het beroemde kastje naar de nog beroemdere muur en weer terug en na afloop van alle acties was ik helemaal niets wijzer geworden. Ik wilde weten welke tandartskosten wel of niet aftrekbaar zijn voor de inkomstenbelasting. Op de website van de belastingdienst is die informatie niet te vinden. Sterker nog: daar staat foute informatie op. Daar staat namelijk op dat tandartskosten die overblijven na betaling van het volledige eigen risico en na overschrijding van de voor jou geldende drempel, aftrekbaar zijn. Dat lijkt me heel erg fout of op zijn minst incompleet. Ik weet het ook wel zeker. Ik kan me niet voorstellen dat als iemand een gebit met gouden tanden wil, ingelegd met diamanten, dat dat allemaal aftrekbaar is. Die informatie is niet te vinden op de site van de belastingdienst. Het voorbeeld van de gouden tanden met diamanten kon ik ook bij googelen niet terugvinden, maar wel vond ik op een website van een tandarts een ander voorbeeld: over facings: die zijn niet aftrekbaar. Maar ik wilde uiteraard even precies weten wat nu wel en wat nu niet aan tandartskosten aftrekbaar is. Ik wil niet straks in een valkuil lopen, als ik net het verkeerde heb laten aanbrengen. Ik weet niet eens precies wat een facing is, maar ik veronderstel dat mijn tandarts dat wel zal weten. Ik wil dus in principe geen facing, als mijn tandarts die wil aanbrengen, tenzij ik tevoren weet wat het kost en als ik niet weet wat ik daarvan helemaal zelf moet betalen. Dus bel ik met de belastingtelefoon. Ik wist natuurlijk wel dat ik langs deze weg geen antwoord zal krijgen, maar niet geschoten is altijd mis. Het werd landurig wachten. Eerst op sowieso een contact na talloze nummers intoetsen.  Toen ik eenmaal contact had kon de medewerkster uiteraard het antwoord niet geven. Ze had wel de klok horen luiden, want ze vertelde eerst spontaan dat cosmetische aanpassingen van het gebit, zoals facings niet aftrekbaar zijn. Dat was een goed begin, want dat is op de site van de belastingdienst niet te vinden, maar ik wilde wel een wat completer overzicht hebben. Ik ben geen tandarts en ik weet dus het verschil niet tussen facings, focings, ficings en fucings en nog minder weet ik welke behandelingen van deze vier cosmetisch zijn en welke niet. Laat staan als je nog een volgende reeks tandheelkundige termen over me heen strooit. Dan kom ik er helemaal niet meer uit. De medewerkster had ruggespraak nodig. Begrijpelijk en logisch. Na verloop van tijd kwam ze terug aan de telefoon met de mededeling dat ze een link naar mijn berichtenbox van ‘mijnoverheid’ zou sturen met de gevraagde informatie. Vanmorgen open ik dus vol spanning mijn berichtenbox van ‘mijnoverheid’ om de toegestuurde link te gaan bestuderen. Inderdaad stond er sinds gisteren een link van de Belastingdienst in. Maar bij het openen daarvan kwam ik op de gewone en voor iedereen toegankelijke website van de belastingdienst terecht, waar inderdaad geen enkele informatie te vinden is over welke tandartskosten nu wel en welke nu niet aftrekbaar zijn en was ik dus weer precies op de plaats waar ik beginnen was: bij nul.  Vandaag dus de volgende poging. Bij de toegezonden vragenlijst over mijn tevredenheid over mijn zoektocht bij de belastingdienst heb ik een keer of twintig de laagste kwalificatie gegeven. Wat moest ik anders? Zou het helpen? Ik denk het niet.

Woensdag 30 mei 2018.

Gisteren op verzoek van haar hulpverlenende mijn buurvrouw geholpen met overeind komen, nadat ze was gevallen. Het lukte ons samen ook niet. De politie erbij gehaald, die twee potige dienders stuurde, die het met vereende krachten wel lukte. Zo te zien en te merken heeft ze aan het avontuur, behalve blauwe plekken, niet veel ernstigs overgehouden.

Het is steeds weer een heel gedoe om onze bewonersclub bijeen te krijgen. Toch lukte het weer voor morgenavond. Nu maar hopen dat we er goed uitkomen en goede afspraken kunnen maken.  Gisteren in de bloedhitte opnieuw naar Oosterhaar gelopen. Het voordeel daarvan is, dat ik in die hitte liters vocht verlies, terwijl het thuis, dankzij de verbeterde ventilatie behoorlijk fris blijft. Na de wandeling heb ik me uiteraard goed gelaafd aan een ruime hoeveelheid water. Uit de praktijk weet ik dat ik dan minder ga drinken dan ik aan vocht verloren  had en dat ik zo per saldo ga afvallen. En dat was vanmorgen inderdaad het geval: zes volle onsen afgevallen in een etmaal. We hebben meer warme dagen te gaan, dus ik zal dat de komende periode zeker wat vaker gaan doen. Ik moet dat uiteraard niet gaan forceren en ik drink dan net zo lang water over een langere periode, tot ik echt geen dorst meer heb. Ik beperk me zeker niet bewust.

Enkele blauwkeelbijeneters. Dit is de naam uit het Engels vertaald en misschien hebben ze wel een gewone Nederlandse naam.

Intussen ben ik ook nog bezig met het ‘afslanken’ van eerdere bijdragen. Achteraf bezien zijn sommige bijdragen niet zo toekomstvast en andere juist wel. Bovendien wil ik de illustraties in oudere stukken gaan beperken tot de plaatjes die ik zelf heb gemaakt, van plekken waar ik zelf ben geweest. De plaatjes uit andere bronnen ga ik dan verwijderen. Zoals bijvoorbeeld t.z.t. bovenstaande foto. Die hebben geen of nauwelijks historische waarde voor mijn levensverhaal, immers.

Donderdag 31 mei 2018.

Met het gewicht gaat het alweer steeds beter. Vanmorgen voor het eerst sinds tijden woog ik weer onder de 80 kilo. De komende maand ben ik relatief weinig avonden uit eten, maar dat kan bij mij altijd snel veranderen.

Intussen ben ik met het afslanken van oudere bijdragen van deze levensgeschiedenis al aardig in 2017 gevorderd. Mogelijk kan ik, als 2017 af is, ook nog enkele deelhoofdstukken gaan samenvoegen, zodat het geheel ook weer wat overzichtelijker wordt.

Het blijft maar zomeren en dat zal morgen ongetwijfeld consequenties gaan hebben met de meterstanden van elektriciteit en gas. Gisteren ook nog een nieuw lampje voor mijn werkkamer gehaald. Uit de oude fitting kreeg ik de lamp er niet meer heelhuids uit. Hetzelfde verschijnsel deed zich voor bij de plafondlamp. Het is een bekend verschijnsel dat als eenmaal een lamp (in huis of de auto) moet worden vervangen, volgende lampen snel volgen. Dat geldt blijkbaar ook voor fittingen.

Vanmorgen ontdekte ik op asharq-al-awsat een opnieuw schitterende analyse van Amir Taheri. Dit keer met niet zijn naam in de top, maar ‘Exclusive’. Het ging over de 11 eisen die de Amerikaanse Minister Pompeo aan Iran heeft gesteld. Hij bespreekt ze stuk voor stuk. Volgens Taheri zijn het allemaal eisen waaraan Iran zich al eerder conformeerde, o.a. in door Iran getekende overeenkomsten, doordat aangenomen resoluties van de Veiligheidsraad en voor het overige vrij gemakkelijk door Iran zijn in te willigen. Zowel qua inhoud als qua Engels: opnieuw een juweeltje.

Vrijdag 1 juni 2018.

Opnieuw een bijeenkomst van onze bewonerscommissie met vruchtbare resultaten. Er komen nog heel wat plannen en hun uitvoering in de komende dagen en weken.

De herziening van het jaar 2017 op deze website is nu af. Werkende weg bekroop mij toch het gevoel, dat bij een volgende revisie, over enkele maanden, er een stuk rigoureuzer moet worden geschrapt. Naarmate de tijd verder wegkruipt, worden voorvallen vaak toch minder belangrijk.

Nu de maand mei 2018 voorbij is, kunnen we vaststellen dat de dip in het aantal bezoekers die in het twaalfmaandelijkse gemiddelde na april kwam, intussen weer helemaal is weggewerkt en zelfs meer dan dat. We hebben weer een nieuw hoog bereikt in bezoekersaantallen. De dip kwam omdat april 2017 een (voor mijn doen) bijzonder hoog aantal bezoekers op de websites heeft verwerkt en mei 2017 (en ook juni 2017 trouwens) juist een relatief laag aantal. Zelfs door het kiezen van een twaalfmaandelijks gemiddelde blijven er nog stevige schommelingen voorkomen, met toch een blijvend doorgaande vermeerdering als tendens. Op de betreffende pagina op deze website vindt u meer details. Voor zover we al op 1 juni kunnen voorzien, dus met veel onzekerheid, vermoed ik toch dat ook juni weer verdere groei zal geven.

Ook traditiegetrouw heb ik op de 1e van deze maand weer naar de energiestanden gekeken. Zoals ook te verwachten was is het jaarverbruik nog weer verder gedaald. We zitten nu op een jaarverbruik (1.6.17 – 1.6.18) van 2183 kWh elektriciteit en 1352 m3 gas. Vóór de isolatie was dat ca. 2500 kWh en ca. 1800 m3. Het is ook 87 kWh en 52 m3 minder dan het jaargebruik van een maand eerder. Dat is toch wel een beetje verrassend als het om de elektra gaat. Elektriciteit is toch vooral licht en apparaten en dat zou ongeveer gelijk gelijk moeten zijn. Ik kan nog niet bedenken waarom het dit jaar toch minder is. Mei 2018 was daarentegen wel een warme maand, warmer dan mei 2017, dus een teruggang in gasgebruik was wel te verwachten.  We moeten deze maandelijkse ‘operatie’ nog enkele maanden volhouden, tenminste tot 1 november van dit jaar om het effect van de isolering goed vast te kunnen stellen.

Zaterdag 2 juni 2018.

Weer een complete dag van huis. Dus hier maar een kleine bijdrage. Intussen ben ik begonnen aan het boek ‘A Higher Loyalty’ van James Comey, de voormalige door Trump ontslagen FBI-directeur. Het boek telt 277 bladzijden en ik ben gisteren op pagina 192 aangekomen. Opmerkelijk is dat Trump tot hier nog maar één keer is genoemd en nog wel terzijde. Het gaat tot hier vooral over zijn loopbaan en de morele en ethische dilemma’s waar hij voor gestaan heeft. Van het bestrijden van de Amerikaanse maffia en de wijze waarop hij en zijn voorgangers leiding hebben gegeven aan de FBI. Ik kom natuurlijk nog tot een analyse als ik het uit heb. Dat zal al over enkele dagen zijn.

Zondag 3 juni 2018.

Gisteren vertrok ik dus al vroeg van huis, zoals ik gisteren al meldde. Deze dag was weer het jaarlijkse lunchuitje met ‘oude’ vriend, en ex-collega sedert 1967 namelijk: Hans Esveld. Het was weer de gebruikelijke plek in Rijswijk. Een verrassende ‘onthulling’ van Hans was wel dat de buslijn  van de HTM die tegenwoordig lijn 22 is, en waarmee ik vroeger naar school ging en/of naar padvinderij: eind vijftiger en begin zestiger jaren buslijn K was. Hans vertelde dat met veel overtuiging, dus ik ga ervan uit dat dat waar is. De huidige lijn 23 heette toen volgens hem buslijn L. Ik zie die bus K nog altijd voor mijn geestesoog rijden. Van die heel ouderwetse bussen, die dan elke keer de helling van de Koninginnegracht opgingen en dat met veel uitstoot en lawaai ook elke keer weer presteerden. Ze kwamen dan uit de Riouwstraat en daarvoor van het Nassauplein. Aangezien deze route niets te maken kan hebben met mijn school, die immers aan de Zonnebloemstraat en de Klaverstraat stond, moet het wel padvinderij in de Brusselselaan geweest waardoor ik deze bus gebruikte. Het clubhuis aan de Brusselselaan 15 Scheveningen,  dat er nog altijd staat en kennelijk ook nog af en toe in gebruik is, werd als splinternieuw gebouw in gebruik genomen in mei 1964. In mei 1964 was ik – als 17-jarige –  nog verkenner en als verkenner werd ik nog vervoerd door de vrijwilligers van de Stichting Vreugd voor Gebrekkige Jeugd, die bij mijn weten ook nu nog bestaat, maar nu vast een soortgelijke maar andere naam zal hebben. Tegenwoordig is er immers geen Gebrekkige Jeugd meer. Pas na het zomerkamp van 1965 werd ik assistent-leider bij die groep en moest ik dus voor eigen vervoer zorgen. In het voorjaar van 1971 kreeg ik mijn rijbewijs en meteen ook mijn eerste auto. Dus de hele periode van najaar 1965 tot voorjaar 1971 kwam ik per openbaar vervoer naar de Brusselselaan. De buslijnen van de HTM in letters (K en L, maar ook andere) moeten dus dateren tenminste vanaf najaar 1965 tot …..?

Na de lunch heb ik weer de wandeling gemaakt die ik al vaker heb gedaan. Eerst naar station Voorburg, voor een drankje en een blokje kaas, en daarna naar station Voorschoten. Onderweg naar station Voorburg kun je haast niet anders dan pal langs de graven van de familie Jacobs te lopen. Het bleek dat inmiddels alle planten op dat graf daar helemaal dood zijn. Alleen de planten er omheen woekeren net als eerst er weer flink op los. Daar is duidelijk al jaren niemand meer wezen kijken. Na Voorburg nog even langs het Eiland van ome Nick, voor hun ouderwetse gehaktbal. In Voorschoten kwam ik uiteindelijk om even over zes uur aan. Tegen half zeven was ik Leiden en om even over zeven zat ik bij een Chinees in de Steenstraat. Aspergesoep met krab. En daarna kip met cashewnoten. Dat laatste gerecht natuurlijk vooral omdat ik deze dag mijn nootjesrantsoen miste. Om half negen zat ik weer in de trein en om half twaalf was ik weer thuis. Ondanks ruim 20 kilometer lopen was ik met het sterk afwijkende eetpatroon, vanmorgen toch weer bijna een kilo aangekomen. Dat gaat er de komende dagen ongetwijfeld weer vanaf.

Maandag 4 juni 2018.

Zo zie je maar weer hoe sterk je je kunt vergissen. Volgens een website over de HTM-historie verdwenen alle buslijnen met een letteraanduiding al op 31 oktober 1955 van de Haagse wegen en werden ze omgedoopt in bussen met een cijfer als lijnnummer. Op 14 december 1954 mocht ik voor de eerste keer ‘genezen’ naar huis, terwijl ik ook in 1955 nog enkele maanden in een volgend ziekenhuis heb gelegen. Ik weet niet meer hoe ik op 14 december 1954 van Katwijk naar huis in Den Haag ben gekomen. Met openbaar vervoer? Of met een ambulance? Vermoedelijk toch met openbaar vervoer, omdat ik immers ‘genezen’ was verklaard. Mijn huis was vanaf 14 december 1954 de Stuwstraat 241 in Den Haag, maar naar school ging ik nog niet. Als de eerste schooldag van mijn leven noteer ik 9 januari 1956: de Eerste Nederlandsche Buitenschool aan de Doorniksestraat in Den Haag. Ik heb dus zeker wel enkele keren in die letterbussen gezeten (controle bij de GGD bijvoorbeeld), mogelijk reed er wel een buslijn door de straat, maar ik ben er dus nooit mee naar school geweest.

Hierboven dus de bus die ik bedoel, maar dan met de letter L, de latere lijn 23 dus. De bus die met zoveel rook en lawaai, met Kromhout dieselmotoren, de Koninginnegracht opreed was dus geen letterbus, geen bus K, maar wel een voormalige letterbus, die inmiddels bus 22 was geworden.

Verder het afgelopen etmaal een rustige dag gehad. Alles gedaan wat ik wilde doen, zonder veel bijzonderheden.

Dinsdag 5 juni 2018.

Geleidelijk neemt het leven weer zijn  normale gang en komt ook mijn gezicht weer helemaal op peil. Afgelopen vrijdag had ik op onze markt nog een gesprekje met de kraambeheerster van een grote groente- en fruitkraam. Op mijn vraag wanneer er weer verse doperwten en kapucijners te koop waren, antwoordde ze dat ze die niet verkochten. Er was volgens haar geen vraag naar. Gisteren bij mijn overspoorse groentewinkel waren zowel verse kapucijners als verse doperwten volop te koop. Hier beweerde de winkelier dat deze groenten, zodra ze er zijn, steeds weer meteen uitverkocht zijn. Precies het tegenovergestelde van wat de marktkoopvrouw zei dus. Het deed me denken aan die bloemenverkoper die, toen ik hem vroeg naar gele bloemen, meteen zei dat hij die aan de straatstenen niet kwijtraakt, dus dat die alleen met Pasen bij hem te koop waren. Honderd meter verderop stond dezelfde dag de Albert Heijn ‘vol’ met gele bloemen van allerlei soort. Twee klanten vóór mij kochten allebei gele bloemen en ik als derde klant ook. Kleine neringdoenden, en waarschijnlijk ook grotere kopen vaak in op basis van hun ‘ervaring’. Maar beter is: op basis van een jarenlang ingesleten vooroordeel. Daardoor doen zij zichzelf tekort. Als zo’n ondernemer een nieuwe medewerker gaat aantrekken, die wel gele bloemen of verse doperwten wil gaan verkopen, dan wordt hij of zij niet aangenomen, omdat de sollicitant niets snapt van de business.

Vandaag dus een bezoek aan de notaris. Het zal mij benieuwen.

Woensdag 6 juni 2018.

Vandaag is het de 74e verjaardag van D-day 1944 en geen enkele krant brengt het. Dat is vele tientallen jaren wel anders geweest. Gaan we eindelijk de Tweede Wereldoorlog tot het verleden laten behoren? In sommige opzichten is dat misschien wel wenselijk, maar zeker niet in elk opzicht. Gisteren was mijn vuilniscontainer niet geleegd. Toch stond hij ruim op tijd op de afgesproken plek, tussen tientallen andere containers.  Een telefoontje naar de milieudienst werd wel snel en klantvriendelijk opgenomen en het zou meteen aan de opzichter worden doorgegeven, maar verder heb ik niets gemerkt. Vandaag nog maar weer een keer gaan bellen. Als je eenmaal in een ambtelijke bureaucratie terecht bent gekomen, dan ben je nog niet jarig. Gisteren ook de notaris bezocht. Dit keer over mijn testament. Bijna alles wat ik wist of veronderstelde, bleek ook inderdaad zo te zijn, maar er zaten toch wel enkele kleinere verrassingen bij. Wat me vooral verheugde was dat het tarief bij deze notaris ook inderdaad het tarief is. Althans dat werd mij gemeld. Ik baal van notarissen die wel een concreet tarief tevoren beloven, maar achteraf met een veel hogere rekening komen. Dat zal me bij deze niet gebeuren, zo werd mij verzekerd, tenzij ikzelf aanvullende wensen en eisen ga stellen. Ik ben benieuwd of dat nu ook echt klopt. Te zijner tijd hoort u hier dus meer van. Op voorhand waarschuwde iedereen me dat de plaatselijke notaris heel erg dur zou zijn. Ook dat viel me enorm mee. Hij zat slechts 50 euro duurder dan ‘de goedkoopste notaris’, maar daar staat het voordeel tegenover dat dit kantoor slechts op 200 meter van mijn huis gelegen is.

Ik heb James Comey’s boek, A Higher Loyalty, uit. En na de laatste bladzijde had ik er een uitstekend gevoel bij. Het boek gaat overigens voor zeker 80 procent over zijn geschiedenis voorafgaand aan de Trumpperiode, maar daardoor krijg je wel een veel beter gevoel bij wat hij de laatste 50 pagina’s die over zijn relatie met Trump gaan, bedoelt te zeggen. Wat ik me niet heb gerealiseerd is dat hij op 9 mei 2017 van Trump zijn ontslag kreeg als Directeur van de FBI (in feite omdat Comey niet wilde beloven dat het Ruslandonderzoek zou stoppen, al was Trump daar op dat moment zelf geen onderwerp bij) en dat op 17 mei 2017, dus amper een week later, Robert Mueller III (Comeys voorganger als FBI-directeur) werd benoemd tot speciaal aanklager voor de bemoeienissen van Rusland bij de presidentsverkiezingen van 2016. Comey zelf was op het moment dat hij ontslag kreeg in Californië voor een toespraak tegen studenten over recruitment voor de FBI. Het bericht verscheen op een soort lichtkrant in de zaal, tot ieders verrassing, ook het zijne, terwijl hij aan het woord was. Pas de volgende dag kreeg hij zelf het bericht van de President. Wat een bizarre toestand.

Donderdag 7 juni 2018.

Ook het volgende telefoontje naar de milieudienst over de niet-geleegde container werd opnieuw bijzonder klantvriendelijk beantwoord, maar enige actie daarna: ho maar. Dat wordt dus maar eens de proef op de som nemen en elke dag gaan bellen. Kijken wanneer er een keer actie komt, als het iemand gaat vervelen of ergeren.

Gisteren ook de tandarts gehad voor een voorlopig laatste controle en plannen gemaakt om mijn gebit en daarmee mijn aanschijn nóg mooier te maken. Tjonge, jonge. Ga ik toch maar weer eens de draad oppakken van volgende misterverkiezingen, waar ik des te kansrijker zal zijn aangezien de badpakronde blijkbaar voortaan niet meer hoeft.  Dat geldt in elk geval voor de miss worldverkiezingen en inmiddels ook voor de miss Nederland verkiezing. Het is nog niet in het nieuws geweest, maar ik ga er toch van uit dat, met het gelijke kansen beleid van tegenwoordig, dat dat voortaan ook gaat gelden voor de misterverkiezingen, dus ook voor mister Nederland: geen badpakronde meer.  Ik heb ook nog geheel eigen ideeën over de wereldvrede en over arme landen, dus ik kom er dan wel. Ik ga dus nog een geheel nieuwe carrière tegemoet.

Vervolgens zaken voor de bewonerscommissie in orde gemaakt en een brood gebakken. Ik ben van alle markten thuis, dat merkt u wel. Tenslotte nog een stapel oud papier versnipperd. In kastjes en lades waarvan ik dacht dat daar alleen stapels oude landkaarten en plattegronden moesten liggen, bleken toch ook nog enkele stapels oude papieren te liggen. Zeker een halve meter. Ze komen vooral uit de negentiger jaren. Dus er is ook nog een kans dat dit nog aanvullingen gaat geven voor mijn levensoverzicht. Ook mijn kaartenverzameling gaat nu op de schop. Ik bewaar in elk geval nog wel alle oude topografische kaarten, uit binnen- en buitenland. Daar staat precies op hoe het was, dus dat kan voor historisch onderzoek nog wel van belang zijn. Je kunt er overigens ook nog wel op lopen. Kerktorens, spoorlijnen en oudere oude gebouwen en bouwwerken veranderen niet zo vaak van plaats en blijven doorgaans juist eeuwen onveranderd staan.  Het was juist steeds een hobby van me om op heel oude stafkaarten te wandelen, waarbij je in je omgeving doorgaans wel kon zien dat straten, wegen en bouwwerken van een datum moesten zijn, van na het uitkomen van de kaart. De toeristische kaarten, uitzonderingen daargelaten, gooi ik dan allemaal weg. Ook dat ruimt weer enorm op.

Vrijdag 8 juni 2018.

Zo langzamerhand kom ik door mijn huiswerk heen. Het wordt nu wachten, op hetzij een reactie van de geadresseerde, als het om een brief of e-mail ging, of tot de volgende vergadering. Elke keer dat hetzij de bewonerscommissie of het platform heeft vergaderd, blijft er wel het nodige huiswerk voor me achter. Dat vind ik niet alleen geen probleem, ik ben blij dat ik mij nog altijd nuttig kan maken voor de medemens. Dan doe ik ook nog mee met de verkiezingen van mijn pensioenfonds. Daar bleken deze keer niet minder dan vijf kandidaten voor te zijn voor twee plekken. Twee kandidaten zijn al zittende bestuursleden, die voor een verlenging van hun mandaat gaan, dus de kans dat dit nog wat wordt lijkt me uitzonderlijk klein. Eind volgende week zouden we dit ook moeten kunnen afsluiten. Je kunt niet tevoren weten hoeveel kandidaten er zullen zijn. Voor hetzelfde geld waren er twee kandidaten voor twee plaatsen geweest en dan ben je bijna automatisch benoemd.  Dat geeft alleen maar weer extra ruimte voor nieuwe zaken, wat mij betreft. Over een goede week gaan we die dan verder invullen.

De kwestie van de niet-geleegde container is nog altijd niet opgelost. Gisteren voor het eerst een vrij boze reactie gegeven. Wellicht nemen ze die wat serieuzer.

Zaterdag 9 juni 2018.

Gistermiddag laat dan eindelijk contact op hun initiatief met de milieudienst van de gemeente Groningen. Dat werd dan het vierde gesprek over dezelfde supersimpele kwestie. Binnen een minuut moest ik helaas vaststellen dat er toch weer een nieuw misverstand kwam. De dame had de oplossing: ik kon de container komende dinsdagmorgen gewoon langs de weg zetten, want dan wordt hij alsnog geleegd. Dat leek me erg sterk. Komende dinsdag is bij mijn weten de dag voor de groene containers en dan komt er nooit een vuilniswagen bij ons langs. Geen enkele bewoner van ons buurtje heeft een groene container en die worden dan ook nooit geleegd. Dus komt er dan speciaal voor mij een vrachtauto mijn grijze container legen, terwijl het dan de dag voor de groene containers is? De dame: maar het gaat toch bij u om een niet-geleegde groene container? Nee mevrouw, het gaat bij mij om een niet-geleegde grijzecontainer. De dame: maar ik heb hier bericht dat u een klacht heeft over een niet-geleegde groene container. Nee mevrouw. Dat heb ik nooit gezegd en bovendien heb ik en heeft niemand in deze buurt een groene container. Dus daar kan het ook nooit over gegaan zijn. Dame: dan heb ik dus ook nog de oplossing niet. Ze had duidelijk de smoor in dat ze intern slecht was geïnformeerd. Dus peperde ik haar nogmaals even in dat het toch echt ging over de grijze container. Ja, dat had ze inmiddels echt wel begrepen. Maandag neemt ze dan weer contact met me op. Dat wordt dan het vijfde gesprek. Als je eenmaal in de bureaucratische gemeentemolen terecht bent gekomen, dan ben je nog niet jarig. Ik zie al aankomen dat hij pas op de volgende reguliere dag wordt geleegd: dinsdag nog een week later. Dan ga ik er wel bij staan met een fototoestel in de hand. Want nu wil ik natuurlijk bewijs hebben, als hij opnieuw niet geleegd wordt. Dat zal ik maandag dan alvast wel aankondigen, of ze dat nu leuk vinden of niet.

Aan de andere kant kreeg ik gisteren van onze eigen gemeente wel het bericht, over de WOZ-waarden en de verdwenen tuinen, met precies de inhoud die we ook hadden afgesproken. Behalve dan dat we uiterlijk 1 september aanstaande uitsluitsel over deze – eveneens erg ingewikkelde – kwestie krijgen. Het duurt even want er moet namelijk onderzoek worden verricht, aldus de brief. Natuurlijk, daar heb ik begrip voor. Het kost slechts vijf minuten lopen over het terrein om vast stellen dat al het groen gemeenschappelijk is, maar ambtenaren hebben het uiteraard ontzettend druk, dat is bekend. Het viel me nog mee dat de komende vakantieperiode niet als argument hiervoor was aangehaald. Ik heb de brief even gescand en aan de andere leden van onze commissie ter informatie toegestuurd. Nu maar weer afwachten tot uiterlijk 1 september.

Verder heb ik alle kwesties voor al mijn activiteiten nu afgedaan. Dus vanaf vandaag heb ik een schone lei. Die kan ik mooi gaan gebruiken voor het verder opschonen van de onlangs ontdekte stapel oude papieren en mijn kaartenverzameling. Dat heeft geen enkele haast, maar ik wil er toch maar liever vanaf zijn. De komende week zie ik alweer allerlei nieuwe taken en afspraken opdoemen. Voorlopig verveel ik me nog altijd niet.

Zondag 10 juni 2018.

Turbulente internationale ontwikkelingen, het afgelopen etmaal. Met Trump die weigert de slotverklaring van de G7 te onderschrijven en intussen de Canadese premier Trudeau beledigt. Het is allemaal natuurlijk geen hoogstaande diplomatie, maar voorlopig zie ik nog geen dramatische consequenties, al kunnen die er zomaar onverwacht komen. Dezelfde Trump is onderweg naar Singapore, voor de historische ontmoeting met de Noord-Koreaanse leider Kim-Jong-Un.  Binnen een minuut weet hij of deze top nog wat kan worden. Tja. Heel veel weet ik nog altijd niet van Trump, maar zijn selecterende kwaliteiten, onder meer gegeven zijn record aantal ontslagen en nieuwe benoemingen, direct om zich heen, kan niemand heel erg hoog inschatten, zelfs hijzelf niet.

Nadat ik op een punt was aangekomen, gisteren, waarin ik al mijn verplichtingen tot nagenoeg nul had teruggebracht heb ik de zaterdag grotendeels in ledigheid doorgebracht. Dat kan ik ook heel goed: urenlang helemaal niets doen. Dat zal heel zeker ook veel, zo niet alles, met mijn jonge jaren te maken hebben, waarin ik zelfs jarenlang elke dag absoluut niets mocht doen. De standaardbehandeling voor TBC was toen immers rust en frisse lucht, hetgeen in Katwijk aan Zee wel heel erg letterlijk werd genomen. U zie daarvoor het verslag over mijn jonge jaren op deze website. Wellicht dat ik vandaag wat actiever kan worden. Hoewel het WK Voetbal voor de deur staat, kijk ik daar totaal niet naar uit. Niemand zal mij de komende weken urenlang voor de beeldbuis zien zitten. Wellicht dat ik nog een stukje van de finale ga zien, maar ook dat is bepaald niet zeker. Ik heb gewoon niets met voetballen. De Tour de France begint dan pas weer begin juli.

Maandag 11 juni 2018.

En zo gebeurde het nog om kwart over acht vanmorgen. De gemeente Groningen/milieudienst aan de lijn met het bericht dat vanmiddag alsnog mijn container wordt geleegd. Dat is dan zes dagen na de afspraken maar vooruit, ik ben al blij dat het gebeurt. En nu nog even checken of dat inderdaad gebeurt en vanmiddag gebeurd is. Dan zijn allerlei boze gedachten weer verleden tijd en gaan we weer over tot de orde van de dag. Vanmorgen viel me opnieuw op dat ik al een aantal keren langer wacht met het doen van de was dan ik jaren gedaan heb. De norm was altijd en is nog steeds, dat ik zoveel was wil hebben dat ik die nog precies op het droogrek kwijt kan. Al enkele keren kostte dat veel moeite, waaruit bleek dat ik eigenlijk iets te lang had gewacht. Voordeel is natuurlijk nu wel dat ik minder stroom verbruik. Dat is geen bewuste keuze, maar een onbedoeld effect. Ik heb in elk geval ook nog niets gestookt deze maand, dus dat zal per 1 juli, als ik weer een tussenstand opmeet, te merken moeten zijn.

Af en toe, als ik weer helemaal terug ben op mijn streefgewicht, mag ik van mezelf een keer uit de band springen. Gisteren was dat weer het geval en het werd een kaasfondue. Bepaald geen slank gerecht, maar in elk geval een gerecht zonder viespeukerij. Het beviel uitstekend en ik was vanmorgen maar enkele onsen aangekomen. Dat gaat er vandaag wel weer af.

Gisteren ontdekte ik een nieuw ijsmerk, ‘zonder meuk’. Hertog-ijs is naar mijn mening je reinste smerigheid. Ik had wel eens verteld dat bijvoorbeeld in advocaatijs van Hertog geen gram of druppel advocaat zit. En uiteraard wel diverse soorten vergif. Daarna kwam de ontdekking van Dickninghe-ijs afkomstig uit Rogat, in Drenthe bij Meppel. Dat was alweer iets beter, met in hun advocaat-ijs wel 5% advocaat. Als je op internet een recept voor zelfgemaakte advocaatijs zoekt, zul je merken dat dan in recepten 30 tot 40 % advocaat wordt voorgeschreven. Kijk, dan heb je advocaat-ijs. Het pistache-ijs van Albert Heijn, waarvan je zelfs twee soorten hebt, bevat ook geen of nauwelijks pistachenoten. Maar Dickninghe is in elk geval een pietsie beter dan het waardeloze merk Hertog en het even waardeloze huiswerk van Albert Heijn, als het om consumptie-ijs gaat. Allemaal op smaak gebracht door een batterij hulpstoffen en chemische toevoegingen, en op volume gebracht met vulmiddelen. Gisteren ontdekte ik het ijsmerk Sonneclaer, gemaakt in de buurt van Hoogeveen en alweer in Drenthe. Zonder meuk in elk geval, naar men zegt. Het is ook te koop in Musselkanaal in Groningen, waar ze ook vlees en vis ‘zonder meuk’ verkopen. Als ik woensdag toch in die streken rondtoer dan ga ik er maar eens langs. Eerst dan langs Hoogeveen en daarna via Musselkanaal. Probleem is dan natuurlijk wel dat ik eventueel gekocht ijs zeker een uur goed moet houden, voordat ik het thuis in de vriezer kan leggen. En dan heb ik natuurlijk net mijn beide kleine koelkastjes weggegooid. Dat worden dus enkele dekens, die ik gelukkig nog wel heb bewaard. Het volgende probleem is natuurlijk wel dat als Sonneclaer echt goed en lekker ijs is, dat dat vast een aanslag gaat doen op mijn gewicht. Dat zien we dan later wel weer.

Dinsdag 12 juni 2018.

De container is gisteren inderdaad geleegd. Weg irritatie en op naar de volgende volle container. De eerste twee zakken zaten er alweer binnen enkele uren in. Toch moet ik nog zien dat hij volgende week dinsdag weer vol zal zijn, als de volgende leging weer moet plaatsvinden, want het wordt in huis en ook in de berging toch nog steeds leger. Daar staat niet meer zo veel om nog weg te gooien al is de opruimactie nog altijd niet af.

De ijsmaker Sonneclaer bij Hoogeveen heeft daar geen winkel, dus dat spaart in elk geval een bezoek. Musselkanaal verkoopt dan toch ook dit ijs, dus dat ga ik dan wel bezoeken. Morgenmiddag weten we hier meer van.

De top tussen Trump en Kim-Jong-Un is kennelijk tot beider tevredenheid verlopen. We leren nog wat er echt gebeurd is en welke overeenkomst ze nu precies hebben gesloten. Wel vielen me commentaren in zowel de Washington Post als in de New York Times over Trump op, die naar mijn inschatting qua toonzetting steeds venijniger worden. “Finally, a president with te guts to stand up to Canada.” een analyse van Dana Milbank in de Washington Post. Je denkt heel even dat je in een andere wereld terecht bent gekomen, maar het stuk druipt werkelijk van bijtend sarcasme. En dan Paul Krugman in de New York Times met het artikel: “A Quisling and his Enablers.”.  Als je het stuk leest vraag je je alleen maar af waarom hij nou juist Quisling als voorbeeld neemt, om aan te geven dat potentaten niet alleen geen enkele tegenspraak dulden, op straffe van verwijdering uit de omgeving van de potentaat, zo niet erger, maar dat potentaten vervolgens alleen maar jaknikkers om zich heen verzamelen. Daarmee bedoelt hij niet alleen de eigen staf van Trump, maar ook de leden van het Amerikaanse Congress, die zich naar zijn mening schuldig maken aan “immobility by a combination of venality and cowardice.” Ze zijn “onbeweeglijk door een combinatie van  omkoopbaarheid en lafheid”. Tjonge, dat zijn nog eens heftige beschuldigingen. Als je er even bij stilstaat is het inderdaad zo dat alle potentaten uit het verre en het recentere verleden zich steeds hebben omringd door uitsluitend  jaknikkende volgelingen en dat niemand in hun omgeving ook maar een vinger tegen ze durfde te verheffen. Dan is Quisling inderdaad maar een tamelijk slap voorbeeld. Hoe komt dat dan toch? En wat valt er dan tegen te doen? Ik wou dat ik het antwoord wist.

Woensdag 13 juni 2018.

Vandaag weer eens een lange dag buiten de deur. Met bezoek aan onder andere Musselkanaal, voor het meukvrije vlees en het meukvrije ijs. Ik ben benieuwd.

Nu de stofwolken over de ontmoeting tussen Trump en Kim zijn opgetrokken, overheerst toch wel in de internationale media, de teleurstelling, naast de tevredenheid over het feit dat je beter met elkaar kunt praten dan oorlog voeren. Tegelijk kennen we de appeasement-politiek van Chamberlain, die ook praten belangrijker vond dan oorlogvoeren, maar dat toen leidde tot de vreselijkste oorlog die de mensheid tot dan toe gekend had. Voorlopig zie ik – en met mij vrijwel alle media – dat alleen de V.S. echt iets concreets hebben toegegeven, namelijk het afschaffen van militaire oefeningen, en aan de kant van Kim er alleen nog maar beloften zijn. Kim is volgens iedereen de winnaar. Voorlopig dan. Alleen Fox-news ziet alles anders. Maar die zender keurt zo ongeveer alles goed dat Trump onderneemt. Voorlopig moeten we afwachten hoe deze zaak zich verder ontwikkelt.

Donderdag 14 juni 2018.

Het verschijnsel Trump blijft niet alleen verbazen, ik kom ook steeds meer tot de conclusie dat hij weliswaar in veel opzichten een onberekenbare en grillige en ook vaak liegende president is, allemaal slechte eigenschappen, maar dat hij toch ook sommige zaken juist heel goed aanpakt.

Trump was right to spike the Trans-Pacific Partnership. He is right to demand a sunset clause for Nafta. When this devious, hollow, self-interested man offers a better approximation of the people’s champion than any other leader, you know democracy is in trouble.

George Monbiot is a Guardian columnist

Deze George Monbiot ziet ook de grote bezwaren tegen Trump, maar ook tegelijk waar hij het bij het rechte eind had en heeft.  Hij concludeert tot een negatief oordeel. Zover ben ik nog niet, al zit ik er dichtbij.
In het hele stuk in The Guardian  geeft hij een aantal voorbeelden waarin Nafta (de Noord-Amerikaanse vrijhandelsorganisatie) heeft gefaald. Als eenmaal, na lange onderhandelingen, een overeenkomst is gesloten hebben alle partijen de neiging vervolgens het maximum in hun voordeel daaruit te halen. Dat levert dan rechtszaken op, die uiteindelijk een winnaar opleveren, met een uitkomst, waar soms geen van de oorspronkelijk onderhandelende partijen ooit aan gedacht had. Dat was niemands bedoeling.
Het deed me denken aan mijn eerste stappen als raadslid van de gemeenteraad van Bodegraven, midden tachtiger jaren. De raads- en commissievergaderingen werden er uitgevoerd volgens de richtlijnen van het Reglement van Orde van de Gemeenteraad van Bodegraven. Dit Reglement was ergens voor mijn tijd, waarschijnlijk lang voor mijn tijd, aldaar een keer ingevoerd en beheerste alle handelingen. Zo was er de regel dat een voorstel om iets te mogen bespreken in de Raad moest worden ingediend door tenminste twee leden. Nu had je volgens alle regelen van de Kieswet een zetel bemachtigd met tenminste het voorgeschreven aantal stemmen en dan mocht je nog altijd niet zeggen wat je wilde, terwijl dat volgens mij nou juist de bedoeling van verkiezingen en democratie was en is. Ik ervoer dit Reglement van Orde, waar de Burgemeester en anders wel een Wethouder of een Raadslid van de meerderheid te pas en te onpas mee zwaaide om mij en anderen de mond te snoeren, als een keurslijf of nog beter gezegd: een dwangbuis.  Het onderwerp was niet aan de orde en je kon het ook niet aan de orde stellen. Met het inzicht van vandaag had ik dit natuurlijk luid en duidelijk aan de orde moeten stellen, maar zover was ik nog niet.
Zoiets als Nafta moet je periodiek herzien of moet tenminste een tijdelijk leven hebben. Het bezwaar daarvan is natuurlijk dat bedrijven zeggen voor de lange termijn te willen investeren en zoveel mogelijk zekerheid zoeken. Dat zeggen ze wel, maar dat is eigenlijk heel eigenaardig. Want juist bedrijven, zeker de grotere, zijn juist elke dag bezig om beslissingen te nemen die alleen op korte termijn, het aandeelhoudersbelang, scoren. Aandeelhouders willen hogere koersen en niet over tien jaar maar liefst nog vandaag. Hoe sneller hoe beter.
Aan de andere kant had Trump onoverkomelijke problemen met de overeenkomst met Iran, juist omdat daar wel een einddatum in stond. In de afspraak met Kim staat dan dus geen einddatum. Dus Trumps visie is blijkbaar: in overeenkomsten met ‘schurkenstaten’ moet geen einddatum staan, maar in overeenkomsten met vrienden juist wel. Ik kan hem nog maar moeilijk volgen.
Gisteren dus het bezoek aan De Woeste Grond in Musselkanaal voor meukvrij vlees en ijs. Ik ben er vertrokken met twee Eisbeinen (?), twee stukken klapstuk, vier biefstukjes, meerdere soorten vleeswaar en drie pakken ijs van het merk Sonneclaer. Uiteraard moet k het nog proeven, maar ik weet nu al dat dat goed moet zijn. De chemische industrie, waarvan alle supermarkten zo ontzettend veel producten in huis hebben, zorgen er nu juist voor dat het stukje vlees of het ijs dat je daar koopt, met behulp van chemicaliën net smaakt naar wat er op de verpakking zit, zonder dat de op de verpakking vermelde product de beloofde inhoud bevat. Dat is ook de kunst bij deze gifmengers: het ziet er allemaal net echt uit en het smaakt en ruikt zelfs naar wat er op het plaatje staat. Maar hun biefstukken bevatten 50% water en hun pistache-ijs bevat geen of minimaal pistachenoten, als staan ze wel  mooi gefotografeerd op de verpakking. Dus als het kloppen wil smaakt de echte biefstuk hetzelfde als de nepbiefstuk. Als er al verschil is, dan moet je toch aannemen dat de echte biefstuk ook het beste zal smaken. Het ijs van Sonneclaer bevat daarentegen Johannesbroodpitmeel en Guapitmeel, alsmede maisdextrose. Dus ook Sonneclaer volgt dezelfde strategie als de gifmengers: we gebruiken wel E-nummers, maar we noemen ze niet zo. Dan klinkt het natuurlijker en echter. Johannesbroodpitmeel is namelijk E410 en Guapitmeel is E412. Maisdextrose is dan wel geen E-nummer, maar het Voedingsbureau kan hierover geen advies geven en verwijst gebruikers naar hun diëtist(e).  Bovendien heb ik nog geen enkel recept gezien als je zelf ijs wil maken, waarin staat dat je  E410, E412 en maildextrose moet gebruiken. Het is weer typisch een recept van een gifmenger dat ze gevolgd hebben is dus bepaald ook niet ‘meukvrij’, zoals de winkel stelt. Ijs kun je dus ook maar het beste zelf maken. Net als brood en een heleboel andere producten. Die zijn gewoon niet of nauwelijks gifvrij te koop.
Vrijdag 15 juni 2018.

Over mijn bevindingen over de E-nummers bij het door De Woeste Grond verkochte Sonneclaerijs heb ik de Woeste Grond meteen maar even per e-mail ingelicht. Het zou toch beneden hun stand moeten zijn dit ijs te verkopen als ze tegelijk met grote letters op hun website duidelijk maken, dat hun vlees en vis, ‘meukvrij’ is en dus o.a. geen E-nummers bevat. Het woord ‘meukvrij’ is van hen, dat zou ik zelf niet verzonnen hebben. Het moet zoiets betekenen als ‘vrij van ongewenste toevoegingen (waaronder E-nummers)’. Al snel, na een uur of zo, kreeg ik antwoord van ze. Ze waren het ook zelf nagegaan en gaven me helemaal gelijk. Ze bedankten me dat ik ze ‘met de neus op de feiten had gedrukt’ zoals ze het zelf zeiden. Ze hadden meteen besloten om wat ze nog hadden aan ijs te verkopen en verder met de verkoop van dit ijs te zullen stoppen. Het is gewoon en duidelijk niet ‘meukvrij’ en bevat tenminste twee E-nummers. Het zou gaan om een bevriende boerenfamilie, waarop ze onvoldoende kritisch zijn geweest. Ik weet niet of ik nu een vriendschap kapot heb gemaakt of beschadigd, maar ik vier dit toch wel als een leuke overwinning op de voedselmaffia.

De volgende fase is nu natuurlijk wel dat ik zelf mijn eigen ijs ga maken. Helemaal meukvrij, uiteraard. De eerste fase is nu de aanschaf van een ijsmaakmachine. Al een tijdje geleden had ik besloten dat ik een machine wil die zelf ijs kan maken en niet eentje die via-via je eigen vrieskist gaat. Zo’n zelfmaker is wel een stuk duurder en dat hield me er nog even vanaf.

Toeval wil dat zojuist mijn mega-aanslag 2017 in de bus viel. Van de week kreeg ik ook een forse rekening van mijn tandarts. Nu weet ik ook wat ik allemaal binnen enkele weken moet betalen en gelukkig geeft dat geen enkele zorg. Dus ook dit gaan we weer goed overleven en geeft waarschijnlijk ook nog de ruime voor een eigen ijsmaakmachine. (Wie legt me nog even uit waarom mijn systeem wel de ‘ijsmaaimachine’ kent, maar niet de ‘ijsmaakmachine’? Wie heeft er wel eens ijs gemaaid of ijs zien maaien? Met een machine dan, natuurlijk).

Zaterdag 16 juni 2018.

Gisteravond dan weer een etentje met zoon en schoondochter. Het was weer lekker en gezellig. De vooraankondiging van dit restaurant dat er tegelijk ook een bruiloftsetentje gaande was, boezemde me wel wat angst in. Ik kreeg al visioenen voor het oog, met in dezelfde ruimte lallende en hard zingende bruiloftsgasten, die elk ander gesprek in dezelfde ruimte onmogelijk zouden maken. Maar het was niets van dat al. Bij de ingang werden wel de bruiloftsgasten meteen de ene kant uitgeloodst en de overige gasten de andere kant. In het ‘gewone’ deel van het restaurant was het vervolgens uitgesproken rustig, terwijl we intussen geen enkel idee hadden waar zich dan het bruiloftsgezelschap zou kunnen bevinden. We hadden er dus niet alleen totaal geen last van maar hadden zelfs geen idee waar het gezelschap zou kunnen zijn. Zo kan het dus blijkbaar ook, als de ruimte maar groot genoeg is.

In Aswar-al-Awsat een artikel, overgenomen uit de Washington Post, over de situatie op de Balkan, het voormalige Joegoslavië. Na de Balkanoorlogen uit de negentiger jaren, is er opnieuw onrust, met dreigingen van aansluiting van het Servische deel van Bosnië aan Servië en van het Kroatische deel bij Kroatië, met alle complicaties tot gevolg. Met aanschaffingen van duizenden wapens. En Poetin speelt daarin uiteraard ook een rol. In Servië en in het Servische deel van Bosnië woont immers het Slavische broedervolk. Zelfs de beruchte Grijze Wolven, die voor Rusland optraden in de Krim en Oost-Oekraine, deden mee in een presentatie onlangs in dit gebied. En wat is er nu handiger voor Poetin om ook in dit gebied eens te gaan wroeten? Hier heeft hij geestverwanten die hem om hulp willen vragen, met een onberekenbare Trump en een Europese NATO, onder aanvoering van Duitsland, dat niet wil investeren in zijn eigen veiligheid, alleen met veldhospitalen. Dat is het toch vrij simpel scoren, kan hij denken. Als dat maar goed gaat. Ik kreeg het niet voor elkaar hier een link te plaatsen, dan maar het hele artikel:

I have a vivid memory of standing by a muddy road on a dark December afternoon in 1995, when I was chatting with two friends, one a Bosnian Muslim, the other a Bosnian Serb. We were all in the Bosnian city of Tuzla, working on CNN’s coverage of a war that had already claimed 100,000 lives and displaced millions — the worst conflict in Europe since World War II. The warring parties had just signed the US-brokered Dayton Accords, meant to put an end to three years of carnage.

I asked them whether they thought peace would hold, and they nearly winced at the question. But they agreed that everyone — Bosnia’s Muslims, Serbs and Croats — were tired of fighting. That alone would allow the agreement to hold.

A generation later, there are troubling signs that the hard-won peace is seriously faltering. Nationalist politicians are openly questioning the Dayton framework, which created two semi-independent “entities” within the country of Bosnia and Herzegovina: a Serb-run republic, and a federation of Croats and Muslims.

This time around, ethnic passions are rising amid a broader wave of nationalism across the continent, one ominously coinciding with a Russian campaign to undermine Western-friendly governments. If it was difficult for the West to bring an end to the fighting back then, conditions this time — with the Western alliance less united and nationalist populists making gains in many countries — would make it even more difficult to restore peace if the agreement breaks down. Europe and the United States, currently distracted with other problems, must act soon to keep Bosnia from going off the rails.

At the heart of the turmoil stands Milorad Dodik, the formerly moderate president of the Serb autonomous region that calls itself the Republika Srpska — a name chosen in 1992 by Radovan Karadzic, who was later convicted of leading a genocide against Bosnian Muslims.

Dodik has declared that he wants to secede from Bosnia and perhaps join Serbia proper. He is also backing Croats who say they want to have their own entity. The Bosnian Muslim leader Bakir Izetbegovic has responded by saying a third entity cannot be created without war.

Dodik has been defying the central government and drawing closer to Russian President Vladimir Putin, who is keen to exploit Serb grievances in the region. For the moment, Dodik has postponed a referendum on independence. But even after the top Bosnian court banned it, he held a test referendum to celebrate a national holiday on Jan. 9, the day in 1992 when Karadzic declared an independent Bosnian Serb state, which led to war. After Dodik defied the court decision, the United States imposedsanctions against him. But it has not deterred him.

This year’s Jan. 9 parade featured a very military-looking police force marching with automatic weapons, and it closed with a detachment from the Night Wolves, the Russian motorcycle gang that Putin has deployed in Crimea and Ukraine along with Russian forces. Also in the parade were the muscle-bound members of Srbska Cast, or Serbian Honor, a paramilitary group that Bosnia’s security minister says is being trained by Russians. Watching approvingly in the stands were Serbia’s ministers of interior and defense.

Bosnian leaders are growing alarmed at the stockpiling of weapons by the Serbs, who recently acquired an additional 2,500 automatic rifles, purportedly for their police force. The purchase is legal, but far out of proportion to those made by other local police units.

Dodik has been traveling frequently to Moscow, and Russian emissaries have been visiting Banja Luka, the seat of the Bosnian Serb region. During one such visit last month, Banja Luka was festooned with Russian and Bosnian Serb flags.

Dodik declared, “True friends such as the Russian Federation and its President Vladimir Putin have helped us to clearly set our goals, get back self-confidence and fight for our original rights.”

Russia wants Bosnia’s Serbs to block their country from joining NATO. In addition, the Kremlin has found that growing neglect by the West makes the fragile state fertile ground for its anti-Western strategy.

In October, Bosnia is scheduled to hold elections. Dodik is running for a seat in the three-member presidency. He says he is following a “path to independence.” Bosnians are worried he is leading the country to war.

To prevent a new calamity in the fractious part of the world where World War I started, the European Union, NATO and the United States should act without delay to boost their diplomatic engagement, strengthen their presence with experienced negotiators, and revive the functions of the office of the high representative, whose job is to monitor the implementation of the Dayton agreements.

In short, Bosnia needs urgent attention from democratic countries. Otherwise, the decades since Dayton will have amounted to a resting period between Balkan wars.

The Washington Post.

Zondag 17 juni 2018.

Na de meukvrije biefstuk, eerder in de week, was het gisteren de beurt aan mijn eerste meukvrije klapstuk. Hoewel ik een beetje was verrast doordat de meukvrije biefstuk nog wat bloed om zich heen had, wat ik niet bij de supermarktbiefstuk, maar ook niet van de Keurslagerbiefstuk kende, bleek dat ook de meukvrije klapstuk nog wat bloed had. En plots realiseerde ik me dat slagers zowel als supermarkten ervoor zorgen dat in hun vitrines, etalages en reclame-uitingen geen bloed te zien is. En dat al zolang als ik leef en hoogstwaarschijnlijk al veel langer. Ik kan het me ook wel een beetje voorstellen, omdat een etalage of vitrine met overal bloed natuurlijk geen fraai gezicht is. Dus zorgen ze ervoor dat alle vlees dat je ook koopt bloedeloos is.

Op vakanties zuidelijk van België en (zuid-)oostelijk van Duitsland staan me nog altijd de onsmakelijk uitziende slagerswinkels bij. Ik moe(s)t altijd toch wat weerstand overwinnen om er vlees of vleeswaar te kopen. Doorgaans, als het op markten was, was alles in de open lucht uitgestald, zonder zichtbare koeling en vooral met heel veel vliegen. Maar ook in winkels zag het er doorgaans niet veel frisser uit. Het is hetzelfde Europese gebied waar ze van die voor mij zo vreselijke toiletten ‘met gas- en rempedaal’ hebben, in plaats van een nette toiletpot. Op zo’n vloertoilet kan ik uiteraard – met mijn stijve been – maar heel moeilijk uit de broek, zonder met de handen om op te steunen de vloer aan te raken. Over viespeukerij gesproken. Hoewel ik me ook wel goed kan herinneren dat ik er buikloop van kreeg, was dat toch vooral in de Balkan, voorbij Oostenrijk, of nog preciezer: voorbij Slovenië. In Frankrijk of zuidelijker heb ik dat in mijn herinnering nooit gehad en in Italië toch ook nog één keer. In België, Duitsland, Oostenrijk, Scandinavië, het Verenigd Koninkrijk en Ierland, heb ik daar nooit last van gehad.

Maar goed. Door mijn huidige ‘meukvrije’ vlees te gebruiken realiseer ik me pas goed hoe slagers en supermarkten te werk gaan en hoe verschillend mijn nieuwe ‘winkel’ is. Het meukvrije vlees wordt blijkbaar meteen na de slacht in plastic verpakt, van een etiket met productnaam, prijs en datum voorzien en ingevroren. Verschillende stukken vlees die ik kocht kwamen direct uit de vriezer met de datum erop die ik er op dat moment stond of heel kort daarvoor. Dat moet natuurlijk ook wel, als je geen conserveringsmiddelen en andere rommel eraan wil toevoegen. Aan het ingevroren product zie je ook niet of nauwelijks hoeveel bloedrestanten er mee-ingevroren zijn en dat merk je dan pas goed na het ontdooien in de keuken. Ik vind dat verder geen probleem. Vlees eten betekent ook bloed. Het is niet anders. Vlees zonder bloed is kunstmatig onnatuurlijk.

De klapstuk smaakte (samen met de hutspot uiteraard) overigens voortreffelijk.

Maandag 18 juni 2018.

Gisteravond ben ik dan aan een volgend boek begonnen. Opnieuw een dikke pil van 575 pagina’s. Deel II heb ik nog niet, maar ik neem aan dat dat net zoiets zal zijn.

Van Simon Schama heb ik wel meer boeken gelezen, zoals die over de Franse tijd in Nederland: Patriotten en bevrijders, 1780 – 1813. Ik vond deze Amerikaan toen een heel goede verteller, die me meer heeft geleerd over Nederland, vooral van toen, dan ik ooit hierover op school of elders heb geleerd.

Vandaag ga ik dus ook voor het eerst ‘meukvrij’ vleeswaar op het brood nemen. Ik ben erg benieuwd. Hier zal vast geen bloed bij zitten. Vooral van vleeswaar is duidelijk dat supermarkten, maar slagers ongetwijfeld ook, juist hierop of hierin ontzettend veel ‘meuk’ doen. Hebt u wel eens gezien hoeveel toegevoegde stoffen, onder andere E-nummers,  er in voorverpakte vleeswaar zitten? Af en toe hebben zowel AH als Jumbo daarop een uitzondering. Doorgaans rosbief, een heel enkele keer ook wel eens ander broodbeleg van vleeswaar. Het kan dus wel.

Dinsdag 19 juni 2018.

Toch zat er op de ‘meukvrije’ vleeswaar, in dit geval rosbief, ook een beetje bloed. Er mankeerde overigens helemaal niets aan: heerlijk. Gisteravond dus een visje, en dat was natuurlijk ook niet verkeerd. Vanavond ga ik dan voor de ‘ meukvrije’ Eisbein. Daar hoort natuurlijk zuurkool bij. Dat moet ik nog wel even aanschaffen. Verder is dit een periode van luwte en vooral afwachten totdat anderen reageren. En dat is zo langzaamaan een heel rijtje. De uitslag van de verkiezingen voor het pensioenbestuur, die ik de komende dagen verwacht, met heel wellicht consequenties voor mij. En zo niet dan gaan andere plannen in werking. Het advies van de Woonbond over onze omgang met onze verhuurder. Het advies van de Huurcommissie over onze servicekosten en in het bijzonder over de groenvoorziening (Parkstadarrest). Gisteravond kwam dan de reactie, eveneens na geruime tijd, van de notaris in verband met de statutenwijziging van het Platform. Dar kan ik nu dus verder mee. Net als twee weken geleden had ik vanmorgen opnieuw een probleem met het legen van mijn container: deze keer was kennelijk de chip kapot en wordt hij pas donderdag geleegd. Dan is hij meteen ook weer voller. En dan ben ik echt een tijdje van de volle containers af. Gisteren kwam namelijk weer een kastje helemaal leeg, zonder dat ik nog een idee heb over een volgende bestemming, alsmede één van de twee grote lades in mijn nieuwe wandmeubel. En ook hierbij heb ik nog geen idee wat er nu dan nog in moet. Ook in andere kasten en kantjes zijn nu steeds meer lege planken gekomen, dus het valt te overwegen om nu maar eens een hele kast weg te gooien. Het opruimen is nog niet af, maar het wordt nu toch elke dag overzichtelijker. Ik heb nog één laag kastje en een grote lade te gaan en dan weet ik het niet meer. Dat verklaart waarom ik voorlopig van de volle containers af ben. Vermoedelijk ga ik na  het genoemde kastje en de lade nog eens met de stofkam overal doorheen en dat zal vast nog wel extra afval opleveren. Maar heel erg veel zal het toch niet meer zijn.

Woensdag 20 juni 2018.

Het wandmeubel is qua opruimen en leeghalen nu ook helemaal af. Ik heb nog steeds geen idee wat ik met de overgebleven ruimte zal gaan doen of welke kast ik nu als eerste ga slopen en afvoeren. Voorlopig is het plan om eerst nog een fiks aantal boeken op de website te plaatsen, met als gevolg dat er zonder twijfel ook weer boekenkastruimte vrijkomt.  Dat komt omdat ik in mijn nieuwere boekenkast in de werkkamer door een veel efficiëntere indeling nog heel veel ruimte voor boeken over heb. Zowel in de slaapkamer als in de woonkamer zal daardoor meer kastruimte leeg komen. Dus wellicht kan ik straks in beide ruimtes wel een kast slopen. Een idee dat ik nu al tikkend krijg is om het zelfgebouwde dressoir in de woonkamer dat er amper een jaar staat, weer te gaan afbreken. De kastruimte eronder is namelijk inmiddels niet meer nodig.

Gisteravond dus de Eisbein met Sauerkraut. Het lukte heel goed. Het zijn natuurlijk – met een hele Eisbein – gemakkelijk drie porties, dus ik heb er nu nog twee over. Eentje voor vanavond en eentje inmiddels ingevroren. De volgende Eisbein die ik al in huis heb ga ik dan – over een tijdje natuurlijk – maken met het recept dat ik in Musselkanaal daarvoor heb meegekregen. Gedeeltelijk gekookt en ten dele ook in de oven, zodat er een knapperig korstje op komt en met wat andere kruiden. Daar verheug ik me nu al op.

Intussen zat in het nieuws dat vanaf aanstaande maandag het streekvervoer voor onbepaalde tijd gaat staken. Zover het oog reikt, tenminste tot ruim in september, heb ik geen streekvervoer nodig. Volgende week moet ik nog een keer naar het UMCG. Normaal ga ik daar met de streekbus heen en liep ik terug.  Deze keer zal ik zowel heen als weer moeten gaan lopen. Dus dat probleem is oplosbaar. Ik moet ook een keer naar Dinxperlo, maar die plaats is voor mij sowieso niet met openbaar vervoer bereikbaar, dus daar moest ik toch al een auto voor huren.  Voor alle overige reizen gebruik ik de NS of had ik al een auto gehuurd. Probleem opgelost.

Ik ben een frequent gebruiker van het openbaar vervoer en zeker ook van het streekvervoer. In meerdere delen van het land. Dus ik heb ook een neiging om iets van de komende staking te vinden. Ik heb geen vast standpunt over de juistheid van de beloning van de chauffeurs. Maar economisch gezien is er volgens mij genoeg ruimte voor een loonsverhoging, overigens niet alleen voor steekvervoerders. Dus daarvoor kan ik acties en eventueel ook een staking wel billijken.

Maar als het over langere pauzes gaat moet ik toch bekennen dat ik dat niet zo goed begrijp. Het valt me wel heel regelmatig op, dagelijks zelfs, vooral in deze streek, maar ook als ik in een andere landstreek ben, dat veel buschauffeurs, na eerst geruime tijd op de stelplaats te hebben gestaan, vervolgens te laat aan hun rit beginnen. In de loop van de rit die er dan op volgt halen ze dan de achterstand doorgaans gemakkelijk in, zodat ze toch netjes op tijd op het eindpunt komen. Op basis van hun ervaring komen ze dan blijkbaar tot de conclusie dat het niet zo’n probleem is om te laat te vertrekken als ze weten dat ze de achterstand in dezelfde rit gewoon ook weer inlopen. Alleen als ze dit doen in de spits dan kan het goed uit de hand lopen. In een halfuursverbinding of een rit per uur, valt niemand een vertraging van vijf minuten echt op, en vooral niet als je toch op tijd op je bestemming komt. Maar als in de spits de frequentie eens per 10 minuten wordt en je vertrekt dan al te laat van de stelplaats en vervolgens misschien wel 5 of nog iets meer minuten vanaf de beginhalte, dan zit de volgende bus er natuurlijk wel vlak achter. Ik heb al heel vaak meegemaakt (en het gebeurt volgens mij wel vrijwel elke dag een keer) dat twee bussen van dezelfde lijn pal achter elkaar aan de hele lange route van Groningen naar Assen rijden.  Een tienminutendienst is zo natuurlijk tamelijk zinloos geworden. De enige reden hiervoor is dat veel bussen gewoon niet op tijd van hun beginhalte vertrekken in het vertrouwen dat ze de verloren tijd tijdens de route wel weer zullen inhalen. Dat gaat in de spits dus regelmatig fout. Dus ik heb niet het beeld dat chauffeurs op te krappe schema’s rijden. Ze zijn eerder iets te ruim.

Maar als argeloze reiziger heb ik geen andere keus dan maar af te wachten wanneer ze er uit zijn geklommen. En intussen moet ik maar zien hoe ik me toch kan redden.

Donderdag 21 juni 2018.

Gisteren kwam eerst het bericht dat ik bij de verkiezingen van mijn pensioenbestuur op de vierde van de vijf plaatsen terecht ben gekomen, met toch nog meer dan 500 stemmen. Evenveel dus als ik bij de verkiezingen van Provinciale Staten in 1991 gehaald had. Ik was daar dus eigenlijk heel erg tevreden mee. Je hebt uiteraard tevoren geen idee wie er nog meer gaat kandideren. De enige vrouw van de vijf kandidaten had ook nog eens een erg goed c.v. Dus haar verkiezing kwam niet als een verrassing. Het is zomaar terecht dat de ene kandidaat die al langer zittend bestuurslid was, niet werd herverkozen en de andere juist wel. Ik heb nooit goed begrepen waarom de eerstgenoemde eigenlijk bestuurslid was. Bij de laatstgenoemde begreep ik dat juist wel heel goed. Bovendien is het ook terecht dat ik tussen deze kandidaten niet verkozen werd. Volgende hoofdstuk dus.

De zomer begint, maar voorlopig is het nog erg fris voor de tijd van het  jaar. Midden overdag nu 14 graden. Dit koele weer blijft zo tot zeker komende maandag, waarna het steeds warmer zou gaan worden, tot een mogelijke hittegolf aan toe in de loop van volgende week. Afwachten maar.

Gisteren weer verder de woonkamer opgeruimd en alles van zijn plaats gehaald en schoongemaakt. Dat deed ik vroeger veel vaker, tenminste even vaak als de eetclub langskam. Toen ik de ‘troep’ onder de bank tegenkwam was dat wel het signaal om dat toch wat vaker te gaan doen. Weer een goed voornemen dus en dat bijna halverwege het jaar.

Vanmorgen ook nog de tandarts, om de voorkant wat te verfraaien en te verbeteren. Halverwege de behandeling mocht ik even kijken en daar vielen me de twee middelste voortanden meteen op, die nogal groot waren uitgevallen. Het deed me meteen denken, en ik vertelde dat ook meteen, aan mijn moeder. Ze at geen rauwkost, maar overigens wel sla, omdat één van haar levensmotto’s was: ‘ik ben toch geen konijn?’. De tandarts moest erom lachen. Ze was al van plan, zei ze, en ik geloof haar, om die tanden nog wel wat kleiner te maken en dat is ook prima gelukt. Ik word steeds mooier. Nu nog oppassen dat dat niet doorslaat. De tijd is hopelijk wel geweest, dat ik ze niet van me af kon slaan.

Vrijdag 22 juni 2018.

Gisteren mijn voorlopig laatste bezoek aan de tandarts afgelegd. Dit keer om de voortanden netjes op een rij te krijgen en de in de loop der jaren ontstane slijtagespleetjes iets te verkleinen. Nu kan ik dus ook weer opgaan voor die tandpasta-reclame. Voorlopig ben ik nu hier weer klaar. In december aanstaande pas weer een controle-bezoek. Ik realiseerde me vanmorgen ook ineens dat ik al een hele tijd bezig ben mijn leven te beteren. Vooral dan letterlijk. Ik zorgde altijd al vrij goed voor mezelf, maar ik word daar toch steeds weer veel beter in. Ook mijn huis heeft in het afgelopen jaar een ongelooflijke opknapbeurt gehad. Ik heb zeldzaam veel weggegooid en opgeruimd. Zoveel zelfs dat ik nu veel te veel bergruimte heb. Veel meer ruimte geeft ook meer mogelijkheden voor nieuwe activiteiten. Daar heb ik ook al wel ideeën over, maar die zijn voorlopig nog vaag.

Voor de tweede kee heb ik problemen met het laten legen van mijn afvalcontainer. Het lijkt wel alsof ze me moeten hebben. Ik zou niet weten waarom, dus ik houd het dus toch nog maar op toeval. Gisteren trof ik ook voor het eerst een grote gele afvalzak in mijn container aan. Niet van mij. Aangezien de stad Groningen hier het huisvuil ophaalt, dacht ik dat zij ook de ‘handhaving’ deden. Dat was een vergissing. De Groningse dame die ik aan de telefoon had, vertelde meteen spontaan dat ze elke dag te maken had met meerdere ten onrechte in vuilniscontainers geplaatst huisvuil, maar dat ze daar in mijn gemeente nog nooit van gehoord had. Ik had al een vermoeden. Een model waarbij het mogelijk is om de boel te flessen, wordt zonder de minste twijfel ook misbruikt. En wel dagelijks vele keren. Dat was en is dus weer eens een juist vooroordeel van me. Dat het in mijn gemeente niet of nauwelijks voorkomt begrijp ik ook wel weer. Er is hier gewoon veel meer sociale controle en er woont een ander soort publiek. Vervolgens heb ik de ondervonden ongein dan maar bij de eigen gemeente gemeld en binnen een uur stond er een geüniformeerde handhaver voor de deur. In hetzelfde uniform waarmee ook parkeerbonnen worden uitgeschreven. Deze nam de foute afvalzak mee, voor nader onderzoek. Daar hoor je dan helaas later nooit meer iets van.

Aanvankelijk zou in heel Nederland vanaf maandag het openbaar streekvervoer gaan staken en zelfs voor onbepaalde tijd. Prompt komt dan Jeroen in de vervoersproblemen, en uiteraard heb ik hem meteen aangeboden voor zijn vervoer te zorgen en heb daartoe ook een auto gehuurd, die ik sowieso al had gehuurd vanaf volgende week vrijdag.  Intussen is het begin van de staking opgeschoven naar komende woensdag en wordt deze beperkt tot 72 uur. Als partijen het eens worden gaat het mogelijk zelfs helemaal niet door. Ook dit is dus nog even afwachten.

Zaterdag 23 juni 2018.

Gistermiddag ging de telefoon: “Met de vuilnisman”. Dat was toch even schakelen. Het is toch net zoiets als dat de andere kant zich meldt met “Met Maxima” of met “Met Rutte”. Na enkele seconden stilte en nadat het gesprek op gang kwam, bleek dat de vuilniswagen in de buurt rond reed, en dat ze alsnog mijn container wilde legen, maar dat ze mijn huisnummer niet konden vinden. Blijkbaar was dit een vuilniswagen die normaal niet deze wijk had. Toen ik begreep waar hij stond heb ik dus alsnog even mijn container aangeboden, die nu ook weer leeg is. Hoeveel zouden er nog op een vrijdagmiddag iets gaan doen, waarvoor ze geen opdracht hadden gekregen? Ik wist immers niet beter dan dat het op deze vrijdag niet meer ging en ik nog ruim een week moest wachten. Gelukkig bestaan er nog actieve en plichtsgetrouwe mensen die ook iets voor iemand anders over hebben.

Het boek over de geschiedenis van de Joden van Simon Schama  is een knap ingewikkeld werk. Ik heb moeite het te volgen. Dat was me bij het vorige werk dat ik van hem las, over de Franse tijd in Nederland (1780 – 1813), helemaal niet opgevallen. Achteraf bezien is dat ook wel verklaarbaar. Over die periode en dat land (Nederland) had ik uiteraard al heel veel voorinformatie, al was het maar van de schoolbanken. Maar welke voorinformatie had en heb ik nou over de geschiedenis van de Joden? Vrijwel niets. Ik kan me ook niet herinneren dat we die geschiedenis ooit op school hebben gehad. Dus bijna alles dat ik lees is nieuw voor me. Ik heb me zelfs niet gerealiseerd dat hun oude geschiedenis uiteraard in feite vooral in de Bijbel – in het Oude Testament – is beschreven. Ik wist zelfs het verschil niet tussen de Hebreeuwse Bijbel en de Christelijke Bijbel. En dan nog de verschillen tussen de diverse Bijbelboeken. Wist ik het verschil tussen Ezra en Jeremia? Of tussen Koningen, Kronieken en Deuteronomium? Nee, totaal niet. Laat staan dat ik me realiseerde dat die boeken niet alleen inhoudelijk, maar ook in de tijd waarin ze geschreven zijn van elkaar verschillen. De schrijver veronderstelt dat de lezer de Bijbel en (de verschillen tussen) de diverse Bijbelboeken wel kent, maar dat is bij mij niet het geval. Ik vind het al heel wat dat ik vermoed dat ik alles bij elkaar in de loop der jaren waarschijnlijk wel de hele Bijbel heb gelezen, en sommige stukken vaker of zelfs heel vaak, zoals onder andere een favoriet stuk van mij: 1 Korinthiërs 13 over de liefde. De voortgang in het boek van mij gaat dus traag. Bij veel regels moet ik eerst even in Wikipedia of elders opzoeken waar dit nu weer over gaat. Niettemin vind ik het een erg interessant boek, dat ik waarschijnlijk veel eerder had moeten lezen. Het is ook niet zo dat het Jodendom op een zekere, ergens in het verleden aan te wijzen dag en plaats is ontstaan. Dat is een heel langzaam proces geweest, op verschillende plaatsen tegelijk of na elkaar. Uiteraard in het huidige Israel, en ook in Egypte, maar zeker niet alleen in de Nijldelta,  maar ook ver in het zuiden op het Nijleiland Elefantine waren al Joodse soldaten gevestigd, nog ruim vóór de uittocht. Ook in het stroomgebied van Eufraat en Tigris waren ze gevestigd. Kortom: een boeiend boek, waar ik voorlopig nog wel een tijdje zoet mee ben.

Zondag 24 juni 2018.

De al langer aangekondigde opgang van de temperatuur is er nog altijd niet. Met temperaturen van rond de 16 graden is het ook bepaald (nog) geen zomer.

Gisteren nog even nieuwe onderbroeken bij Zeeman gehaald en theedoeken bij Blokker. Sinds enige tijd wil ik van beide witte exemplaren hebben en die heeft niet iedereen. Wit is immers de kleur van de reinheid en de onschuld en beide kwaliteiten houd ik voor strevenswaardig. Hoewel de winkels heel verschillend waren en de artikelen ook, bleken ze beide voor € 2,99 per stuk te koop. Jan reageerde daarop met de melding dat ik dus nu voortaan ook in een theedoek kan gaan rondlopen, maar mijn reactie was dan dat ik vooral voortaan met een onderbroek de vaat kan gaan afdrogen. In prijs zit er in elk geval geen verschil tussen. Zo weten we steeds weer voor elk probleem een oplossing te bedenken. Als je maar een beetje creatief bent.

Vanmorgen had ik op deze site(s) dus ook weer meer bezoekers dan in heel juni 2017, dus de opgaande lijn van het twaalfmaandelijks gemiddelde voor wat de bezoekers op deze sites betreft, heb ik weer te pakken. Het aantal bezoekers van de afgelopen 12 maanden gaf nog nooit eerder zo’n hoog getal. De maand juni 2018 is dan uiteraard nog niet afgelopen. Dat worden er dus zeker nog meer.

Maandag 25 juni 2018.

Dat was weer eens een rustig etmaal. Ik wandel al dagen nauwelijks. Daar staat dan tegenover dat ik wel volgens een heel strakke discipline eet en drink. Uit ervaring weet ik dat je dan toch afvalt. Voor je gewicht is minder en strak eten belangrijker dan (veel) bewegen. Vanmorgen woog ik dan weer onder de 80 kilo. Dat was voor het laatste enkele dagen rond begin mei 2018. Vanmorgen las ik over een onderzoek van de volgende dieetmethode. Tussen 10 uur ’s morgens en 18.00 uur ’s avonds mag je eten wat je wilt en ook zoveel als je wilt. Maar vanaf 18.00 uur tot de volgende morgen 10.00 uur mag je dan helemaal niets behalve water en andere calorieloze drankjes, zoals thee en koffie zonder suiker of melk. Dit dieet heet dan gemakshalve 8/16: 8 uur eten en 16 uur niet eten. Het blijkt dat met dit dieet nagenoeg iedereen flink afvalt, ook mensen met een BMI van 35. Dat is dus flink te zwaar, ofwel obees.

Het verbaast me ook niks. Mijn dieet (als ik niet van huis ben) is immers dat ik alleen maar eet van 12.00 tot 13.00 uur en ongeveer twee uur lang ’s avonds, afhankelijk van de vraag wanneer ik precies mijn telefoongesprek met Maassluis heb.  En daar tussendoor gebruik ik ook alleen maar water, koffie of thee. Daar ben ik ook bijzonder stipt mee. Precies om 12.00 uur begin ik met de lunch en een uur later heb ik die in drie ‘gangen’ wel af: één dikke en goed belegde boterham,  een stukje 99% chocola en een appel. Als broodbeleg wissel ik vis, vleeswaar en eieren af. Alleen bij een vers gebakken brood eet ik beide kapjes met jam. Knettervers zelf gebakken brood  vind ik gewoon het lekkerst met jam.

Om 17.15 uur en geen minuut eerder, eerder soms iets later, volgt mijn dagelijkse portie nootjes met een glas wijn; na het telefoontje de ‘hoofdmaaltijd’, meestal een op 400 gram afgepaste ingevroren zelf gemaakte maaltijd.  Een uur of zo later nog een sinaasappel. En klaar is Kees. De rest van de avond teer ik weer op koffie, thee of water. Op deze manier val ik geheid af, of ik nu wel of niet beweeg doet er dan niet veel toe. Doordat ik allerlei activiteiten buitenshuis heb: vooral platform, bewonerscommissie en vrienden en vriendinnen, eet en drink ik op die ‘uit’dagen heel afwijkend, namelijk wanneer en wat mijn gezelschap op tafel heeft. Na zo’n dag ben ik 100% zeker weer aangekomen. Als ik een wat langere periode mijn eigen discipline kan volhouden, dan ga ik onder mijn streefgewicht uitkomen, en dan veroorloof ik mij een ‘uitspatting’. Dat kan heel verschillend zijn, afhankelijk van waar ik op dat moment boodschappen aan het doen ben of toevallig langs loop. De ene keer neem ik een kaasfondue, een volgende keer een pizza of een liter ijs.

Al met al is het voor iemand zoals ik, die alles lust en doorgaans ook lekker vind, een behoorlijk heftig dieet. Ik weet alleen zeker dat als ik inderdaad ga eten waar ik zin in heb, ik zonder de geringste twijfel fors ga aankomen. Ik kom immers uit zo’n periode, inmiddels alweer vele jaren geleden, waarin ik meer dan 120 kilo woog. In de avond is het wel eens verleidelijk om een alcoholische versnapering te nemen, maar het zekere effect is dan dat ik dan vrij snel inslaap, op of na middernacht weer wakker wordt en daarna in bed de slaap niet meer kan vatten. Dat weerhoudt me ervan om na zeven uur nog alcohol te nemen. Als ik in gezelschap ben dan blijf ik uiteraard wel wakker en kom ik ook nog wel thuis, als ik met mate drink. Maar als ik alleen ben val ik er geheid van in slaap.

Dinsdag 26 juni 2018.

Opnieuw een rustig etmaal. Allemaal stilte voor de ‘storm’. Vanaf vanavond, of preciezer vanaf morgenochtend vroeg heb ik een hele batterij afspraken buiten de deur, van wel een dag of tien achter elkaar. Niet allemaal pal na elkaar, en ook niet allemaal ver weg, maar toch wel elke dag iets voor kortere of langere tijd. Daar zal deze rubriek ook wel onder gaan leiden, al zal ik zeker mijn best blijven doen zo vaak mogelijk wel het belangrijkste te blijven vermelden. Eventuele tekortkomingen  hoop ik dan wel achteraf goed te maken.

Gisteren had ik dus bij wijze van extra een zak Engelse chips. Het zag er allemaal heel bijzonder en vooral ook slank uit, dus ik laat me verleiden, omdat ik het ook qua gewicht wel kon hebben. Het was maanden geleden voor het laatst dat ik een zak chips had. En ik moet zeggen: ze waren inderdaad wel een beetje apart, maar echt niet zo bijzonder dat ik er nog wel eens eentje zal gaan kopen. Dat avontuur hebben we voor tenminste de rest van dit jaar wel weer gehad.

Hoewel het maar 150 gram was, verbaasde het me dus totaal niet dat ik vanmorgen weer prompt een ons of 5 was aangekomen. Zo werkt dat dus: magere, lichte, vetloze, biologische of weet ik wat voor andere soort chips: ik kom er flink van aan. Dat geldt overigens zeker niet alleen voor chips, maar voor vrijwel alles dat ik extra eet. Voor gisteren geeft dat ook niet. Zeker vandaag nog is het weer Schraalhans Keukenmeester. En daarna zien we wel weer verder.

Vanmorgen vroeg las ik een artikel over dieselauto’s, die sinds dit jaar een stuk minder populair zouden zijn, vooral ook tweedehands. In de orde van de helft van de vraag van een jaar geleden, terwijl de vraag naar benzine-auto’s evenredig toenam. Het is (nog) niet in de prijs te merken, aldus handelaren. Maar volgens mij moet dat dus een kwestie van tijd zijn. Voorlopig zijn dieselauto’s, tenminste nog tot 2025 of 2030 toegestaan, dus het is nu wachten op een voordelig aanbod. Wie weet koop ik dan toch nog wel een tweedehands diesel. Ik hoef me daarbij niet schuldig te voelen. Mijn kilometrage ligt sowieso ver beneden het landelijk gemiddelde en nog altijd zal ook deze auto de meeste dagen stil op de parkeerplaats staan. Zoals altijd zal ik me ook dan netjes aan de landelijke en plaatselijke voorschriften houden. Dat was en blijft mijn norm. Ik hoef niet Roomser te zijn dan de Paus.

Woensdag 27 juni 2018.

Vandaag de eerste dag van de staking van het streekvervoer voor 72 uur (CNV) en onbepaalde tijd (FNV). Gisteravond viel me direct al op dat werkgevers (anders dan bij de vorige, eendaagse stakingen) zullen proberen toch nog zoveel mogelijk van de dienstregeling te laten uitvoeren. Zo was het plan van Qbuzz om de plaatselijke buslijn toch eenmaal per uur te laten rijden. Tot op dit moment, 07.30 uur, is dat nog niet gelukt, maar elders in het land zie ik bij diverse lijnen toch vertrekkende bussen en steektreinen. Het doet me allemaal heel erg denken aan de grote poststaking van omstreeks 1986, toen ik hoofd van de personeelsdienst van het postdistrict Den Haag was. Ik zal daar in de komende dan bij die belangrijke periode in mijn levensbeschrijving nog wel op terugkomen, want die heb ik daar nog totaal niet vermeld. Het is vandaag ook de eerste dag van schitterend zonnig weer. Vandaag is het dus ook weer een lange dag voor mij.

Donderdag 28 juni 2018.

Het was vanmorgen even haasten. Qua timing liep het even een beetje uit de hand. Ik was nog maar net, door alle zeilen bij te zetten, precies op tijd bij de schoenmaker. Maar voor de zoveelste keer in mijn  leven was weer eens niet gedaan wat we al vele malen met elkaar (en ik al meer dan zestig jaar met al zijn voorgangers) hadden afgesproken. Het profiel van zool en hak was weer eens heel erg mooi, maar weer zeer minimaal. En voor de zoveelste keer moest ik weer herhalen dat ik geen mooie schoenen, maar alleen maar goede schoenen wil. Desondanks kreeg ik opnieuw heel mooie schoenen terug van reparatie. Dan nog maar weer een keer terugsturen en voor de zoveelste keer plus één vertellen dat ik geen mooie schoenen wil, maar alleen maar goede, dus dat ik een diep profiel bij zolen en hakken wil. Als iemand dat niet mooi vindt is dat niet mijn probleem. Ik had voor het eerst wel het gevoel dat deze schoenmaker meteen begreep wat ik bedoelde. Ik hoefde mijn zinnen niet echt af te maken. Een volgende keer in één keer goed graag en niet nog een keer in twee keer goed. Zou het na al die jaren ook nog eens keer echt helemaal de eerste keer eens goed gaan? Ik blijf het hopen. Zo langzamerhand wel tegen beter weten in.

Het UMCG had blijkbaar een nieuwe service, viel mij op. Er was speciaal op mijn wandelroute een standje voor ingericht. De introductie van ‘Mijn UMCG’. Dan kun je door in te loggen op ‘Mijn UMCG’ bij al je persoonlijke medische gegevens, zoals die daar over jou zijn opgeslagen. Dat kon alleen maar als je je persoonlijk daar met legitimatie meldde. Niet elektronisch of telefonisch. Waarschijnlijk bedoeld om fraude te voorkomen. Het ging dan wel om gegevens zoals die na begin december 2017 zijn opgenomen. Laat ik dat toch maar even doen, nu ik er toch langs liep en de vier aanwezige UMCG- dames op dat moment geen andere klant hadden. Bovendien had ik de tijd. Op een ander moment als ik het graag zou willen inzien, ben ik niet in de buurt of niet op de juiste tijd. De vier dames waren, bij gebrek aan een klant, gezellig met elkaar aan het keuvelen. Van mij mag dat. Zolang ik of anderen daar verder maar geen last van hebben. In de seconde dat ik tegen ze begon te praten, ‘stoven’ ze uit elkaar en ging ieder achter het eigen scherm zitten. Ik werd keurig netjes geholpen en na allerlei handelingen kon ik ook inderdaad terecht bij mijn eigen medische gegevens. Jammer alleen dat er geen enkel medisch gegeven over mij geregistreerd stond. Blijkbaar was mijn laatste bezoek bij een (para)medicus aldaar vóór 1 december 2017 geweest. Verrassend vond ik wel dat, terwijl ik bezig was, er ineens nog veel meer klanten voor hetzelfde kwamen, maar het personeel inmiddels, op één medewerkster na, verdwenen was.

Op de terugweg naar de huurauto liep ik langs een winkel voor modelbouwers. Nog altijd had ik alle tijd en ging ik even naar binnen om te kijken wat ze zoal hadden. Het was heel veel militair materiaal: tanks, vliegtuigen en oorlogsschepen. Geen huisjes of gebouwen. Daarvoor moet je blijkbaar bij een andere winkel zijn. Wel stond er in een vitrine een helemaal afgebouwde replica van de Duyfken: het VOC-schip uit 1595 dat in 1605 of daaromtrent, onder bevel van Jan Janszoon, als eerste westerse natie Australië ontdekte, toen nog Nieuw-Holland geheten.  Wat me meteen opviel was het enorme aantal kanonnen aan de kant waarop je kon kijken: 35 of 37 stuks. Ik nam aan dat er dan aan de andere kant nog eens zoveel kanonnen geweest moeten zijn. Zeventig of iets meer kanonnen dus bij elkaar. Dat kon onmogelijk waar zijn. Dat is niet historisch. De Duyfken was geen oorlogsschip, maar een verkennings- en handelsschip. Even gegoogeld maar. Daar bleek uit meerdere bronnen dat de Duyfken inderdaad slechts acht kanonnen had en een totale bezetting van twintig man had. Er is ook een echte replica gebouwd. In Australië, die zelfs al een keer in Nederland is geweest en nu weer terug is in Australië. Ik heb al eerder gedacht dat die modelbouwfirma’s die bouwdozen express extra ‘mooi’ en ingewikkeld maken. Anders is het te simpel en kun je niet zoveel geld ervoor vragen. Er zijn voor de Duyfken zelfs extra aanvullingsdozen voor extra kanonnen. Zo kun je inderdaad je omzet en winst flink opvoeren. Je wordt echt overal bij de neus genomen. Ook het personeel in de winkel was zich van geen kwaad bewust. Ze zouden de leverancier erop aanspreken. Als deze bouwdoos niet realistisch en echt is, wat zou er dan met al die andere bouwdozen mis zijn? De vraag stellen is hem beantwoorden.

Verder teruglopende naar de huurauto ben ik nog even langs het hoofdstation Groningen gegaan. Daar viel me op dat er permanent één tot vier bussen op het grote busstation aanwezig waren, net aankomend, wachtend, of op het punt van vertrek. Normaal zijn het er misschien wel tien tegelijk. Ten opzichte van een dag eerder zijn er nu veel meer werkwillige chauffeurs, al valt nog altijd meer dan de helft van de ritten uit. Ik schat in dat er nu elke dag meer bussen zullen gaan rijden. Wordt vervolgd.

Vrijdag 29 juni 2018.

De stilte voor de storm. Vandaag nog weer even naar de meukvrij-vleeswinkel in Musselkanaal. Gisteren nog maar even het boodschappenlijstje gemaakt en dat is wel een flink lijstje geworden. Ook voor broer Jan sla ik in namelijk. Straks nog even de vrieskast herinrichten, zodat ik alles netjes gerangschikt er in kan plaatsen.

Het is al een hele tijd droog en dat heeft tot gevolg dat de waterstanden in de rivieren steeds lager worden. De Rijn bij Lobith is op dit moment 8.21 meter, terwijl de laagste stand ooit, op woensdag 30 november 2011 was: 6,89 meter. Daar zijn we nog wel 1,32 meter vanaf. Al die keren dat het eerder gebeurde had ik graag langs IJssel en / of Rijn gelopen,  want dat geeft toch wel bijzondere uitzichten en dus plaatjes. Net als bij de hoogste waterstand ooit, 16,68 meter op 1 februari 1995. De Rijn gaat volgens de verwachtingen nog verder zakken, tot onder de 8 meter waarschijnlijk, want zover de voorspellingen reiken gaat er voorlopig ook geen regen van betekenis vallen. Wel is het bijzonder dat de huidige laagwaterstand eind juni / begin juli is.

Ik wil dus nog twee zaken in de gaten houden, die qua timing behoorlijk onvoorspelbaar zijn: zulke lage waterstanden in de rivieren dat een tochtje er langs bijzondere plaatjes zal gaan opleveren, wellicht in de komende weken al en de bloeitijd van de heide op de Posbank. Ergens in augustus, maar ook niet voorspelbaar op een week nauwkeurig, want dat verschilt van jaar op jaar. Ik wil het nu toch eindelijk eens allebei gaan meemaken.

Dan nog even een plaatje van een militaire parade van gisteren in Minsk, de hoofdstad van Wit-Rusland. Op de vertoonde banieren staan van links naar rechts respectievelijk het 1e, 2e en 3e Wit-Russische Front. De meest rechtse is ook een Front en ook een 1e, maar ik kan niet lezen wat voor Front dit nou zou zijn. Waar doet dit plaatje met figuren en teksten me nou toch steeds aan denken?  In de opvolgende colonnes van militairen worden zo te zien Palmpasen-stokken meegedragen, maar daar kan ik me in vergissen.

Zaterdag 30 juni 2018.

Vanaf vandaag is het onregelmatigheid troef, bij deze blog. Uiteraard zal ik steeds blijven proberen, zo mogelijk ook elke dag iets toe te voegen, maar dat zal op wisselende tijdstippen zijn, mogelijk ook af en toe in de avond. Dat komt uiteraard vanwege mijn regelmatige uithuizigheid. En als ik tussentijds thuiskom, kruip ik vast wel achter de computer, maar op andere tijdstippen dan anders gebruikelijk.

Gisteren inderdaad in Musselkanaal geweest en bij De Woeste Grond weer een voorraadje voor weken ingeslagen. Dit keer was er de slager aanwezig en was Eugénie afwezig. Maar ik werd net zo voortreffelijk geholpen. Op de snelste maar langste manier heen en op de kortste maar traagste manier weer terug. Zo zag ik nog eens wat van onze provincie. Onderweg bij displays bij bushaltes kreeg ik bepaald niet de indruk dat de staking bij het streekvervoer aan het aflopen was. Ook onderweg heb ik urenlang vrijwel geen bus gezien. Gelukkig ben ik er in deze periode ook even niet afhankelijk van. Ik hoop morgen wel de webstatistieken van 1 juli 2018 op de betreffende pagina op te nemen.

Recentere bijdragen bij pagina ‘Blog.