Hoofdstuk XX, van 1 tot en met 30 juni 2018.

Vrijdag 1 juni 2018.

Opnieuw een bijeenkomst van onze bewonerscommissie met vruchtbare resultaten. Er komen nog heel wat plannen en hun uitvoering in de komende dagen en weken.

De herziening van het jaar 2017 op deze website is nu af. Werkende weg bekroop mij toch het gevoel, dat bij een volgende revisie, over enkele maanden, er een stuk rigoureuzer moet worden geschrapt. Naarmate de tijd verder wegkruipt, worden voorvallen vaak toch minder belangrijk.

Nu de maand mei 2018 voorbij is, kunnen we vaststellen dat de dip in het aantal bezoekers die in het twaalfmaandelijkse gemiddelde na april kwam, intussen weer helemaal is weggewerkt en zelfs meer dan dat. We hebben weer een nieuw hoog bereikt in bezoekersaantallen. De dip kwam omdat april 2017 een (voor mijn doen) bijzonder hoog aantal bezoekers op de websites heeft verwerkt en mei 2017 (en ook juni 2017 trouwens) juist een relatief laag aantal. Zelfs door het kiezen van een twaalfmaandelijks gemiddelde blijven er nog stevige schommelingen voorkomen, met toch een blijvend doorgaande vermeerdering als tendens. Op de betreffende pagina op deze website vindt u meer details. Voor zover we al op 1 juni kunnen voorzien, dus met veel onzekerheid, vermoed ik toch dat ook juni weer verdere groei zal geven.

Ook traditiegetrouw heb ik op de 1e van deze maand weer naar de energiestanden gekeken. Zoals ook te verwachten was is het jaarverbruik nog weer verder gedaald. We zitten nu op een jaarverbruik (1.6.17 – 1.6.18) van 2183 kWh elektriciteit en 1352 m3 gas. Vóór de isolatie was dat ca. 2500 kWh en ca. 1800 m3. Het is ook 87 kWh en 52 m3 minder dan het jaargebruik van een maand eerder. Dat is toch wel een beetje verrassend als het om de elektra gaat. Elektriciteit is toch vooral licht en apparaten en dat zou ongeveer gelijk gelijk moeten zijn. Ik kan nog niet bedenken waarom het dit jaar toch minder is. Mei 2018 was daarentegen wel een warme maand, warmer dan mei 2017, dus een teruggang in gasgebruik was wel te verwachten.  We moeten deze maandelijkse ‘operatie’ nog enkele maanden volhouden, tenminste tot 1 november van dit jaar om het effect van de isolering goed vast te kunnen stellen.

Zaterdag 2 juni 2018.

Weer een complete dag van huis. Dus hier maar een kleine bijdrage. Intussen ben ik begonnen aan het boek ‘A Higher Loyalty’ van James Comey, de voormalige door Trump ontslagen FBI-directeur. Het boek telt 277 bladzijden en ik ben gisteren op pagina 192 aangekomen. Opmerkelijk is dat Trump tot hier nog maar één keer is genoemd en nog wel terzijde. Het gaat tot hier vooral over zijn loopbaan en de morele en ethische dilemma’s waar hij voor gestaan heeft. Van het bestrijden van de Amerikaanse maffia en de wijze waarop hij en zijn voorgangers leiding hebben gegeven aan de FBI. Ik kom natuurlijk nog tot een analyse als ik het uit heb. Dat zal al over enkele dagen zijn.

Zondag 3 juni 2018.

Gisteren vertrok ik dus al vroeg van huis, zoals ik gisteren al meldde. Deze dag was weer het jaarlijkse lunchuitje met ‘oude’ vriend, en ex-collega sedert 1967 namelijk: Hans Esveld. Het was weer de gebruikelijke plek in Rijswijk. Een verrassende ‘onthulling’ van Hans was wel dat de buslijn  van de HTM die tegenwoordig lijn 22 is, en waarmee ik vroeger naar school ging en/of naar padvinderij: eind vijftiger en begin zestiger jaren buslijn K was. Hans vertelde dat met veel overtuiging, dus ik ga ervan uit dat dat waar is. De huidige lijn 23 heette toen volgens hem buslijn L. Ik zie die bus K nog altijd voor mijn geestesoog rijden. Van die heel ouderwetse bussen, die dan elke keer de helling van de Koninginnegracht opgingen en dat met veel uitstoot en lawaai ook elke keer weer presteerden. Ze kwamen dan uit de Riouwstraat en daarvoor van het Nassauplein. Aangezien deze route niets te maken kan hebben met mijn school, die immers aan de Zonnebloemstraat en de Klaverstraat stond, moet het wel padvinderij in de Brusselselaan geweest waardoor ik deze bus gebruikte. Het clubhuis aan de Brusselselaan 15 Scheveningen,  dat er nog altijd staat en kennelijk ook nog af en toe in gebruik is, werd als splinternieuw gebouw in gebruik genomen in mei 1964. In mei 1964 was ik – als 17-jarige –  nog verkenner en als verkenner werd ik nog vervoerd door de vrijwilligers van de Stichting Vreugd voor Gebrekkige Jeugd, die bij mijn weten ook nu nog bestaat, maar nu vast een soortgelijke maar andere naam zal hebben. Tegenwoordig is er immers geen Gebrekkige Jeugd meer. Pas na het zomerkamp van 1965 werd ik assistent-leider bij die groep en moest ik dus voor eigen vervoer zorgen. In het voorjaar van 1971 kreeg ik mijn rijbewijs en meteen ook mijn eerste auto. Dus de hele periode van najaar 1965 tot voorjaar 1971 kwam ik per openbaar vervoer naar de Brusselselaan. De buslijnen van de HTM in letters (K en L, maar ook andere) moeten dus dateren tenminste vanaf najaar 1965 tot …..?

Na de lunch heb ik weer de wandeling gemaakt die ik al vaker heb gedaan. Eerst naar station Voorburg, voor een drankje en een blokje kaas, en daarna naar station Voorschoten. Onderweg naar station Voorburg kun je haast niet anders dan pal langs de graven van de familie Jacobs te lopen. Het bleek dat inmiddels alle planten op dat graf daar helemaal dood zijn. Alleen de planten er omheen woekeren net als eerst er weer flink op los. Daar is duidelijk al jaren niemand meer wezen kijken. Na Voorburg nog even langs het Eiland van ome Nick, voor hun ouderwetse gehaktbal. In Voorschoten kwam ik uiteindelijk om even over zes uur aan. Tegen half zeven was ik Leiden en om even over zeven zat ik bij een Chinees in de Steenstraat. Aspergesoep met krab. En daarna kip met cashewnoten. Dat laatste gerecht natuurlijk vooral omdat ik deze dag mijn nootjesrantsoen miste. Om half negen zat ik weer in de trein en om half twaalf was ik weer thuis. Ondanks ruim 20 kilometer lopen was ik met het sterk afwijkende eetpatroon, vanmorgen toch weer bijna een kilo aangekomen. Dat gaat er de komende dagen ongetwijfeld weer vanaf.

Maandag 4 juni 2018.

Zo zie je maar weer hoe sterk je je kunt vergissen. Volgens een website over de HTM-historie verdwenen alle buslijnen met een letteraanduiding al op 31 oktober 1955 van de Haagse wegen en werden ze omgedoopt in bussen met een cijfer als lijnnummer. Op 14 december 1954 mocht ik voor de eerste keer ‘genezen’ naar huis, terwijl ik ook in 1955 nog enkele maanden in een volgend ziekenhuis heb gelegen. Ik weet niet meer hoe ik op 14 december 1954 van Katwijk naar huis in Den Haag ben gekomen. Met openbaar vervoer? Of met een ambulance? Vermoedelijk toch met openbaar vervoer, omdat ik immers ‘genezen’ was verklaard. Mijn huis was vanaf 14 december 1954 de Stuwstraat 241 in Den Haag, maar naar school ging ik nog niet. Als de eerste schooldag van mijn leven noteer ik 9 januari 1956: de Eerste Nederlandsche Buitenschool aan de Doorniksestraat in Den Haag. Ik heb dus zeker wel enkele keren in die letterbussen gezeten (controle bij de GGD bijvoorbeeld), mogelijk reed er wel een buslijn door de straat, maar ik ben er dus nooit mee naar school geweest.

Hierboven dus de bus die ik bedoel, maar dan met de letter L, de latere lijn 23 dus. De bus die met zoveel rook en lawaai, met Kromhout dieselmotoren, de Koninginnegracht opreed was dus geen letterbus, geen bus K, maar wel een voormalige letterbus, die inmiddels bus 22 was geworden.

Verder het afgelopen etmaal een rustige dag gehad. Alles gedaan wat ik wilde doen, zonder veel bijzonderheden.

Dinsdag 5 juni 2018.

Geleidelijk neemt het leven weer zijn  normale gang en komt ook mijn gezicht weer helemaal op peil. Afgelopen vrijdag had ik op onze markt nog een gesprekje met de kraambeheerster van een grote groente- en fruitkraam. Op mijn vraag wanneer er weer verse doperwten en kapucijners te koop waren, antwoordde ze dat ze die niet verkochten. Er was volgens haar geen vraag naar. Gisteren bij mijn overspoorse groentewinkel waren zowel verse kapucijners als verse doperwten volop te koop. Hier beweerde de winkelier dat deze groenten, zodra ze er zijn, steeds weer meteen uitverkocht zijn. Precies het tegenovergestelde van wat de marktkoopvrouw zei dus. Het deed me denken aan die bloemenverkoper die, toen ik hem vroeg naar gele bloemen, meteen zei dat hij die aan de straatstenen niet kwijtraakt, dus dat die alleen met Pasen bij hem te koop waren. Honderd meter verderop stond dezelfde dag de Albert Heijn ‘vol’ met gele bloemen van allerlei soort. Twee klanten vóór mij kochten allebei gele bloemen en ik als derde klant ook. Kleine neringdoenden, en waarschijnlijk ook grotere kopen vaak in op basis van hun ‘ervaring’. Maar beter is: op basis van een jarenlang ingesleten vooroordeel. Daardoor doen zij zichzelf tekort. Als zo’n ondernemer een nieuwe medewerker gaat aantrekken, die wel gele bloemen of verse doperwten wil gaan verkopen, dan wordt hij of zij niet aangenomen, omdat de sollicitant niets snapt van de business.

Vandaag dus een bezoek aan de notaris. Het zal mij benieuwen.

Woensdag 6 juni 2018.

Vandaag is het de 74e verjaardag van D-day 1944 en geen enkele krant brengt het. Dat is vele tientallen jaren wel anders geweest. Gaan we eindelijk de Tweede Wereldoorlog tot het verleden laten behoren? In sommige opzichten is dat misschien wel wenselijk, maar zeker niet in elk opzicht. Gisteren was mijn vuilniscontainer niet geleegd. Toch stond hij ruim op tijd op de afgesproken plek, tussen tientallen andere containers.  Een telefoontje naar de milieudienst werd wel snel en klantvriendelijk opgenomen en het zou meteen aan de opzichter worden doorgegeven, maar verder heb ik niets gemerkt. Vandaag nog maar weer een keer gaan bellen. Als je eenmaal in een ambtelijke bureaucratie terecht bent gekomen, dan ben je nog niet jarig. Gisteren ook de notaris bezocht. Dit keer over mijn testament. Bijna alles wat ik wist of veronderstelde, bleek ook inderdaad zo te zijn, maar er zaten toch wel enkele kleinere verrassingen bij. Wat me vooral verheugde was dat het tarief bij deze notaris ook inderdaad het tarief is. Althans dat werd mij gemeld. Ik baal van notarissen die wel een concreet tarief tevoren beloven, maar achteraf met een veel hogere rekening komen. Dat zal me bij deze niet gebeuren, zo werd mij verzekerd, tenzij ikzelf aanvullende wensen en eisen ga stellen. Ik ben benieuwd of dat nu ook echt klopt. Te zijner tijd hoort u hier dus meer van. Op voorhand waarschuwde iedereen me dat de plaatselijke notaris heel erg dur zou zijn. Ook dat viel me enorm mee. Hij zat slechts 50 euro duurder dan ‘de goedkoopste notaris’, maar daar staat het voordeel tegenover dat dit kantoor slechts op 200 meter van mijn huis gelegen is.

Ik heb James Comey’s boek, A Higher Loyalty, uit. En na de laatste bladzijde had ik er een uitstekend gevoel bij. Het boek gaat overigens voor zeker 80 procent over zijn geschiedenis voorafgaand aan de Trumpperiode, maar daardoor krijg je wel een veel beter gevoel bij wat hij de laatste 50 pagina’s die over zijn relatie met Trump gaan, bedoelt te zeggen. Wat ik me niet heb gerealiseerd is dat hij op 9 mei 2017 van Trump zijn ontslag kreeg als Directeur van de FBI (in feite omdat Comey niet wilde beloven dat het Ruslandonderzoek zou stoppen, al was Trump daar op dat moment zelf geen onderwerp bij) en dat op 17 mei 2017, dus amper een week later, Robert Mueller III (Comeys voorganger als FBI-directeur) werd benoemd tot speciaal aanklager voor de bemoeienissen van Rusland bij de presidentsverkiezingen van 2016. Comey zelf was op het moment dat hij ontslag kreeg in Californië voor een toespraak tegen studenten over recruitment voor de FBI. Het bericht verscheen op een soort lichtkrant in de zaal, tot ieders verrassing, ook het zijne, terwijl hij aan het woord was. Pas de volgende dag kreeg hij zelf het bericht van de President. Wat een bizarre toestand.

Donderdag 7 juni 2018.

Ook het volgende telefoontje naar de milieudienst over de niet-geleegde container werd opnieuw bijzonder klantvriendelijk beantwoord, maar enige actie daarna: ho maar. Dat wordt dus maar eens de proef op de som nemen en elke dag gaan bellen. Kijken wanneer er een keer actie komt, als het iemand gaat vervelen of ergeren.

Gisteren ook de tandarts gehad voor een voorlopig laatste controle en plannen gemaakt om mijn gebit en daarmee mijn aanschijn nóg mooier te maken. Tjonge, jonge. Ga ik toch maar weer eens de draad oppakken van volgende misterverkiezingen, waar ik des te kansrijker zal zijn aangezien de badpakronde blijkbaar voortaan niet meer hoeft.  Dat geldt in elk geval voor de miss worldverkiezingen en inmiddels ook voor de miss Nederland verkiezing. Het is nog niet in het nieuws geweest, maar ik ga er toch van uit dat, met het gelijke kansen beleid van tegenwoordig, dat dat voortaan ook gaat gelden voor de misterverkiezingen, dus ook voor mister Nederland: geen badpakronde meer.  Ik heb ook nog geheel eigen ideeën over de wereldvrede en over arme landen, dus ik kom er dan wel. Ik ga dus nog een geheel nieuwe carrière tegemoet.

Vervolgens zaken voor de bewonerscommissie in orde gemaakt en een brood gebakken. Ik ben van alle markten thuis, dat merkt u wel. Tenslotte nog een stapel oud papier versnipperd. In kastjes en lades waarvan ik dacht dat daar alleen stapels oude landkaarten en plattegronden moesten liggen, bleken toch ook nog enkele stapels oude papieren te liggen. Zeker een halve meter. Ze komen vooral uit de negentiger jaren. Dus er is ook nog een kans dat dit nog aanvullingen gaat geven voor mijn levensoverzicht. Ook mijn kaartenverzameling gaat nu op de schop. Ik bewaar in elk geval nog wel alle oude topografische kaarten, uit binnen- en buitenland. Daar staat precies op hoe het was, dus dat kan voor historisch onderzoek nog wel van belang zijn. Je kunt er overigens ook nog wel op lopen. Kerktorens, spoorlijnen en oudere oude gebouwen en bouwwerken veranderen niet zo vaak van plaats en blijven doorgaans juist eeuwen onveranderd staan.  Het was juist steeds een hobby van me om op heel oude stafkaarten te wandelen, waarbij je in je omgeving doorgaans wel kon zien dat straten, wegen en bouwwerken van een datum moesten zijn, van na het uitkomen van de kaart. De toeristische kaarten, uitzonderingen daargelaten, gooi ik dan allemaal weg. Ook dat ruimt weer enorm op.

Vrijdag 8 juni 2018.

Zo langzamerhand kom ik door mijn huiswerk heen. Het wordt nu wachten, op hetzij een reactie van de geadresseerde, als het om een brief of e-mail ging, of tot de volgende vergadering. Elke keer dat hetzij de bewonerscommissie of het platform heeft vergaderd, blijft er wel het nodige huiswerk voor me achter. Dat vind ik niet alleen geen probleem, ik ben blij dat ik mij nog altijd nuttig kan maken voor de medemens. Dan doe ik ook nog mee met de verkiezingen van mijn pensioenfonds. Daar bleken deze keer niet minder dan vijf kandidaten voor te zijn voor twee plekken. Twee kandidaten zijn al zittende bestuursleden, die voor een verlenging van hun mandaat gaan, dus de kans dat dit nog wat wordt lijkt me uitzonderlijk klein. Eind volgende week zouden we dit ook moeten kunnen afsluiten. Je kunt niet tevoren weten hoeveel kandidaten er zullen zijn. Voor hetzelfde geld waren er twee kandidaten voor twee plaatsen geweest en dan ben je bijna automatisch benoemd.  Dat geeft alleen maar weer extra ruimte voor nieuwe zaken, wat mij betreft. Over een goede week gaan we die dan verder invullen.

De kwestie van de niet-geleegde container is nog altijd niet opgelost. Gisteren voor het eerst een vrij boze reactie gegeven. Wellicht nemen ze die wat serieuzer.

Zaterdag 9 juni 2018.

Gistermiddag laat dan eindelijk contact op hun initiatief met de milieudienst van de gemeente Groningen. Dat werd dan het vierde gesprek over dezelfde supersimpele kwestie. Binnen een minuut moest ik helaas vaststellen dat er toch weer een nieuw misverstand kwam. De dame had de oplossing: ik kon de container komende dinsdagmorgen gewoon langs de weg zetten, want dan wordt hij alsnog geleegd. Dat leek me erg sterk. Komende dinsdag is bij mijn weten de dag voor de groene containers en dan komt er nooit een vuilniswagen bij ons langs. Geen enkele bewoner van ons buurtje heeft een groene container en die worden dan ook nooit geleegd. Dus komt er dan speciaal voor mij een vrachtauto mijn grijze container legen, terwijl het dan de dag voor de groene containers is? De dame: maar het gaat toch bij u om een niet-geleegde groene container? Nee mevrouw, het gaat bij mij om een niet-geleegde grijzecontainer. De dame: maar ik heb hier bericht dat u een klacht heeft over een niet-geleegde groene container. Nee mevrouw. Dat heb ik nooit gezegd en bovendien heb ik en heeft niemand in deze buurt een groene container. Dus daar kan het ook nooit over gegaan zijn. Dame: dan heb ik dus ook nog de oplossing niet. Ze had duidelijk de smoor in dat ze intern slecht was geïnformeerd. Dus peperde ik haar nogmaals even in dat het toch echt ging over de grijze container. Ja, dat had ze inmiddels echt wel begrepen. Maandag neemt ze dan weer contact met me op. Dat wordt dan het vijfde gesprek. Als je eenmaal in de bureaucratische gemeentemolen terecht bent gekomen, dan ben je nog niet jarig. Ik zie al aankomen dat hij pas op de volgende reguliere dag wordt geleegd: dinsdag nog een week later. Dan ga ik er wel bij staan met een fototoestel in de hand. Want nu wil ik natuurlijk bewijs hebben, als hij opnieuw niet geleegd wordt. Dat zal ik maandag dan alvast wel aankondigen, of ze dat nu leuk vinden of niet.

Aan de andere kant kreeg ik gisteren van onze eigen gemeente wel het bericht, over de WOZ-waarden en de verdwenen tuinen, met precies de inhoud die we ook hadden afgesproken. Behalve dan dat we uiterlijk 1 september aanstaande uitsluitsel over deze – eveneens erg ingewikkelde – kwestie krijgen. Het duurt even want er moet namelijk onderzoek worden verricht, aldus de brief. Natuurlijk, daar heb ik begrip voor. Het kost slechts vijf minuten lopen over het terrein om vast stellen dat al het groen gemeenschappelijk is, maar ambtenaren hebben het uiteraard ontzettend druk, dat is bekend. Het viel me nog mee dat de komende vakantieperiode niet als argument hiervoor was aangehaald. Ik heb de brief even gescand en aan de andere leden van onze commissie ter informatie toegestuurd. Nu maar weer afwachten tot uiterlijk 1 september.

Verder heb ik alle kwesties voor al mijn activiteiten nu afgedaan. Dus vanaf vandaag heb ik een schone lei. Die kan ik mooi gaan gebruiken voor het verder opschonen van de onlangs ontdekte stapel oude papieren en mijn kaartenverzameling. Dat heeft geen enkele haast, maar ik wil er toch maar liever vanaf zijn. De komende week zie ik alweer allerlei nieuwe taken en afspraken opdoemen. Voorlopig verveel ik me nog altijd niet.

Zondag 10 juni 2018.

Turbulente internationale ontwikkelingen, het afgelopen etmaal. Met Trump die weigert de slotverklaring van de G7 te onderschrijven en intussen de Canadese premier Trudeau beledigt. Het is allemaal natuurlijk geen hoogstaande diplomatie, maar voorlopig zie ik nog geen dramatische consequenties, al kunnen die er zomaar onverwacht komen. Dezelfde Trump is onderweg naar Singapore, voor de historische ontmoeting met de Noord-Koreaanse leider Kim-Jong-Un.  Binnen een minuut weet hij of deze top nog wat kan worden. Tja. Heel veel weet ik nog altijd niet van Trump, maar zijn selecterende kwaliteiten, onder meer gegeven zijn record aantal ontslagen en nieuwe benoemingen, direct om zich heen, kan niemand heel erg hoog inschatten, zelfs hijzelf niet.

Nadat ik op een punt was aangekomen, gisteren, waarin ik al mijn verplichtingen tot nagenoeg nul had teruggebracht heb ik de zaterdag grotendeels in ledigheid doorgebracht. Dat kan ik ook heel goed: urenlang helemaal niets doen. Dat zal heel zeker ook veel, zo niet alles, met mijn jonge jaren te maken hebben, waarin ik zelfs jarenlang elke dag absoluut niets mocht doen. De standaardbehandeling voor TBC was toen immers rust en frisse lucht, hetgeen in Katwijk aan Zee wel heel erg letterlijk werd genomen. U zie daarvoor het verslag over mijn jonge jaren op deze website. Wellicht dat ik vandaag wat actiever kan worden. Hoewel het WK Voetbal voor de deur staat, kijk ik daar totaal niet naar uit. Niemand zal mij de komende weken urenlang voor de beeldbuis zien zitten. Wellicht dat ik nog een stukje van de finale ga zien, maar ook dat is bepaald niet zeker. Ik heb gewoon niets met voetballen. De Tour de France begint dan pas weer begin juli.

Maandag 11 juni 2018.

En zo gebeurde het nog om kwart over acht vanmorgen. De gemeente Groningen/milieudienst aan de lijn met het bericht dat vanmiddag alsnog mijn container wordt geleegd. Dat is dan zes dagen na de afspraken maar vooruit, ik ben al blij dat het gebeurt. En nu nog even checken of dat inderdaad gebeurt en vanmiddag gebeurd is. Dan zijn allerlei boze gedachten weer verleden tijd en gaan we weer over tot de orde van de dag. Vanmorgen viel me opnieuw op dat ik al een aantal keren langer wacht met het doen van de was dan ik jaren gedaan heb. De norm was altijd en is nog steeds, dat ik zoveel was wil hebben dat ik die nog precies op het droogrek kwijt kan. Al enkele keren kostte dat veel moeite, waaruit bleek dat ik eigenlijk iets te lang had gewacht. Voordeel is natuurlijk nu wel dat ik minder stroom verbruik. Dat is geen bewuste keuze, maar een onbedoeld effect. Ik heb in elk geval ook nog niets gestookt deze maand, dus dat zal per 1 juli, als ik weer een tussenstand opmeet, te merken moeten zijn.

Af en toe, als ik weer helemaal terug ben op mijn streefgewicht, mag ik van mezelf een keer uit de band springen. Gisteren was dat weer het geval en het werd een kaasfondue. Bepaald geen slank gerecht, maar in elk geval een gerecht zonder viespeukerij. Het beviel uitstekend en ik was vanmorgen maar enkele onsen aangekomen. Dat gaat er vandaag wel weer af.

Gisteren ontdekte ik een nieuw ijsmerk, ‘zonder meuk’. Hertog-ijs is naar mijn mening je reinste smerigheid. Ik had wel eens verteld dat bijvoorbeeld in advocaatijs van Hertog geen gram of druppel advocaat zit. En uiteraard wel diverse soorten vergif. Daarna kwam de ontdekking van Dickninghe-ijs afkomstig uit Rogat, in Drenthe bij Meppel. Dat was alweer iets beter, met in hun advocaat-ijs wel 5% advocaat. Als je op internet een recept voor zelfgemaakte advocaatijs zoekt, zul je merken dat dan in recepten 30 tot 40 % advocaat wordt voorgeschreven. Kijk, dan heb je advocaat-ijs. Het pistache-ijs van Albert Heijn, waarvan je zelfs twee soorten hebt, bevat ook geen of nauwelijks pistachenoten. Maar Dickninghe is in elk geval een pietsie beter dan het waardeloze merk Hertog en het even waardeloze huiswerk van Albert Heijn, als het om consumptie-ijs gaat. Allemaal op smaak gebracht door een batterij hulpstoffen en chemische toevoegingen, en op volume gebracht met vulmiddelen. Gisteren ontdekte ik het ijsmerk Sonneclaer, gemaakt in de buurt van Hoogeveen en alweer in Drenthe. Zonder meuk in elk geval, naar men zegt. Het is ook te koop in Musselkanaal in Groningen, waar ze ook vlees en vis ‘zonder meuk’ verkopen. Als ik woensdag toch in die streken rondtoer dan ga ik er maar eens langs. Eerst dan langs Hoogeveen en daarna via Musselkanaal. Probleem is dan natuurlijk wel dat ik eventueel gekocht ijs zeker een uur goed moet houden, voordat ik het thuis in de vriezer kan leggen. En dan heb ik natuurlijk net mijn beide kleine koelkastjes weggegooid. Dat worden dus enkele dekens, die ik gelukkig nog wel heb bewaard. Het volgende probleem is natuurlijk wel dat als Sonneclaer echt goed en lekker ijs is, dat dat vast een aanslag gaat doen op mijn gewicht. Dat zien we dan later wel weer.

Dinsdag 12 juni 2018.

De container is gisteren inderdaad geleegd. Weg irritatie en op naar de volgende volle container. De eerste twee zakken zaten er alweer binnen enkele uren in. Toch moet ik nog zien dat hij volgende week dinsdag weer vol zal zijn, als de volgende leging weer moet plaatsvinden, want het wordt in huis en ook in de berging toch nog steeds leger. Daar staat niet meer zo veel om nog weg te gooien al is de opruimactie nog altijd niet af.

De ijsmaker Sonneclaer bij Hoogeveen heeft daar geen winkel, dus dat spaart in elk geval een bezoek. Musselkanaal verkoopt dan toch ook dit ijs, dus dat ga ik dan wel bezoeken. Morgenmiddag weten we hier meer van.

De top tussen Trump en Kim-Jong-Un is kennelijk tot beider tevredenheid verlopen. We leren nog wat er echt gebeurd is en welke overeenkomst ze nu precies hebben gesloten. Wel vielen me commentaren in zowel de Washington Post als in de New York Times over Trump op, die naar mijn inschatting qua toonzetting steeds venijniger worden. “Finally, a president with te guts to stand up to Canada.” een analyse van Dana Milbank in de Washington Post. Je denkt heel even dat je in een andere wereld terecht bent gekomen, maar het stuk druipt werkelijk van bijtend sarcasme. En dan Paul Krugman in de New York Times met het artikel: “A Quisling and his Enablers.”.  Als je het stuk leest vraag je je alleen maar af waarom hij nou juist Quisling als voorbeeld neemt, om aan te geven dat potentaten niet alleen geen enkele tegenspraak dulden, op straffe van verwijdering uit de omgeving van de potentaat, zo niet erger, maar dat potentaten vervolgens alleen maar jaknikkers om zich heen verzamelen. Daarmee bedoelt hij niet alleen de eigen staf van Trump, maar ook de leden van het Amerikaanse Congress, die zich naar zijn mening schuldig maken aan “immobility by a combination of venality and cowardice.” Ze zijn “onbeweeglijk door een combinatie van  omkoopbaarheid en lafheid”. Tjonge, dat zijn nog eens heftige beschuldigingen. Als je er even bij stilstaat is het inderdaad zo dat alle potentaten uit het verre en het recentere verleden zich steeds hebben omringd door uitsluitend  jaknikkende volgelingen en dat niemand in hun omgeving ook maar een vinger tegen ze durfde te verheffen. Dan is Quisling inderdaad maar een tamelijk slap voorbeeld. Hoe komt dat dan toch? En wat valt er dan tegen te doen? Ik wou dat ik het antwoord wist.

Woensdag 13 juni 2018.

Vandaag weer eens een lange dag buiten de deur. Met bezoek aan onder andere Musselkanaal, voor het meukvrije vlees en het meukvrije ijs. Ik ben benieuwd.

Nu de stofwolken over de ontmoeting tussen Trump en Kim zijn opgetrokken, overheerst toch wel in de internationale media, de teleurstelling, naast de tevredenheid over het feit dat je beter met elkaar kunt praten dan oorlog voeren. Tegelijk kennen we de appeasement-politiek van Chamberlain, die ook praten belangrijker vond dan oorlogvoeren, maar dat toen leidde tot de vreselijkste oorlog die de mensheid tot dan toe gekend had. Voorlopig zie ik – en met mij vrijwel alle media – dat alleen de V.S. echt iets concreets hebben toegegeven, namelijk het afschaffen van militaire oefeningen, en aan de kant van Kim er alleen nog maar beloften zijn. Kim is volgens iedereen de winnaar. Voorlopig dan. Alleen Fox-news ziet alles anders. Maar die zender keurt zo ongeveer alles goed dat Trump onderneemt. Voorlopig moeten we afwachten hoe deze zaak zich verder ontwikkelt.

Donderdag 14 juni 2018.

Het verschijnsel Trump blijft niet alleen verbazen, ik kom ook steeds meer tot de conclusie dat hij weliswaar in veel opzichten een onberekenbare en grillige en ook vaak liegende president is, allemaal slechte eigenschappen, maar dat hij toch ook sommige zaken juist heel goed aanpakt.

Trump was right to spike the Trans-Pacific Partnership. He is right to demand a sunset clause for Nafta. When this devious, hollow, self-interested man offers a better approximation of the people’s champion than any other leader, you know democracy is in trouble.

George Monbiot is a Guardian columnist

Deze George Monbiot ziet ook de grote bezwaren tegen Trump, maar ook tegelijk waar hij het bij het rechte eind had en heeft.  Hij concludeert tot een negatief oordeel. Zover ben ik nog niet, al zit ik er dichtbij.
In het hele stuk in The Guardian  geeft hij een aantal voorbeelden waarin Nafta (de Noord-Amerikaanse vrijhandelsorganisatie) heeft gefaald. Als eenmaal, na lange onderhandelingen, een overeenkomst is gesloten hebben alle partijen de neiging vervolgens het maximum in hun voordeel daaruit te halen. Dat levert dan rechtszaken op, die uiteindelijk een winnaar opleveren, met een uitkomst, waar soms geen van de oorspronkelijk onderhandelende partijen ooit aan gedacht had. Dat was niemands bedoeling.
Het deed me denken aan mijn eerste stappen als raadslid van de gemeenteraad van Bodegraven, midden tachtiger jaren. De raads- en commissievergaderingen werden er uitgevoerd volgens de richtlijnen van het Reglement van Orde van de Gemeenteraad van Bodegraven. Dit Reglement was ergens voor mijn tijd, waarschijnlijk lang voor mijn tijd, aldaar een keer ingevoerd en beheerste alle handelingen. Zo was er de regel dat een voorstel om iets te mogen bespreken in de Raad moest worden ingediend door tenminste twee leden. Nu had je volgens alle regelen van de Kieswet een zetel bemachtigd met tenminste het voorgeschreven aantal stemmen en dan mocht je nog altijd niet zeggen wat je wilde, terwijl dat volgens mij nou juist de bedoeling van verkiezingen en democratie was en is. Ik ervoer dit Reglement van Orde, waar de Burgemeester en anders wel een Wethouder of een Raadslid van de meerderheid te pas en te onpas mee zwaaide om mij en anderen de mond te snoeren, als een keurslijf of nog beter gezegd: een dwangbuis.  Het onderwerp was niet aan de orde en je kon het ook niet aan de orde stellen. Met het inzicht van vandaag had ik dit natuurlijk luid en duidelijk aan de orde moeten stellen, maar zover was ik nog niet.
Zoiets als Nafta moet je periodiek herzien of moet tenminste een tijdelijk leven hebben. Het bezwaar daarvan is natuurlijk dat bedrijven zeggen voor de lange termijn te willen investeren en zoveel mogelijk zekerheid zoeken. Dat zeggen ze wel, maar dat is eigenlijk heel eigenaardig. Want juist bedrijven, zeker de grotere, zijn juist elke dag bezig om beslissingen te nemen die alleen op korte termijn, het aandeelhoudersbelang, scoren. Aandeelhouders willen hogere koersen en niet over tien jaar maar liefst nog vandaag. Hoe sneller hoe beter.
Aan de andere kant had Trump onoverkomelijke problemen met de overeenkomst met Iran, juist omdat daar wel een einddatum in stond. In de afspraak met Kim staat dan dus geen einddatum. Dus Trumps visie is blijkbaar: in overeenkomsten met ‘schurkenstaten’ moet geen einddatum staan, maar in overeenkomsten met vrienden juist wel. Ik kan hem nog maar moeilijk volgen.
Gisteren dus het bezoek aan De Woeste Grond in Musselkanaal voor meukvrij vlees en ijs. Ik ben er vertrokken met twee Eisbeinen (?), twee stukken klapstuk, vier biefstukjes, meerdere soorten vleeswaar en drie pakken ijs van het merk Sonneclaer. Uiteraard moet k het nog proeven, maar ik weet nu al dat dat goed moet zijn. De chemische industrie, waarvan alle supermarkten zo ontzettend veel producten in huis hebben, zorgen er nu juist voor dat het stukje vlees of het ijs dat je daar koopt, met behulp van chemicaliën net smaakt naar wat er op de verpakking zit, zonder dat de op de verpakking vermelde product de beloofde inhoud bevat. Dat is ook de kunst bij deze gifmengers: het ziet er allemaal net echt uit en het smaakt en ruikt zelfs naar wat er op het plaatje staat. Maar hun biefstukken bevatten 50% water en hun pistache-ijs bevat geen of minimaal pistachenoten, als staan ze wel  mooi gefotografeerd op de verpakking. Dus als het kloppen wil smaakt de echte biefstuk hetzelfde als de nepbiefstuk. Als er al verschil is, dan moet je toch aannemen dat de echte biefstuk ook het beste zal smaken. Het ijs van Sonneclaer bevat daarentegen Johannesbroodpitmeel en Guapitmeel, alsmede maisdextrose. Dus ook Sonneclaer volgt dezelfde strategie als de gifmengers: we gebruiken wel E-nummers, maar we noemen ze niet zo. Dan klinkt het natuurlijker en echter. Johannesbroodpitmeel is namelijk E410 en Guapitmeel is E412. Maisdextrose is dan wel geen E-nummer, maar het Voedingsbureau kan hierover geen advies geven en verwijst gebruikers naar hun diëtist(e).  Bovendien heb ik nog geen enkel recept gezien als je zelf ijs wil maken, waarin staat dat je  E410, E412 en maildextrose moet gebruiken. Het is weer typisch een recept van een gifmenger dat ze gevolgd hebben is dus bepaald ook niet ‘meukvrij’, zoals de winkel stelt. Ijs kun je dus ook maar het beste zelf maken. Net als brood en een heleboel andere producten. Die zijn gewoon niet of nauwelijks gifvrij te koop.
Vrijdag 15 juni 2018.

Over mijn bevindingen over de E-nummers bij het door De Woeste Grond verkochte Sonneclaerijs heb ik de Woeste Grond meteen maar even per e-mail ingelicht. Het zou toch beneden hun stand moeten zijn dit ijs te verkopen als ze tegelijk met grote letters op hun website duidelijk maken, dat hun vlees en vis, ‘meukvrij’ is en dus o.a. geen E-nummers bevat. Het woord ‘meukvrij’ is van hen, dat zou ik zelf niet verzonnen hebben. Het moet zoiets betekenen als ‘vrij van ongewenste toevoegingen (waaronder E-nummers)’. Al snel, na een uur of zo, kreeg ik antwoord van ze. Ze waren het ook zelf nagegaan en gaven me helemaal gelijk. Ze bedankten me dat ik ze ‘met de neus op de feiten had gedrukt’ zoals ze het zelf zeiden. Ze hadden meteen besloten om wat ze nog hadden aan ijs te verkopen en verder met de verkoop van dit ijs te zullen stoppen. Het is gewoon en duidelijk niet ‘meukvrij’ en bevat tenminste twee E-nummers. Het zou gaan om een bevriende boerenfamilie, waarop ze onvoldoende kritisch zijn geweest. Ik weet niet of ik nu een vriendschap kapot heb gemaakt of beschadigd, maar ik vier dit toch wel als een leuke overwinning op de voedselmaffia.

De volgende fase is nu natuurlijk wel dat ik zelf mijn eigen ijs ga maken. Helemaal meukvrij, uiteraard. De eerste fase is nu de aanschaf van een ijsmaakmachine. Al een tijdje geleden had ik besloten dat ik een machine wil die zelf ijs kan maken en niet eentje die via-via je eigen vrieskist gaat. Zo’n zelfmaker is wel een stuk duurder en dat hield me er nog even vanaf.

Toeval wil dat zojuist mijn mega-aanslag 2017 in de bus viel. Van de week kreeg ik ook een forse rekening van mijn tandarts. Nu weet ik ook wat ik allemaal binnen enkele weken moet betalen en gelukkig geeft dat geen enkele zorg. Dus ook dit gaan we weer goed overleven en geeft waarschijnlijk ook nog de ruime voor een eigen ijsmaakmachine. (Wie legt me nog even uit waarom mijn systeem wel de ‘ijsmaaimachine’ kent, maar niet de ‘ijsmaakmachine’? Wie heeft er wel eens ijs gemaaid of ijs zien maaien? Met een machine dan, natuurlijk).

Zaterdag 16 juni 2018.

Gisteravond dan weer een etentje met zoon en schoondochter. Het was weer lekker en gezellig. De vooraankondiging van dit restaurant dat er tegelijk ook een bruiloftsetentje gaande was, boezemde me wel wat angst in. Ik kreeg al visioenen voor het oog, met in dezelfde ruimte lallende en hard zingende bruiloftsgasten, die elk ander gesprek in dezelfde ruimte onmogelijk zouden maken. Maar het was niets van dat al. Bij de ingang werden wel de bruiloftsgasten meteen de ene kant uitgeloodst en de overige gasten de andere kant. In het ‘gewone’ deel van het restaurant was het vervolgens uitgesproken rustig, terwijl we intussen geen enkel idee hadden waar zich dan het bruiloftsgezelschap zou kunnen bevinden. We hadden er dus niet alleen totaal geen last van maar hadden zelfs geen idee waar het gezelschap zou kunnen zijn. Zo kan het dus blijkbaar ook, als de ruimte maar groot genoeg is.

In Aswar-al-Awsat een artikel, overgenomen uit de Washington Post, over de situatie op de Balkan, het voormalige Joegoslavië. Na de Balkanoorlogen uit de negentiger jaren, is er opnieuw onrust, met dreigingen van aansluiting van het Servische deel van Bosnië aan Servië en van het Kroatische deel bij Kroatië, met alle complicaties tot gevolg. Met aanschaffingen van duizenden wapens. En Poetin speelt daarin uiteraard ook een rol. In Servië en in het Servische deel van Bosnië woont immers het Slavische broedervolk. Zelfs de beruchte Grijze Wolven, die voor Rusland optraden in de Krim en Oost-Oekraine, deden mee in een presentatie onlangs in dit gebied. En wat is er nu handiger voor Poetin om ook in dit gebied eens te gaan wroeten? Hier heeft hij geestverwanten die hem om hulp willen vragen, met een onberekenbare Trump en een Europese NATO, onder aanvoering van Duitsland, dat niet wil investeren in zijn eigen veiligheid, alleen met veldhospitalen. Dat is het toch vrij simpel scoren, kan hij denken. Als dat maar goed gaat. Ik kreeg het niet voor elkaar hier een link te plaatsen, dan maar het hele artikel:

I have a vivid memory of standing by a muddy road on a dark December afternoon in 1995, when I was chatting with two friends, one a Bosnian Muslim, the other a Bosnian Serb. We were all in the Bosnian city of Tuzla, working on CNN’s coverage of a war that had already claimed 100,000 lives and displaced millions — the worst conflict in Europe since World War II. The warring parties had just signed the US-brokered Dayton Accords, meant to put an end to three years of carnage.

I asked them whether they thought peace would hold, and they nearly winced at the question. But they agreed that everyone — Bosnia’s Muslims, Serbs and Croats — were tired of fighting. That alone would allow the agreement to hold.

A generation later, there are troubling signs that the hard-won peace is seriously faltering. Nationalist politicians are openly questioning the Dayton framework, which created two semi-independent “entities” within the country of Bosnia and Herzegovina: a Serb-run republic, and a federation of Croats and Muslims.

This time around, ethnic passions are rising amid a broader wave of nationalism across the continent, one ominously coinciding with a Russian campaign to undermine Western-friendly governments. If it was difficult for the West to bring an end to the fighting back then, conditions this time — with the Western alliance less united and nationalist populists making gains in many countries — would make it even more difficult to restore peace if the agreement breaks down. Europe and the United States, currently distracted with other problems, must act soon to keep Bosnia from going off the rails.

At the heart of the turmoil stands Milorad Dodik, the formerly moderate president of the Serb autonomous region that calls itself the Republika Srpska — a name chosen in 1992 by Radovan Karadzic, who was later convicted of leading a genocide against Bosnian Muslims.

Dodik has declared that he wants to secede from Bosnia and perhaps join Serbia proper. He is also backing Croats who say they want to have their own entity. The Bosnian Muslim leader Bakir Izetbegovic has responded by saying a third entity cannot be created without war.

Dodik has been defying the central government and drawing closer to Russian President Vladimir Putin, who is keen to exploit Serb grievances in the region. For the moment, Dodik has postponed a referendum on independence. But even after the top Bosnian court banned it, he held a test referendum to celebrate a national holiday on Jan. 9, the day in 1992 when Karadzic declared an independent Bosnian Serb state, which led to war. After Dodik defied the court decision, the United States imposedsanctions against him. But it has not deterred him.

This year’s Jan. 9 parade featured a very military-looking police force marching with automatic weapons, and it closed with a detachment from the Night Wolves, the Russian motorcycle gang that Putin has deployed in Crimea and Ukraine along with Russian forces. Also in the parade were the muscle-bound members of Srbska Cast, or Serbian Honor, a paramilitary group that Bosnia’s security minister says is being trained by Russians. Watching approvingly in the stands were Serbia’s ministers of interior and defense.

Bosnian leaders are growing alarmed at the stockpiling of weapons by the Serbs, who recently acquired an additional 2,500 automatic rifles, purportedly for their police force. The purchase is legal, but far out of proportion to those made by other local police units.

Dodik has been traveling frequently to Moscow, and Russian emissaries have been visiting Banja Luka, the seat of the Bosnian Serb region. During one such visit last month, Banja Luka was festooned with Russian and Bosnian Serb flags.

Dodik declared, “True friends such as the Russian Federation and its President Vladimir Putin have helped us to clearly set our goals, get back self-confidence and fight for our original rights.”

Russia wants Bosnia’s Serbs to block their country from joining NATO. In addition, the Kremlin has found that growing neglect by the West makes the fragile state fertile ground for its anti-Western strategy.

In October, Bosnia is scheduled to hold elections. Dodik is running for a seat in the three-member presidency. He says he is following a “path to independence.” Bosnians are worried he is leading the country to war.

To prevent a new calamity in the fractious part of the world where World War I started, the European Union, NATO and the United States should act without delay to boost their diplomatic engagement, strengthen their presence with experienced negotiators, and revive the functions of the office of the high representative, whose job is to monitor the implementation of the Dayton agreements.

In short, Bosnia needs urgent attention from democratic countries. Otherwise, the decades since Dayton will have amounted to a resting period between Balkan wars.

The Washington Post.

Zondag 17 juni 2018.

Na de meukvrije biefstuk, eerder in de week, was het gisteren de beurt aan mijn eerste meukvrije klapstuk. Hoewel ik een beetje was verrast doordat de meukvrije biefstuk nog wat bloed om zich heen had, wat ik niet bij de supermarktbiefstuk, maar ook niet van de Keurslagerbiefstuk kende, bleek dat ook de meukvrije klapstuk nog wat bloed had. En plots realiseerde ik me dat slagers zowel als supermarkten ervoor zorgen dat in hun vitrines, etalages en reclame-uitingen geen bloed te zien is. En dat al zolang als ik leef en hoogstwaarschijnlijk al veel langer. Ik kan het me ook wel een beetje voorstellen, omdat een etalage of vitrine met overal bloed natuurlijk geen fraai gezicht is. Dus zorgen ze ervoor dat alle vlees dat je ook koopt bloedeloos is.

Op vakanties zuidelijk van België en (zuid-)oostelijk van Duitsland staan me nog altijd de onsmakelijk uitziende slagerswinkels bij. Ik moe(s)t altijd toch wat weerstand overwinnen om er vlees of vleeswaar te kopen. Doorgaans, als het op markten was, was alles in de open lucht uitgestald, zonder zichtbare koeling en vooral met heel veel vliegen. Maar ook in winkels zag het er doorgaans niet veel frisser uit. Het is hetzelfde Europese gebied waar ze van die voor mij zo vreselijke toiletten ‘met gas- en rempedaal’ hebben, in plaats van een nette toiletpot. Op zo’n vloertoilet kan ik uiteraard – met mijn stijve been – maar heel moeilijk uit de broek, zonder met de handen om op te steunen de vloer aan te raken. Over viespeukerij gesproken. Hoewel ik me ook wel goed kan herinneren dat ik er buikloop van kreeg, was dat toch vooral in de Balkan, voorbij Oostenrijk, of nog preciezer: voorbij Slovenië. In Frankrijk of zuidelijker heb ik dat in mijn herinnering nooit gehad en in Italië toch ook nog één keer. In België, Duitsland, Oostenrijk, Scandinavië, het Verenigd Koninkrijk en Ierland, heb ik daar nooit last van gehad.

Maar goed. Door mijn huidige ‘meukvrije’ vlees te gebruiken realiseer ik me pas goed hoe slagers en supermarkten te werk gaan en hoe verschillend mijn nieuwe ‘winkel’ is. Het meukvrije vlees wordt blijkbaar meteen na de slacht in plastic verpakt, van een etiket met productnaam, prijs en datum voorzien en ingevroren. Verschillende stukken vlees die ik kocht kwamen direct uit de vriezer met de datum erop die ik er op dat moment stond of heel kort daarvoor. Dat moet natuurlijk ook wel, als je geen conserveringsmiddelen en andere rommel eraan wil toevoegen. Aan het ingevroren product zie je ook niet of nauwelijks hoeveel bloedrestanten er mee-ingevroren zijn en dat merk je dan pas goed na het ontdooien in de keuken. Ik vind dat verder geen probleem. Vlees eten betekent ook bloed. Het is niet anders. Vlees zonder bloed is kunstmatig onnatuurlijk.

De klapstuk smaakte (samen met de hutspot uiteraard) overigens voortreffelijk.

Maandag 18 juni 2018.

Gisteravond ben ik dan aan een volgend boek begonnen. Opnieuw een dikke pil van 575 pagina’s. Deel II heb ik nog niet, maar ik neem aan dat dat net zoiets zal zijn.

Van Simon Schama heb ik wel meer boeken gelezen, zoals die over de Franse tijd in Nederland: Patriotten en bevrijders, 1780 – 1813. Ik vond deze Amerikaan toen een heel goede verteller, die me meer heeft geleerd over Nederland, vooral van toen, dan ik ooit hierover op school of elders heb geleerd.

Vandaag ga ik dus ook voor het eerst ‘meukvrij’ vleeswaar op het brood nemen. Ik ben erg benieuwd. Hier zal vast geen bloed bij zitten. Vooral van vleeswaar is duidelijk dat supermarkten, maar slagers ongetwijfeld ook, juist hierop of hierin ontzettend veel ‘meuk’ doen. Hebt u wel eens gezien hoeveel toegevoegde stoffen, onder andere E-nummers,  er in voorverpakte vleeswaar zitten? Af en toe hebben zowel AH als Jumbo daarop een uitzondering. Doorgaans rosbief, een heel enkele keer ook wel eens ander broodbeleg van vleeswaar. Het kan dus wel.

Dinsdag 19 juni 2018.

Toch zat er op de ‘meukvrije’ vleeswaar, in dit geval rosbief, ook een beetje bloed. Er mankeerde overigens helemaal niets aan: heerlijk. Gisteravond dus een visje, en dat was natuurlijk ook niet verkeerd. Vanavond ga ik dan voor de ‘ meukvrije’ Eisbein. Daar hoort natuurlijk zuurkool bij. Dat moet ik nog wel even aanschaffen. Verder is dit een periode van luwte en vooral afwachten totdat anderen reageren. En dat is zo langzaamaan een heel rijtje. De uitslag van de verkiezingen voor het pensioenbestuur, die ik de komende dagen verwacht, met heel wellicht consequenties voor mij. En zo niet dan gaan andere plannen in werking. Het advies van de Woonbond over onze omgang met onze verhuurder. Het advies van de Huurcommissie over onze servicekosten en in het bijzonder over de groenvoorziening (Parkstadarrest). Gisteravond kwam dan de reactie, eveneens na geruime tijd, van de notaris in verband met de statutenwijziging van het Platform. Dar kan ik nu dus verder mee. Net als twee weken geleden had ik vanmorgen opnieuw een probleem met het legen van mijn container: deze keer was kennelijk de chip kapot en wordt hij pas donderdag geleegd. Dan is hij meteen ook weer voller. En dan ben ik echt een tijdje van de volle containers af. Gisteren kwam namelijk weer een kastje helemaal leeg, zonder dat ik nog een idee heb over een volgende bestemming, alsmede één van de twee grote lades in mijn nieuwe wandmeubel. En ook hierbij heb ik nog geen idee wat er nu dan nog in moet. Ook in andere kasten en kantjes zijn nu steeds meer lege planken gekomen, dus het valt te overwegen om nu maar eens een hele kast weg te gooien. Het opruimen is nog niet af, maar het wordt nu toch elke dag overzichtelijker. Ik heb nog één laag kastje en een grote lade te gaan en dan weet ik het niet meer. Dat verklaart waarom ik voorlopig van de volle containers af ben. Vermoedelijk ga ik na  het genoemde kastje en de lade nog eens met de stofkam overal doorheen en dat zal vast nog wel extra afval opleveren. Maar heel erg veel zal het toch niet meer zijn.

Woensdag 20 juni 2018.

Het wandmeubel is qua opruimen en leeghalen nu ook helemaal af. Ik heb nog steeds geen idee wat ik met de overgebleven ruimte zal gaan doen of welke kast ik nu als eerste ga slopen en afvoeren. Voorlopig is het plan om eerst nog een fiks aantal boeken op de website te plaatsen, met als gevolg dat er zonder twijfel ook weer boekenkastruimte vrijkomt.  Dat komt omdat ik in mijn nieuwere boekenkast in de werkkamer door een veel efficiëntere indeling nog heel veel ruimte voor boeken over heb. Zowel in de slaapkamer als in de woonkamer zal daardoor meer kastruimte leeg komen. Dus wellicht kan ik straks in beide ruimtes wel een kast slopen. Een idee dat ik nu al tikkend krijg is om het zelfgebouwde dressoir in de woonkamer dat er amper een jaar staat, weer te gaan afbreken. De kastruimte eronder is namelijk inmiddels niet meer nodig.

Gisteravond dus de Eisbein met Sauerkraut. Het lukte heel goed. Het zijn natuurlijk – met een hele Eisbein – gemakkelijk drie porties, dus ik heb er nu nog twee over. Eentje voor vanavond en eentje inmiddels ingevroren. De volgende Eisbein die ik al in huis heb ga ik dan – over een tijdje natuurlijk – maken met het recept dat ik in Musselkanaal daarvoor heb meegekregen. Gedeeltelijk gekookt en ten dele ook in de oven, zodat er een knapperig korstje op komt en met wat andere kruiden. Daar verheug ik me nu al op.

Intussen zat in het nieuws dat vanaf aanstaande maandag het streekvervoer voor onbepaalde tijd gaat staken. Zover het oog reikt, tenminste tot ruim in september, heb ik geen streekvervoer nodig. Volgende week moet ik nog een keer naar het UMCG. Normaal ga ik daar met de streekbus heen en liep ik terug.  Deze keer zal ik zowel heen als weer moeten gaan lopen. Dus dat probleem is oplosbaar. Ik moet ook een keer naar Dinxperlo, maar die plaats is voor mij sowieso niet met openbaar vervoer bereikbaar, dus daar moest ik toch al een auto voor huren.  Voor alle overige reizen gebruik ik de NS of had ik al een auto gehuurd. Probleem opgelost.

Ik ben een frequent gebruiker van het openbaar vervoer en zeker ook van het streekvervoer. In meerdere delen van het land. Dus ik heb ook een neiging om iets van de komende staking te vinden. Ik heb geen vast standpunt over de juistheid van de beloning van de chauffeurs. Maar economisch gezien is er volgens mij genoeg ruimte voor een loonsverhoging, overigens niet alleen voor steekvervoerders. Dus daarvoor kan ik acties en eventueel ook een staking wel billijken.

Maar als het over langere pauzes gaat moet ik toch bekennen dat ik dat niet zo goed begrijp. Het valt me wel heel regelmatig op, dagelijks zelfs, vooral in deze streek, maar ook als ik in een andere landstreek ben, dat veel buschauffeurs, na eerst geruime tijd op de stelplaats te hebben gestaan, vervolgens te laat aan hun rit beginnen. In de loop van de rit die er dan op volgt halen ze dan de achterstand doorgaans gemakkelijk in, zodat ze toch netjes op tijd op het eindpunt komen. Op basis van hun ervaring komen ze dan blijkbaar tot de conclusie dat het niet zo’n probleem is om te laat te vertrekken als ze weten dat ze de achterstand in dezelfde rit gewoon ook weer inlopen. Alleen als ze dit doen in de spits dan kan het goed uit de hand lopen. In een halfuursverbinding of een rit per uur, valt niemand een vertraging van vijf minuten echt op, en vooral niet als je toch op tijd op je bestemming komt. Maar als in de spits de frequentie eens per 10 minuten wordt en je vertrekt dan al te laat van de stelplaats en vervolgens misschien wel 5 of nog iets meer minuten vanaf de beginhalte, dan zit de volgende bus er natuurlijk wel vlak achter. Ik heb al heel vaak meegemaakt (en het gebeurt volgens mij wel vrijwel elke dag een keer) dat twee bussen van dezelfde lijn pal achter elkaar aan de hele lange route van Groningen naar Assen rijden.  Een tienminutendienst is zo natuurlijk tamelijk zinloos geworden. De enige reden hiervoor is dat veel bussen gewoon niet op tijd van hun beginhalte vertrekken in het vertrouwen dat ze de verloren tijd tijdens de route wel weer zullen inhalen. Dat gaat in de spits dus regelmatig fout. Dus ik heb niet het beeld dat chauffeurs op te krappe schema’s rijden. Ze zijn eerder iets te ruim.

Maar als argeloze reiziger heb ik geen andere keus dan maar af te wachten wanneer ze er uit zijn geklommen. En intussen moet ik maar zien hoe ik me toch kan redden.

Donderdag 21 juni 2018.

Gisteren kwam eerst het bericht dat ik bij de verkiezingen van mijn pensioenbestuur op de vierde van de vijf plaatsen terecht ben gekomen, met toch nog meer dan 500 stemmen. Evenveel dus als ik bij de verkiezingen van Provinciale Staten in 1991 gehaald had. Ik was daar dus eigenlijk heel erg tevreden mee. Je hebt uiteraard tevoren geen idee wie er nog meer gaat kandideren. De enige vrouw van de vijf kandidaten had ook nog eens een erg goed c.v. Dus haar verkiezing kwam niet als een verrassing. Het is zomaar terecht dat de ene kandidaat die al langer zittend bestuurslid was, niet werd herverkozen en de andere juist wel. Ik heb nooit goed begrepen waarom de eerstgenoemde eigenlijk bestuurslid was. Bij de laatstgenoemde begreep ik dat juist wel heel goed. Bovendien is het ook terecht dat ik tussen deze kandidaten niet verkozen werd. Volgende hoofdstuk dus.

De zomer begint, maar voorlopig is het nog erg fris voor de tijd van het  jaar. Midden overdag nu 14 graden. Dit koele weer blijft zo tot zeker komende maandag, waarna het steeds warmer zou gaan worden, tot een mogelijke hittegolf aan toe in de loop van volgende week. Afwachten maar.

Gisteren weer verder de woonkamer opgeruimd en alles van zijn plaats gehaald en schoongemaakt. Dat deed ik vroeger veel vaker, tenminste even vaak als de eetclub langskam. Toen ik de ‘troep’ onder de bank tegenkwam was dat wel het signaal om dat toch wat vaker te gaan doen. Weer een goed voornemen dus en dat bijna halverwege het jaar.

Vanmorgen ook nog de tandarts, om de voorkant wat te verfraaien en te verbeteren. Halverwege de behandeling mocht ik even kijken en daar vielen me de twee middelste voortanden meteen op, die nogal groot waren uitgevallen. Het deed me meteen denken, en ik vertelde dat ook meteen, aan mijn moeder. Ze at geen rauwkost, maar overigens wel sla, omdat één van haar levensmotto’s was: ‘ik ben toch geen konijn?’. De tandarts moest erom lachen. Ze was al van plan, zei ze, en ik geloof haar, om die tanden nog wel wat kleiner te maken en dat is ook prima gelukt. Ik word steeds mooier. Nu nog oppassen dat dat niet doorslaat. De tijd is hopelijk wel geweest, dat ik ze niet van me af kon slaan.

Vrijdag 22 juni 2018.

Gisteren mijn voorlopig laatste bezoek aan de tandarts afgelegd. Dit keer om de voortanden netjes op een rij te krijgen en de in de loop der jaren ontstane slijtagespleetjes iets te verkleinen. Nu kan ik dus ook weer opgaan voor die tandpasta-reclame. Voorlopig ben ik nu hier weer klaar. In december aanstaande pas weer een controle-bezoek. Ik realiseerde me vanmorgen ook ineens dat ik al een hele tijd bezig ben mijn leven te beteren. Vooral dan letterlijk. Ik zorgde altijd al vrij goed voor mezelf, maar ik word daar toch steeds weer veel beter in. Ook mijn huis heeft in het afgelopen jaar een ongelooflijke opknapbeurt gehad. Ik heb zeldzaam veel weggegooid en opgeruimd. Zoveel zelfs dat ik nu veel te veel bergruimte heb. Veel meer ruimte geeft ook meer mogelijkheden voor nieuwe activiteiten. Daar heb ik ook al wel ideeën over, maar die zijn voorlopig nog vaag.

Voor de tweede kee heb ik problemen met het laten legen van mijn afvalcontainer. Het lijkt wel alsof ze me moeten hebben. Ik zou niet weten waarom, dus ik houd het dus toch nog maar op toeval. Gisteren trof ik ook voor het eerst een grote gele afvalzak in mijn container aan. Niet van mij. Aangezien de stad Groningen hier het huisvuil ophaalt, dacht ik dat zij ook de ‘handhaving’ deden. Dat was een vergissing. De Groningse dame die ik aan de telefoon had, vertelde meteen spontaan dat ze elke dag te maken had met meerdere ten onrechte in vuilniscontainers geplaatst huisvuil, maar dat ze daar in mijn gemeente nog nooit van gehoord had. Ik had al een vermoeden. Een model waarbij het mogelijk is om de boel te flessen, wordt zonder de minste twijfel ook misbruikt. En wel dagelijks vele keren. Dat was en is dus weer eens een juist vooroordeel van me. Dat het in mijn gemeente niet of nauwelijks voorkomt begrijp ik ook wel weer. Er is hier gewoon veel meer sociale controle en er woont een ander soort publiek. Vervolgens heb ik de ondervonden ongein dan maar bij de eigen gemeente gemeld en binnen een uur stond er een geüniformeerde handhaver voor de deur. In hetzelfde uniform waarmee ook parkeerbonnen worden uitgeschreven. Deze nam de foute afvalzak mee, voor nader onderzoek. Daar hoor je dan helaas later nooit meer iets van.

Aanvankelijk zou in heel Nederland vanaf maandag het openbaar streekvervoer gaan staken en zelfs voor onbepaalde tijd. Prompt komt dan Jeroen in de vervoersproblemen, en uiteraard heb ik hem meteen aangeboden voor zijn vervoer te zorgen en heb daartoe ook een auto gehuurd, die ik sowieso al had gehuurd vanaf volgende week vrijdag.  Intussen is het begin van de staking opgeschoven naar komende woensdag en wordt deze beperkt tot 72 uur. Als partijen het eens worden gaat het mogelijk zelfs helemaal niet door. Ook dit is dus nog even afwachten.

Zaterdag 23 juni 2018.

Gistermiddag ging de telefoon: “Met de vuilnisman”. Dat was toch even schakelen. Het is toch net zoiets als dat de andere kant zich meldt met “Met Maxima” of met “Met Rutte”. Na enkele seconden stilte en nadat het gesprek op gang kwam, bleek dat de vuilniswagen in de buurt rond reed, en dat ze alsnog mijn container wilde legen, maar dat ze mijn huisnummer niet konden vinden. Blijkbaar was dit een vuilniswagen die normaal niet deze wijk had. Toen ik begreep waar hij stond heb ik dus alsnog even mijn container aangeboden, die nu ook weer leeg is. Hoeveel zouden er nog op een vrijdagmiddag iets gaan doen, waarvoor ze geen opdracht hadden gekregen? Ik wist immers niet beter dan dat het op deze vrijdag niet meer ging en ik nog ruim een week moest wachten. Gelukkig bestaan er nog actieve en plichtsgetrouwe mensen die ook iets voor iemand anders over hebben.

Het boek over de geschiedenis van de Joden van Simon Schama  is een knap ingewikkeld werk. Ik heb moeite het te volgen. Dat was me bij het vorige werk dat ik van hem las, over de Franse tijd in Nederland (1780 – 1813), helemaal niet opgevallen. Achteraf bezien is dat ook wel verklaarbaar. Over die periode en dat land (Nederland) had ik uiteraard al heel veel voorinformatie, al was het maar van de schoolbanken. Maar welke voorinformatie had en heb ik nou over de geschiedenis van de Joden? Vrijwel niets. Ik kan me ook niet herinneren dat we die geschiedenis ooit op school hebben gehad. Dus bijna alles dat ik lees is nieuw voor me. Ik heb me zelfs niet gerealiseerd dat hun oude geschiedenis uiteraard in feite vooral in de Bijbel – in het Oude Testament – is beschreven. Ik wist zelfs het verschil niet tussen de Hebreeuwse Bijbel en de Christelijke Bijbel. En dan nog de verschillen tussen de diverse Bijbelboeken. Wist ik het verschil tussen Ezra en Jeremia? Of tussen Koningen, Kronieken en Deuteronomium? Nee, totaal niet. Laat staan dat ik me realiseerde dat die boeken niet alleen inhoudelijk, maar ook in de tijd waarin ze geschreven zijn van elkaar verschillen. De schrijver veronderstelt dat de lezer de Bijbel en (de verschillen tussen) de diverse Bijbelboeken wel kent, maar dat is bij mij niet het geval. Ik vind het al heel wat dat ik vermoed dat ik alles bij elkaar in de loop der jaren waarschijnlijk wel de hele Bijbel heb gelezen, en sommige stukken vaker of zelfs heel vaak, zoals onder andere een favoriet stuk van mij: 1 Korinthiërs 13 over de liefde. De voortgang in het boek van mij gaat dus traag. Bij veel regels moet ik eerst even in Wikipedia of elders opzoeken waar dit nu weer over gaat. Niettemin vind ik het een erg interessant boek, dat ik waarschijnlijk veel eerder had moeten lezen. Het is ook niet zo dat het Jodendom op een zekere, ergens in het verleden aan te wijzen dag en plaats is ontstaan. Dat is een heel langzaam proces geweest, op verschillende plaatsen tegelijk of na elkaar. Uiteraard in het huidige Israel, en ook in Egypte, maar zeker niet alleen in de Nijldelta,  maar ook ver in het zuiden op het Nijleiland Elefantine waren al Joodse soldaten gevestigd, nog ruim vóór de uittocht. Ook in het stroomgebied van Eufraat en Tigris waren ze gevestigd. Kortom: een boeiend boek, waar ik voorlopig nog wel een tijdje zoet mee ben.

Zondag 24 juni 2018.

De al langer aangekondigde opgang van de temperatuur is er nog altijd niet. Met temperaturen van rond de 16 graden is het ook bepaald (nog) geen zomer.

Gisteren nog even nieuwe onderbroeken bij Zeeman gehaald en theedoeken bij Blokker. Sinds enige tijd wil ik van beide witte exemplaren hebben en die heeft niet iedereen. Wit is immers de kleur van de reinheid en de onschuld en beide kwaliteiten houd ik voor strevenswaardig. Hoewel de winkels heel verschillend waren en de artikelen ook, bleken ze beide voor € 2,99 per stuk te koop. Jan reageerde daarop met de melding dat ik dus nu voortaan ook in een theedoek kan gaan rondlopen, maar mijn reactie was dan dat ik vooral voortaan met een onderbroek de vaat kan gaan afdrogen. In prijs zit er in elk geval geen verschil tussen. Zo weten we steeds weer voor elk probleem een oplossing te bedenken. Als je maar een beetje creatief bent.

Vanmorgen had ik op deze site(s) dus ook weer meer bezoekers dan in heel juni 2017, dus de opgaande lijn van het twaalfmaandelijks gemiddelde voor wat de bezoekers op deze sites betreft, heb ik weer te pakken. Het aantal bezoekers van de afgelopen 12 maanden gaf nog nooit eerder zo’n hoog getal. De maand juni 2018 is dan uiteraard nog niet afgelopen. Dat worden er dus zeker nog meer.

Maandag 25 juni 2018.

Dat was weer eens een rustig etmaal. Ik wandel al dagen nauwelijks. Daar staat dan tegenover dat ik wel volgens een heel strakke discipline eet en drink. Uit ervaring weet ik dat je dan toch afvalt. Voor je gewicht is minder en strak eten belangrijker dan (veel) bewegen. Vanmorgen woog ik dan weer onder de 80 kilo. Dat was voor het laatste enkele dagen rond begin mei 2018. Vanmorgen las ik over een onderzoek van de volgende dieetmethode. Tussen 10 uur ’s morgens en 18.00 uur ’s avonds mag je eten wat je wilt en ook zoveel als je wilt. Maar vanaf 18.00 uur tot de volgende morgen 10.00 uur mag je dan helemaal niets behalve water en andere calorieloze drankjes, zoals thee en koffie zonder suiker of melk. Dit dieet heet dan gemakshalve 8/16: 8 uur eten en 16 uur niet eten. Het blijkt dat met dit dieet nagenoeg iedereen flink afvalt, ook mensen met een BMI van 35. Dat is dus flink te zwaar, ofwel obees.

Het verbaast me ook niks. Mijn dieet (als ik niet van huis ben) is immers dat ik alleen maar eet van 12.00 tot 13.00 uur en ongeveer twee uur lang ’s avonds, afhankelijk van de vraag wanneer ik precies mijn telefoongesprek met Maassluis heb.  En daar tussendoor gebruik ik ook alleen maar water, koffie of thee. Daar ben ik ook bijzonder stipt mee. Precies om 12.00 uur begin ik met de lunch en een uur later heb ik die in drie ‘gangen’ wel af: één dikke en goed belegde boterham,  een stukje 99% chocola en een appel. Als broodbeleg wissel ik vis, vleeswaar en eieren af. Alleen bij een vers gebakken brood eet ik beide kapjes met jam. Knettervers zelf gebakken brood  vind ik gewoon het lekkerst met jam.

Om 17.15 uur en geen minuut eerder, eerder soms iets later, volgt mijn dagelijkse portie nootjes met een glas wijn; na het telefoontje de ‘hoofdmaaltijd’, meestal een op 400 gram afgepaste ingevroren zelf gemaakte maaltijd.  Een uur of zo later nog een sinaasappel. En klaar is Kees. De rest van de avond teer ik weer op koffie, thee of water. Op deze manier val ik geheid af, of ik nu wel of niet beweeg doet er dan niet veel toe. Doordat ik allerlei activiteiten buitenshuis heb: vooral platform, bewonerscommissie en vrienden en vriendinnen, eet en drink ik op die ‘uit’dagen heel afwijkend, namelijk wanneer en wat mijn gezelschap op tafel heeft. Na zo’n dag ben ik 100% zeker weer aangekomen. Als ik een wat langere periode mijn eigen discipline kan volhouden, dan ga ik onder mijn streefgewicht uitkomen, en dan veroorloof ik mij een ‘uitspatting’. Dat kan heel verschillend zijn, afhankelijk van waar ik op dat moment boodschappen aan het doen ben of toevallig langs loop. De ene keer neem ik een kaasfondue, een volgende keer een pizza of een liter ijs.

Al met al is het voor iemand zoals ik, die alles lust en doorgaans ook lekker vind, een behoorlijk heftig dieet. Ik weet alleen zeker dat als ik inderdaad ga eten waar ik zin in heb, ik zonder de geringste twijfel fors ga aankomen. Ik kom immers uit zo’n periode, inmiddels alweer vele jaren geleden, waarin ik meer dan 120 kilo woog. In de avond is het wel eens verleidelijk om een alcoholische versnapering te nemen, maar het zekere effect is dan dat ik dan vrij snel inslaap, op of na middernacht weer wakker wordt en daarna in bed de slaap niet meer kan vatten. Dat weerhoudt me ervan om na zeven uur nog alcohol te nemen. Als ik in gezelschap ben dan blijf ik uiteraard wel wakker en kom ik ook nog wel thuis, als ik met mate drink. Maar als ik alleen ben val ik er geheid van in slaap.

Dinsdag 26 juni 2018.

Opnieuw een rustig etmaal. Allemaal stilte voor de ‘storm’. Vanaf vanavond, of preciezer vanaf morgenochtend vroeg heb ik een hele batterij afspraken buiten de deur, van wel een dag of tien achter elkaar. Niet allemaal pal na elkaar, en ook niet allemaal ver weg, maar toch wel elke dag iets voor kortere of langere tijd. Daar zal deze rubriek ook wel onder gaan leiden, al zal ik zeker mijn best blijven doen zo vaak mogelijk wel het belangrijkste te blijven vermelden. Eventuele tekortkomingen  hoop ik dan wel achteraf goed te maken.

Gisteren had ik dus bij wijze van extra een zak Engelse chips. Het zag er allemaal heel bijzonder en vooral ook slank uit, dus ik laat me verleiden, omdat ik het ook qua gewicht wel kon hebben. Het was maanden geleden voor het laatst dat ik een zak chips had. En ik moet zeggen: ze waren inderdaad wel een beetje apart, maar echt niet zo bijzonder dat ik er nog wel eens eentje zal gaan kopen. Dat avontuur hebben we voor tenminste de rest van dit jaar wel weer gehad.

Hoewel het maar 150 gram was, verbaasde het me dus totaal niet dat ik vanmorgen weer prompt een ons of 5 was aangekomen. Zo werkt dat dus: magere, lichte, vetloze, biologische of weet ik wat voor andere soort chips: ik kom er flink van aan. Dat geldt overigens zeker niet alleen voor chips, maar voor vrijwel alles dat ik extra eet. Voor gisteren geeft dat ook niet. Zeker vandaag nog is het weer Schraalhans Keukenmeester. En daarna zien we wel weer verder.

Vanmorgen vroeg las ik een artikel over dieselauto’s, die sinds dit jaar een stuk minder populair zouden zijn, vooral ook tweedehands. In de orde van de helft van de vraag van een jaar geleden, terwijl de vraag naar benzine-auto’s evenredig toenam. Het is (nog) niet in de prijs te merken, aldus handelaren. Maar volgens mij moet dat dus een kwestie van tijd zijn. Voorlopig zijn dieselauto’s, tenminste nog tot 2025 of 2030 toegestaan, dus het is nu wachten op een voordelig aanbod. Wie weet koop ik dan toch nog wel een tweedehands diesel. Ik hoef me daarbij niet schuldig te voelen. Mijn kilometrage ligt sowieso ver beneden het landelijk gemiddelde en nog altijd zal ook deze auto de meeste dagen stil op de parkeerplaats staan. Zoals altijd zal ik me ook dan netjes aan de landelijke en plaatselijke voorschriften houden. Dat was en blijft mijn norm. Ik hoef niet Roomser te zijn dan de Paus.

Woensdag 27 juni 2018.

Vandaag de eerste dag van de staking van het streekvervoer voor 72 uur (CNV) en onbepaalde tijd (FNV). Gisteravond viel me direct al op dat werkgevers (anders dan bij de vorige, eendaagse stakingen) zullen proberen toch nog zoveel mogelijk van de dienstregeling te laten uitvoeren. Zo was het plan van Qbuzz om de plaatselijke buslijn toch eenmaal per uur te laten rijden. Tot op dit moment, 07.30 uur, is dat nog niet gelukt, maar elders in het land zie ik bij diverse lijnen toch vertrekkende bussen en steektreinen. Het doet me allemaal heel erg denken aan de grote poststaking van omstreeks 1986, toen ik hoofd van de personeelsdienst van het postdistrict Den Haag was. Ik zal daar in de komende dan bij die belangrijke periode in mijn levensbeschrijving nog wel op terugkomen, want die heb ik daar nog totaal niet vermeld. Het is vandaag ook de eerste dag van schitterend zonnig weer. Vandaag is het dus ook weer een lange dag voor mij.

Donderdag 28 juni 2018.

Het was vanmorgen even haasten. Qua timing liep het even een beetje uit de hand. Ik was nog maar net, door alle zeilen bij te zetten, precies op tijd bij de schoenmaker. Maar voor de zoveelste keer in mijn  leven was weer eens niet gedaan wat we al vele malen met elkaar (en ik al meer dan zestig jaar met al zijn voorgangers) hadden afgesproken. Het profiel van zool en hak was weer eens heel erg mooi, maar weer zeer minimaal. En voor de zoveelste keer moest ik weer herhalen dat ik geen mooie schoenen, maar alleen maar goede schoenen wil. Desondanks kreeg ik opnieuw heel mooie schoenen terug van reparatie. Dan nog maar weer een keer terugsturen en voor de zoveelste keer plus één vertellen dat ik geen mooie schoenen wil, maar alleen maar goede, dus dat ik een diep profiel bij zolen en hakken wil. Als iemand dat niet mooi vindt is dat niet mijn probleem. Ik had voor het eerst wel het gevoel dat deze schoenmaker meteen begreep wat ik bedoelde. Ik hoefde mijn zinnen niet echt af te maken. Een volgende keer in één keer goed graag en niet nog een keer in twee keer goed. Zou het na al die jaren ook nog eens keer echt helemaal de eerste keer eens goed gaan? Ik blijf het hopen. Zo langzamerhand wel tegen beter weten in.

Het UMCG had blijkbaar een nieuwe service, viel mij op. Er was speciaal op mijn wandelroute een standje voor ingericht. De introductie van ‘Mijn UMCG’. Dan kun je door in te loggen op ‘Mijn UMCG’ bij al je persoonlijke medische gegevens, zoals die daar over jou zijn opgeslagen. Dat kon alleen maar als je je persoonlijk daar met legitimatie meldde. Niet elektronisch of telefonisch. Waarschijnlijk bedoeld om fraude te voorkomen. Het ging dan wel om gegevens zoals die na begin december 2017 zijn opgenomen. Laat ik dat toch maar even doen, nu ik er toch langs liep en de vier aanwezige UMCG- dames op dat moment geen andere klant hadden. Bovendien had ik de tijd. Op een ander moment als ik het graag zou willen inzien, ben ik niet in de buurt of niet op de juiste tijd. De vier dames waren, bij gebrek aan een klant, gezellig met elkaar aan het keuvelen. Van mij mag dat. Zolang ik of anderen daar verder maar geen last van hebben. In de seconde dat ik tegen ze begon te praten, ‘stoven’ ze uit elkaar en ging ieder achter het eigen scherm zitten. Ik werd keurig netjes geholpen en na allerlei handelingen kon ik ook inderdaad terecht bij mijn eigen medische gegevens. Jammer alleen dat er geen enkel medisch gegeven over mij geregistreerd stond. Blijkbaar was mijn laatste bezoek bij een (para)medicus aldaar vóór 1 december 2017 geweest. Verrassend vond ik wel dat, terwijl ik bezig was, er ineens nog veel meer klanten voor hetzelfde kwamen, maar het personeel inmiddels, op één medewerkster na, verdwenen was.

Op de terugweg naar de huurauto liep ik langs een winkel voor modelbouwers. Nog altijd had ik alle tijd en ging ik even naar binnen om te kijken wat ze zoal hadden. Het was heel veel militair materiaal: tanks, vliegtuigen en oorlogsschepen. Geen huisjes of gebouwen. Daarvoor moet je blijkbaar bij een andere winkel zijn. Wel stond er in een vitrine een helemaal afgebouwde replica van de Duyfken: het VOC-schip uit 1595 dat in 1605 of daaromtrent, onder bevel van Jan Janszoon, als eerste westerse natie Australië ontdekte, toen nog Nieuw-Holland geheten.  Wat me meteen opviel was het enorme aantal kanonnen aan de kant waarop je kon kijken: 35 of 37 stuks. Ik nam aan dat er dan aan de andere kant nog eens zoveel kanonnen geweest moeten zijn. Zeventig of iets meer kanonnen dus bij elkaar. Dat kon onmogelijk waar zijn. Dat is niet historisch. De Duyfken was geen oorlogsschip, maar een verkennings- en handelsschip. Even gegoogeld maar. Daar bleek uit meerdere bronnen dat de Duyfken inderdaad slechts acht kanonnen had en een totale bezetting van twintig man had. Er is ook een echte replica gebouwd. In Australië, die zelfs al een keer in Nederland is geweest en nu weer terug is in Australië. Ik heb al eerder gedacht dat die modelbouwfirma’s die bouwdozen express extra ‘mooi’ en ingewikkeld maken. Anders is het te simpel en kun je niet zoveel geld ervoor vragen. Er zijn voor de Duyfken zelfs extra aanvullingsdozen voor extra kanonnen. Zo kun je inderdaad je omzet en winst flink opvoeren. Je wordt echt overal bij de neus genomen. Ook het personeel in de winkel was zich van geen kwaad bewust. Ze zouden de leverancier erop aanspreken. Als deze bouwdoos niet realistisch en echt is, wat zou er dan met al die andere bouwdozen mis zijn? De vraag stellen is hem beantwoorden.

Verder teruglopende naar de huurauto ben ik nog even langs het hoofdstation Groningen gegaan. Daar viel me op dat er permanent één tot vier bussen op het grote busstation aanwezig waren, net aankomend, wachtend, of op het punt van vertrek. Normaal zijn het er misschien wel tien tegelijk. Ten opzichte van een dag eerder zijn er nu veel meer werkwillige chauffeurs, al valt nog altijd meer dan de helft van de ritten uit. Ik schat in dat er nu elke dag meer bussen zullen gaan rijden. Wordt vervolgd.

Vrijdag 29 juni 2018.

De stilte voor de storm. Vandaag nog weer even naar de meukvrij-vleeswinkel in Musselkanaal. Gisteren nog maar even het boodschappenlijstje gemaakt en dat is wel een flink lijstje geworden. Ook voor broer Jan sla ik in namelijk. Straks nog even de vrieskast herinrichten, zodat ik alles netjes gerangschikt er in kan plaatsen.

Het is al een hele tijd droog en dat heeft tot gevolg dat de waterstanden in de rivieren steeds lager worden. De Rijn bij Lobith is op dit moment 8.21 meter, terwijl de laagste stand ooit, op woensdag 30 november 2011 was: 6,89 meter. Daar zijn we nog wel 1,32 meter vanaf. Al die keren dat het eerder gebeurde had ik graag langs IJssel en / of Rijn gelopen,  want dat geeft toch wel bijzondere uitzichten en dus plaatjes. Net als bij de hoogste waterstand ooit, 16,68 meter op 1 februari 1995. De Rijn gaat volgens de verwachtingen nog verder zakken, tot onder de 8 meter waarschijnlijk, want zover de voorspellingen reiken gaat er voorlopig ook geen regen van betekenis vallen. Wel is het bijzonder dat de huidige laagwaterstand eind juni / begin juli is.

Ik wil dus nog twee zaken in de gaten houden, die qua timing behoorlijk onvoorspelbaar zijn: zulke lage waterstanden in de rivieren dat een tochtje er langs bijzondere plaatjes zal gaan opleveren, wellicht in de komende weken al en de bloeitijd van de heide op de Posbank. Ergens in augustus, maar ook niet voorspelbaar op een week nauwkeurig, want dat verschilt van jaar op jaar. Ik wil het nu toch eindelijk eens allebei gaan meemaken.

Dan nog even een plaatje van een militaire parade van gisteren in Minsk, de hoofdstad van Wit-Rusland. Op de vertoonde banieren staan van links naar rechts respectievelijk het 1e, 2e en 3e Wit-Russische Front. De meest rechtse is ook een Front en ook een 1e, maar ik kan niet lezen wat voor Front dit nou zou zijn. Waar doet dit plaatje met figuren en teksten me nou toch steeds aan denken?  In de opvolgende colonnes van militairen worden zo te zien Palmpasen-stokken meegedragen, maar daar kan ik me in vergissen.

Zaterdag 30 juni 2018.

Vanaf vandaag is het onregelmatigheid troef, bij deze blog. Uiteraard zal ik steeds blijven proberen, zo mogelijk ook elke dag iets toe te voegen, maar dat zal op wisselende tijdstippen zijn, mogelijk ook af en toe in de avond. Dat komt uiteraard vanwege mijn regelmatige uithuizigheid. En als ik tussentijds thuiskom, kruip ik vast wel achter de computer, maar op andere tijdstippen dan anders gebruikelijk.

Gisteren inderdaad in Musselkanaal geweest en bij De Woeste Grond weer een voorraadje voor weken ingeslagen. Dit keer was er de slager aanwezig en was Eugénie afwezig. Maar ik werd net zo voortreffelijk geholpen. Op de snelste maar langste manier heen en op de kortste maar traagste manier weer terug. Zo zag ik nog eens wat van onze provincie. Onderweg bij displays bij bushaltes kreeg ik bepaald niet de indruk dat de staking bij het streekvervoer aan het aflopen was. Ook onderweg heb ik urenlang vrijwel geen bus gezien. Gelukkig ben ik er in deze periode ook even niet afhankelijk van. Ik hoop morgen wel de webstatistieken van 1 juli 2018 op de betreffende pagina op te nemen.

Recentere bijdragen bij pagina ‘Blog.