BLOG.

Algemeen.

Hieronder probeer ik zoveel mogelijk dagelijks mijn wederwaardigheden te vertellen. Na zoveel jaren heb ik intussen de ervaring met de hiervoor gebruikte software (WordPress) dat op een onverwacht ogenblik de hele toegang tot het wijzigen en aanvullen van deze pagina kan wegvallen. Aanvankelijk werd mij verteld dat het kwam omdat ik met soms meer dan 200 printpagina’s de blogpagina (veel) te groot had gemaakt. Toen ik de pagina later inkortte tot niet meer dan 50 printjes, blokkeerde de pagina daarna alsnog op een onverwacht moment. Dus de lengte was dan blijkbaar toch niet het probleem. Als die blokkade er dan eenmaal is, dan is het ook niet meer mogelijk om de lezer naar een andere pagina te verwijzen. Vandaar dus de volgende tip: als u merkt dat deze pagina na enkele dagen niet meer wordt bijgewerkt, ga dan op zoek op deze website naar een andere pagina met vrijwel dezelfde titel: bijvoorbeeld BLOG ! of Blog. Goede kans dat het verslag daar dan weer verder gaat.

Vrijdag 17 april 2026.

Nog even over mijn bijdrage van gisteren: als het loopt als een eend, kwaakt als een eend en eruit ziet als eend, wat is het dan?

Gisteren heb ik mij vooral bezig gehouden met de horeca in deze streek. Vlak in de buurt en waar ik dagelijks langs loop, weet ik wel welke restaurants er gebleven en verdwenen zijn en welke er nieuw zijn bijgekomen. Maar van de situatie van een kilometer verderop weet ik dat allemaal niet. En ik zag dat in elk geval één uitstekend restaurant verdwenen is, maar dat ik inmiddels drie voor mij nieuwe restaurants heb ontdekt. Dan wordt het dus later op de dag googelen welke van de drie echt de moeite waard lijken of zijn. En daarbij bleven er twee over, die ik dus binnenkort ga bezoeken. Het liefst in prettig gezelschap, want alleen uit eten gaan hoort niet tot mijn favoriete bezigheden.

Donderdag 16 april 2026.

Vanmorgen was toch wel het bijzonderste bericht van de afgelopen maanden, dat het platformbestuur te Enschede, dat kort daarna ook zou aftreden, hetgeen al geruime tijd voorspelbaar was, heeft gemeend om een zittende huurderscommissaris, voor herbenoeming voor een volgende periode van vier jaar voor te dragen. Ik heb mijn hersens dus afgepeigerd, welke verdienste deze huurderscommissaris nu heeft gehad na het uitbreken van de crisis, die juist zou gaan leiden tot het kort daarna aftreden van het bestuur, bij het ondersteunen van de huurders. Als de nood het hoogst is verwacht je toch dat juist de huurderscommissaris zich het lot van de huurders zou aantrekken. Welke inspanning hebben de beide huurderscommissarissen nu geleverd bij de grote problemen, die in het belang van de huurders waren? Het wil maar niet bij me opkomen. Ik kan me ook geen enkel initiatief of zelfs poging tot contact herinneren. En welk draagvlak heeft dit besluit bij de huurders van de Woonplaats nu? Behalve dan uiteraard van de vertrekkende nog aanwezige bestuurders? Als ik er op de een of andere manier nog bij betrokken raak, wat niet helemaal is uitgesloten, dan zal ik toch nog eens gaan proberen om te achterhalen om welke verdiensten van deze commissarissen het dan is gegaan.

Woensdag 15 april 2026.

Intussen heb ik de spullen voor mijn nieuwe gordijntje naar de makers gebracht en daar wilden ze het toch weer anders doen dan ik had bedoeld. Maar ik vaar natuurlijk blind op de mensen die er verstand van hebben en niet op mijn textielkennis-van-de-koude-grond. Ik merkte na de aflevering pas dat de winkel de hele volgende week gesloten is. Ik heb geen idee waarom. Zo’n lange periode betekent of een flinke verbouwing of misschien wel een groots feest in de familiekring. Een mega-huwelijk of zo. Het gaat mij uiteraard niet aan, maar het betekende wel dat mijn gordijntje pas af is op 30 april aanstaande. en dat dan voor € 50,00. Die prijs vind ik uiteraard superschappelijk. Zelfs voor een veelvoud van dat bedrag had ik het niet kunnen doen. En áls het al was afgekomen, dan zou het absoluut zeker geen gezicht zijn geweest. En dan uiteraard nog meerdere maanden later. Ieder zijn vak.

Dinsdag 14 april 2026.

En toch heb ik het nou nog één keer gewaagd om een gordijn op te hangen. Met misschien wel 25 aparte haakjes. En het is gelukt. Wel in ten minste 10 etappes, alleen in de vroege morgen, maar dan toch. En ik had me nog zo voorgenomen niet meer op een trap boven mijn hoofd te gaan werken, indachtig mijn vader die op 82-jarige leeftijd nog meende dat hij nog wel een reparatie aan het dak van zijn huis kon doen. Hij heeft dat uiteindelijk niet overleefd. Maar nu was het toch echt de laatste keer. Dit pas gewassen gordijn, moet nu toch nog maar meegaan totdat iedere kip op het eerste gezicht kan zien dat je dat niet meer aan mij moet vragen. Kippen zijn namelijk intelligenter dan menigeen denkt. Kwam er niet meer aan toe de spullen voor het nieuwe deurgordijntje naar de maakster te brengen. Dat moet dus vandaag nog gebeuren. Bovendien moet ik ook nog een boek bij mijn boekhandel ophalen en moet ik ook nog beslissen welk volgende onderwerp ik – qua boekkeuze- ik bij de kop ga pakken. Want van de geschiedenis van de eerste eeuw na Christus en wat daaraan voorafging, weet ik voorlopig wel genoeg.

Maandag 13 april 2026.

Parijs – Robaais. Met Wout van Aert als verdienende winnaar. Verder allerlei kleine reparaties en aanpassingen aan mijn huisje gedaan. Je moet zo ongeveer alles in het leven regelmatig onderhouden, anders gaat er iets kapot. En ik doe dat doorgaans ook zonder tegenzin,

Zondag 12 april 2026.

Het zou de mooiste dag van de week moeten zijn, maar echt warm had ik het nou ook niet, zo zonder jas. Ik heb eindelijk besloten het gordijntje achter mijn voordeur te gaan vernieuwen. Niet alleen is hij in de loop der jaren steeds smoezeliger geworden, maar hij is ook beschadigd geraakt. Vooral op de plek waar regelmatig de deurklink langsschuift. Ik weet al de zaak waar ze hem nieuw voor me gaan maken, vlak naast de visboer in mijn woonplaats, maar dan moet ik wel eerst zelf de stof ergens zien te kopen. Dat kan niet in mijn woonplaats, maar dat kan wel in de stad Groningen. En zelfs in de stad Groningen gaf Google maar twee stoffenwinkels. Ik dus naar de bovenste. Het bleek een enorme winkel te zijn, waar ze ook naaimachines en andere apparaten voor het edele handwerken hadden staan. Het stoffendeel was relatief het kleinste deel van de winkel, maar toch nog met een keus uit vele honderden soorten stoffen. Er was één klant voor me. Het was een dame die niet goed wist wat ze eigenlijk wilde hebben. Ze bleef maar aarzelen. En als ze dan een keus had gemaakt en ook had betaald, schoot haar toch nog iets anders te binnen dat ze toch ook nog wilde hebben. Er kwam – in elk geval voor mijn gevoel – geen einde aan. En er was maar één helpende medewerkster. Geleidelijk aan kwamen er daardoor steeds meer wachtende klanten aan, die dan nog na mij aan de beurt moesten komen. Het werden er een stuk of zes. Maar dat gaf de dame die aan de beurt was, niet de minste prikkel om haar keuzes wat vlotter te maken. Ze was duidelijk blij dat ze een keer alle aandacht kreeg en wilde die aandacht voor haar alleen ook zo lang mogelijk oprekken. Ik kan het hebben. Ik begreep haar. Toen ik eenmaal aan de beurt was, en ik mijn vraag had gesteld met het laten zien van het oude, maar uiteraard schoon gewassen exemplaar, zei ze direct: deze stof hebben we niet en voor het overige hebben we hiervoor ook niet veel keus. Mijn reactie: geen probleem, ik hoef hiervoor ook maar één keus te hebben. Ik legde uit wat mijn bedoeling was en niet van alleen de verkoopster, maar ook van diverse andere wachtende dames kreeg ik adviezen mee, wat ik het beste kon doen. Zo vonden het wel leuk, dat een oudere man klant was in een stoffenwinkel, die duidelijk niet echt enige ervaring had in het omgaan met stoffen. Ik was geslaagd. Nu nog kijken of de maakwinkel ook zo enthousiast is van mijn stoffenkeuzes. Of dat ik nog een keer terugmoet. Dat weten we maandag wel.

Zaterdag 11 april 2026.

Vrijdag was het weer nootjesdag, zoals elke vrijdag, maar deze keer viel me iets aparts op. Het was druk zoals altijd, dus ik moest even wachten op mijn beurt. En dat gaf me gelegenheid om eens beter waar te nemen hoe de interne organisatie en communicatie gaat. Ik stond rechtsbuiten vooraan en de klant naast mij werd al geholpen, door een medewerkster die daar al veel vaker staat. Ze zag dat ik nog niet werd geholpen, terwijl het juist rechts van haar (voor mij links) een drukte van jewelste was. Ze gaf een heel subtiele aanraking aan haar collega rechts van haar en daarna, toen hij reageerde, een heel klein knikje in mijn richting. En ik werd meteen geholpen. Deze medewerkster, die ik wel kende, maar die mij geen moment heeft aangekeken, is dus de echte regisseur van het geheel. Zij let op wie er – naar haar mening- te lang moet wachten, en zorgt ervoor dat deze klant vlot bediend wordt. Ze zal het zeker niet voor mij alleen doen. Moest ik dan zo lang wachten? Helemaal niet. Als ik anderhalve minuut gewacht heb is het veel. Dat deed mij denken aan de snackbar in Bodegraven, tientallen jaren geleden. Ik ging daar af en toe voor het hele gezin snacks halen, soms ook als avondmaaltijd. En ik vond het altijd een groot genoegen om er te zijn. Daar stond ook een medewerkster met fabelachtige kwaliteiten. Het was er altijd loeidruk. Rijen dik aan de counter. Ze ging van rechts naar links zeker drie, soms vier klanten af en vroeg naar hun bestelling. De eerste had dan bijvoorbeeld drie patat, waarvan een met mayo, de andere met pindasaus en de derde zonder iets, bovendien twee kroketten en een frikandel, en drinken voor drie personen. De volgende klant had uiteraard een andere combinatie van dingen nodig en de derde klant nog weer anders. Ze schreef niets op, draaide zich om en ging aan de slag met deze drie bestellingen. Hoe ze het zo onthouden kon en een aantal minuten later de juiste bestelling aan elke klant kon geven is mij nog altijd een raadsel. Ik hoorde nooit een klant mopperen dat er iets niet goed was gegaan. Ze had een geheugen als een gietijzeren pot. Maar het meest bijzondere komt nog. Er was in deze winkel ook een groot aantal tafeltjes, toch wel enkele tientallen, waar de klanten desgewenst hun spullen konden verorberen. Als een opgeschoten jongen van een luidruchtig clubje, met zijn mes op de verwarming tikte, terwijl zij met de rug naar de winkel stond, bezig voor de klanten, draaide ze zich razendsnel om, tussen de bedrijven door, en ze trad op. Stop daarmee!! Bij wat voor geklier er ook was. En al die gasten zaten meteen als verstijfd en stopten ook met waar ze ook mee bezig waren. Ze had er overduidelijk de wind onder en was de heerser van het gehele gebeuren, ook al stonden en zaten er tientallen klanten. Wee je gebeente als je niet luisterde. Ik heb zo’n strateeg met zoveel persoonlijk overwicht, tevens harde en goede werker, nooit vaker gezien. Ik heb me vaak afgevraagd wat er van haar geworden is.

Vrijdag 10 april 2026.

Al eerder heb ik betoogd dat Amerikaanse presidenten altijd denken – begrijpelijk vanuit de Amerikaanse cultuur – dat ze met een tegenstander altijd wel een deal kunnen sluiten. Zo dachten Roosevelt en Truman dat ze wel een deal konden maken met Stalin. Zoals: ok dat je Oost-Europa bezet, maar dan zijn er wel vrije en democratische verkiezingen in die landen. Daar zei Stalin meteen ‘ja’ tegen, maar die verkiezingen kwamen er nooit. Dat komt omdat voor Stalin het Communistisch Manifest en de werken van Marx en Engels veel belangrijker waren dan afspraken met wie dan ook. Hetzelfde geldt voor sommige landen met een op de Islam berustend bestuur. Zoals het Iran van vandaag, waar de religie bij alle beslissingen altijd het laatste woord heeft. En hetzelfde geldt voor Hamas, Hezbollah en de Houthi’s. Ook daar bepaalt de religie uiteindelijk alles. Als je met zulke regimes zaken wil doen, moet je dus weten wat er in hun leerstukken staat over onderhandelen met de ‘vijand’ of met ‘ongelovigen’. Ongelovigen zijn alle anderen die niet precies dezelfde Islam volgen als jij. Dat kunnen dus ook andere Islamieten zijn van een iets andere richting dan de jouwe. Vrijwel iedereen is dus in hun ogen ongelovig. En al helemaal Joden en Christenen: allemaal ongelovig. En hun religieuze voorschriften zeggen dat ze met ongelovigen geen vrede mogen sluiten. Wel een wapenstilstand, want die kan dienen om bij de eigen geloofsbroeders en -zusters, om zich te herbewapenen en om weer op krachten te komen. Maar zodra ze weer op krachten zijn moet de stijd weer worden hervat. Ongelovigen moeten dus bekeerd worden en anders gedood. Men kan kiezen. En het doet er ook niet toe hoeveel slachtoffers er daarbij aan eigen kant vallen. Dat worden namelijk allemaal martelaren en die krijgen allemaal een mooie plek in hun hemel, elk voorzien van 72 maagden per martelaar. En ze geloven allemaal werkelijk dat het zo zal gaan. Tegen zulke vijanden kun je haast niet strijden. En daar kun je ook nooit vrede mee sluiten. Dat verbiedt hun geloof. Ik weet dat allemaal zo zeker omdat ik uitvoerig de kruistochten, de conquista in Spanje en de veroveringen van de Turken in en buiten Europa heb gevolgd. En overal ging het op deze manier. Tegenwoordig zijn er ook ‘verlichte’ islamitische staten, en dat is de meerderheid ook, waar wel mee te praten valt. Maar dat verlichte geldt dus niet voor Iran, Hamas, Hezbollah en de Houthis. Die zijn en blijven strak in de leer.

Donderdag 9 april 2026.

Weer het nodige zoekwerk en idem huiswerk gedaan, voor de komende afspraken. Het blijft toch een hobby van me, om ‘alles’ tot op de bodem uit te zoeken, zodat ik ergens echt beslagen ten ijs kom. En dan zijn er toch altijd weer zaken of vragen, als het eenmaal zo ver is, waar ik dan niet zo snel het antwoord op heb. Het is gewoon nooit goed genoeg.

Woensdag 8 april 2026.

Gisteren afscheid genomen van mijn gehoorapparatenleverancier. Alles is nu tot in de puntjes (vaak letterlijk) geregeld. Het zijn zulke kleine apparaatjes, dat je voor het verversen van de batterijtjes, het filtertje en meer van dit soort kleine onderhoudszaken, bijna een vergrootglas en een pincet nodig hebt. Maar ik heb het moeten oefenen op het blote oog en met mijn vingers (want je hebt die dingen niet overal bij de hand) en dat ging zowaar nog ook. Ik kan de wereld weer aan. Een pakje met 6 batterijtjes kost bij de leverancier € 3,50 bij het Kruidvat € 3,09 en bij de Action € 2,49. Dan zie je weer eens de prijsverschillen. Verder was er weer eens de schoonmaak. En elke keer verbaas ik me weer over het inzicht, de werklust en het permanent goede humeur van mijn hulp. Wat ben ik met haar toch een geluksvogel.

Dinsdag 7 april 2026.

Het is een waarheid als een koe, maar vaak zijn de simpelste oplossingen van een probleem meteen ook de allerbeste. Maar het is nog niet makkelijk om je omgeving ervan te overtuigen dat al die ingewikkeldheden niet nodig zijn en dat een simpele en zelfs de allersimpelste aanpak het beste is. Zo zag ik afgelopen week de commandant van het Oekraïense leger verklaren: we vallen de vijand aan op de plekken waar hij het zwakste is. Een deur die wijder openstaat kan ik me niet voorstellen. Het is ook de oude wijsheid van Sun-Tzu: (plm 500 jaar vChr): val de vijand aan waar hij op zijn zwakst is en val de vijand niet aan waar hij op zijn sterkst is. Toch staat de wereldgeschiedenis bol van de voorbeelden waar aanvoerders dit nu juist niet deden. En toch kozen voor de moeilijkste en zwaarste variant. Hitler was er zo eentje, onder andere bij Stalingrad 42/43 en bij de slag om Kursk, zomer 1943. Gelukkig maar, want door zijn militaire stommiteiten kon hij wat sneller verslagen worden. Maar ook de geallieerden konden er wat van: bijvoorbeeld bij de landingen in Normandië in juni 1944. Eisenhower had de opdracht van zijn bazen in Washington om te landen op het Europese continent. En hij koos voor Frankrijk, en in het bijzonder Normandië. In Frankrijk stonden hem 11 zwaar bewapende en volledig bemande pantserdivisies op te wachten, samen met misschien wel het dubbele aantal even sterk bewapende en bemande infanteriedivisies. Op dezelfde dag, 6 juni 1944 stond er in wat we nu Duitsland noemen en in Denemarken geen enkele complete divisie. Welke keus maakte hij dan: de allermoeilijkste. Voordeel voor een landing in Duitsland of Denemarken dat was ook nog dat hij zo een stuk sneller in Berlijn had gestaan met geen enkele natuurlijke hindernis ertussen. Met de landing in Frankrijk moest hij ook nog eens een dozijn of zo grotere en grote rivieren over. Dus die Oekraïense bevelhebber had het wel begrepen. En dat zijn zeker niet alle ‘strategen’ met hem eens.

Maandag 6 april 2026. Tweede Paasdag.

De paashazen en de eierboeren gaan weer het land uit of gaan weer over op de jaarlijkse gemiddelden. De Matheus Passion heb ik deze keer opgenomen, omdat ik op het moment van de uitzending dringend iets heel anders moest doen. Er was ook de Ronde van Vlaanderen, ‘Vlaanderens mooiste’ wordt die ook wel genoemd. En ik snap wel waarom. Het is in Vlaanderen echt een gebeurtenis, waar tienduizenden mensen op afkomen. Hierdoor kwam ik niet aan veel andere dingen toe. Vanaf vandaag gaan we dus weer aan de slag: er is nog genoeg te doen.

Zondag 5 april 2026. Eerste Paasdag.

Hoewel ik gisteren wel boodschappen heb gedaan, zelfs met een lijstje, kwam ik terug zonder eieren. Die stonden namelijk niet op het lijstje. Nu heb ik er nog wel een paar, dus ik sta nog niet helemaal droog, en ik kan nog steeds een min of meer gepast Pasen vieren. Soms vraag ik me echt af of dit nu de leeftijd is, of dat dit me wel vaker is overkomen. En ik stel toch telkens weer vast dat het niets met de leeftijd te maken heeft. Dit overkwam me wel vaker. Een buurman is weer voor onbepaalde tijd naar Frankrijk vertrokken. Dat doet hij elk jaar in de zomer, dus dat is niet zo bijzonder. Hoewel de zomer nog niet is begonnen en hij enkele maanden vroeger is dan anders. Maar deze keer vroegen we ons wel af hoe het wel met hem ging. Het zijn subtiele aanwijzingen en er is een goede kans dat er helemaal niets aan de hand is. Maar het is wel de zoveelste keer dat ik een ouder wordende medemens zie, die net als alle anderen, langzaam maar zeker in lichamelijke en psychische zin achteruit gaat. En wie zegt dan of het nog verantwoord is om zo’n lange autoreis te gaan maken? Dat is toch echt de persoon zelf. Ik hoop alleen dat tegen de tijd dat het voor mij onverantwoord is om nog achter het stuur te kruipen dat ik dat zelf als eerste zie.

Zaterdag 4 april 2026. Stille zaterdag.

Voor het eerst kreeg ik gisteren informatie dat de (voormalige) bestuursleden van beide clubs waar onregelmatigheden zijn vastgesteld, niet zullen worden vervolgd of anderszins voor schuldig zullen worden gehouden. Ik heb daarover nog geen officieel bericht gehad. Dat is natuurlijk een mooi bericht voor mezelf, al heb ik nooit het idee gehad dat ik ook maar iets te maken heb gehad met wat er allemaal verkeerd ging. Sterker nog: ik was de enige die af en toe heeft gevraagd om nadere controles, maar dat vond verder geen enkel bestuurslid nodig. Tot op het allerlaatst heb ik dit ook volgehouden. Met steeds hetzelfde resultaat: niet nodig. Dus voor mij was het nog de vraag of alle bestuursleden zo vrijuit moesten gaan. Maar gelukkig zijn er anderen aangewezen om dat te beoordelen.

Verder arriveerde gisteren een boek uit Duitsland, waar ik al jaren naar op zoek was. Het was ook behoorlijk prijzig. Ik was zowaar een beetje zenuwachtig of het wel zou komen en niet bij iemand anders in de buurt zou worden afgeleverd, hetgeen me een vorige keer nog overkwam. Dat mocht bij dit boek niet gebeuren. Met een verwachte aankomsttijd tussen 17.30 uur en 21.30 uur is het ook niet simpel om dat permanent in de gaten te bijven houden. Vier uur op een krukje voor de huisdeur gaan zitten en opletten wat voor auto’s allemaal op de parkeerplaats aankomen, is ook een hele opgave. In mijn verbeelding zag ik de bezorgde buren al langskomen. Zou het wel goed met hem gaan? Ik mocht me in elk geval niet met iets gaan bezighouden waar ik mijn volle aandacht voor nodig moest hebben. Dus ook niet zoiets gaan doen als eten koken. Mijn oog was dus inderdaad urenlang op mijn toegangspad gericht. En inderdaad kwam om kwart voor acht de bezorger. Dus de wachttijd was 2 uur en een kwartier. Dat viel dus nog mee. En het boek kwam ook geheel onbeschadigd want zeer goed ingepakt aan. En om nog na even doorbladeren van mijn nieuwe vondst, om half negen nog te gaan koken zag ik niet zitten. Dus heb ik maar een maaltijd overgeslagen. Ik kan het hebben.

Vrijdag 3 april 2026. Goede Vrijdag.

Weer eens een dagje thuis. Ik heb altijd meer dan genoeg in huis om wat dan ook te kunnen maken of eten en drinken. Dus er is vrijwel nooit een noodzaak om naar buiten te gaan. Verder was er gisteravond de Algemene Ledenvergadering van het Huurdersplatform De Woonplaats in Aalten. Daar was ik sedert september 2011 altijd bij, en in oktober vorig jaar voor het laatst. Maar nu waren er de ‘onregelmatigheden’ geweest, die het bestuur en zelfs het voortbestaan van dit Huurdersplatform zouden kunnen betekenen. Het is nog maar nauwelijks in de publiciteit geweest. En dat is nog wel de grootste verrassing tot nu toe. Deze muis krijgt onherroepelijk nog een flinke staart. Ik verwacht nog een bericht over die vergadering. Ook voor mijzelf zal er nog wel een staart(je) komen, maar dat wachten we rustig af.

Donderdag 2 april 2026. Witte donderdag.

Een bezoekje aan de Hornbach, in verband met de mooie bloempotten die ze daar volgens hun website zouden hebben. Een mijl op zeven naar het noorden van de stad. Want ik ben wel anderhalf uur onderweg. En dezelfde tijd ook weer terug. En ze hebben er inderdaad een enorme voorraad bloempotten in een zeer grote keus. Maar helaas niet in de kleur en het materiaal van mijn voorkeur. Ik wil de aanschaf van plastic voor mijn huis zoveel mogelijk zien te vermijden, en ik wil nu eindelijk wel eens bloempotten in mijn favoriete kleur. Echter ze hadden in deze Hornbach-winkel, anders dan ik op hun website zag, mijn favoriete kleur zelfs niet in pastic en ook niet in een ander materiaal. Dus het werd een vergeefse tocht. Ik ga nu nog een keer naar Tuinland in Noord-Assen, waar ik eerder zoveel succes had met de gele aardbei. Waarschijnlijk is dat qua reistijd ook een stuk dichterbij. Het kost ook al zoveel moeite om een dekbedhoes in mijn favoriete kleur te vinden. Ik vermoed al heel lang dat al die leveranciers van dekbedhoezen hun spullen betrekken bij dezelfde groothandel en/of ontwerper, want er is ook geen enkele leverancier met een dekbedhoes in mijn favoriete kleur, terwijl ze elk vele honderden modelletjes hebben in vele kleuren. En nu overkomt me bij de bloempotten hetzelfde verschijnsel. Maar bij de bloempotten heb ik het nog niet opgegeven. Als het bij de bloempotten ook niet lukt, ga ik toch denken aan een samenzwering. Dat moet haast wel.

Woensdag 1 april 2026.

Nogmaals een bezoek aan mijn orenpersoon, voor de laatste instellingen. Dan moet ik over een week nog een keer langskomen, of alles het zo goed doet en dan word ik losgelaten in de wijde wereld en moet ik me verder zelf maar redden. Verder een bezoek aan mijn boekwinkel, die op steenworpsafstand van mijn orenwinkel ligt, om een volgend boek te bestellen. En intussen ben ik dan thuis aan mijn volgende leesboek begonnen: een introductie van alle Dode Zeerollen. Ik heb daar wel vaker artikelen over gelezen, maar ze spreken vooral elkaar tegen. Nu wil ik wel eens overzicht zien en kijken wat ik er nu zelf van vind. Dit is hetzelfde verschijnsel als wat er gebeurde bij Josephus Flavius, Joods historicus uit de eerste eeuw na Christus. Ook over hem las ik ook allerlei commentaren, maar ook die spraken elkaar steeds tegen, dus wilde ik wel eens weten wat nu Josephus zelf had geschreven. En toen ik dat deed gaf dat me meteen inzicht hoe het nu echt zat in die eerste eeuw, en begreep ik ook beter waarom die commentaren elkaar steeds zo tegenspraken. En nu maar net aan het begin van het boek over de Dode Zeerollen, begint het me al te dagen wat daarmee nu precies aan de hand was en is. Maar het zal niet meevallen om dat een keer in een paar zinnen te vertellen, want is het knap ingewikkelde materie.

Dinsdag 31 maart 2026.

In alle ellende die de afgelopen maanden met de diverse oorlogen hebben teweeggebracht, zie ik toch nog één klein lichtpuntje. En dat zie ik al vanaf de vorige oorlog die de Israëliërs hebben gevoerd tegen Hamas. Bij elke gesneuvelde Israëlische militair werd door de Israëliërs een foto van hem of haar uitgebracht die vervolgens ook door hun media werden geplaatst. Uiteraard nadat eerst de naaste familie was geïnformeerd. Ook al waren dat er bij elkaar enkele honderden. En dat gedrag is nu door de Amerikanen, met hun oorlog tegen Iran overgenomen. Ook hier van elke gesneuvelde militair naam en foto in de krant. Dat doet iedereen nog eens goed beseffen, wat een vreselijke ellende elke oorlog toch voortbrengt. Dat is volgens mij een belangrijke reden waarom er geen ‘boots on the ground’ in Iran zijn en worden overwogen. Want dan komen er ongetwijfeld pagina’s vol met gesneuvelde militairen. En dat vervolgens dagelijks. Stel je voor dat dit was gebeurd tijdens de Vietnamoorlog of tijdens de strijd in Afghanistan. Dan waren die oorlogen mogelijk veel eerder gestopt.

Maandag 30 maart 2026.

Dat was een rustige zondag, waarvan niet zo veel te vermelden was. Wellicht was dat een stilte voor de storm, want voor de komende week verwacht ik weer van allerlei nieuws.

Zondag 29 maart 2026.

Intussen weet ik de naam van de Guardian-columniste weer: Arwa Mahdawi. Een naam die ik niet makkelijk onthou. Haar column van enkele dagen geleden luidde: “Does Trump really have news about aliens and UFO’s ? That would be the first sign of intelligent life.” Ofwel: “Heeft Trump werkelijk nieuws over buitenaardsen en UFO’s ? Dat zou dan het eerste teken zijn van intelligent leven.” Ze bedoelt ongetwijfeld: intelligent leven bij Trump, niet bij de buitenaardsen.

Verder gaat het project om deze website verder af te slanken verder. Gisteren verdween de pagina ‘2022’ en de inhoud daarvan is in zeer afgeslankte vorm bij de even sterk afgeslankte pagina 2021 gevoegd. Maar dit soort ‘nieuws’ zal ik verder niet vermelden, tegelijk gaat het afslankingsproces gaat wel verder.

Zaterdag 28 maart 2026.

De nootjes zijn voor de komende drie weken weer veilig. Dat idee geeft altijd een rustig gevoel. En ik heb wellicht een pedicure ontdekt. Daar zoek ik al jaren naar, want vooral het gestrekte been verzorgen kost moeite. Ik moet nog kennismaken.

Vrijdag 27 maart 2026.

Vandaag las ik de vrijdagse bijdrage van Ami Taheri, een van mijn favoriete opinionisten. Hij legde eerste even uit wat het woord ‘ultimatum’ eigenlijk betekent. Het betekent: laatste woord. Maar bij Trump betekent het dan toch iets heel anders. Ook leerde ik vanmorgen dat het eerste ultimatum uit de geschiedenis van Julius Caesar was, gericht tegen Pompeus, toen deze de Rubicon wilde oversteken richting Rome. Het ultimatum was: als je de Rubicon oversteekt zul je sterven. Hij stak de Rubicon toch over en stierf. Een andere favoriete opinioniste van me is: de precieze spelling van haar (moeilijke) naam ben ik even kwijt en het is even wachten op haar volgende commentaar in The Guardian. Ook zij heeft zeer behartigenswaardige commentaren.

Donderdag 26 maart 2026. Ligusters en haagbeuken.

In 2024 zag ik op 4 april voor het eerst de ligusterheggen uitlopen. We hebben hier ontzettend veel ligusters en ook heel veel haagbeuken. De aantekening van 2025 ben ik op raadselachtige manier kwijt geraakt, maar ik weet nog wel dat het enkele dagen eerder dan 4 april was. En dit jaar – 2026 – zag ik gisteren al – dus op 25 maart – de eerste ligusters uitlopen. Er is echt iets aan de hand met het klimaat en de natuur in dit land. Dit is geen toeval meer. In 2024 was 18 april de eerste dag van het uitlopen van de haagbeuken en ook die datum was in 2025 enkele dagen eerder. Het zal ongeveer 14 april geweest zijn. Dus dit jaar zal het dan in hetzelfde tempo op 10 april zijn, of mogelijk nog iets eerder. Ik houd het zeker bij. Hier leest u binnenkort nog meer over.

Woensdag 25 maart 2026.

Na de avonturen van het weekend, ben ik weer in rustiger vaarwater terecht gekomen. Het is altijd leuk en goed om te reizen en bekenden te bezoeken, ook dagenlang, maar een nog mooier moment is toch altijd weer als ik weer door mijn voordeur naar binnen stap. Thuiskomen is steeds het allermooiste. En ik ben uiteraard ook meteen maar even poolshoogte gaan nemen of er nog iets hier veranderd is. Voornamelijk of het nieuwbouwproject al een beetje opschiet. Het resultaat: er is niets veranderd. en dat is al maanden zo. Wel zijn alle nog te bouwen huizen alweer verkocht, zo blijkt uit een plakkertje bij de bouw. Maar in het tempo waarin het bouwen het afgelopen jaar gaat, kan het nog jaren duren voordat het af is.

Dinsdag 24 maart 2026.

Dat was dus weer eens een bezoek met etentje aan broer Jan in Maassluis, gevolgd door familiebezoek in de buurt van Amersfoort. De treinreizen en de reizen met andere middelen van openbaar vervoer liepen allemaal precies op tijd. Dat mag ook wel eens gezegd worden. Verder waren de bezoeken gezellig, informatief en goed. Ook voldeed ik weer eens aan de oude norm van 5 kilometer per dag. En bij thuiskomst rook mijn huisje weer fris en was intussen weer tiptop schoongemaakt. Ik heb nog altijd een goed leven en ook hoop dat nog vele jaren vol te houden. Verder kwam gisteren de kwestie die speelde en speelt bij De Woonplaats in de openbaarheid. Bij Radio Twente. Het gaat om fraude, dat kan ik nu wel bevestigen, hoewel er nog geen bedrag bekend is gemaakt. Niemand geeft nog commentaar. Maar de journalist die het bekend maakte, deed dat niet op erg deskundige wijze. Zo meldde hij dat aangifte is gedaan tegen de overleden penningmeester van beide huurdersclubs. Als dat al theoretisch mogelijk zou zijn, hetgeen ik waag te betwijfelen, dan kan hij in elk geval niet meer worden veroordeeld. Het heeft ook geen zin een dode te veroordelen. Als dat wel zou kunnen heb ik nog wel een aantal gegadigden uit de geschiedenis die dan hiervoor eerder in aanmerking komen. Het is wachten op serieuzer onderzoek of mededelingen van degenen van wie je mededelingen hierover mag verwachten.

Zondag 22 maart 2026.

En toen kwam er uiteindelijk inderdaad die enorme pan erwtensoep. Met alle erop, erin en eraan. En ook kwamen er acht porties van in de vriezer terecht. Dus ik kan er weer enkele maanden mee vooruit. U kunt zich voorstellen dat ik daar de hele dag mee ben bezig geweest. En dan is het wel weer fijn als mijn hulp alles weer komt schoonmaken, alsof er nooit iets is gebeurd. Ik heb een goed leven. En ik heb ook geen langetermijndoelstellingen meer, hoewel er toch stiekem nog wel enkele overblijven. De laatste hiervan eindigt eind 2031. Maar tegen die tijd komen er vast wel weer nieuwe.

Zaterdag 21 maart 2026.

Sinds oktober vorig jaar ben ik wat achteruit gegaan met mijn conditie. Dat komt heel geleidelijk weer terug. Maar het gaat wel tergend traag. Gisteren heb ik voor het eerst sinds zeker oktober 2025 weer een wandeling gemaakt van meer dan 5 kilometer. Maar het ging wel heel erg traag. Haalde ik eerst met zo’n afstand nog een gemiddelde van plm 3,5 km per uur, gisteren was het amper 2,5 km per uur. Dus in dit tempo ben ik nog wel een half jaar bezig om weer mijn tijden en afstanden van midden vorig jaar weer te halen. Als ik het niet voor die tijd opgeef. Maar voorlopig ga ik daar niet van uit.

Vrijdag 20 maart 2026.

Nu is alles in huis voor de erwtensoep en het feest kan dus gaan beginnen. Het is toch een bijzondere slager, die in Helpman. Niet alleen heeft hij alle spullen in huis om erwtensoep mee te kunnen maken, maar bijvoorbeeld ook klapstuk. Dat soort spullen moet ik bij mijn plaatselijke slager altijd ruim van tevoren bestellen. De baas, die ik toevallig binnenkwam eenander klant aan het bedienen was, stelde vast – met de gevaagde spullen die er al lagen – dat ik erwtensoep wilde gaan maken, en zei spontaan dat daar natuurlijk ook varkensrookworst bij zou moeten .’Dat is veel lekkerder in de erwtensoep dan de runderrookworst.’ Het advies van een doorgewinterde vakman sla ik bijna nooit in de wind, dus dat heb ik toen ook maar meteen erbij gedaan. Ben zeer benieuwd of dat nu ook echt zoveel lekkerder is. Wat ook heel bijzonder is in deze winkel dat ze daar bijvoorbeeld ook het roggebrood van Van Dijk verkopen. Dat is ook bij de diverse supermarkten te koop, maar dat schap staat daar vrijwel permanent leeg. Dat krijg je natuurlijk als het roggebrood van Van Dijk, zoveel beter is dan dat van bijvoorbeeld Bolletje. Roggebrood is nu niet echt geen slagersartikel, maar deze slager weet gewoon wat lekker en goed is. Ik kom er graag, dat is wel duidelijk.

Donderdag 19 maart 2026.

Gisteren stond de dag weer eens in het teken van de erwtensoep. Na eerst te hebben gestemd, op het al enige jaren gebruikelijke, maar zeer ongelukkig te bereiken stembureau, was ik eerst van plan om naar mijn relatief nieuw ontdekte slager in Helpman te gaan. Totdat ik me – al wandelende – realiseerde dat ik ook aparte spullen bij de groenteboer moest hebben. En de wandeling toch wel erg fors zou gaan worden. Dus eerst maar even de groenten: een knolselderij, een pakje bladselderij, twee winterwortels, twee preien, twee uien en enkele geschikte aardappels. Dan kan ik vandaag of morgen wel het vlees gaan halen: een varkenspoot, een hamschijf, eventueel nog hamlappen en twee rookworsten van de slager. Hele erwten en spliterwten heb ik nog meer dan genoeg. Dus dan kan ik morgen of anders zaterdag weer een enorme pan ervan gaan maken. Dat alles levert dan ook een aantal nog in te vriezen porties op. Dus dan kan ik er weer tot tegen de zomer mee vooruit.

Woensdag 18 maart 2026.

Verkiezingsdag voor de gemeenteraden. Ben eigenlijk nauwelijks benieuwd naar de uitslag, omdat die voor het land toch geen belangrijke gevolgen zal hebben. Maar vanavond zal ik toch wel af en toe naar de uitslagenavond zappen, of anders een schuine blik naar de telefoon werpen. In Groningen was de vorige keer GroenLinks de grote winnaar en ik moet bekennen dat ik de plaatselijke politiek sinds we bij Groningen horen niet meer volg. Dat was voor het Harens gebeuren wel anders. Daar won ook een keer GroenLinks en enkele jaren later waren alle reserves van Haren verdwenen, waardoor Haren niet meer zelfstandig kon blijven voortbestaan. En dus nu bij Groningen hoort. Een verbetering van de service voor de burgers is er na de fusie in elk geval absoluut niet van gekomen. Dat was niet alleen mijn eigen ervaring, maar ik hoorde ook niets anders van allen die ik sprak. Er zijn helaas heel veel politici, van alle richtingen, die alleen maar hun eigen gelijk willen halen en daarbij de mensen voor wie ze het werk doen compleet vergeten. Dus vanavond horen we meer.

Dinsdag 17 maart 2026.

Dit is de dag waarop mijn broer Arie 87 geworden zou zijn, als hij niet vorig jaar was overleden. Zoveel naaste familie heb ik nou ook weer niet, dat ik dat meteen vergeten zou zijn. We vierden onze verjaardagen onderling toch al nooit, maar een telefoontje of ander contact kon er toch altijd wel af.

De boeken van Luit van der Tuuk lezen makkelijk en vlot. En zijn toch heel leerzaam. Vandaag zal ik naar verwachting alweer het volgende boek van zijn hand – Indiculus – uit hebben. Zo was ik me er nooit van bewust dat de dagen van de week in Nederland ook stammen uit vóórchristelijke tijden. Maar anders dan in Frankrijk, waar die dagen vooral verwijzen naar Romeinse goden, heeft het Nederlands vaker gekozen voor oude Germaanse goden. Een tikje ouder dus. Zoals de dinsdag vernoemd is naar de god Tyr, de Germaanse god van de oorlog. De woensdag is dan vernoemd naar Wodan, de Germaanse oppergod, de donderdag komt van de Germaanse god Donar, hun god van donder en bliksem, de vrijdag is dan van de godin Freya, de godin van de liefde en vruchtbaarheid. De zaterdag is dan vernoemd naar – voor de verandering – een Romeinse god: Saturnus, de god van de landbouw. De maandag en de zondag zijn dan vernoemd naar de maan en de zon.

Maandag 16 maart 2026.

Vanmorgen opent de Telegraaf met de enorme kosten die gemoeid zouden zijn met de schadeafwikkeling van de Groningse aardbevingsschade. Dat gaat de belastingbetaler miljarden kosten. Aldus de Telegraaf. Zo zou er een regeling zijn, waarbij schade tot 60.000 euro niet of nauwelijks gecontroleerd zou hoeven worden. Ook psychische schade zou daar onder moeten vallen. Ik realiseerde me ineens dat ik zelf nog geen schadevergoeding heb geclaimd. Ik kan helemaal geen fysieke schade aantonen, noch aan mijn huis, dat ook nog eens een huurhuis is, noch aan mijn lijf of goed. Maar ik begrijp nu pas dat ook psychische schade wordt vergoed, zonder veel controle voor de eerste € 60.000,-.

Tenslotte woon ik ook in Groningen, en als het inderdaad zo makkelijk is, waarom zou ik dan ook niet € 60.000,– gaan claimen? Ik heb de regels tenslotte niet gemaakt. En u voelt al aankomen dat ik wel flinke psychische schade heb opgelopen. Veel meer dan € 60.000,–. Maar ik ben bescheiden en ook niet inhalig, dus ik neem genoegen met € 60.000,– Eens kijken of ik die nog ga claimen.

Zondag 15 maart 2026.

En toen kreeg ik – onderweg naar huis – ineens een enorme hagelbui op mijn hoofd. Hij heeft korte tijd later alle kranten gehaald. Ik had zoiets in geen jaren meegemaakt. Het was zoveel dat het zelfs even bleef liggen en ik me afvroeg of het niet te glad voor me zou worden. Maar ik had uiteraard geen keus: ik kon moeilijk ergens zomaar blijven stilstaan. Dus het werd toch doorlopen. En gelukkig werd het ook niet glad. Bij een buitentemperatuur van een graad of zes, en ook zonder bevroren ondergrond, smolt alles weer vrij snel weg.

Verder ben ik met allerlei zaken uit mijn verleden en mijn heden bezig. Zoals de geschiedenis van ooit mijn ooit dokter E.H.J. Warns, die promoveerde bij een persoon die helemaal niet bekend is bij de RUG en waar nog meer merkwaardigheden over zijn te vinden en inmiddels ook door mij gevonden zijn. En ben ik nog bezig met de erfenis van administratieve onvolkomenheden uit mijn geschiedenis bij De Woonplaats in Enschede. Het is niet zo dat er bij mij achteraf zaken zijn vastgesteld, die niet door de beugel konden, maar wel bij anderen. Ik ga ervan uit dat deze zaken nog wel boven water en zelfs in de publiciteit kunnen komen, want het lijkt me belangrijk genoeg, voor wat ik ervan weet. Maar het onderzoek loopt nog en er kan nog van alles uitkomen of juist niet, en het is dus niet gepast daarmee als eerste te komen. Maar het houdt me in elk geval goed bezig.

Zaterdag 14 maart 2026.

Voor de zekerheid heb ik er toch nog maar een pond nootjes bijgekocht. Nu kunnen ze probleemloos volgende week een keer wegblijven. Het volgende boek is Indiculus, ook van Luit van der Tuuk. Dat is oorspronkelijk een boekwerk uit de zesde of zo eeuw. Daarin stonden alle foute dingen die in de ogen van de Christenen absoluut niet meer konden, toen het Christendom nog moest opboksen tegen het heidendom. Ik ben er maar net aan begonnen, maar het is nu al verrassend hoeveel oude heidense gewoonten en gebruiken uit die tijd zelfs tot op de dag van vandaag in stand gebleven zijn. Waar tegenwoordig dan soms een christelijk sausje over gedaan is. Denk aan Kerstmis of het vuurwerk bij oud en nieuw. Of het branden van een kaarsje bij een overledene. En er komen vast nog veel meer voorbeelden. Anders dan bij Ubbi de Fries, waar de schrijver zich aan het eind verontschuldigde voor de rommelige aanpak van dat boek, geeft Indiculus meteen weer een stevig-wetenschappelijke aanpak. Met veel bronvermeldingen en vergelijkingen met andere bronnen.

Vrijdag 13 maart 2026.

Weliswaar is het vandaag nootjesdag, maar ik zou het tot volgende vrijdag moeten kunnen redden. Zal straks wel even langslopen om te zien of er nog een bijzondere mededeling staat. Dat gebeurt een heel enkele keer. Als het rustig is kan ik best nog wel een pondje meenemen. Gewoon, voor alle zekerheid. Intussen heb ik ook alweer het boek “Ubbi de Fries” uit van mijn favoriete schrijver over de vroege middeleeuwen Luit van der Tuuk. En er liggen nog een stuk of zes boeken te wachten. Nog een nabrander over Plinius: bij de Romeinen was het ongepast om te dineren met je sandalen aan. Ze liepen binnenshuis (en bijvoorbeeld ook in de Senaat) allemaal met sandalen. Maar die moesten dus uit bij het avondeten. Ik kon niet zo snel bedenken waarom. En ik heb een oplossing hiervoor bedacht. Romeinen gebruikten hun diner vaak liggend en niet zittend. Ik weet nog niet waar ze dan op lagen, maar met je sandalen aan, maakte je toch snel de kussens of andere bedekkingen vuil.

Donderdag 12 maart 2026.

En dat was dus weer een bezoek aan de kapper. En pas toen zij bezig ging, zag ik in de spiegel dat ik best wel enkele weken eerder had gekund en gemoeten. Maar nu is het dan toch weer redelijk goed in orde. Verder wil ik bijna elke dag naar buiten om de plantjes te verzorgen. Tot ik bedenk dat het voor die planten eigenlijk nog winter is. Het is nog iets te vroeg. Ook moet ik voor binnen enkele nieuwe planten aanschaffen. Mijn hulp heeft – met mijn volle instemming uiteraard – nogal huisgehouden in mijn bestand.

Woensdag 11 maart 2026.

Hoewel ik de afgelopen maand het aantal pagina’s op deze website flink heb teruggebracht, is binnenkort een verdere opschoning aan de beurt. Ik wil dat wat ik aan voorvallen en andere informatie nog bewaar, verder een heel stuk gaan afslanken. Ik ben het nog niet met mezelf eens in welk jaar dat verdere opschonen gaat beginnen. Een mooi moment is uiteraard vanaf het moment dat ik 65 werd en met pensioen ging. Maar het kan wellicht ook nog een aantal jaren eerder. In elk geval wil ik de periode tot en met 1994 blijven bewaren, ongeveer zoals het nu is. Ik ga er eerst eens goed op studeren, en dan een knoop doorhakken. Uitvoeren zal nog een hele klus worden. Daar ben ik vast nog wel een paar maanden mee bezig.

Maandag 9 maart 2026.

Plinius heb ik nu uit. En ik moet bekennen dat het me absoluut niet is tegengevallen. Ik heb altijd gedacht dat het gymnasium de beste school moet zijn, na de basisschool, voor wie het aankan, omdat Latijnse uitdrukkingen en woorden tot de dag van vandaag in tal van publicaties, boeken en gesprekken gebruikt blijven worden. Dat je dan snapt wat iemand zegt of wat je leest lijkt me een enorm voordeel. Ik heb het in elk geval gemist in mijn voorgeschiedenis. Maar na het lezen van Plinius kom ik tot de ontdekking dat het ook nog om iets heel anders gaat: het leren van normen en waarden, en die vervolgens verpakken in taal. Het Romeinse Rijk werd niet zomaar heel groot. Daar zit een wereld aan gedachten achter. Deden de Romeinen dan niets fout? Wel degelijk! Ze hielden slaven, en Plinius ook. Weliswaar waren de slaven van Plinius – anders dan bij de meeste andere slavenbezitters – niet geketend, volgens hemzelf dan, maar verder hadden ze niets in te brengen. Ook vindt hij – als Romeins senator – dat als bleek dat een persoon was gefolterd, deze onmiddellijk moest worden vrijgelaten. En zo merk je dat ze naast heel nobele gedachten ook kinderen van hun tijd en wereld waren. Ik ga nu toch ook nog Tacitus bestellen. Vanwege zijn geschiedenis, niet vanwege zijn taalvaardigheid. Godsdienstig was Plinius zeker ook niet. Ik heb slechts één keer gelezen waarin hij bad. Naar alle Romeinse goden tegelijk. Als het bijvoorbeeld al over Diana ging (de godin van de jacht) ging het eigenlijk er alleen maar over dat het jachtseizoen weer was geopend.

Zondag 8 maart 2026.

Nog zo’n verschijnsel dat Amerikaanse presidenten met elkaar gemeen hebben is dat ze denken dat ze met iedereen een ‘deal’ kunnen maken: afspraken. Dan veronderstel je dat de tegenstander er hetzelfde over denkt dan jij. En bovendien dat een afspraak ook de ander bindt. Zo dacht president Roosevelt aan het eind van WO II dat hij met Stalin een afspraak kon maken, waar hij zich ook aan zou houden. Zoals vrije verkiezingen in de door de Sovjet-Unie bevrijde gebieden. Dat had hij wel met Stalin afgesproken, maar hij had geen kennis genomen van de werken van Marx en Engels, noch van het ‘Communistisch Manifest’. Dan had hij geweten dat een afspraak met communisten – die de wereldverovering nastreefden – voor die communist geen betekenis heeft. En dus werden die verkiezingen in Oost-Europa nooit gehouden. Precies dezelfde fout maakt president Trump nu. Die denkt dat je met fanatieke Islamieten een afspraak kunt maken. En dat ze zich vroeg of laat wel zullen overgeven. Vergeet het maar. Ook deze Islamieten streven wereldheerschappij na en wie niet meedoet moet worden gedood. En die zullen dus elke afspraak willen maken, maar zich er nooit aan houden. Het doet me ook denken aan de uitspraak van Louis van Gaal: ben ik nou zo slim of zijn die anderen nu zo dom?

Zaterdag 7 maart 2026.

Ook de Oostwijk is dus weer gelukt en ik heb weer van alles in huis dat ik de afgelopen weken heb gemist. Zoals verrukkelijke slaatjes en rabarber en nog meer. Ook heb ik weer buren geholpen met het schoonblazen van hun achterplaatsje met mijn bladblazer. Het is hier een boomrijke omgeving en dat vindt iedereen die hier woont prachtig en rustig, maar de consequentie is wel dat er regelmatig teveel bladeren liggen. En bij mij speciaal heel veel troep die vogels veroorzaken. Die willen wel overal een nestje bouwen, heb ik het gevoel. En gebruiken daarvoor mijn plaatsje als hub: een centraal verzamelpunt om van hieruit de boel verder te distribueren. Ze moeten immers allemaal in mei een ei gaan leggen, of misschien is het tegenwoordig wel april. Dat hou ik niet allemaal bij.

Ik nam ook kennis van de opvatting van president Trump dat hij verder gaat met de oorlog tegen Iran, totdat Iran zich onvoorwaardelijk overgeeft. Unconditional surrender. Ach en wee. Ik heb al decennia tal van historische werken over de strijd tegen Islamieten gelezen. Of het nou over de veroveringen van de Turken ging, de Kruistochten of de conquista en de reconquista. Dit soort Islamieten en misschien wel alle, maar zeker het soort, dat nu in Teheran aan de macht is, zal zich nooit overgeven. Die offeren nog liever alles op, zelfs tot de laatste Iranees. Overgave verbiedt – in hun visie – hun geloof. Je mag ook met je (ongelovige) vijanden geen vrede sluiten. Alleen een tijdelijke wapenstilstand is toegestaan. Want dat geeft de ‘strijders’ de mogelijkheid om weer op krachten te komen, zodat ze later verder kunnen gaan. En intussen hebben de Iraniërs dat inmiddels ook verklaard: het bewind zal zich nooit overgeven. De keren in de afgelopen eeuw dat de Amerikanen deze ‘unconditional surrender’ hebben geeist, waren bij mijn weten alleen bij de Duitsers en de Japanners in WO II. Tegen de Duitsers ging dat alleen maar door ze militair op de grond te verslaan. Alleen de luchtoorlog, hoewel die toen ook tegen de Duitsers heel intensief was: hele steden werden weggevaagd, maar ze gaven zich niet over. Tegen de Japanners gebeurde dat niet, maar dat lukte alleen na het afwerpen van twee atoombommen. Dat is dus de keus voor de Amerikanen. Boots on the ground, of atoombommen. Het laatste zie ik niet gebeuren, en het eerste is dan onvermijdelijk. En dat ligt slecht bij het Amerikaanse volk. Of met de staart tussen de benen afdruipen. Ik heb geen idee hoe je uit dit zelf geschapen dilemma zou moeten komen.

Vrijdag 6 maart 2026.

Het is weliswaar vandaag nootjesdag, maar ik heb nog meer dan voldoende eersteklas nootjes in huis. Dus daar hoef ik vandaag de deur niet voor uit. Gisteren heb ik weer eens een wandeling gemaakt op het ‘ouderwetse’ tracé. Alsmaar rechtdoor richting Groningen. En weer terug. Het werden 6,5 kilometer. En ik heb het gered, maar je kon me na afloop opvegen. Mijn conditie is er inderdaad fors op achteruit gegaan. Nu zou ik het toch weer vol moeten gaan houden, al is de neiging groot het niet nog een keer te gaan doen. Maar ik wil nog graag naar de Oostwijk, want daar zou nu de winterporselein moeten zijn: mijn jaarlijkse traktatie voor deze tijd van het jaar. Dus dat ga ik toch maar eens proberen. Wie weet gaat het alweer beter dan gisteren.

Donderdag 5 maart 2026.

Er zijn talloze grote uitvinders geweest, en ook ontdekkers, die voor het eerst iets deden of waarnamen. Ze zijn vrijwel allemaal in de geschiedenis weggezakt: we hebben geen idee (meer) wie iets heeft ontdekt. Tot ik gisteren weer zo’n kwestie tegenkwam in het boek Plinius de Jongere. In zijn tijd (rondom het jaar 100) was het gebruikelijk en heel normaal dat een spreker voor een zaal dat zittend deed. Dan was er een podium met een stoel erop en daarop zat de spreker. Bijvoorbeeld in de Romeinse Senaat. Maar ook als iemand bij een grote maaltijd een woordje wil zeggen. Die gaat nu ook staan. Ook de sprekers in de Tweede Kamer bijvoorbeeld gaan allemaal staan als ze het woord krijgen. Er is een keer iemand geweest die voor het eerst ging staan bij het houden van een toespraak. Omdat hij dacht dat dan zijn toespraak beter over zou komen. En dat was deze Plinius de Jongere. Deze bleef ineens staan op het podium. Dat was een ware revolutie en een ongekend schandaal. Maar hij kreeg uiteindelijk veel waardering en werkelijk iedereen deed hem na. Tot op de dag van vandaag. Het was al veel langer zo dat als iemand uit het gezelschap een opmerking wilde maken of een vraag aan de spreker wilde stellen, hij of zij dan wel eerst moest opstaan. Dan kon de spreker meteen zien wie hem wat wilde vragen. Wanneer dat begonnen is: gaan staan als je een vraag wil stellen. Dat moet ik nog uitzoeken.

Woensdag 4 maart 2026.

Na het uitbreken van de oorlog tussen de V.S. en Israel enerzijds en Iran anderzijds, afgelopen week, doet Nederland zijn best gestrande Nederlanders uit die contreien weg te halen. Te beginnen met kinderen, zieken en zwangere vrouwen, aldus onze nieuwe regering-Jetten. Het deed me denken aan die actie van Save the Children om kinderen van vluchtelingen te gaan redden op de Middellandse Zee. De boot voer voorbij in het Journaal, met een spandoek van begin tot einde van het schip met de tekst in de grootst mogelijke letters: SAVE THE CHILDREN. En ik vroeg me meteen af hoe ze dat zouden gaan. Dan varen ze midden op de Middellandse Zee en dat komen ze zo’n rubberboot tegen, volgepakt met vluchtelingen. En wat gebeurt er dan? De eerste vraag is dan: wat is nu een kind precies? Laten we aannemen: alle mensen beneden de 18 jaar. Het mag van mij ook een andere grens zijn, maar je moet ergens van uit gaan. Maar hoe zie je vanaf een afstand wie er nou wel en wie er nou niet 18 is? Er zit niets anders op dan dat je dan iedereen die op het oog achttien is, aan boord neemt. Je mag ook aannemen dat ze geen van allen een identiteitsbewijs bij zich hebben. Die nemen de mensensmokkelaars namelijk al eerste weg. Eenmaal aan dek van de reddingsboot stellen de redders vast dat sommigen duidelijk boven de 18 zijn, maar mee zijn geslipt. Wat doen ze dan met die mensen? Meteen weer overboord zetten, terug in de rubberboot? En mogen dan de moeders van de geredde kinderen wel mee? Het kunnen natuurlijk ook heel kleine kinderen zijn, die ze zojuist hebben gered. Blijven die ook achter in de rubberboot? En dan de vaders. Ook weer terug in de rubberboot? Of worden dan ook meteen alle vaders en moeders gered, maar blijven dan de alleenreizende mannen en vrouwen, zeker de bejaarden, wel in de rubberboot achter? Die moeten maar door iemand anders gered worden. Daar is SAVE THE CHILDREN toch niet voor? Ik ga u vertellen wat er in werkelijkheid gebeurt. In werkelijkheid worden namelijk alle mensen gered die in een rubberboot worden aangetroffen. Niemand uitgezonderd. En dat gebeurt ook als er helemaal geen kinderen in die boot zitten of zelfs als er en boot voorbij komt met allemaal bejaarden. Dan wordt ook iedereen aan boord genomen en gered. Maar waarom maken ze dan zoveel reclame dat ze de kinderen gaan redden, als ze bedoelen dat ze iedereen gaan redden? Antwoord: omdat kinderen zulke fantastische weekmakers zijn. Als je zelfs al geen kinderen wil redden, ben je dan nog wel een mens? Ik ben dus ook benieuwd hoe de Nederlandse regering die keuzes gaat maken. Kinderen worden zonder hun ouders mee naar Nederland genomen? En iedereen die klaagt over pijn wordt ook meegenomen, of komt daar nog een medische keuring bij? En dan de zwangeren. Die krijgen toch wel een test voordat ze aan boord gaan? En alle alleenreizenden, zeker de bejaarden, moeten achterblijven? Wie gelooft dat nou?

Dinsdag 3 maart 2026.

Intussen heb ik zo’n 15% van het boek van Plinius de Jongere gelezen. Dus in theorie ben ik hier dan nog een kleine week mee bezig. De praktijk zal het leren. Het geeft een stevig inkijkje in het leven van een Romeinse aristocraat. In het voorwoord van de vertaler van enkele honderden brieven aan een kleine honderd ontvangers, staat al dat het niet gaat over de geschiedenis (al komen er wel flarden van naar boven, zoals de uitbarsting van de Vesuvius en de Christenvervolgingen), niet over zijn rijkdom, niet over zijn financiën, relaties, geloof en seks. Hij had bijvoorbeeld slaven, maar daar lees ik nog bijna niks over. Het was een aristocraat, een voormalig senator, een bestuurder van een groot stuk land, en bewaarder van de financiën van de militaire schatkist. Geen kleine betrekkingen dus. Hij was zeer gesteld op goede omgangsvormen en juist taalgebruik. Hij schreef o.a. met zijn schoonmoeder (zijn vrouw overleed jong), die een viertal villa’s bezat, die hij vrijelijk mocht gebruiken, met inbegrip van haar slaven. Die schoonmoeder was dus ook al geen armoedzaaier. De vertaler is dus ook een taalliefhebber, anders herken je niet wat de tekst van een ander zo mooi maakt. Jammer alleen dat de vertaler het verschil niet kent tussen een kattebelletje (klein briefje met enkele aantekeningen) en een kattenbelletje (belletje voor een kat, zodat de vogels hem horen aankomen).

Maandag 2 maart 2026.

Ben begonnen met het boek over/van Plinius de Jongere. Dat was een Romeinse schrijver uit de tweede eeuw na Christus. Bevriend met keizer Trajanus en rijk. Dat boek heb ik in een opwelling gekocht, en ik heb er nog geheel geen verwachting van. Behalve dan dat het de situatie na de eerste eeuw beschrijft, toen de Romeinen ook nog in ‘onze streken’ waren. De tijd van de grote Christenvervolgingen.

Zondag 1 maart 2026.

De meteorologische lente is vandaag begonnen. En het is ook te merken. Ik ben bezig met een boek over het Duitse offensief tegen de Sovjet-Unie in de winter van 1941 op 1942: de aanval op Moskou en daarna. Ik heb eens vergeleken de temperaturen die toen (overgang februari naar maart 1942) heersten ten westen van Moskou, en dat ging gemakkelijk naar de -20 graden Celsius overdag, met plekken waarop het nog veel kouder werd: tot tegen de -50 graden. Zeker ’s nachts. En dan vergeleken met de temperaturen die nu heersen in Moskou en Kiev. Met in Moskou vandaag tussen 1 en 3 graden boven nul en in Kiev tussen -2 en plus 6 graden. Een wereld van verschil en dat is nog zacht uitgedrukt. Je kunt het nauwelijks geloven. Er is inderdaad een flinke opwarming geweest. Anders is het niet te verklaren.

Zaterdag 28 februari 2026.

De nootjes zijn weer binnen. Voor de komende drie weken ben ik op dit punt weer geheel zorgeloos. Vrijdag 20 maart wordt dan de volgende sidderdag.

Vrijdag 27 februari 2026.

Vandaag is het weer nootjesdag. Het is altijd weer een dag trillen en beven of het echt doorgaat. Het weer zal vandaag de spelbreker niet zijn, maar er zijn nog meer mogelijkheden. Zoals familie-omstandigheden, een ongeval met de kar/kraam of in de stalling en ziekte. En de nootjes zijn deze keer weer bijna op. Het is altijd weer een dilemma. Je wilt zo laat mogelijk bestellen omdat je dan de meest verse en dus lekkerste nootjes hebt. Maar als je dan laat koopt, dan loop je het risico dat door een of andere calamiteit de notenboer een keer overslaat. Nu ik mijn nieuwe Hanospas heb, kan ik wel eens gaan kijken – in geval van nood – of ze daar ook nootjes hebben. Ze zullen er vast verser zijn dan in de winkel. Dan heb ik maar een heel klein boodschapje voor een groothandel, maar ze zullen me er vast niet voor wegsturen.

Donderdag 26 februari 2026.

De eerste lentedag, waarop ik inderdaad zonder jas op een terrasje heb gezeten. En ik ook nog eens naar de tandarts ben geweest. Verder is het vooral een periode van blijde verwachting. Van diverse mensen verwacht ik vandaag of morgen antwoord op door mij gestelde vragen.

Woensdag 25 februari 2026.

Ik ben weer eens, voor het eerst in maanden naar Bad Nieuweschans gegaan, om van daar naar de spoorwegovergang Charlottepolder te gaan. Om te kijken of er al nieuwe overwegbomen zijn aangebracht. Zo lang die er niet zijn, kan er niet worden proefgereden en dat duurt dan twee maanden, voordat er werkelijk weer treinen gaan rijden. Toeval of niet, maar onderweg kreeg ik een e-mailtje van de Duitse bouwer van al het moois, met de recentste stand van zaken. Er zijn nog twee overwegen die (in elk geval tot de Ems) nog niet af zijn. Eentje bij Bunde bij de Leegeweg, die eind februari af zou zijn. Helaas is het ook in Duitsland slecht weer geweest, dus het afmaken van deze overweg is voor de zoveelste keer zeer tot onze spijt verder uitgesteld met nog eens twee maanden. Dus zal nu eind april gereed zijn. De andere nog niet gerealiseerde overweg is die van Charlottenpolder. Die ligt op loopafstand van het station Bad Nieuweschans in Duitsland. Ik heb me al een tijd afgevraagd hoe men dit ging oplossen, want hij ligt in een vrij drukke doorgaande weg. In het mailtje stond dat deze weg voor de helft zal worden afgesloten. Vanaf 19 februari tot ook weer eind april. Maar 19 februari is het dus al geweest. Ik kwam aan bij deze overgang. Overal roodwitte dranghekken, maar de overgang was nog helemaal open. Een stuk of vijf bouwers stonden langs de weg met elkaar te praten. Links op een meter of twintig van de weg in de wei, stond een enorme machine. Makkelijk meer dan tien meter hoog. Er gebeurde verder helemaal niets. Ook de machine was niet ergens mee bezig. Wat zou er voor een spoorovergang nu op twintig meter in het land moeten komen? Was het soms een heimachine? Voor het komende elektriciteitshuisje? Staat zo’n huisje dan op palen? Ik weet wel dat bij dit hele project door de bouwers voortdurend wordt geklaagd over de zeer drassige grond die telkens weer voor uitstel zorgt. En het antwoord is dan blijkbaar hier: een elektriciteitshuisje op meterslange palen. Het spoor dat er de vorige keer nogal slordig bijlag, was nu kaarsrecht getrokken. Er kan al dus wel een trein rijden. Nu nog die twee spoorwegovergangen.

Dinsdag 24 februari 2026.

Eerst heb ik even op het internet opgezocht of de voor mij meest interessante boeken die ik in het boekje over de Kanaänieten vond nog verkrijgbaar kunnen zijn. Van het ene boek bleek dat het op diverse plaatsen werd aangeboden en overal voor dezelfde prijs. Dus dat zou nog gewoon verkrijgbaar moeten zijn. Het andere boek dat me erg interessant leek, werd ook op diverse plaatsen aangeboden, maar met een prijs die varieerde van 12,50 euro tot meer dan 60 euro. Dus dat wees erop dat dit boek dus alleen tweedehands verkrijgbaar is: wat de gek er voor over heeft. Met die gegevens vervolgens naar mijn boekhandel gestapt. En daar bleek toen dat beide boeken nog nieuw verkrijgbaar zijn en ik heb ze dus meteen maar allebei besteld. Bij het eerste en ook grootste boek, qua aantal bladzijden, zag ik dat het geschreven is door twee heren, allebei hoogleraar bij de Universiteit van Tel Aviv. En ze hebben over meerdere zaken een verschillend standpunt. Die dan allebei in het boek staan. Naast zaken waarover ze het eens zijn. Dat heb ik nog nooit eerder zo gezien. Eigenlijk krijg je in een boek altijd de mening van één meneer of mevrouw en dan moet je zelf maar bedenken wat je daarvan vindt. Nu heb ik nog een stuk of tien te lezen boeken, dus ik moet me verder gaan inhouden. Ik ben nog vele maanden zoet.

Een heel ander verschijnsel dat me al een leven lang volgt, heb ik nu weer meegemaakt in de nieuwe Jumbo alhier, die dus ook een nieuw kassasysteem heeft. Al tientallen jaren heb ik een soort haat- liefde verhouding met alles dat op elektriciteit gaat. Of eigenlijk is het alleen haat. Ik heb heel vaak meegemaakt dat een splinternieuw gekocht elektrisch apparaat het bij thuiskomst niet bleek te doen. Daar kan ik een waslijst van maken. Dat maakte dat ik al jaren in de winkel al wil vaststellen of het apparaat het werkelijk doet. Dat moet men mij eerst even aantonen. Er wordt altijd heel vreemd gekeken als ik dat vraag. Ik heb zelfs een keer meegemaakt dat ik zelf heb vastgesteld dat een aangeschaft scheerapparaat het in de winkel werkelijk deed, maar bij thuiskomst toch niet. Teruggegaan naar de winkel bleek hij het in de winkel deze keer toch ook niet te doen. Enzovoorts, enzovoorts, enzovoorts. Ik heb tientallen voorbeelden. Ook heb ik eens in een supermarkt ervoor gezorgd dat het hele beveiligingssysteem uitviel, toen ik door de automatische deur naar buiten wilde lopen. Menige kassa waar ik wilde afrekenen viel uit op het moment dat ik wilde betalen. Dat had ik al een tijdje niet meer gehad, toen ik enkele dagen na de opening deze maand van de nieuwe Jumbo wilde afrekenen. Het hele kassasysteem staakte alle diensten toen ik aan de beurt was. Ook van de andere kassa’s. Niemand begreep wat er aan de hand was, behalve ik dan. Daar gaan we weer, dacht ik alleen maar. En toen ik daar gisteren voor de tweede keer kwam en wilde afrekenen viel precies op dat moment het kassasysteem opnieuw uit. Ik leg het niet uit. Niemand zal me geloven. Ik ga ervan uit dat op de dag van mijn uitvaart ook dan de elektriciteit in het betreffende gebouw zal uitvallen. Dat wordt dan mijn afscheidsgroet aan de wereld. Dat zal ik zelf uiteraard niet meer meemaken.

Maandag 23 februari 2026.

Het boekje over de Kanaänieten heb ik nu uit. Ik begrijp nu beter wat voor ingewikkelde geschiedenis dat is, daar in het Midden-Oosten in wat het Heilige Land genoemd wordt. En hoeveel er eigenlijk nog totaal onbekend is over die oude geschiedenis daar (van plm 4000 vChr tot de komst van de Romeinen in 63 vChr). Pas vanaf dan wordt het iets duidelijker, maar blijven veel vragen bestaan. Wel vindt er nog heel veel studie plaats over oude geschiften en worden er ook nog veel opgravingen verricht. Dus het verhaal is nog lang niet af. In de bibliografie van dit boekje komen nog wel een paar boeken voor die ik in ik ga opzoeken. Of ik ze vind is nog de vraag.

Zondag 22 februari 2026.

In het piepkleine boekje (van 21 euro, dus een van de duurste boeken die ik heb per ons en per bladzijde) over de Kanaänieten ben ik weer eens van mijn stoel gevallen. Er staan veel verwijzingen in naar andere boeken, dus daar moet ik nog iets tegenkomen dat ik dan ook nog wil aanschaffen, zodat ik nog wat meer van dit merkwaardige volk te weten kan komen. Ik zag wel een boek dat me wel interessant leek, over de demografische ontwikkelen in dit gebied, grofweg het huidige Israël, de Palestijnse gebieden een groot deel van Libanon en een klein stukje Jordanië. Want hoeveel Israëlieten waren dat nou toen Jozua het Beloofde Land introk en hoeveel Kanaänieten woonden daar toen al en wie weet wat voor andere volkeren nog. Dat is maar een klein deel van wat je allemaal hierover kunt vertellen (er is natuurlijk ook nog een militaire, politieke, religieuze, economische en culturele geschiedenis, die in dat boek helemaal niet worden behandeld). Dus het zal dan wel weer een heel klein boekje worden, dacht ik meteen. Maar wie schetst mijn verbazing dat dit boek toch maar liefst 636 bladzijden heeft. En dat gaat dus alleen maar over de demografie van dit gebied. Wat kan daar dan allemaal instaan?

Verder weet ik nu welke koning van Israel, als eerste ook historisch kan worden gevonden. Ik wist al dat koning Hizkia in berichten van andere naties en bij opgravingen een historische figuur was, en daarvoor van Jozua en eerder is nog niets gevonden. En nu blijkt dat koning Omri de sleutelfiguur was. (geboren ca. 940 vChr, geregeerd van ca. 900 – 875 vChr) die ook nog in diverse verslagen van andere nabije volkeren genoemd is, en wiens naam ook bij opgravingen is gevonden. Maar van zijn voorganger Zimri ontbreekt elk historisch spoor. Omri leefde en regeerde dus maar enkele tientallen jaren na Salomo, maar hij noemt zijn illustere voorganger nergens. Over Salomo zelf is ook niets historisch bekend, noch is van de door hem gebouwde Eerste Tempel en zijn paleis ooit een steen gevonden.

Zaterdag 21 februari 2026.

Weer eens contact gehad met broer Jan. Het gaat relatief goed met hem. Hij rijdt weer auto en dat is voor hem superbelangrijk. Maar ergens aangekomen, liefst vlak voor de deur, kan hij er maar heel even uit, omdat het lopen van enige afstand voor hem zowel te zwaar is, omdat de breuk maar heel langzaam geneest, als te vermoeiend, omdat hij sowieso al geen topconditie had en na jaren van stilzitten die er ook niet op vooruit is gegaan. Hij moet gewoon geduld hebben. Nog meer dan hij al gehad heeft. Dus boodschappen doen van de ene naar de andere winkel zit er voor hem voorlopig nog niet in. Dat kan nog wel een jaar duren. Ik ben zelf aan een nieuw boekje begonnen, over de Kanaänieten. Een volk dat in de Bijbel vaak wordt genoemd, maar waarvan uit andere bronnen en door opgravingen maar heel weinig van bekend is. Het is ook maar een heel klein boekje, zowel qua formaat als qua aantal bladzijden: precies 100. De Palestijnen vinden dat zij de afstammelingen van de Kanaänieten zijn. Jammer dat er maar zo weinig van dit volk bekend is. Na het lezen ervan ga ik toch proberen om een uitgebreider werk er over te vinden.

Vrijdag 20 februari 2026.

Het is opvallend dat ik de laatste weken veel minder buiten loop dan ik vele jaren achter elkaar heb gedaan. Dat had eerst veel te maken met het weer en de toestand van wegen en paden, als gevolg van het kwakkelweer: temperaturen voortdurend zwevend rondom het vriespunt met onbekende gladheid tot gevolg. Ik neem geen onnodige risico’s. Maar daarvan is dus al een aantal dagen geen sprake meer. Ik moet natuurlijk wel fit blijven. Het is nog veel te vroeg om op mijn lauweren te gaan rusten.

Donderdag 19 februari 2026.

Het verfwerk aan onze huizen loopt nu al vanaf de vorige herfst. Ergens in oktober kregen we de mededeling dat de werklieden nog wel tot aan het eind van het jaar op ons complex zouden rondlopen. Welnu, ze lopen er nog steeds rond. Ik begin ook steeds beter te begrijpen hoe dat in de bouw werkt. Mijn eerste ervaring hiermee was bij de nieuwbouw van het Van Pallandthuis aan de Brusselselaan in Den Haag. De eerste steen werd met veel bombarie gelegd, ergens in 1963 meen ik, met notabelen en de pers erbij. Maar toen ik er af en toe langs ging om eens te kijken hoe de bouw er nu voor stond, trof ik elke keer een totale stilte aan: geen mens en dus ook geen bouwer te zien, en men was ook niet zichtbaar verder gekomen dan zoveel weken eerder, toen ik er de laatste keer heen was gegaan. Wel werd kort voor de officiële opening – ook weer met veel feestgedruis – met man en macht gewerkt om alles nog op tijd af te krijgen. Ik sla nu tientallen jaren met soortgelijke ervaringen over en kom aan in 2026. In ons dorp ontstaat een nieuw wooncomplex. En mooi op een door mij veel gebruikte wandelroute, zodat ik er regelmatig langs loop. Daarvan is de bouw ergens begin vorig najaar begonnen en het ligt waarschijnlijk al vanaf vóór de afgelopen Kerst compleet stil. Er staat een geraamte en de vensters zijn al zeker zes weken geleden gebracht, alsmede flinke stapels met stenen, maar niemand doet er iets mee. Nu hebben we hier geruime tijd slecht weer gehad, maar ook in periodes met droogte en redelijke temperaturen zie je er geen mens. Of soms en heel af en toe een eenzame meneer die wat heen en weer loopt. Wanneer zou het af zijn? Ik heb niet het flauwste idee. En wanneer zijn de schilders hier nu echt klaar? Ook hiervan heb ik geen enkel vermoeden.

Woensdag 18 februari 2026.

Het is alsof de betrokkene, of degene(n) die invloed op haar hadden, mijn bijdrage had gelezen, want ze heeft inderdaad ook haar kamerzetel opgegeven. Na 3 maanden Kamerlidmaatschap wel met een wachtgeld van 2 jaar uiteraard. Want wie zou haar nog willen hebben?

Dinsdag 17 februari 2026.

Met het onverwachte vroegtijdige vertrek van Nathalie van Berkel als bewindspersoon bij Financiën als gevolg van fouten in haar cv, moest ik ook meteen weer terugdenken aan mijn ervaringen hiermee. De eerste selectieverantwoordelijkheid die ik had was bij de Rijks Geneeskundige Dienst (RGD). (1972 – 1979). De RGD was toen onderdeel van Binnenlandse Zaken, maar regelde in de praktijk zijn eigen indiensttredingen. Het was nog de tijd dat we rechtstreeks inzage kregen in het strafblad van een kandidaat. En dat was inderdaad wel eens aanleiding om dan toch maar niet met een kandidaat in zee te gaan. Wel controleerde ik persoonlijk nog alle diploma’s die kandidaten zeiden te hebben. Dat was voor mijn tijd nooit gebeurd. Het was voor de directie, die daar eens kennis van nam, reden om dat voortaan ook te gaan vragen van nieuwe artsen, die altijd door hen en niet door mij werden geselecteerd. Ik vond het nogal vanzelfsprekend dat nieuwe personeelsleden, en zeker bij een medische dienst, daarop moesten worden gecontroleerd. Bij de Schiedamse ziekenhuizen, daarna, voerde ik als eerste in dat iedere nieuweling werd gecontroleerd op het bezit van de opgegeven diploma’s, zelfs bij uitzendkrachten. Bij uitzendbureaus gebeurde dat helemaal niet, en dat is, als ik de nieuwsberichten mag geloven, nog altijd niet het geval. Daarna was ik de eerste die met de centrale selectie van jonge academici bij KPN (toen nog Post en Telecom samen) ook meteen de controle op opgegeven diplomabezit ben gestart. Hier hebben we de brief- en cv-selectie tot grote professionele hoogte opgevoerd. Mijn medewerkers – en ikzelf uiteraard ook – konden vaak al aan het ingekomen cv zien dat het niet helemaal zuiver op de graad was. En nadat dat was vastgesteld werd betrokkene ook niet uitgenodigd op gesprek. Je weet op den duur gewoon hoe lang iedere studie duurt en dat sommige combinaties van jaartallen helemaal niet kunnen. Dat ging heel ver. Er was een tijd, heel lang geleden, in de zestiger jaren of zo, dat een kind dat voor het eerst naar school gaat tot en met de 15e oktober geboren, nog kan meedoen in de 1e klas. Was je na 15 oktober geboren, dan moest het kind wachten tot het volgende jaar. Die formele regel is al ruim vóór 1994 afgeschaft, maar in de praktijk hielden de scholen zich nog altijd wel aan die datum, al was het maar om niet met de nabije scholen te gaan concurreren op startdatum. Geen school wilde naar een latere datum (en ook niet naar een eerdere) want je lag meteen overhoop met de naburige scholen, die vervolgens ook hun datum moesten veranderen. Dan krijg je zoiets als ‘a race to the bottom’: een race naar de bodem. En dat is de reden dat nu nog steeds de 15e oktober de sluitdatum is, hoewel het voorschrift al tientallen jaren geleden is afgeschaft. Zo kun je al aan de geboortedatum zien dat sommige sollicitanten gewoon een jaar later met hun opleiding zijn begonnen en dus ook een jaar later klaar zijn. Natuurlijk werd een kandidaat dan wel uitgenodigd als dit de enige vraag was, maar het was dan wel een vraag tijdens het sollicitatiegesprek. Het cv moet gewoon helemaal kloppen. Nathalie van Berkel zou met mijn methode nooit ofte nimmer zelfs maar zijn overwogen als kandidaat – bewindspersoon. En was dus ook niet in de Tweede Kamer terechtgekomen. Ik begreep dat ze daar gewoon mag blijven zitten. Een leugenaar, tevens bedrieger als lid van de Tweede Kamer. Ik snap dat niet, maar dat zal dan wel aan mij liggen.

In die periode (negentiger jaren) heb ik eens alle cv’s van de Tweede Kamerleden beoordeeld op basis van mijn briefselectie-methode. Het resultaat was dat slechts een handvol leden beschikten over een vlekkeloos cv. Bij alle andere cv’s waren er wel kritische vragen te stellen over wat er nou precies stond. Natuurlijk moet een volksvertegenwoordiging ook leden bevatten uit de categorie Boeren, Burgers en Buitenlui: gewone mensen dus met een gewoon beroep. Maar het zou wel handig zijn als elke partij ook tenminste één lid had, die iets dieper kon graven. Het is vaak ingewikkeld daar, op het Binnenhof.

Maandag 16 februari 2026.

En het is weer een witte wereld. Maar met een verwachting dat het vandaag hier 6 graden zal worden, zal het ook weer snel weggedooid zijn.

Zondag 15 februari 2026.

Nog maar weer een keer en lading sneeuw en vorst over ons heen. Alsof we nog niet genoeg hebben gehad.

Zaterdag 14 februari 2026.

De andere man die mijn leven enorm heeft beïnvloed en zelfs verreweg het meeste heeft beïnvloed was dr. E.H.J. Warns, voormalig geneesheer-directeur van het Zeehospitium van Katwijk aan Zee. Waar ik jarenlang eerst met zwachtels en later met leren riemen met mijn handen aan het bed was vastgebonden. Vanuit zijn theorie dat bij tbc de mensen en dus ook de kinderen rust moesten hebben en zo weinig mogelijk mochten bewegen. En de knetterende ruzie die ik meemaakte, toen een echte chirurg mijn been aanschouwde en luidkeels riep: WIE HEEFT DIT GEDAAN? Ik heb daarna nooit meer iemand zo ziedend gezien. Nu heb ik een samenvatting van zijn dissertatie gevonden, waarmee hij de titel dr mocht voeren. Hij promoveerde bij de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) op bloedonderzoek bij skelettbc (zoals hij het noemde), maar tot mijn verrassing bij de faculteit der wijsbegeerte. Hij was dus een filosoof!! En dus geen gepromoveerd arts. Op vragen aan de RUG hierover kreeg ik geen enkele reactie. En waarom gebeurde dat in Groningen terwijl hij daar nooit heeft gewoond.? En wie was zijn promotor (die dus oordeelde of hij wel gepromoveerd kon worden), dat was een zekere J.J. Eerland? Ik kan hem nergens terugvinden. Ook op deze vraag komt van de RUG geen enkele reactie.

Vrijdag 13 februari 2026.

En inderdaad heb ik gisteren mijn nieuwe gehoorapparaten gekregen. En de eerste indruk is: ze werken opmerkelijk goed. Ook de audicien, een dame die ik qua professionaliteit en persoon inmiddels zeer hoog heb zitten, zei geheel spontaan: het verraste me ook dat het ineens zo goed gaat. Ik heb maar niet gevraagd waarom ze blijkbaar zo getwijfeld heeft. Het is ook wat dat je ineens dingen hoort die je blijkbaar jaren niet meer hebt gehoord. Zoals wat er gebeurt als je de kraan openzet. Daar komen heel wat geluiden bij, maar die ben ik geleidelijk helemaal kwijt geraakt. Of als je een bladzijde van een boek omslaat. Of als je je haar kamt. Allemaal kleine handelingetjes, die stuk voor stuk geluid maken, maar die je geleidelijk in een heel leven bent kwijt geraakt. En ik heb ze nu weer terug. Het is nog wel zo dat precies zoals ik ook verwacht had, en ook vanaf de start aan haar gemeld had, dat wat in je oor gaat er vroeg of laat bij mij weer uitvalt. Dat gebeurde gisteren op weg naar huis, bij beide oren op een verschillend moment. Ik had al van de start gemeld, dat de oordopjes die je bij een nieuwe telefoon meekrijgt, en waar driekwart van jong Nederland de hele dag mee in zijn oren loopt, bij mij op geen enkele manier blijven zitten. Of ik ze nu achterstevoren, ondersteboven, binnenste buiten of op nog meer manieren in mijn oren stopte: ze vielen er meteen weer uit. Zij dacht en ik vertrouwde daar op dat ze in dit geval eerst een siliconenafdruk van je hele oorschelp maken en dat ze dan wel zullen blijven zitten. Omdat er rekening wordt gehouden met mijn precieze oormaten. Niet dus. Dus hierop moet nog iets worden gevonden: een plakbandje, een nietje, een klemmetje of iets nóg intelligenters.

Verder ben ik gisteren bezig geweest met de geschiedenis van twee mannen in mijn leven te onderzoeken; de veroordeelde pedofiel uit Epe en de dokter van het zeehospitium waar ik van mijn vijfde tot mijn elfde heb gelegen. Van de veroordeelde pedofiel had ik al in 2010 afscheid genomen en ik hoopte hem nooit meer terug te zien. Temeer ook omdat mijn toenmalige vriendin wel contacten met deze schurk bleef houden, en dat voor mij de belangrijkste reden was om afscheid van haar te nemen. Ik wist nog dat hij zijn huis op de Veluwe moest verkopen, omdat hij ver onder water stond. Maar waar hij daarna gebleven was heb ik niet meer bijgehouden. Het kostte me geen moeite om zijn huidige adres te vinden. Ik vertrouwde er blind op dat dit soort schurken hun foute gedrag tot op hoge leeftijd volhouden. Hij is inmiddels 83. Dus ik hoefde slechts ‘muziekles voor kinderen’ op te zoeken en ik had hem binnen seconden weer gevonden. Opnieuw in Epe, maar nu in een huurhuis van de kerk. De kerk is namelijk vergevingsgezind.

Donderdag 12 februari 2026.

Vandaag zou dan de grote dag moeten zijn, dat ik mijn aangevraagde gehoorapparaten krijg. Ben benieuwd of dit dan in één keer goed gaat. Gegeven alle meetpartijen die er zijn geweest, zowel bij de audicien als bij de KNO-arts, zou je toch verwachten dat ze nu alles van je weten wat ze nodig hebben. Het is dus nog een afwachten en dan gaat het gebeuren. Morgen krijgt u wel een eerste indruk van me.

Woensdag 11 februari 2026.

Bij het shorttracken ging het dan weer helemaal fout voor de Nederlanders in Milaan. Al begrijp ik van die sport niet alles. Het is me te onoverzichtelijk. Ik weet nog steeds niet wat er nu eigenlijk verkeerd ging. Ik moet hier maar mee stoppen.

Iets heel anders is dat ik me eens ben gaan verdiepen in de zaak Epstein. Nu ben ik dol op lezen en ik doe dat ook een flink deel van elke dag, maar zes miljoen pagina’s doornemen is zelfs voor mij net iets te veel van het goede. En dat geldt voor iedereen, merk ik nu. Want er komen zo ongeveer dagelijks nieuwe onthullingen in de pers, en ook steeds weer van verschillende bronnen, dus iedere journalist of andere belangstellende onderzoekt deze pagina’s ook op eigen houtje. Ook AI kan niet helpen, merk ik. Want wat moet je een systeem dan voor opdracht geven? Zoals bij zoveel kwesties vraag ik me vooral af wat er niet wordt bericht. Zo merk ik bijvoorbeeld dat het Britse, het Belgische, het Deense en het Noorse koningshuis op de een of andere manier betrokken zijn, maar er is nog geen woord over het Nederlandse koningshuis gemeld. Zou het Nederlandse koningshuis zoveel netter zijn als alle andere? Ik help het hopen. Ken of vermoed ik dan een mogelijke kandidaat uit die familie? In elk geval geen mannelijke, mogelijk omdat de Nederlandse koninklijke familie een forse overmaat aan vrouwen heeft. Rustig afwachten dus. Als er wat is komt het nog wel. Ik herinner mij dat de misstappen van de oude prins Bernhard ook hier bekend werden, dankzij publicaties uit Amerika. Daar gaat men gewoon verder dan doorgaans in Europa, als het gaat om het naar buiten brengen van allerlei viespeukerij.

Dinsdag 10 februari 2026.

Het is de morgen na de formidabele race op de 1000 meter bij de Olympische spelen in Milaan, van zilveren Femke Kok en gouden Jutta Leerdam. Vele, ook buitenlandse, commentaren daarover gelezen en nu even bijkomen.

Intussen ben ik begonnen met het verwijderen van meerdere pagina’s op deze website. Het geheel werd me te onoverzichtelijk. Ik handhaaf uiteraard mijn genealogie en dat deel moet zelfs nog fors worden uitgebreid en mijn levensoverzichten, al zullen ook deze nog flink moeten krimpen. Ik handhaaf wel de eerste zoveel jaren (het precieze aantal jaren moet ik nog bezien), omdat juist mijn jongere jaren hebben gemaakt wie ik was en nog altijd ben. Daar is het fundament gelegd. Het kostte me wel enige moeite om te achterhalen hoe ik pagina’s op deze website kan verwijderen. En Google, die hierbij hulp krijgt van AI als je een vraag hierover stelt, gaf achteraf bezien het verkeerde antwoord. Ik heb het tenslotte zelf ontdekt hoe dat moet.

Maandag 9 februari 2026.

En ik heb meteen maar gebruik gemaakt van het betere weer, door ruimhartig de diverse winkels te bezoeken. Nederland scoort intussen helemaal niet op de Olympische Winterspelen en niet alleen niet bij het schaatsen. Gelukkig ging het veldrijden wel gewoon door, al zal dat ook wel op zijn eind lopen, ergens deze maand. Daarna begint het wegseizoen. Daar hoef ik niet alles van te zien, maar wel enkele bijzondere ritten.

Zondag 8 februari 2026.

En alle sneeuw- en ijsellende is nu toch wel weer voorbij. Al kan er nog steeds nog meer komen, want de winter gaat nog wel even door. Ik kan voorlopig in elk geval weer overal heen.

Zaterdag 7 februari 2026.

Na nog een dag thuisblijven, gisteren voor het eerst in dagen weer naar buiten gegaan. Het was nipt, want het was nog geen hele graad boven nul en de middag vorderde al ver. En ik kon weer alles meenemen wat ik nog te kort kwam. Vanaf vandaag zou het dan toch echt beter moeten gaan, maar ik blijf op mijn hoede. Vreemde uitdrukking eigenlijk. Want ik heb helemaal geen hoed, en al zou ik hem wel hebben, moet je dan daarop gaan zitten? En waarom dan, want wat gebeurt er dan?

Donderdag 5 februari 2026.

Voor de verandering was dat toch maar weer eens een ijzeldag. Alles glom en glanste toen ik gisteren naar buiten keek. En ik zette dus geen stap buiten. Zelfs als ik nu naar buiten kijk glimt en glanst alles waar ik naar kijk nog steeds. Dat wordt dus nog een binnendag. Pas voor morgen wordt een maximumtemperatuur van 2 graden boven nul verwacht. Dus het is ook voor morgen nog zeer de vraag of die dooi nog vroeg genoeg komt, zodat alles weer beloopbaar is. En voor zaterdag zou het dan 6 graden boven nul moeten worden. Dan kan ik dus weer boodschappen doen en andere zaken buiten de deur. Maar ja, dat is nog wel meer dan twee etmalen weg. En er kan tot die tijd dus nog van alles gebeuren.

Woensdag 4 februari 2025.

En die ijzel kwam inderdaad maar toch vooral in de afgelopen nacht. Code rood voor ijzel in de drie noordelijke provincies. Dat gebeurt bijna nooit. En ik heb dus inderdaad nog net diverse spullen in huis kunnen halen. Verder blijft het afwachten totdat deze weerellende voorbij is.

Dinsdag 3 februari 2026.

Het zou hier vandaag gaan ijzelen vanaf het eind van de middag. Dat zou de mogelijkheid geven, nog voor die tijd nog enkele boodschappen in huis te halen, in andere winkels dan de supermarkt. Geen mens weet zeker wanneer dan de volgende kans is. Dit wintergesukkel duurt me al veel te lang. En het eind is nog niet in zicht. Dus zijn er ook geen leuke of spannende ontmoetingen. We zitten het wel uit.

Voor oudere berichten verwijs ik graag naar het overzicht 2025 en 2026 (voor de chronologische gebeurtenissen), naar de ‘overpeinzingen (voor de meer smeuïge verhalen).