Blog.

Woensdag 17 juli 2019.

De veel grotere klus om het dressoir in elkaar te zetten is aan de orde. Hier zijn circa 260 onderdelen voor nodig. En dat terwijl dit meubel twee kastjes en enkele lades heeft. Dus dat valt eigenlijk reuze mee. Gisteren dus begonnen met het verwijderen van alle verpakkingsmateriaal en dat leverde drie volgepropte grijze vuilniszakken op. Deze afgevoerd. Daarna eens rustig de hele gebruiksaanwijzing op het gemakje gaan doornemen. Zodat ik een idee kreeg over wat mij nog te wachten staat. Conclusie: het is wel veel werk, maar het moet te doen zijn. Er staan 33 opeenvolgend genummerde plaatjes met instructies in het boekwerkje, en ik hoop vandaag nog met plaatje nummer 1 te beginnen. En dan maar zien hoe ver ik kom.

Verder heb ik weer een portie aardbeien geoogst.

De Tour had een rustdag, dus ik had de handen geheel vrij voor iets nuttigs. Toch staat me niet voor de geest dat ik met zoveel tijd nu zoveel belangwekkends heb gedaan.

Ik heb nog wel even naar de verwachtingen van koffiedikkijkers gekeken, of er wellicht in september een nieuwe Apple Watch aankomt. Ik heb ontdekt dat ook de huidige Apple Watch een valdetectie-systeem heeft. Hij stelt het vast als de drager plots valt. De eerste minuut doet hij dan niks, maar als de drager na een minuut niet in beweging is gekomen, belt hij geheel automatisch het alarmnummer met informatie over de plaats waar het is gebeurd. De GPS-code dus. Je kunt dit alarm dus ook uitzetten, als je weer kunt opstaan en kunt verdergaan. Als je bij kennis bent natuurlijk. Als hij 112 heeft gebeld, belt hij meteen daarna ook nog de mensen die je tevoren heb geprogrammeerd, over je val. Met zoveel vallende oudere mensen om me heen, mezelf inbegrepen, leek me dit wel een handig apparaat. Hij houdt ook nog de polsslag en de ademhaling bij en kan zelfs een simpel ECG maken. Volgens de waarzeggers zal bij het Apple Event op waarschijnlijk 18 september a.s. inderdaad de volgende generatie Apple Watch worden gepresenteerd, die dan ook meteen verkrijgbaar zal zijn. Volgens deze waarzeggers zal het valdetectiesysteem worden verbeterd, en bovendien waarschuwt het apparaat als je hartslag onregelmatig wordt: raadpleeg een arts. Ook het ECG dat hij kan maken wordt uitgebreid. Er gaan ook geruchten dat hij de bloedsuikerspiegel kan meten, maar dat lijkt me, met wat ik daarvan weet van mijn broer, een broodje aapverhaal. Tot zover de geruchten. Pas in september weten we echt meer. Daar wacht ik nog maar even op, voordat ik hem aanschaf.

Dinsdag 16 juli 2019.

Eerst nog even op speciaal verzoek een foto van de tafel gemaakt uit 172 onderdelen:

Ik ben nog steeds aan het tobben met het overbrengen van een plaatje naar deze website, sinds een update van het systeem. In een klein halfuurtje is het dan toch gelukt.

Het koffiezetapparaat is na een grote beurt weer terug op zijn plek.

Vandaag in The Guardian een ‘long-read’ over de neergang van de Franse keuken en het Franse restaurantwezen. Eens de top van de wereld, maar tegenwoordig kun je in Londen en New York beslist beter eten dan in Parijs, aldus de journalist, tevens globetrotter, die jaren in elk van die steden heeft gewoond. Ik kom niet zo vaak in Frankrijk, want waarom zou ik dat nou doen? Volgens de schrijver is het tegenwoordig in Parijs overal beginnen met paté en daarna is het entrecote, entrecote en nog eens entrecote. Merkwaardig. In het Engels moet er blijkbaar een dakje op de o, maar in het Nederlands wordt dat afgekeurd. Hoe het in het Frans moet interesseert me weinig. Kijk, dat lees ik nou graag: de neergang van iets Frans’. Ook de Franse taal was ooit de wereldtaal en het hele diplomatenkorps sprak in de hele wereld nog Frans met elkaar. Dat is lang voorbij. Tegenwoordig is het Frans een of ander Zuid-Europees streektaaltje. Ik zeg dat zo makkelijk, omdat ik ook Franstaligen in Brussel eens heb zien betogen met een spandoek over het Nederlands: ‘une langue si locale’. Of iets dat hierop lijkt, want mijn Frans is niet zo best. Als Franstaligen dat over het Nederlands kunnen en mogen zeggen, dan mag ik ook zoiets over het Frans zeggen.

En dan is nu ook de Franse keuken op zijn retour. Op de terugweg bedoel ik uiteraard.

Maandag 15 juli 2019.

Dat was dus een weekendje weg. Eerst naar broer Jan in Maassluis, waar we ’s avonds aan de mosselen gingen. Bij Kevin in Maassluis. Daar kwamen we wel vaker, en opnieuw vond ik het eersteklas voedsel. Die kunnen er wat van, die hebben een superkok. En een heel goede bediening, wat niet altijd samengaat. Wie schetste mijn verbazing dat ik meteen nadat ik was gaan zitten aan de gereserveerde tafel, er een medewerkster aankwam met een soort poef voor mijn rechterbeen. Daar hadden we niet om gevraagd en dat had dus iemand daar spontaan bedacht. Nu was ik er wel eerder, maar de laatste keer was toch echt wel een aantal maanden geleden. Ik ben in een leven ontzettend vaak uit eten geweest, zeker vele honderden keren. En als het bezoek was bevallen, kwam ik vaker in die zaak terug. Maar dit is de tweede keer in mijn leven, na De Lantaern, ook in Maassluis, dat iemand er spontaan aan dacht om iets onder het been te zetten. Bij De Lantaern was het een vrouw die dit had bedacht, maar bij Kevin was het een man. Dat bevestigt mijn stelling dat mannen en vrouwen even zwak (en dan soms ook even sterk) zijn in het zich verplaatsen in een ander: empathische vermogens.

Zondag gingen we dan samen op bezoek bij onze broer Arie (80), die in het ziekenhuis was opgenomen, vanwege een val in zijn eigen huis, met zwaar hoofdletsel tot gevolg. Het was de derde keer dat ik langs kwam. Zelfs de eerste keer, enkele dagen na zijn val al, was zijn spreekwoordelijke gevoel voor humor nog aanwezig, met wel veel geheugenverlies. De tweede keer zag ik niet veel vooruitgang, maar toch ook geen achteruitgang. Lachen deden we wel weer veel samen. Maar bij de derde keer, gisteren, schrok ik wel behoorlijk. Het gaat niet goed met Arie. Hij drinkt en eet niet of nauwelijks: geen trek. We hebben geen lachje gezien. Hij heeft gelukkig geen pijn. Maar op deze manier wordt hij niet beter en moeten we zelfs voor het ergste vrezen, als het niet verbetert. Hopen maar dat deze inzinking tijdelijk is.

Zaterdag 13 juli 2019.

De tafel was het eerst aan de beurt om in elkaar te zetten. Een eettafel is, zoals bekend, een vlakke plaat waaronder zich doorgaans vier poten bevinden. Mijn nieuwe eettafel maakt daarop geen uitzondering. Geen technisch hoogstandje dus. Ik vraag me wel eens af wanneer de tafel, in deze vorm dan, is uitgevonden. Het moet tienduizenden jaar geleden zijn geweest. Eén van de eerste uitvindingen van de mensheid, waarschijnlijk. Kort na de uitvinding van de stoel, vermoedelijk.

Op het plaatje zag de tafel van Jysk er ook zo uit: een vlakke plaat met vier poten eronder. Wie schetste mijn verbazing toen bij het uitpakken bleek dat je voor het monteren van deze tafel niet minder dan 172 (honderdtweeënzeventig) onderdelen kreeg meegeleverd, om hem in elkaar te kunnen zetten. Blijkbaar was het motto van de ontwerper: waarom makkelijk als het ook ontzettend ingewikkeld kan? Ik was er dus een volle middag mee bezig, want elk van die 172 onderdelen moest natuurlijk zijn plekje in het bouwwerk hebben. Maar nu heb ik dan ook wat: de tafel, opnieuw uitgevonden.

Vrijdag 12 juli 2019.

Opnieuw heb ik twee propvolle auto’s naar het grootvuilstation weggebracht. Alle oude tapijttegels zijn nu weg, alsmede enkele oude kastjes en opnieuw een element van mijn oude bankstel. Bovendien heb ik de eettafel gekocht die precies in mijn nieuwe meubilair past, en tevens het dito dressoir. Dat was dus een dag vol met tillen en sjouwen. Nu nog alles in elkaar zetten natuurlijk.

Donderdag 11 juli 2019.

Het is een merkwaardige gave van me, die verder nergens op deze website vermeld staat, dat ik soms in een hele berg gegevens, of bij een stapel papieren, zonder aarzelen meteen het gegeven aanwijs of een velletje uit de stapel trek waar iets bijzonders of afwijkends op staat. De toeschouwers in grote verbazing achterlatend, hoe het toch mogelijk was dat ik – bij zoveel gegevens of papier – meteen de vinger op de zere plek kon leggen. Zo zocht ik eens in het Haagse Archief nadere gegevens van een rechtstreekse voorouder van me, die in de 18e eeuw uit Duitsland naar Den Haag was gekomen. Ik had alle registers al doorgezocht en niets gevonden, totdat een archiefmedewerker de suggestie deed om eens te kijken in de registers van het oudemannenhuis uit die tijd. Dat vond ik een goed idee. Ik werd dus verwezen naar een kast met zeker zes enorme folianten. Helaas bleek alles daarin genoteerd te zijn op een bijzonder merkwaardige wijze, maar kennelijk in de 18e eeuw heel normaal, maar er was geen chronologisch register of alfabetisch register op voor- of achternaam. Dat werd dus monnikenwerk, want dat kost weken werk om die ene naam te vinden in duizenden pagina’s, terwijl ik ook niet zeker wist of die naam eigenlijk in al die boeken wel voorkwam. Ik ging dus met een willekeurig deel eens aan een tafel zitten om na te gaan of ik de logica van toen zou kunnen doorgronden of anders het boek gewoon doornemen, bladzijde voor bladzijde. Ik sloeg dus dat enorme boek op een willekeurige plek, ongeveer in het midden, voor me open. En binnen seconden zag ik op precies die ene bladzijde de naam van die voorouder staan. En ik wist meteen waar en wanneer hij in Duitsland was geboren en op welke datum hij in Den Haag was overleden.

Gisteren had ik weer zoiets. In een presentatie, waarin heel veel getallen voorkwamen, zag ik bij sheet nummer zoveel ineens een getal staan bij een begrip, terwijl ik toch zeker wist dat dat zelfde getal bij hetzelfde begrip enkele sheets eerder 10 kleiner was. Eerst was het 2100 en enkele sheets later was het ineens 2110. Tussen honderden andere getallen en gegevens viel me dat ineens op. Ik maakte dus daar een opmerking over en de presentator bladerde enkele sheets terug en stelde ook vast wat ik had vastgesteld. Er stond een verschil waar de getallen hetzelfde hadden moeten zijn. De presentator was meteen een beetje van slag. In de rest van de presentatie meldde ze steeds weer dat de getallen nog moesten worden nagekeken. Ze was duidelijk van slag. Het was allemaal niet van levensbelang, maar ik kan het niet helpen dat ik zoiets ineens kan zien, waar iedereen er verder overheen kijkt. Tot verbazing van de omstanders.

Woensdag 10 juli 2019.

De volgende belangrijke stap in mijn leven is nu gezet: ik ben geslaagd met de aanschaf van een nieuw bankstel. Het vorige en nog steeds in gebruik zijnde bankstel moet van eind zestiger jaren zijn, dus heb ik al een vijftig jaar. Ik hou van continuïteit en tradities, maar heel af en toe mag je best eens veranderen. Het werd corduroy, ofwel rib cord, en wel in de kleur liver (lever). Het is nog een flinke knaap geworden, hoewel niet zo enorm als het vorige bankstel, dat ik destijds blijkbaar ook op de groei heb gekocht. Met de handtekening gezet op 9 juli betekent dit met een levertijd van zes tot twaalf weken levering ergens tussen 20 augustus en 1 oktober 2019. De prijs viel me ook nog mee, dus kan ik de nu nog ontbrekende twee meubelstukken gaan aanschaffen.

Dinsdag 9 juli 2019.

Dat was weer een dagje dat ik deur niet uit ben geweest.

Heel af en toe zie ik één van de groten der aarde een boek lezen. Ik heb dan de neiging om dat boek ook maar eens aan te schaffen. Dat was bijvoorbeeld het geval bij premier Netanyahu van Israël. Die las op zeker moment het boek “The Second World Wars.” De laatste s is geen vergissing. Je zou toch denken dat een Israëlische premier wel bekend is met de Tweede Wereldoorlog. Wat moet hij daar nou nog van leren? Dus schafte ik het zelf ook maar eens aan. Het was best een goed boek. Gisteren zag ik James Comey, de vorige directeur van de FBI, door Trump ontslagen, met een boek. James Comey schreef zelf een boek: “A Higher Loyalty.” Dat heb ik ook gekocht en gelezen. Ook best interessant. Comey las gisteren het boek “The British Are Coming.” van Rick Atkinson. Het is het eerste deel van drie delen over de Amerikaanse onafhankelijkheidsoorlog tegen de Britten. Ik weet vrijwel niks van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog, net zo min als over de Amerikaanse Burgeroorlog. Deel 1 van het hiervoor genoemde boek is dan 800 pagina’s dik, en dat voor slechts 40 dollar. Ook nu zou je toch denken dat een ex-directeur van de FBI wel op de hoogte zal zijn van wat er bij de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog is gebeurd. Dat boek ga ik dus ook maar eens bestellen. Helaas alleen de bovenkant van het boek. Ik ben nog steeds aan het tobben met de afbeeldingen:

Maandag 8 juli 2019.

De V.S. werd wereldkampioen vrouwenvoetbal. De V.S. was gewoon een maatje te groot voor Nederland.

Nog een dag in het geel voor Jumbo – Visma/Teunissen. Gisteren spannend, voor mij dan, met een ploegentijdrit, vandaag relatief saai.

Deze week hoop en verwacht ik toch echt volgende stappen te gaan zetten bij het herinrichten van mijn huis. En dan te bedenken dat ik op een uitgekozen bankstel dan nog zes tot zelfs twaalf weken moet wachten. Dat kan dus wel eens september worden, voordat ik weer helemaal bij ben.

Er staat veel ‘in de oven’ de komende week, maar op dit moment valt daar nog niet zo veel over te vertellen.

Zondag 7 juli 2019.

Vandaag is dus de dag van de finale van het WK Voetbal voor vrouwen: de V.S. tegen Nederland, met de V.S. als torenhoge favoriet. Gisteren is dan ook weer de Ronde van Frankrijk begonnen, met een totaal onverwachte winnaar en eerste GeleTruidrager: Mike Teunissen. Ik had nog nooit van hem gehoord, maar dat kan natuurlijk heel goed aan mij liggen. Dat was voor het eerst sinds 1989 (Breukink) dat er weer een Nederlander in het geel rijdt. U snapt wel dat een groot deel van mijn tijd nu zal opgaan aan het bekijken van sport in de komende drie weken. Maar dat betekent zeker niet dat er dan geen andere zaken meer zullen gebeuren: de beide clubs waarvan ik bestuurslid ben werken gewoon door en ik ga ook weer verder met het inrichten van mijn huisje. Ik was al bezig en ga ook de komende week weer op pad voor mijn nieuwe bankstel.

Voor het eerst in lange tijd, zeker sinds 2015, kreeg ik gisteren ook weer de neiging om er een paar dagen tussenuit te willen gaan. Nog een keertje de Federweisser met Zwiebelkuchen proeven aan de Moezel. Het liefste doe ik dat natuurlijk in gezelschap, alleen heb ook hiervoor nog geen kandidaat bedacht. Of dat ik het toch liever alleen doe.

Zaterdag 6 juli 2019.

Volgende week huur ik dan maar speciaal een dagje een auto, om alle troep uit het huis die nu in de berging ligt, zoals oude vloerbedekking en oude kastjes weg te brengen. De aanpak om elke veertien dagen wat aan de gewone vuilnisman mee te geven, gaat me te lang duren. Daar ben ik dan nog de rest van het jaar mee bezig. En al die tijd kan ik de overige spullen die nu nog her en der in mijn huis staan, niet naar de berging overbrengen. Met een auto kan ik ook nog mijn Duitse boodschappen weer aanvullen, zoals koffie, keukenpapier en cosmetica, want dat begint zo langzaam aan ook te knellen. Gisteren dus weer eens een forel gebakken. Dat had ik sinds de eetclub is opgeheven niet meer gedaan. Maar deze keer was het zelf roken in mijn rookoven van het beest me toch wat te omslachtig. Het werd best een lekker visje, maar gerookt was hij toch nóg lekkerder geweest. Misschien een volgende keer.

Het enorme voordeel van een hulp in de huishouding is dat het ervoor zorgt dat mijn huis nog opgeruimder en schoner is dan het anders geweest zou zijn. Het enkele feit dat zij er weer aankomt zorgt ervoor dat ik mijn toilet beter schoonhoudt en alles beter opruim, schoonhoudt, was en afwas dan ik anders gedaan zou hebben. Het moet nu toch een zichtbaar schoner en opgeruimder huis zijn en verder worden. Zij zorgt daar twee uur per week voor en ik de rest van de uren. Dat gaat me langzaam maar zeker steeds beter af.

Vrijdag 5 juli 2019.

De donderdag was weer een gebeurtenisloze dag bij mij. De spellingchecker kent het woord ‘gebeurtenisloze’ niet, maar volgens mij snapt iedereen wat bedoeld wordt. Ben zelfs niet weg geweest voor boodschappen. Wel kwam de komende maker van mijn hordeur aan de achterkant langs om de maten op te nemen. Dat moet ergens in augustus gaan plaatsvinden.

Ook kwam ik de oorzaak op het spoor van de muizenplaag waar ik aan heb geleden. Plots lagen er op mijn achterplaatsje korstjes brood en andere overblijfsels van voedsel. Waar kwam dat nou vandaan? Daar was maar één mogelijkheid voor: van mijn bovenbuur. Die heb ik dan maar even opgebeld. Ja, dat klopte, dat was van haar, ‘voor de vogeltjes’, maar dat had haar hulp gedaan. Zijzelf gooide altijd de overblijfselen van oud brood iets verder, in het gras. En meteen werd me duidelijk waarom ik zoveel muizen krijg als ik maar even de achterdeur heb openstaan en de buren niet. De muizen weten niet beter dan dat op enkele meters van mijn achterdeur er regelmatig brood voor ze ligt en zijn daar dan ook regelmatig te vinden. Buuf wilde natuurlijk meteen meewerken en geen brood meer bij mij op het plaatsje of het gras gooien. Hopelijk heb ik dat probleem nu opgelost. Volgende vraag is natuurlijk of ik aan onze bewonerscommissie zal voorstellen om maar een briefje voor alle bewoners te maken, om maar liever geen etensafval buiten neer te gooien. Dat trekt namelijk ongedierte aan.

Woensdag 3 juli 2019.

Dat was dus mijn eerste bezoek aan een meubelboulevard, om mij te oriënteren op het volgende bankstel. En het leverde meteen enkele verrassingen op. Jysk, de Deense maker, kreeg mijn eerste bezoek. Gewoon omdat het de eerste winkel is die ik op de woonboulevard tegenkom. Meteen viel mijn oog bij het eerste de beste bankstel op een model dat bij Jysk ‘chaise longue’ heet. Dat is waarschijnlijk Frans en betekent vermoedelijk zoiets als ‘lange stoel’. Blijkbaar hebben het Nederlands en het Deens daar geen eigen woord voor. Dan wordt de zitting aan de uiterste linker- of rechterkant van een bankstel verlengd met tientallen centimeters, zodat je daar met gestrekte benen op kunt zitten. Echt iets voor mij dus. Bovendien zorgt dat ervoor dat niemand de neiging zal krijgen om toch over mijn gestrekte been heen te stappen, want dan moet je over een compleet meubelstuk klimmen. Bij nadere beschouwing bleken vele bankstellen zo’n ‘chaise longue’ te hebben. Ik vond de bankstellen zelf er niet zo stijlvol uitzien en de keus was er ook niet erg groot. Ook de service van Jysk vond ik maar magertjes.

De volgende winkel was Seats and Sofas. Ook hier viel me meteen op dat veel bankstellen een ‘chaise longue’ hebben. Blijkbaar is dat in de mode en terecht. Het had wat mij betreft veel eerder uitgevonden moeten worden. Maar hier bleek deze voorziening ‘eiland’ te heten. Je kunt daar dus je bankstel met of zonder ‘eiland’ kopen. Nu vond ik ‘chaise longue’ een vreselijk begrip. Waarom nou toch in het Frans? Maar om het nu ‘eiland’ te noemen vind ik toch ook raar. Typisch kenmerk van een eiland is immers dat het alleen ligt met rondom water. En figuurlijk zou het dan ook iets alleen moeten zijn met rondom iets anders. Maar hier zit het ‘eiland’ naadloos vast aan het grotere geheel. Het is juist van alles behalve een eiland, ook niet figuurlijk. Het is zelfs geen figuurlijk schiereiland. Maar het is natuurlijk altijd beter dan een Frans begrip.

De keuze aan bankstellen was hier overweldigend groot. Bovendien was er een aparte stoffenafdeling, met eveneens een enorme keuze, omdat je blijkbaar elk stofje als omtrek om je bank kunt krijgen. Daar ga ik beslist binnenkort nog eens naartoe in gezelschap van een stoffendeskundige.

Daarna bezocht ik nog twee winkels, waarin ook weer ‘eilanden’ aantrof, maar met weinig keus. Of alleen met meerdere trappen bereikbaar.

Daarna ben ik weer teruggegaan naar Jysk , om me nog eens te oriënteren op volgende meubelstukken: ik wil nog een dressoir en een eettafel. En laten er die er nu allebei zijn in het type waarvan ik ook al een TV-meubel heb: VEDDE, gemaakt van ‘wild eiken’, wat dat ook mag zijn. Die ga ik dus ook nog aanschaffen. Maar eerst even het bankstel. Dan weet ik wat ik verder nog kan spenderen.

Dinsdag 2 juli 2019.

De mossel is weer in het land, dus de vorig jaar gestarte traditie ga ik dit jaar weer vieren: met broer Jan twee dagen achter elkaar mosselen eten, uiteraard in een verschillende variant. De afspraak wordt geregeld. Aan sommige tradities moet je volgens mij vasthouden, maar je moet ook op gezette tijden een nieuwe traditie beginnen. De jongste traditie – van de mossel – is zeker niet de minste. Ik verheug me er nu al op.

Een ander verschijnsel in mijn tegenwoordige huishouden is, dat ik lang niet meer zo vaak ingewikkelde gerechten bereid. Dat was in de tijd van mijn eetclub en in de tijd dat ik nog bevriend was met Carin wel anders: ik week voor geen enkele kooktechniek. Of het nu het zelf roken van bijvoorbeeld forel ging, of bijzondere stukken vlees (het pianostuk bijvoorbeeld, of bavette) ik deed het allemaal. Dan kook je voor één of meer andere personen en dan probeer je weer van alles letterlijk en figuurlijk uit de kast te halen. Maar al geruime tijd komen er nog nauwelijks eters over de vloer. En om alleen voor mezelf iets ingewikkelds te gaan maken: dan houd ik het liever op simpel, lekker en gezond. Ik weet uiteraard ook nog niet of er weer andere tijden komen. Maar waar ik aanvankelijk nog plannen had tot het weer opnieuw in het leven roepen van een nieuwe eetclub, ben ik daar nu niet meer mee bezig.

Een ander bijverschijnsel van die vele etentjes was, dat ik elke keer eerst mijn huisje grondig schoonmaakte. Want je wilt je gasten toch netjes ontvangen. Daar komt het dus al een tijdje niet van en dan val ik terug op schoonmaken wanneer ik vond dat het nodig was en dat was zeker minder dan vroeger. Maar nu ik huishoudelijke hulp heb is dat ‘probleem’ dus ook weer verholpen. Straks kan ik weer mensen uitnodigen voor een etentje.

Maandag 1 juli 2019.

Inderdaad is in juni 2019 – zoals verwacht – opnieuw het twaalfmaandelijks gemiddelde van het aantal bezoekers van mijn sites weer gestegen en wel tot 519,0. Dat is de hoogste stand sinds het voorjaar van 2001. Het vorige ‘record’ stond op 516,1 dus erg spectaculair is de groei nu ook weer niet.

Zondag 30 juni 2019.

Al vaker had ik het over het raadselachtige en onnavolgbare publiceren van het Chinese Staatspersbureau Xinhuanet. Zo verslaat dit bureau ook het WK voetballen voor vrouwen, hetgeen natuurlijk niet bijzonder is. Maar sommige wedstrijden worden noch vermeld noch van een verslag of foto’s voorzien, maar andere dan juist weer uitbundig. Zo werd de kwartfinalewedstrijd van Nederland tegen Italië voorzien van wel 52 foto’s. Het is dat ze ze nummeren, anders was ik vast de tel kwijtgeraakt. Er is volgens mij geen enkele gewone Nederlandse krant of zelfs geen gespecialiseerd voetbaltijdschrift die zoveel foto’s van die wedstrijd heeft gepubliceerd. Voor de liefhebbers zijn de foto’ te vinden op http://www.xinhuanet.com/english/

Inmiddels heb ik gisteren mijn eerste bezoek van mijn eerste huishoudelijke hulp gehad. Mijn keuken glom aan alle kanten en rook ook zo lekker. Ik durfde hem ’s avonds bijna niet in gebruik te nemen. Er is natuurlijk bij mij wel het nodige achterstallige onderhoud, dus het zal wel een x aantal weken duren voordat ‘alles’ wel een keer een schoonmaakbeurt heeft gehad. Maar deze eerste ervaring is wel veelbelovend. Wat woon ik straks toch in een schoon, mooi en nieuw gestoffeerd en gemeubileerd huisje!!

Zaterdag 29 juni 2019.

De dorade beviel wel, maar het wordt toch zeker niet mijn favoriete vis. Weer iets geleerd.

Premier Rutte blijkt ook aanwezig bij de G20 in Osaka Japan. Ook dat zag ik op een foto bij Xinhuanet en inmiddels heb ik het ook gelezen in Elseviers Weekblad. Maar nergens staat vermeld waarom hij daar is. Nederland hoort bij mijn weten helemaal niet bij de grootste 20 economieën van de wereld, al staan we er ook weer niet zo ver vanaf. Ik blijf dat merkwaardig vinden dat je dit soort nieuws (bijna) nooit in een Nederlandse krant vindt, en al helemaal niet waarom dat dan zo is. Al in de zestiger jaren, toen ik geabonneerd was op de Neue Zürcher Zeitung (NZZ), viel me al op dat ik nieuws over Nederland eerder en beter en ook beter uitgelegd in de NZZ kon vinden dan in Nederlandse kranten.

Verder is het weer een bloedhete dag. Er zullen er vast nog wel meer volgen. Al moet ik vanmiddag toch echt boodschappen doen. Dan heb ik daarna de rest van de dag nodig om weer op een normale temperatuur te komen.

Vrijdag 28 juni 2019.

Opnieuw een rustig dagje. Detail: ik heb een dorade gekocht. Die hoop ik vandaag dus te gaan bereiden. Nog nooit gedaan en nog nooit gegeten. Ben benieuwd. Verder heb ik het opnieuw rustig gehouden, met vooral lezen en mooie muziek. 

Op Xinhuanet de Chinese staatscourant, zag ik zojuist dat onze premier Rutte daar is gearriveerd met een delegatie. Er staat bij vermeld dat Nederland voor China de op één na belangrijkste handelspartner is van alle 28 EU-landen. Noch de gang van onze premier naar China, noch de plek van Nederland bij China heb ik ooit iets van in een Nederlandse krant gelezen. En ik lees die toch veel.  Ten bewijze een foto:

Donderdag 27 juni 2019.

Wel prettig zo, met dit weer.

De koffiezetter maakt rare geluidjes en die moet dus een gauw een beurt hebben. Dit soort machines heeft elke vijf jaar een grote beurt nodig, en de mijne gaat al wel zes of zeven jaar mee. Dus dat kan ik niet verder uitstellen. Kosten toch ook weer een paar honderd euro. 

Naast de nieuwe hor voor de achterdeur, ook voor plm. 300 euro. Dit wordt dus een erg dure maand. Maar ik overleef hem wel. 

Over belangstelling heb ik intussen niet te klagen. Vanmorgen vroeg overschreed ik alweer het hoogste twaalfmaandelijkse gemiddelde aan bezoekers sinds het voorjaar van 2001, en dan heeft de maand juni nog 4 dagen te gaan.  

Woensdag 26 juni 2019.

De hitte lijkt voorlopig alweer voorbij. Ik voel me goed genoeg om weer boodschappen te doen en zelfs verder op jacht te gaan naar mijn nieuwe meubels. Wel zag ik het afgelopen etmaal kans om de kapper te bezoeken. En deze keer moest ze het niet zo kort maken als de vorige keer. En dat is prima gelukt. Als ik ongeveer deze kop wil houden moet ik voortaan wel vaker naar de kapper gaan. Want met een te korte kop duurde het natuurlijk wel een stuk langer voordat hij weer op de vereiste lengte was gekomen en dat betekende weer langere tijd niet goed verzorgd er uit zien.  

Dat geldt dus tegenwoordig voor meerdere invalshoeken: dat ik een steeds ‘beter’ leven leidt. Nieuwe woninginrichting, een structureel schoner en opgeruimder huis, doordat ik nu wekelijks hulp bij de huishouding krijg.  Een verzorgder uiterlijk. Meer genieten van mooie muziek en goede boeken. Geen slechte vrienden en vriendinnen meer. De beste schoenen die ik ooit heb gehad. En het formuleren van alle leefregels waar ik me verder consequent aan wil houden. Verder heb ik geen zorgen van betekenis qua gezondheid, geld, werk en relaties. Kortom: het gaat goed met mij. 

Dinsdag 25 juni 2019.

De eerste hittedag hebben we weer goed overleefd. Anders dan eerder voorspeld, zou het vandaag hier de laatste hittedag alweer moeten zijn, zelfs nog iets heter dan gisteren. Woensdag is dan het leed weer geleden. Buiten werd het 31 graden, binnen werd het niet warmer dan 22,0 graden. En dan nog moet ik me vooral niet lichamelijk inspannen. Dus zelfs het verplaatsen van een encyclopedie in huis, ook al is het deel voor deel, geeft op den duur toch stress. Gelukkig heb ik de eigenschap dat ik me nooit verveel, zelfs niet als ik urenlang helemaal niets doe. Dat is ook een gevolg van de trauma’s uit mijn jonge jaren, toen ik immers ook de hele dag helemaal  niets mocht doen. En dat vervolgens jarenlang elke dag. Rust was het belangrijkste dat een tbc-patiënt tot genezing moest brengen en dat nam men dan helemaal letterlijk. Daar pluk ik nu dus de vruchten nog van. Vandaar dat deze rubriek tijdelijk wat leger wordt. 

Maandag 24 juni 2019.

Voetballen boeit me niet echt en heeft me ook nooit geboeid. Een doodenkele keer heb ik wel eens naar een wedstrijd gekeken, maar dan was het wel zoiets als de finalewedstrijd van een WK of EK en dan moet ook nog Nederland meedoen. Een clubwedstrijd heb ik nog nooit gezien, zeker niet helemaal van begin tot eind. In een voetbalstadion ben ik nog nooit geweest. Heel af en toe zag en zie ik een stukje of een samenvatting, dat was eigenlijk alles. Nu het WK vrouwenvoetbal bezig is betrap ik me erop dat ik hier wat vaker naar kijk. En ik vraag me af hoe dat nou komt. Ten eerste kijk ik liever naar vrouwen dan naar mannen, maar dat kan zeker niet de enige oorzaak zijn. Wel is het zo dat vrouwen minder agressief zijn dan mannen, al kunnen sommigen toch ook flinke overtredingen begaan. Bovendien valt het me op dat elk vrouwenteam er voor wil gáán. Mannenelftallen spelen vaak berekenend: het eindeloos heen en weer schuiven van de bal, zonder tot echt voetballen over te willen gaan. En/of ze ‘parkeren de bus’: het hele elftal gaat voor de eigen goal liggen, zodat het voor de tegenstander heel moeilijk wordt te scoren. Tot eigen aanvallen komt het dan natuurlijk ook niet, maar soms is dat voor een elftal wel het beste: de nul houden. Dat ‘heen en weer schuiven’ en dat ‘ bus parkeren’ heb ik geen enkel vrouwenelftal zien doen. Ik ben uiteraard geen voetbalkenner. Het zal er volgens de echte kenners bij de vrouwen vast een stuk minder professioneel aan toe gaan, dan bij de mannen. Een professionele voetbalkenner zei dezer dagen dat hij het vrouwenvoetbal ‘niet om aan te gluren’ vond. Hij vindt het blijkbaar mooier als de bal eindeloos heen en weer wordt gespeeld, de bus wordt geparkeerd en er meer agressie op het veld is. Ik heb dan maar – als leek – een andere mening. 

Zondag 23 juni 2019.

Mijn koelkast lig weer stampvol met voedsel. Ik hoef voorlopig de deur niet uit, maar zal toch af en toe wel moeten. Bij hitte is weinig inspannen, althans voor mij, belangrijker dan niet buiten zijn. 

Het is me nu ook gelukt, voor het eerst sinds ik hier vanaf 2005 woon, om alle kabels en kabeltjes van alle apparaten goed weg te moffelen. Je ziet pas een klein stukje draad vlakbij het apparaat. Ook bij een ladekastje dat op mijn slaapkamer staat kan ik nu voor het eerst alle laden opendoen en weer sluiten, zonder dat ik eerst de loshangende draden hoef weg te houden. Jammer dat de hitte er me wel van weerhoudt op jacht te gaan naar mijn nieuwe bankstel. Dat plan moet ik dus helaas nog een stukje opschuiven. 

Intussen heb ik ook een hordeur besteld die voor mijn achterdeur wordt geplaatst. Plaatsingsdatum hiervan nog niet bekend. Daar kom ik de komende week pas achter. 

Zaterdag 22 juni 2019.

Er is beter, maar vooral ook heter, weer op komst. 

Enkele dagen terug was er dan inderdaad voor mij goed nieuws. Een beroepsinstantie heeft definitief vastgesteld dat in vanillevla ook echt vanille moet zitten. Alle grote merken en winkelketens hebben inmiddels toegezegd dat ze hetzij vanillevla ‘vla met vanillesmaak’ zullen noemen, of anders echte vanille in hun vanillevla zullen doen. Hetzelfde geldt voor vanille-yoghurt, vanille-ijs en zelfs dubbelvla. Vanille is namelijk niet geel, zoals velen zullen denken, maar zwart. Ik heb het wel eens gezien, het vanille-ijs van Jumbo bijvoorbeeld, dat wit is met zwarte puntjes. Al decennia lang wilden producenten en winkeliers geen zwarte vla, grijze vla of witte vla met zwarte puntjes verkopen. Want dat lijkt niet zo lekker. Maar nu zullen ze er toch aan moeten geloven. Hiep, hiep, hoera. 

Er zijn nog wel meer producten waar niet inzit wat er op de verpakking staat. Ossenstaartsoep bijvoorbeeld, bevat (vrijwel) nooit ossenstaart. Het is zelfs nog de vraag of er dan wel nog runderstaart in zit. En rookworst, zeker die van Unox, is (bijna) nooit gerookt. Er is een rookaroma doorgedaan, zodat het naar gerookt vlees smaakt. Maar met rook heeft dat niets te maken.  Deze lijst is veel langer. Volgens Petronius: Mundus vult decipi, ergo decipiatur. Oftewel: De wereld wil bedrogen worden, dus wordt zij bedrogen. 

Vrijdag 21 juni 2019.

Langzaam maar zeker komt alles in mijn woning weer op zijn plaats. Dat nieuwe kamerbrede tapijt geeft toch een heel ‘rijk’ gevoel. Of misschien is ‘weldadig’ wel beter. 

Er komt een periode met zeer warm weer aan en om maximaal gebruik te kunnen maken van mijn geïsoleerde woning moet ik dan vooral de deur niet uit, of het moet heel vroeg in de morgen zijn. Op zondag zijn de supermarkten echter pas vanaf 12 of 13 uur open, zodat boodschappen op die zondag geen optie zullen zijn. Ik moet dus zaterdag voor tenminste een week alles in huis hebben. Ik ga er nog wel een keertje bij maximale temperaturen een keertje uit, om nog eens te zien of de buren nog steeds ramen en deuren dan wagenwijd open hebben. Er is toch een vrij groot aantal mensen dat het binnen ook graag 35 graden wil hebben, als het buiten 35 graden is. Ieder zijn smaak natuurlijk, maar ik geef toch de voorkeur aan een graadje of 21 binnen, of wellicht nog een graadje meer. 

Donderdag 20 juni 2019.

Het is dan eindelijk gebeurd: mijn nieuwe vloerbedekking is gelegd. En meteen ben ik begonnen met het terugplaatsen van de meubels. Ik heb ook meteen besloten dat ik van die IKEA-kastjes, die ik al decennia heb, helemaal af wil. Op zichzelf kunnen ze nog wel een volgende 20 jaar mee, maar ik wil wel eens wat anders.

Twee foto’s van mijn woonkamer: de eerste genomen vanaf het achterraam richting keuken en de tweede vanaf de keuken richting achterraam. Ook de gang heeft dezelfde vloerbedekking gekregen. Het lukt me nog niet om die foto’s te plaatsen, anders dan een kwart slag gedraaid. Het komt nog wel. 

Woensdag 19 juni 2019.

Al zappend ˙heb ik geheel per ongeluk de zender Stingray Classic ontdekt (KPN kanaal 115 en Ziggo 607). Ik bleef er even hangen, omdat ik de Brandenburgse concerten van Bach ineens herkende. En verder naar het programma van de dag kijkende, kwam ik de Hoge Messe tegen alsmede het Wohltemperierte Klavier, beide van Bach, alsmede stukken van Telemann en bijvoorbeeld Cosi fan Tutte van Mozart, helemaal, bijna drie uur. Dit is een klassieke muziekzender die niet een aaneenschakeling biedt van een reeks populair-klassieke muziekstukjes, zoals ik de andere klassieke zenders ken, maar hele composities. En het is ook met beeld. Ik wist niet dat het bestond. Deze zender gaat zeker weten vaker aan. Dat wordt genieten.

Dan is nu ook het huis eindelijk helemaal klaar voor de ontvangst van de stoffeerders. Mooi op tijd.

Dinsdag 18 juni 2019.

Intussen is mijn spierpijn weer helemaal over. Geheel volgens de verwachting. Ik ben wel blij dat ik de operatie zo gepland heb, dat er steeds enkele dagen zitten tussen de ene en de andere fase. Daardoor heb ik steeds gelegenheid me af te vragen of alles wel gaat zoals bedoeld, en om me af te vragen of ik toch de ruimtes niet anders zou willen indelen. Bovendien went alles, zelfs het tijdelijk wonen op beton. Het spijt me voor de lezer, maar deze dagen zijn voor mij toch  weinig anders gevuld dan met de herinrichting van mijn huis. En alles dan dezer dagen ligt en staat dan is de volgende fase om op jacht te gaan naar een nieuw bankstel en ‘bijmeubels’ zoals bijzettafeltjes en een poef. Maar als alles weer op zijn plek ligt en staat is de lastigste fase – deze dus – toch echt wel achter de rug.

Maandag 17 juni 2019.

Dan is nu dus de oude vloerbedekking (tapijttegels in meerdere lagen) verwijderd. Gelukkig had ik hierbij hulp van iemand die weet wat werken is. Het was in dik anderhalf uur gebeurd. Als ik het alleen had moeten doen, was ik ruim meer dan de dubbele tijd kwijt geweest, nog los daarvan of ik dan niet vaker en langer tussentijds had moeten uithijgen en rusten. Maar ook na deze ruim anderhalf uur was ik behoorlijk geradbraakt. Vooral het voortdurend moeten bukken en tillen van wat toch behoorlijk zwaar is, was zo vermoeiend, want voor mij zo’n ongebruikelijke  beweging, dat ik na afloop nog maar nauwelijks kon lopen. Vooral de rechterheup had het blijkbaar zwaar te verduren. Zelfs na een nachtrust loop ik nog steeds niet helemaal normaal, voor mijn doen dan. Maar het slijt ongetwijfeld nog wel en in de loop van de dag of anders morgenvroeg verwacht ik dat alles weer bij het oude zal zijn. Ook het laatste kastje is nu verwijderd, dus wat er nu nog staat heb ik nog nodig tot vlak voor de stoffeerder komt. Ik moet nog wel enkele kleine dingetjes doen. In de keuken is nog een stukje, met oude linoleum, hooguit een vierkante meter dat nog weg moet. Onder een verwarming lijkt het wel een beetje vochtig, dus ik moet nog wel even inspecteren of daar nog iets aan de hand is. En ik moet nog een kabelplan maken. Overal liggen kabels, voor de telefoon(s), de tv en het internet en ik moet nog bedenken hoe ik dat precies wil hebben. Toen ik ze ooit aanlegde stonden de ruimtes vol met meubilair en vloerbedekking en paste ik de kabels bij het leggen daaraan aan. Nu alles weg is, is het wel wat efficiënter te maken, verwacht ik. Gelukkig heb ik nog even voordat de stoffeerder komt.

Zondag 16 juni 2019.

Het is inmiddels zo ver dat er nog maar één kastje uit de nieuwe tapijtruimte moet worden verwijderd. Dan blijven er nog wel enkele meubels over, maar die kan ik pas op de ochtend van het nieuwe tapijt zelf weghalen, omdat ze eerst nog een functie hebben of de tijdelijke opbergplaats (zoals mijn bed en badkamer) nog niet beschikbaar is, omdat ik die nog tot ‘het eind’ nodig zal hebben.  Bovendien moet nu ook nog alle oude vloerbedekking weg. Dat zal ook nog een klus zijn. Als dat gebeurd is, woon ik enkele dagen op beton. Het is niet anders. Fijn dat – tot nu toe dan – alles volgens schema verloopt. In het begin had ik nog geen flauw idee en betwijfelde ik zelfs, of ik alle spullen uit de woonkamer, gang en de halve keuken wel in de rest van de woning kon krijgen. Ik wilde uiteraard zo lang mogelijk, liefst steeds, gebruik kunnen blijven maken van keuken, badkamer en toegang houden tot alles dat ik nog wilde gebruiken, zoals de computer, papieren en dergelijke. Bij elk meubelstuk dat verdween kreeg ik meer zicht op het eindplaatje en nu weet ik het wel zeker: het gaat helemaal lukken, al weet ik nog altijd niet helemaal precies  hoe dan. Ik zal toch wel blij zijn als de nieuwe vloerbedekking er ligt en ik geleidelijk alles weer kan terugplaatsen. Nog enkele dagen moeten toch alle andere activiteiten van me wijken voor deze operatie.

Zaterdag 15 juni 2019.

Wat bof ik toch met die geweldige nieuwe viszaak in de buurt, gecombineerd met een even geweldige groenteboer iets verderop. Gisteren dus gebakken zeebaars, verse doperwtjes en gebakken aardappels. Vooral het velletje van de zeebaars is erg lekker. Ook het vel van de zalm is prima te eten, maar van de zeebaars is dat toch nog een klein beetje lekkerder. Vanavond dan waarschijnlijk verse kapucijners met spek. Ook niet verkeerd. En zo gaat het maar door. Niet ingewikkeld om te maken, maar erg exclusief en vooral: erg lekker.

In een artikel werd ik er nog eens aan herinnerd dat aardbeien, van alle fruitsoorten, verreweg de meeste chemicaliën opgespoten krijgen. Tot wel 28 chemische stoffen toe. Dat kan onmogelijk gezond zijn. Ik at ze toch al niet zo vaak en zo veel, maar ik ga daar maar verder mee reduceren. en wat minder kwetsbare vruchten nemen, zoals appels, zwarte bessen en kiwi’s.

Vrijdag 14 juni 2019.

Gang, huiskamer en deel keuken worden nu steeds leger. Het is wel erg schakelen om in een soort woonwoestijn te bivakkeren. Het is natuurlijk maar tijdelijk, want volgende week kan alles weer teruggeplaatst worden. Tot nu toe kan ik nog altijd overal bij. Van pleisters, gereedschap en enveloppen, tot noem maar op. Ik kan nog alles koken wat ik wil, de was doen, afwassen, tv-kijken en computeren. Wat wel een paar dagen lastig wordt is dat je steeds minder plekken hebt waar je iets kunt neerleggen. Je sleutelbos bijvoorbeeld, of je portemonnee. De post als die komt, of je tas met boodschappen. We slepen ons er wel doorheen.

Bij mij heeft het idee postgevat om voor mijn uitvaart een gesproken boodschap te maken, die dan tijdens mijn begrafenis kan worden afgespeeld. Zo spreek ik het gezelschap toe vanuit het graf. Ik moet me dan wel beperken tot tien minuten of zo. En ik moet het ook regelmatig vernieuwen, omdat ik voorlopig nog niet van plan naar de eeuwige jachtvelden te gaan. Ik weet het nog niet. Ik moet er nog eens over nadenken,  eens ervaringen van anderen proberen op te zoeken en het er met naasten over hebben. Misschien verwerp ik het ook wel weer.

Een andere merkwaardigheid is wel de volgende. Al een aantal jaren houd ik regelmatig een lijst bij van personen die bij mijn uitvaart moeten worden uitgenodigd. Dat kan ik onmogelijk aan mijn nabestaanden overlaten, want die kunnen niet weten met wie ik mij allemaal verbonden voel(de). De eerste lijst, van een jaar of drie of vier geleden bevatte 38 persoonsnamen. Ik verwacht dan dat bij het ouder worden steeds meer mensen om je heen gaan wegvallen, terwijl tegelijk er niet veel nieuwe namen zullen bijkomen. Dus ik verwachtte dat het aantal van 38 wel heel geleidelijk zou gaan dalen. Maar niets is minder waar. De lijst telt nu 51 namen en adressen.

Het komt ongetwijfeld, omdat ik op meerdere fronten nog actief ben. En daar komt voorlopig ook nog geen einde aan, voor zover dat te overzien is. Maar de krimp komt er zonder twijfel nog wel een keer aan, als ik tijd van leven heb.

Donderdag 13 juni 2019.

Dat was dus weer eens een dagje Enschede. En opnieuw succesvol. Het gaat al zo lang goed, dat ik me wel eens afvraag op welke wijze en vooral ook wanneer dit succesverhaal tot een einde komt. Wat gisteren wel ineens gebeurde is dat bekend werd wat de bestemming in het najaar voor ons jaarlijkse dagje uit wordt: Bourtange.  Zeker gedurende mijn lidmaatschap van Provinciale Staten van Groningen (1991 – 1995) dacht ik wel zowat alle plaatsen in deze provincie te hebben bezocht en vele plaatsen ook meermaals. Daarna ben ik ook alweer bijna 25 jaar zo ongeveer in alle betere culinaire etablissementen van deze provincie geweest. Dat zijn er zoveel dat ik aan een herhaling van een succesvol bezoek gewoon nog (bijna) niet ben toegekomen. Maar bij al die bezochte plaatsen in deze provincie zat dan nog steeds niet Bourtange. Ik was daar nog nooit. En het schijnt juist een heel leuk plaatsje te zijn. Intussen heb ik  vastgesteld dat Bourtange in het weekend geen openbaar vervoer heeft. En zelfs op werkdagen is er alleen maar een 8-persoonsbus tijdens de spitsuren en daarbuiten is er helemaal niets. Tjonge. Ik ken zo gauw geen andere plaats waar het ongeveer hetzelfde gaat. De dichtstbijzijnde bushalte die wel in het weekend bediend wordt is op 6,5 kilometer afstand. Dat is dus pakweg anderhalf uur lopen, en de volgende dag weer terug. Dat is goed voor me. Zo blijf ik soepel. Dit najaar gaan we daar dus naartoe en we blijven er zelfs een nachtje slapen. Als het zou regenen of ander slecht weer is, huur ik wel een auto.

Woensdag 12 juni 2019.

Met een onlangs thuis gevallen broer, met ernstig hersenletsel tot gevolg, begon ik me ineens af te vragen, of dit toch ook niet voor mij consequenties zou moeten hebben. Dat realiseerde ik me toen ik die enorme eikenhouten salontafel van me uit de woonkamer verwijderde. Als ik ooit nog een keer zou vallen, dan geeft die tafel in geen enkele lichaamsstand van me ook maar een millimeter mee. Dat geeft dan onherroepelijk ernstige schade. Aan het been, het hoofd en/of aan iets anders. Als ik nu toch ga vernieuwen, dan dus zeker die salontafel. Dat moet er dus eentje zijn van het soort die wel meegeeft als ik val. En die dus een beetje de val kan breken. Liever een salontafel in gruzelementen, dan ik. Het grootste probleem wordt nog om die enorme salontafel weg te krijgen. Die is niet te tillen, zelfs met twee man wordt dat nog een hele kluif. Zo komt er telkens weer een probleem dat moet worden opgelost.

Dinsdag 11 juni 2019.

Dan heb ik toch maar een officiële klacht ingediend bij de gemeente Groningen. Uiteraard op het voorgeschreven formulier. Al vanaf 27 maart, om precies te zijn, probeer ik namelijk mijn WMO-rechten die ik al jaren heb, te reactiveren, maar dat strandt voortdurend op ‘te druk’ en vooral veel en lang wachten op een reactie. De tactiek van een falende organisatie is mij goed bekend. Dan worden er geen concrete data afgesproken voor een vervolg en ook geen datum gegeven van een reactie vóór of uiterlijk óp een bepaalde datum, maar uitsluitend ná een genoemde datum. Bijvoorbeeld: “we komen hierop terug ná 21 april.” Dat geeft de dienstverlener de ruimte om de reactie net zo lang uit te stellen, tot ze eraan toekomen, en kan de dienstverlener nooit worden vastgepind op een concrete toezegging, want die is er dan niet en die is ook nooit gegeven.

Werkende weg kreeg ik ook nog een vraag over een bijeenkomst van een ‘wijkwethouder’ (wat dat ook  moge wezen), waarbij in onze wijk “mensen uit de sector Zorg en Welzijn door hem werden ontvangen.” dus met weglating van het lidwoord ‘de’. Het was een mooie bijeenkomst, volgens de gemeente. Ik hoor wel tot die sector, maar ik had geen uitnodiging. Het gebruik van mensen, zonder een voorvoegsel, zoals ‘de’, ‘alle’ ‘sommige’ of ‘vele’ geeft aan dat er dan een selectie heeft plaatsgevonden van wie wel en wie dus niet was uitgenodigd.

Het doet me dan denken aan het Palestijns-Israelische conflict. In een resolutie van de Veiligheidsraad zegt de Engelse vertaling dat Israel zich moet terugtrekken uit ‘bezette gebieden’, maar in de officiële  Russische en Arabische vertaling staat dat Israel zich moet teruggekeken uit ‘de bezette gebieden.’ De eerste vertaling zegt dan dat Israel zich niet uit alle (in 1967) bezette gebieden hoeft terug te trekken, terwijl de andere vertaling dat nu juist wel bedoelt.

Bij de bijeenkomst met de wijkwethouder viel, volgens de media, geen onvertogen woord. Alles was even positief. Ik weet wel zeker dat ik niet de enige WMO-klant ben die zo behandeld werd en wordt, als ik hierboven schetste. Het moeten er honderden zijn. Maar die waren dan blijkbaar geen van allen bij die bijeenkomst aanwezig. Volgens welke selectiecriteria heeft de gemeente ‘mensen’ uitgenodigd? Wordt dus vervolgd, maar dat kan zes weken duren, volgens de verordening.  Ik wacht nu al ruim tien weken zonder dat ik weet hoe lang ik nog verder met wachten. Want ook de volgende ‘afspraak’ komt er pas ná een toekomstige datum. Mogelijk dus met Sint Juttemis.

Maandag 10 juni 2019, Tweede Pinksterdag.

Dat was dus een relatief saai, maar wel nuttig weekend. Wel heb ik de Mattheus Passion afgespeeld, die ik op Goede Vrijdag had opgenomen van een Franse TV-zender. Het was de uitvoering zoals die in 2016 heeft geklonken in het Kasteel van Versailles. Helemaal in het Duits, en zelfs niet onverdienstelijk voor Fransen, maar wel zoals het hoort, maar met een Franse ondertiteling.

Na ongeveer vijf kwartier kwam er plots een muziekstuk dat ik meteen herkende als niet tot de Mattheus behorend. Omdat bij elk nieuw stukje eerst de Duitse titel kort in het scherm verscheen, gevolgd door de Franse vertaling, heb ik even teruggespoeld, omdat ik deze seconden ondertiteling blijkbaar gemist had. Inderdaad had ik deze seconden gemist, maar nu kon ik ze met gemak opschrijven. Het bleek te gaan om het stuk Ecce Quomodo Moritur (wat dit ook moge betekenen, het klinkt nogal doods), van de Sloveense componist Jacobus Gallus (1550 – 1591). Van hem had ik nog nooit gehoord, maar ondanks dat hij slechts 40 jaren oud werd heeft hij toch 373 composities op zijn naam staan. Het was een a capella (zonder muziek) gezongen stuk en ik vond het bijzonder mooi. Daarna ging de Mattheus Passion gewoon verder, alsof het allemaal bij elkaar hoorde. Ik ga toch eens wat meer stukken van deze componist opzoeken. Opvallend was nog dat er na afloop er een zeer langdurig applaus was, waarbij ongeveer elke solist en muzikant apart een eigen applaus kreeg. Je hoort natuurlijk na de Mattheus Passion helemaal niet te klappen, maar het gebeurt ook in Nederland steeds vaker, maar doorgaans niet zo lang. Die Fransen toch.

Zondag 9 juni 2019, Eerste Pinksterdag.

Langzaam maar zeker beginnen mijn huiskamer, gang en keuken steeds leger te worden, in afwachting van de tapijtboer. Ik heb nog altijd geen vastomlijnd zicht op wanneer ik wat vrij willen hebben, maar ik wil nu in elk geval één groot stuk per etmaal weghebben. Daarvan heb ik er nog te veel staan om op tijd klaar te kunnen zijn, maar elke dag wordt zo wel mijn overzicht beter. Dan moet ik het volgende weekend echt voor 90% klaar zijn, zodat ik nog enkele dagen heb voor de restantjes. Het moet gaan lukken. En daarna volgt dan uiteraard weer het terugplaatsen en het plan voor het volgende vernieuwde artikel: een nieuw bankstel. Ik hoop toch echt dat ik daarmee eens een keer een gelukstreffer heb: meteen bij de  eerste poging het perfecte bankstel. Het zal hoogstwaarschijnlijk wel een vrome wens blijven.

Ik was het afgelopen etmaal ook weer eens op boekentoer. Als eerste kocht ik een boek over de Tempeliers, een krijgshaftige ridderorde, opgericht in de twaalfde eeuw ter gelegenheid van de Kruistochten en weer opgeheven aan het begin van de 14e eeuw, toen de paus zijn erkenning introk, de ridders werden verbrand en hun eigendommen genaast. Zo staat het ook op de omslag van het boek, alsof het een doodgewone manier is om een club op te heffen. Nog altijd, ruim 700 jaar na hun verdwijnen, zijn de Tempeliers stof voor boeken en documentaires. En we hebben nog een spreekwoord aan hen overgehouden: Drinken (of zuipen) als een tempelier. ‘Het kon minder’, zouden ze in Groningen zeggen.

Vervolgens bestelde ik het boek ” De geschiedenis van Nederland in 100 oude kaarten.” Dat boek had mijn boekwinkel in voorraad genomen, maar was op de eerste dag, gisteren, meteen al uitverkocht. Dat krijg ik dus volgende week.

Dan lopen er nog twee al langer geleden bestelde boeken, waarvan het eerste eind deze maand zal worden geleverd. Voorlopig heb ik dus weer genoeg te lezen.

Zaterdag 8 juni 2019.

Gisteren bij de groenteboer begrepen dat verse kapucijners en/of doperwten er al zijn, maar dat hij ze nog te duur vond. Hij verwacht ze volgende week te hebben. Die winkel, een winkel waar je met een mandje of een winkelwagen in kunt, draait sowieso als een tierelier. Sinds hij enkele maanden geleden begon met enkele salades in kleine, eenpersoons porties, heb ik bij zo ongeveer elk bezoek het assortiment zien uitbreiden. Het zijn er nu enkele tientallen verschillende en de vitrine die eerst nog half leeg was is nu berstensvol. Hij verkoopt er naar zijn zeggen gemakkelijk honderd per week. Maar ook de winkel als geheel doet het heel goed. Hij heeft dit jaar al duizend verkoophandelingen meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Hij maakt – zo zei hij – tegelijk geen enkele reclame. Zijn spullen zijn zijn reclame. Vier dames, aldus de man, zijn permanent bezig om grotere en kleine salades en maaltijden te maken. Het was al en is nog steeds mijn diepe overtuiging: een winkel met eersteklas spullen en even eersteklas bediening verkoopt zichzelf. Van alle spullen waarvoor reclame nodig is om ze te kunnen verkopen, moet je je eerst afvragen of het wel de kwaliteit is die je wilt. En niet meteen allerlei gif bevat, vulmiddelen of andere ongein.

Vrijdag 7 juni 2019.

Bij mijn visboerin (Als er een visboer is, dan is er toch ook een visboerin? Mijn systeem keurt het woord in elk geval goed), heb ik gisteren drie zeewolffilets gekocht. Niet te klein natuurlijk. Twee om in te vriezen voor later gebruik, en eentje om bij het diner op te peuzelen. En dat laatste is uitstekend bevallen. Mijn visboerin heeft maar een klein winkeltje dus niet zou vreselijk veel keus, maar ze heeft wel steeds iets aparts en dat schaf ik dan vast wel aan. En: ere wie ere toekomt: met dik meer dan tien vissen of visgerechten die ik daar gekocht heb ik nog nooit last van mijn ingewanden gehad, en bij de vorige uitbater eigenlijk altijd, totdat ik ermee stopte. Ze heeft dus haar nering goed onder controle qua hygiene en bewaarmethode.

Bij de groenteboer heb ik gisteren ook de eerste aalbessen en bramen van het seizoen gekocht. Nog aan de prijs, maar overheerlijk. Nu moeten we alleen nog de verse kapucijners en verse doperwten krijgen, die doorgaans iets later in de maand juni komen. Het is een mooi seizoen, dat we nu hebben, ook al krijgen we vandaag de derde herfststorm in enkele dagen te verwerken.

Donderdag 6 juni 2019.

De 75e verjaardag van D-Day in 1944. Voor het eerst was er ook een herdenking op 5 juni in het zuiden van Engeland, Plymouth, waar ook alle wereldleiders (zonder Poetin) bij aanwezig waren. Ook Merkel, die afwezig zal zijn bij de herdenking op de 6e juni. Deze 6e juni is pas echt historisch. Er waren nog enkele honderden veteranen uit die tijd bij, allemaal negentigers. Bij de eerstvolgende grotere viering op 6 juni 2024, bij de 80e verjaardag van de Invasie, zullen het er wellicht nog enkele tientallen zijn. Ik maak vast nog wel de dag mee dat er niemand meer is die de Invasie nog bewust heeft meegemaakt en er nog over kan vertellen. En dan is het voor iedereen echt geschiedenis geworden, alleen nog maar iets over te vinden in boeken.

Ik ben het afgelopen etmaal niet aan veel zinnigs toegekomen. Wel was er het eeuwige boodschappen doen en het al even eeuwige rommel opruimen. Dat moet in de komende periode wel gaan veranderen, in het bijzonder komend weekend, als ik al zoveel mogelijk de woonkamer wil leegmaken.

Woensdag 5 juni 2019.

Heb me toch maar gemeld voor het aanvullende onderzoek door MyHeritage op de gezondheidselementen van mijn DNA. En meteen ook maar een jaarabonnement genomen. Merkwaardig was wel dat de op hun website aangeboden bedragen, bij het afrekenen nog een toeslag voor de BTW kregen. Dat mag niet en dat is een economisch delict. Aan particulieren moet altijd een prijs worden gemeld, inclusief de BTW. Dat zal ik dus gaan melden bij MyHeritage en bij de ACM. Bedrijven onderling mogen wel prijzen zonder BTW noemen, omdat de betaalde BTW immers voor een bedrijf aftrekbaar is. MyHeritage belooft dat over vier tot zes weken ik het resultaat zal krijgen. Mijn DNA hebben ze al, dus dat hoef ik niet meer op te sturen. Reden voor mij om dat onderzoek te laten doen is dat MyHeritage, anders dan 23andme, ook onderzoekt op de ziekte van Crohn (een kwaal die mijn beide broers en meer familieleden hebben), maar bij mij (nog?) niet is vastgesteld. Ze onderzoeken ook op diabetes type 2, dat in elk geval één broer ook heeft. Nu dus afwachten. De ervaring leert dat ze de beloofde reactietermijn altijd heel ruim nemen. Dat voorkomt dat veel mensen gaan rappelleren. Nu is iedereen blij verrast als het resultaat zo snel komt.

Dinsdag 4 juni 2019.

Voor het eerst heb ik een deel van de oude vloerbedekking opgenomen: 90% van de gang. En meteen de vrijgekomen tegels in de container gemikt, die vandaag wordt geleegd. Het viel me ontzettend mee hoeveel van die tegels ik in die container heb kwijt gekund. Er hadden er nog wel meer in gekund. Maar de psychologische stap naar woonkamer of keuken was me blijkbaar nog even te groot. Het heeft er ook mee te maken dat zo’n tegel gemakkelijk geheel horizontaal in de container past. Je hoeft niets te vouwen of te proppen. Alsof de maten van die container zijn afgestemd op het weg kunnen gooien van tapijttegels van 50 x 50 centimeter. Over veertien dagen kan er dus toch ook weer een groot aantal tegels op deze manier weg. Het betekent dus ook dat ik voor het afvoeren van alle oude tegels geen auto hoef te huren. Met nog enkele volle containers kan alles in een beperkt aantal keren (4 of 5 keer) weg. Dat betekent namelijk ook veel minder sjouwwerk van huiskamer of berging naar de auto en bij de grootvuilafvoer ook weer alles in de megacontainer die daar staat. Weer een probleem opgelost.

Maandag 3 juni 2019.

We hebben een druk weekend achter de rug. Zaterdag stond de wekker al om 06.00 uur, omdat ik me niet had gerealiseerd dat een afgesproken lunchplek in Rijswijk wat lastiger dan anders bereikbaar bleek, in verband met gepland spoorwegonderhoud. Maar goed, de jaarlijkse lunch met een voormalige collega bij de Staatsdrukkerij en -Uitgeverij (1967 -1969) was er niet minder gezellig om. Hierna ben ik doorgereisd naar Naaldwijk voor een middag- en dinerafspraak met een voormalige collega-padvinder, die ik al vanaf 1963 ken. In de loop van de avond ging ik dan naar broer Jan in Maassluis. Het werd laat, maar de volgende morgen toch weer bijtijds op. Het werd een bloedhete zondag, terwijl zijn huis niet erg goed is geïsoleerd, dus dat betekent voor mij dat ik dan niet veel moet bewegen en me ook niet moet inspannen. Dan is het leed niet te overzien: het rode hoofd en het zweten verdwijnen dan niet zomaar meer. Gelukkig begon het in de tweede helft van de middag flink af te koelen, zodat we wat makkelijker naar buiten konden en een ontspannen dinertje namen bij De Lantaern.  Daarna nog naar het Groningse terug, alwaar ik kort na middernacht weer aankwam. Vanmorgen vroeg dan mijn halfjaarlijkse tandartsbezoek, waar voor de zoveelste keer opnieuw niets aan de hand bleek, dat behandeling behoefde.

Zaterdag 1 juni 2019.

Dat was weer eens een lunch met een zoon. En na afloop voor het eerst in vele jaren bij een etentje buitenshuis, dit keer bij Intermezzo, na afloop een darmaanval. Ik bedacht ter plekke al dat ik wel een riskant artikel had besteld: de boer’nbol. In feite een broodje warm vlees. Dat is een kwetsbaar product, verleidelijk om dat lang te bewaren. Dat moet wel het geval zijn geweest.

Verder hebben we in mei 2019 inderdaad, zoals gisteren al aangekondigd, een nieuw record voor het 12maandelijkse gemiddelde aantal bezoekers op mijn websites gekregen: 516,7. Zie verder de statistiekpagina.

Vrijdag 31 mei 2019.

Ergens in het afgelopen etmaal zijn we het moment gepasseerd waarop deze website(s) het hoogste 12maandelijkse gemiddelde aan bezoekers hebben gehad, sinds het voorjaar van 2001. De maand mei is weliswaar nog niet helemaal afgelopen, maar statistisch kan dat niet meer fout gaan. Dat betekent dat de dipjes van de afgelopen maanden helemaal zijn weggewerkt, en er hoe dan ook een plus(je) zal overblijven. Omdat de maand juni 2018 een vrij zwakke maand was qua bezoekersaantallen, is het bovendien zeer waarschijnlijk dat de volgende maand (juni 2019) het ‘record’ verder zal worden verbeterd, en zelfs ruim voor het einde van de maand juni 2019.

Morgen plaats ik hier (en op de statistiekpagina) de definitieve  cijfers van de maand mei 2019.

Verder gaan we dan eindelijk de zomer tegemoet. Morgen zou het meer dan 30 graden gaan worden. Het stookseizoen is nu toch echt wel over.

Verder heb ik nu het zandlopertje dat ik van het waterleidingbedrijf heb gekregen geïnstalleerd en ook in gebruik genomen. De bedoeling hiervan is dat je oplet hoe lang je eigenlijk onder de douche staat. De doorlooptijd is precies 5 minuten en het is nu dus de sport om binnen die 5 minuten er weer onder vandaan te zijn. Het lukte me eigenlijk nog geen enkele keer. Maar meer dan zes minuten waren het ook nooit. Ik blijf streven naar douchen in 5 minuten, dan krijg je zeker wel alles schoon.

Donderdag 30 mei 2019. Hemelvaartsdag.

Dit is toch wel een van de merkwaardigste feestdagen die we hebben: Hemelvaartsdag. Hoeveel mensen zouden weten wat we vandaag vieren? En hoeveel mensen zouden het dan ook nog serieus vieren? Of hebben het zelfs ooit gevierd? Het zal toch een heel kleine minderheid zijn.

Na ruim een week heb ik nog altijd geen muis meer gezien, en ik merk aan mezelf dat ik toch weer een beetje slordiger aan het worden ben. Met alle deuren ben ik nog steeds fanatiek. En wat de buitendeuren betreft hoop ik dat verder ook te blijven, zolang ik hier nog woon. Ook etenswaren ruim ik nog steeds op, zodra de laatste hap binnen is. Maar ik merkte vanmorgen voor het eerst dat ik mijn aanrecht niet droog had gemaakt na de laatste afwas van gisteravond. Die lag er vanmorgen dus nog enigszins nat bij. Maar dat hij nog nat was is het zoveelste teken dat er geen muis meer rondloopt. Want die moeten toch ook heel erg dorstig zijn geworden. En zouden hem dus echt wel droog hebben gemaakt.

Vorige week heb ik bij een delicatessenwinkel in mijn woonplaats een portie van 150 gram rivierkreeftensalade gekocht en meteen bij de lunch opgepeuzeld. Ik wist dat dit riskant was, omdat de omzetsnelheid van dit product er niet erg hoog kan zijn, en dat alle visproducten nu eenmaal erg kwetsbaar zijn. En ja hoor: een half uur later zat ik weer op de doos met buikloop. Ik was voor de zoveelste keer gewaarschuwd. Gisteren was ik dan weer bij onze nieuwe viswinkel, waar ik nu al zeker een keer of zes vis had gekocht, alsmede ook bakjes met allerlei vissalades. En geen enkele keer heb ik zelfs niet het minste verkeerde buikgevoel gehad, laat staan darmproblemen. En deze keer nam ik behalve enkele vissen, ook weer een bakje met 150 gram garnalensalade.  Ik raakte in gesprek met de onderneemster: ik schat haar ongeveer 25 jaar, maar mijn inschattingsvermogen van leeftijden van mensen is traditioneel bijzonder zwak. Ik zei tegen haar: “Ik zal maar meteen bekennen dat ik vorige week vreemd ben gegaan.” Ze vertrok geen spier. “Ik heb vorige week bij de delicatessenwinkel verderop een bakje rivierkreeftsalade gekocht, maar ik heb dat meteen moeten bezuren met de volgende aanval van buikloop. Darmproblemen heb ik hier nog geen enkele keer gehad. Ik beloof dat ik je voortaan dus trouw zal blijven. ” Ze waardeerde op een heel gezonde manier zowel mijn ‘bekentenis’, alsmede mijn waardering voor haar winkel. Thuisgekomen heb ik het bakje garnalensalade meteen weggewerkt en heb er ook totaal geen last van gehad.

Woensdag 29 mei 2019.

Dat was dus weer een enorm druk en lang etmaal, dat we net achter de rug hebben. En opnieuw is overal gerealiseerd wat we van plan waren. Ook heb ik geen enkele panne of schade aan de auto gehad. Dat gaat nu al jaren helemaal goed. Dat komt ongetwijfeld vooral omdat ik veel voorzichtiger en berekender auto rijdt. En ik heb eigenlijk zolang ik mijn rijbewijs heb, 1971, nooit veel schade gehad. En het is allemaal heel lang geleden, zeventiger jaren. Een keer of zes had ik toen schade, waarvan vijf keer toen ik zelf stilstond, op een parkeerplaats of aan het eind van een file. Het was de tijd dat ik blijkbaar erg aantrekkelijk werd gevonden. De enige overgebleven schade was toen ik in 1971 in de stromende regen op tramrails reed en ik niet meer kon stoppen voor een auto die van van rechts kwam, omdat ik bij het remmen gewoon doorgleed op de kleddernatte tramrails.

Dinsdag 28 mei 2019.

Bij mijn voorouders in de kolom ‘van Leeuwen’ komen diverse Abrahams, Izaaks en Sarahs voor.  Mij is dus al vele keren de vraag gesteld of ik soms ook Joodse voorouders heb. ‘Niet bij mijn weten’, zei ik dan. Het DNA-onderzoek dat ik liet doen gaf dan uitsluitsel: ik heb geen Joodse voorouders. Niet dat het me wat had uitgemaakt, maar ik hoef dan niet tussen Joodse mensen naar mijn voorouders te zoeken.

Vanmorgen kwam ik dan een link tegen naar recent geopende archieven van Bad Arolsen, waar ontzettend veel slachtoffers van de Nazis uit WO II zijn geregistreerd. Het bleek om de deelverzameling te gaan  die door de Joodse Raad te Amsterdam 1941 – 1943 is bijgehouden. Het bestand bleek ook doorzoekbaar. Puur uit nieuwsgierigheid toetste ik dus ook even de naam ‘van Leeuwen’ in. Wie weet. Maar tot mijn stomme verbazing leverde dat 552 van Leeuwens op, blijkbaar allemaal Joden. Wat veel!!! En inderdaad ook veel Abrahams, Izaaks en Sarahs van Leeuwen. De enige verklaring is nog dat er blijkbaar tenminste twee families Van Leeuwen zijn, die onderling niet aan elkaar verwant zijn, al ga je nog zo ver terug.

Maandag 27 mei 2019.

Muizen vangen.

Enkele weken geleden belde de maaltijdbezorger, die een maaltijd voor mijn buurvrouw bij zich had, bij mij aan, omdat hij bij haar geen gehoor kreeg. Dat gebeurt wel vaker. Doorgaans heeft ze dan de bel niet gehoord.

Dus ik bel vervolgens ook bij haar aan, wat langer dan normaal, maar ook toen deed ze niet open. Dat gebeurt zelden. Ik heb wel een sleutel van haar huis, maar zonder haar medeweten (of zonder heel dringende reden) ga ik toch nooit zo haar huis in. Dus ik kijk eerst door haar voorraam of ze wellicht op de grond ligt en hulp nodig heeft, maar dat was niet het geval. Vervolgens ga ik aan de achterkant van haar huis kijken of ik haar daar zie, maar ook dat was niet het geval. Pas daarna ben ik haar vaste hulpverlener gaan bellen, of hij soms wist waar ze was. Hij veronderstelde dat ze een wandeling was gaan maken en de maaltijdbezorger vergeten was. Ze heeft tussen de middag ook vaak geen zin in een warme maaltijd. Kort hierna zag ik haar voorbijlopen. En kon de maaltijd alsnog afleveren.

Ik ging weer terug naar mijn bank en tot mijn stomme verbazing zag ik ineens een muis in mijn huiskamer lopen. Dat had ik mijn hele leven nog niet meegemaakt. Ik ken een muis alleen van plaatjes en van Mickey Mouse, en dan houdt het wel op. Ik begreep meteen hoe het kwam. In dit parkachtige landschap lopen vast ook veel muizen rond. Van poezenbezitters weet ik ook dat hun poezebeest af en toe met een dooie muis thuiskomt. Bij het regelmatig heen en weer lopen naar het huis van mijn buurvrouw heb ik regelmatig mijn deur open laten staan en daar had de muis blijkbaar dankbaar gebruik van gemaakt.

Wat nu? Ik ben dus op het internet gaan opzoeken wat men in zo’n geval moet doen. Bij gemeentelijke en professionele plaagdierenbestrijders, fabrikanten en leveranciers van muizenvallen, muizengif en andere hulpmiddelen. Er zitten allerlei nuances tussen de verschillende verhalen en methodes, maar over sommige zaken zijn ze het wel eens: muizen lopen in huis langs de plinten en als lokmiddel is pindakaas het beste, hoewel sommigen de voorkeur aan jam geven of zangvogelzaad. Of een combinatie.

Ik ben dus vervolgens de verschillende winkels afgegaan. Zowel Blokker als Action verkopen muizenvallen; Blokker verkoopt ook muizengif. Die muizenvallen zijn allebei van de soort: als de muis van het lekkers eet, klapt de val dicht en overlijdt de muis. Een verkoper raadde me de plaatselijke dierenwinkel aan. Die had inderdaad vallen in diverse soorten en maten waarbij de val dichtklapt, en de muis er niet meer uit kan, maar wel in leven blijft. Dan kun je hem weer buiten zetten.

Ik kocht een modern en licht plastic modelletje, om langs de plint te zetten en bij de super kocht ik pindakaas en zangvogelzaad.  Pas thuis realiseerde ik me dat ik ook nog kleine toastjes had moeten kopen om het lekkers op te smeren, want dan blijft de val schoon. Dus ik weer terug voor toastjes. Ik zet de gevulde val langs een plint. Als ik zit zie ik ineens twee muizen. En de muizen lopen allebei kris kras door de kamer, maar nooit langs een plint en ze komen dus ook niet in de buurt van de val. Na enige studie van het muizengedrag kom ik tot de conclusie: muizen lopen helemaal niet langs plinten. Muizen nemen altijd de kortste weg van de ene mogelijke schuilplaats (achter een kast of ander meubelstuk) naar de volgende schuilplaats. Met deze kennis gewapend zette ik de val vervolgens op een muizenlooproute. Maar bij terugkomst als ik weg was geweest, lag de muizenval op zijn kant, ondersteboven of opzij. De muizen hadden er dus wel mee gespeeld maar gingen er niet in. De ontwerper van dit modelletje is ervan uitgegaan dat muizen langs plinten lopen en dan staat het ding ook redelijk stevig. Maar zomaar ergens midden in de kamer blijkt hij toch te licht. Ik ging dus weer terug naar de winkel voor een robuuster model.

En ik kocht een val voor maximaal tien muizen, die als een blok op de grond staat. Ook begon ik de deuren van alle kamers steeds achter me te sluiten en eventuele kieren te dichten. Zo compartimenteer je de muizen, anders moet je in elke kamer een val zetten. Ook begon ik fanatiek te stofzuigen, na elke hapje of maaltijd die ik nam. Ook alle water- en vochtbronnen legde ik steeds droog. Elk druppeltje dat op aanrecht of vloer kwam, maakte ik steeds weer droog. Ook het vulbakje van cv-ketel en koffiezetter maakte ik leeg. Zo moedig ik de muis aan om toch vooral van het lekkers te snoepen dat ik speciaal voor hem heb neergezet.

De volgende avond zat ik rustig op de bank en zag ik plots drie muizen tegelijk lopen. Ik heb blijkbaar een hele familie binnengelaten. En warempel, op zekere dag zat er in de grote val een muis. Die muis heb ik dus meteen maar buitengezet. Nu waren er nog tenminste twee.

Weer enkele avonden later deed ik om half één het licht uit en draaide me om, toen ik ineens een geluid hoorde, gevolgd door licht ‘gerommel’. Ik had blijkbaar nog een muis gevangen. Ik bleef lekker liggen en wilde gaan slapen, maar ik bleef maar naar die geluiden luisteren.  Ik besloot toch maar op te staan, mijn ochtendjas aan te doen en die muis toch maar even weg te brengen. Tot mijn  verrassing zat de muis in het lichte modelletje muizenval. Muis weggebracht en ben weer gaan slapen.

De volgende morgen bekeek ik de lichte muizenval en zag ik dat de muis zichzelf al een flink eindje had bevrijd. Er zat al een gat in ter grootte van een dubbeltje. Nog even en hij was weer vrij geweest. Dus ik weer terug naar de winkel en ik kreeg mijn geld terug. Dat hadden zij nog nooit meegemaakt. Ik kocht wel weer een nieuwe val, eentje waar de muis niet uit kon ontsnappen.

Het duurde me allemaal te lang. Er moest nog tenminste één muis in mijn huis zijn. Ik moest een nieuwe strategie bedenken. Ik bedacht dat ik een spoor moest leggen met kaas. Een spoor van pindakaas, jam en/of vogelzaad op de vloer al dan niet op een stukje toast leek me niet zo’n goed idee. Dan worden de hapjes gewoon te groot en heeft de muis al zijn buikje rond voordat hij bij de val aangekomen was. En ik koos voor kleine stukjes kaas. Geen enkele ‘deskundige’ had dit aangeraden, maar de muizologen hadden wel meer zaken verkeerd gezien, dus waarom dit niet? Ik legde een heel klein stukje kaas op 7 centimeter voor de nieuwe kleine val, ook een even klein stukje meteen na de ingang van de val en tenslotte een groter stuk aan het eind. Als hij daaraan begon klapte de val dicht. Deze aanpak heb ik nergens gelezen, dus nu werd het spannend. Ik ben toch wel intelligenter dan een muis?

Nog geen uur na de installatie was de derde muis gevangen, met de nieuwe methode. Conclusie: muizen houden van kaas. Dat staat in elk kinderboek, maar alle ‘deskundigen’ vinden van niet en raden pindakaas of jam aan.

Nu dus wachten of ik nu nog een of meer muizen heb. En inderdaad liep er ineens toch nog een muis rond. Het waren er dus tenminste vier geweest. Ik koos uiteraard voor dezelfde aanpak, met een spoortje van kleine blokjes kaas tot in de val. En ook nu weer had ik binnen een etmaal ook de vierde muis gevangen en kon hem weer zijn vrijheid teruggeven.

Zou er ook nog een vijfde muis zijn? Het is inmiddels een week geleden dat ik de vierde ongewenste vreemdeling heb uitgezet en ik heb nog geen vijfde muis gezien, noch heb ik nog ergens sporen, zoals muizenkeutels waargenomen.  Het muizenprobleem heb ik opgelost. Maar eerst moest ik door een woud van deskundigen heen, die elkaar allemaal napraten over waar muizen lopen en wat ze lekker vinden. En zelf de methode moeten bedenken en uitvoeren, die ik nergens gelezen heb.

Zondag 26 mei 2019.

Het afgelopen etmaal had ik weer eens een programma dat ik qua tijden en plaatsen goed in de gaten moest houden. Dat kwam vooral ook omdat ik naar plaatsen moest waar ik maar zelden kom. Bijvoorbeeld naar enkele adressen in Paterswolde. Door al dat geplan en gereken, schoot deze blog er weer een keertje bij in. Ik ging onder andere naar de 70e verjaardag van een buurvrouw. Dat ze het in Paterswolde vierde kwam omdat ze niet meer zo goed ter been is en alle zorgen zo haar uit handen konden worden genomen. Met zelfgemaakte muziek en zang. Toe maar. Ze wilde plantjes voor haar verjaardag en dus moest ik ook naar een plantenwinkel. Ik koos er één vlakbij de verjaardagsplek, want dan hoefde ik niet zoveel te sjouwen. Ik heb ook  nog eens geen verstand van planten en bloemen, dus wat moest ik nou kopen? Het is met mij nog niet zo erg als met mijn broer: van hem is de uitspraak: “Ik heb geen verstand van bloemen. Het enige dat ik van bloemen weet, is dat je het gekleurde eind boven moet houden.” Mijn bloemenniveau is maar heel weinig beter. Het werd een clematis. Mooi in bloei. Eenmaal in Paterswolde realiseerde ik me ook ineens dat ik niets voor de avond uit de vriezer had gelegd. Dus dat betekende dus ook nog dat ik even verse waar moest halen in de plaatselijke super. Morgen een verhaal over muizen. Ook interessant.

Vrijdag 24 mei 2019.

Gisteren dus weer een lange reisdag. Eerst naar Leiden waar mijn zieke broer in het ziekenhuis ligt. Hij is duidelijk aan het herstellen, maar er blijven bij mij ook vraagtekens, vooral als het over de prognose gaat. Ik heb werkelijk geen flauw idee. En hijzelf overigens ook niet.

Daarna de reis aangevat naar Leusden, waar ik weer eens op bezoek ging bij mijn achterneef Piet. Het was er zoals vanouds gezellig. Daarna weer terug naar huis, alwaar ik om even over half twaalf weer aankwam.

Alle treinen reden stipt op tijd, totdat we op de thuisreis vlak voor Zwolle waren. Toen kwam de trein in serieuze vertraging terecht. In de trein werd omgeroepen dat we moesten wachten in verband met meerdere vertraagde andere treinen. Met klemtoon op meerdere. Het werd zelfs twee keer achter elkaar met dezelfde klemtoon omgeroepen. In de app kon ik overigens niet vinden welke treinen er dan te Zwolle vertraagd zouden zijn. Met pakweg een kwartier vertraging reden we Zwolle in. De stoptrein naar Groningen was dus ook vertraagd en vertrok 11 minuten te laat uit Zwolle. De tegenwoordige nieuwe stoptrienen op dit traject zijn sneller dan hun voorgangers en zo kon de trein enige verloren tijd inhalen. Ik was zes minuten later thuis. Dus het viel uiteindelijk toch mee.

Ik reisde de hele dag 1e klasse. De nieuwe stoptreinen zijn onder andere voorzien van camera’s. Bij elkaar misschien wel enkele tientallen camera’s per treinstel. De 1e klasse-coupe ligt pal achter de cabine van de machinist. De deur naar die cabines is dan ook aan het einde van het  gangpad in de trein. Het viel me ineens op dat er ook in de 1e klasse-coupe uiteraard ook een camera aan het plafond hing, maar dat deze gericht was naar het overgangsbalkon naar de tweede klasse. Effect is dat er van de (mensen in de) 1e klasse-coupe dus geen beelden worden gemaakt. Wat zou daarvan de reden zijn? Worden in de 1e klasse geen calamiteiten verwacht die het opnemen waard zijn, omdat problemen altijd in de tweede klasse ontstaan? Ik kon het me niet voorstellen. Er moest dus een andere reden zijn. En ik denk hem gevonden te hebben. Als de camera gericht zou worden op de 1e klasse, komt uiteraard onvermijdelijk ook de deur in beeld, die naar de machinistencabine gaat. En dan wordt permanent opgenomen wie er daar naar binnen gaat, hoe lang die persoon daar blijft en wanneer deze weer in de trein verschijnt. En die registratie van bezigheden van treinpersoneel wordt door dat personeel niet op prijs gesteld. Uit veel ervaring in treinen weet ik dat sommige conducteurs het kennelijk heel gezellig vinden in de machinstencabine. Ik heb meegemaakt dat de trein door meerdere raddraaiers flink wel bevuild en een man er zijn behoefte in deed. De conducteur zat intussen gezellig bij de machinist en bleef daar ook zitten. Ze kwam er alleen maar af en toe uit om de trein bij elke halte ‘weg te fluiten’ en ging dan meteen weer de cabine van de machinist in.  Een zeer kordate Surinaamse passagiere, heeft vervolgens de raddraaiers bij een volgend station de trein uit geschreeuwd en geduwd. En ze deden dat ook nog. En de conducteur? Zij bleef gezellig bij de machinist zitten. Als er in die trein camera’ s hadden gezeten, dan waren de raddraaiers mooi in beeld gekomen, evenals de kordate dame die krachtig ingreep. En was meteen ook duidelijk waar de conducteur intussen was.  Dat eerste is wel de bedoeling, maar het laatste natuurlijk niet. Effect is wel dat de 1e klasse helemaal niets op beeld komt.

Donderdag 23 mei 2019.

Vandaag Europese verkiezingen. Pas zondag de uitslag, als alle landen hebben gestemd, meen ik. In veel opzichten zal deze verkiezing historisch blijken, maar ik weet nog niet in welke zin dan.

Gisteren dan sinds lange tijd weer de eerste overlegvergadering met onze verhuurder, of althans diens gemachtigden. De sfeer was best goed, maar na afloop werd me pas duidelijk: men wil overal over praten, zolang het maar geen geld kost. En dat kan voor de bewoners onmogelijk het uitgangspunt zijn. We moeten het er natuurlijk in onze club nog over hebben, maar dat zal voorlopig wel mijn insteek zijn. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Woensdag 22 mei 2019.

Het is weer een wat rustiger periode, hoewel er toch ook weer de nodige reizen en bijeenkomsten op het programma staan. Voorlopig vraag ik me alleen nog maar af hoe lang ik dit ga volhouden. Niet dat ik me nu zo zwak of voortdurend erg vermoeid vind, dat helemaal niet. Ik slaap ook goed. Maar eens komt uiteraard de dag dat ik ga opzien tegen een volgende drukke dag. Ik heb uiteraard ook het eeuwige leven niet. Maar dat is voorlopig nog totaal niet aan de orde, dus ik ga gewoon vrolijk verder. Ik heb wel het idee dat ik op steeds meer fronten achter ga lopen. Met het verder opschonen van deze website bijvoorbeeld. Of met mijn genealogische hobby.

Dinsdag 21 mei 2019.

De eerste van een rijtje vergadering was dus gisteravond in Winterswijk. Ieder speelde zijn of haar partijtje mee, en aan het eind was ik zeker niet ontevreden. Als het zo verder gaat wordt het een succesvolle tijd, maar het is uiteraard nog te vroeg om dat nu al vast te stellen.

Op de terugweg per auto moest ik een groot stuk van meer dan 100 kilometer over tweebaanswegen terug in het stikdonker. De gebruikelijke reflex is dan, als je zonder dat je een tegenligger ziet, of er iemand voor je rijdt, je groot licht voert en zodra je iemand aan ziet komen, of er iemand voor je rijdt dat je dimlicht voert. Tot mijn verbazing bleek deze auto, een SEAT Leon, (zeg dus maar Volkswagen), dat helemaal zelf te regelen. Het licht ging naar groot zonder tegen- of voorliggers en ging meteen weer naar dimlicht als er een tegenligger aankwam of er een voorligger kwam. Weer een techniek die ik van de moderne auto’s niet kende. Goede kans dat dit al veel langer bestaat, maar dat dat komt wellicht ook omdat ik niet meer zo vaak lange afstanden in het donker rijd.

Maandag 20 mei 2019.

Het was weer een druk etmaal. De klus waar ik wekenlang het meest tegenop heb gezien, het wegbrengen naar de groot-afvalpost van het oude tweepersoonsmatras, waar ik geen enkele grip op kon krijgen. Het had me heel veel moeite en tijd gekost om die matras van mijn slaapkamer in de berging te krijgen. De volgende stap was dan van de berging in een auto. Het was al zo lastig toen ik vrij veel ruimte had, maar een auto is natuurlijk nog eens een stuk krapper. En het is gelukt. Ik moest het natuurlijk wel doen, omdat ik met het leggen van het nieuwe vloerkleed nu eenmaal veel bergruimte nodig heb om alle spullen tijdelijk in op the bergen. Dat enorme matras was dan natuurlijk een even enorme sta-in-de-weg. Ik weet ook al wanneer ik de ombouw van het oude bed ga wegbrengen, ergens volgende week, en dan heb ik in de berging plots een zee van ruimte. Verder moest ik me goed voorbereiden op de extra vergaderingen van de komende dagen. Die toch ook voor mij apart zullen zijn. Ik heb er veel vertrouwen in dat het helemaal goed komt. Al hoeft er maar één persoon die flink dwars gaat liggen, want dan kan het toch nog verkeerd aflopen. We hopen er het beste van.

Zondag 19 mei 2019.

Blijkbaar heb ik gisteren geen blog gemaakt, of verzuimd hem op te slaan. Er is in elke geval niets erg spannends gebeurd, dus de lezer heeft niet veel gemist. Nederland heeft intussen het Eurosongfestival gewonnen en ik heb daarna toch maar even naar dat liedje geluisterd. En ik moet zeggen dat ik – bij uitzondering – het een keer met Johan Derksen eens ben: dit is absoluut geen topliedje. Wat zeker wel een verdienste is, is dat het zo sober is. Met slechts de zanger achter een piano en wat vage lichteffecten en met een verlichte bol die zwerft. Geen danseressen en dansers in opzichtige kledij of allerlei visuele en akoestieke rimram en poeha, geen geschreeuw of achtergrondkoortje(s). Dat waardeer ik wel. Maar het liedje zelf: magertjes.

Intussen ben ik begonnen met het creëren van meer kastruimte in mijn huis. Die zal ik toch moeten hebben, om alle spullen uit vooral de woonkamer in kwijt te kunnen, tegen de tijd dat – in de loop van juni – de stoffeerder komt voor mijn nieuwe vloerbedekking. Ook de berging moet ik verder nog leegmaken, zodat ook daar ruimte ontstaat om spullen neer te kunnen zetten.

Vrijdag 17 mei 2019.

Met mijn broer gaat het langzaam maar zeker toch wel wat beter. Al was het maar dat hij steeds minder slaapt dan vanaf de start. Het is toch wat dat zijn beide broers en één van zijn beide kinderen zo ver weg wonen. Dan ga je er niet zo makkelijk naartoe. Dan moet je, of in elk geval ik, een hele dag uittrekken voor een bezoekje van maximaal drie kwartier. Als dan de enige naaste die vrij dichtbij woont, een kind, ook nog eens vrij lang voor haar werk naar het buitenland moet, dan heb ik toch geen andere keus dan dat ik in die tijd toch maar een dag ga uittrekken. Anders zou hij enkele weken mogelijk geen enkel bezoek ontvangen. Ik ken overigens zijn overige relaties niet, dus eigenlijk weet ik het ook niet precies. Maar toch.  Ik ga ervan uit dat de anderen daar ook extra moeite voor willen en zullen gaan doen. En ook dan wil ik het graag combineren met een bezoek aan iemand anders in de buurt of onderweg. Dus dat moet dan ook nog eerst geregeld worden. Ouder worden gaat gepaard met ongemakken, zegt men. Ik heb daar zelf nog helemaal geen last van, denk ik, maar je omgeving wordt uiteraard ook ouder.

Behalve dat het gisteren weer nootjesdag was en alles verder zijn gangetje ging en de komende week weer een erg drukke week lijkt te gaan worden, heb ik op dit moment niet zoveel te melden.

Donderdag 16 mei 2019.

Het wordt helaas echt pas in de loop van de maand juni dat het nieuwe tapijt wordt gelegd. Dat hangt nog af van de leverancier van het tapijt, van de drukte bij de stoffeerder en van mijn agenda. Ik heb hulp aangeboden gekregen, die uiteraard heel erg welkom is, maar deze moet natuurlijk ook beschikbaar zijn. Dit is toch wel zo’n beetje mijn noodlot: het voortdurend weer aan elkaar moeten breien van meerdere agenda’s. Ik heb ook altijd veel bewondering gehad (en nog steeds) voor al die secretaresses (vrijwel allemaal vrouwen), wier dagelijkse werk onder andere is afspraken voor hun baas te maken, vooral ook als het met meerdere mensen tegelijk is. Veel van deze bazen, de grote meerderheid zelfs, is volgens mijn ervaring ook niet bereid iets te verzetten, ook niet als de reeds bestaande afspraak gemakkelijk een uur of zo kan worden opgeschoven.  Dat is vooral wenselijk als er een afspraak moeten komen met meerdere mensen. Hoe groter het aantal deelnemers, hoe groter het probleem ook. En als dan met veel moeite de afspraak er gekomen is, dan is er altijd wel een deelnemer die achteraf bezien toch echt verhinderd is, en dan gaat het hele ritueel weer van voren af aan. Hetzelfde verschijnsel heb ik nu dus ook, vooral met onze bewonerscommissie, maar dan uiteraard veel minder frequent. En nu dus met het leggen van het tapijt.

Woensdag 15 mei 2019.

Nog een keer een bezoek aan de tapijtenwinkel en de knoop doorgehakt: de plaatselijke tapijtenwinkel krijgt de opdracht. Dan komt nu dus pas het echte werk: alles dat opnieuw bekleed moet worden moet van de vloer. En ik heb maar een klein huisje. Bovendien moet alle oude vloerbedekking gesloopt worden en naar het groot vuil gebracht. Ik ben dus in de komende weken weer van de straat.

En ik heb ook nog allerlei plannen voor bezoeken in het land. Dat moet ik er tussendoor plannen. Met een beetje goede wil heb ik morgen of meteen daarna de data waar ik alles omheen zal moeten gaan organiseren.

Dinsdag 14 mei 2019.

Gisteren toch nog maar een keer naar de tapijtenboer gegaan. Dit was dan mijn zesde bezoek aan vijf winkels, en opnieuw heb ik weer dingen over tapijten geleerd die ik bij de eerste vijf bezoeken nog niet had meegekregen. De afstand is bij dit soort handel natuurlijk ook groot, want de handelaar met zijn ervaring weet natuurlijk altijd veel meer dan de klant of dan ik. Er moet nog een zevende bezoek plaats vinden, en ik hoop toch echt dat dat voorlopig het laatste zal zijn. Met mijn vorige vloerbedekking, die van eind 1991 of begin 1992 moet zijn, heb ik nu toch wel ruim 27 jaar gedaan. En als ik naar zijn huidige staat kijk, is dat toch echt wel een aantal jaren te lang. Als ik met de volgende vloerbedekking opnieuw ruim 27 jaar doe ben ik ongeveer 100. Aangezien ik zeker 100 wil worden, zit het er toch nog in dat ik tenminste één keer deze operatie nog een keer zal moeten herhalen. Tenzij ik natuurlijk op een dag besluit om elders, in één of ander tehuis, te gaan wonen. Dan zorgen anderen voor mij en mijn vloerbedekking. De tijd zal het leren.

Maandag 13 mei 2019.

De Giro d’Italia is weer begonnen en dus zal ik ’s middags wel vaker aan de buis zitten. Al blijf ik er niet voor thuis. Zaterdag, met de openingstijdrit, werd door de deskundigen van Eurosport, waaronder ex-profwielrenner Karsten Kroon, al vooruitgeblikt naar de etappe van zondag. Er zaten zondag klimmetjes van de derde en vierde categorie in de etappe, dus het zou – aldus kenner Kroon – geen etappe voor de sprinters worden, waar na een ontsnapping het hele pak op de finish afstormt, maar juist een heel spannende etappe, met veel gebeurtenissen en winst voor een ontsnapte. Nu kijk ik wel vaker naar wielrenetappes in grote rondes, maar in mijn herinnering is een etappe met ‘alleen maar’ colletjes van de 3e en 4e categorie,  nooit spannend. Zo’n etappe eindigt in mijn herinnering altijd in een massasprint. Dus wat er nou zo bijzonder zou zijn aan deze etappe kon ik maar niet snappen. De kenner zal het wel beter weten dan deze superleek, dus ik besloot toch maar te gaan kijken. En het ontwikkelde zich precies zoals ik zelf verwacht had: een groep ontsnapt aan het begin, welke groep kort voor het einde wordt ingehaald door het peloton, met als slotstuk een massasprint.

Het is de zoveelste keer dat ik als superleek in een vakgebied, het blijkbaar soms toch beter snap dan de vakman met jarenlange ervaring. Daar wordt ik dan knap eigenwijs van. Vandaar.

Zondag 12 mei 2019.

Moederdag. Ik heb al een jaar of twintig geen moeder meer, maar ook toen ze nog leefde hebben we, als mijn geheugen me niet bedriegt, deze dag nooit gevierd. Dat kwam vooral omdat mijn moeder niet van dit soort ‘poespas’ hield. En de broers er zelf ook nooit een aanvechting voor kregen. Ook waren mijn kinderen nog te klein, de oudste was 5 toen hun ouders uit elkaar gingen, om er zelf bewust mee bezig te gaan. Dus daar hebben we het, in mijn herinnering, ook nooit gevierd. Dus ik kijk naar het vieren van deze dag door anderen altijd een beetje meewarig: heb ik nou wat gemist, of ben ik ook hier ontsnapt uit de commerciële klauwen van al die bedrijven? Ik heb op deze dag ook nooit iets gekocht dat ik op een andere dag ook niet gekocht zou hebben.

Misschien heeft dat dus wel geholpen, om mijn houding te ontwikkelen, dat ik producten in de winkel laat liggen, als ik ze van reclame herken. Ik koop alleen maar dingen waarvoor geen, radio- tv- of internetreclame is gemaakt. Hele volksstammen denken dat als ze een product van de tv herkennen, dat het dan een goed product moet zijn. De reclame heeft er zelfs een woord voor bedacht: dat is een A-merk. Dan is het goed. Niet voor mij dus.

Maar zelfs op deze regel heb ik een uitzondering en misschien ook wel meer. Die uitzondering die ik heel bewust maak is voor Duracell batterijen. Daar wordt regelmatig reclame voor gemaakt in de zin dat ze zoveel langer mee zouden gaan. Dat heb ik verschillende malen getest: de levensduur van de goedkoopste batterij vergeleken met een Duracell batterij. En inderdaad gaan die laatste veel langer mee. Dat heeft ook met met mijn luiheid te maken: ik heb gewoon geen zin om voortdurend batterijen te moeten wisselen, in muis, keyboard, rookmelders, co-melder, wekkers, afstandsbedieningen en nog wat van dit soort zaken. Ook al betaal ik voor dit gemak dan wel de hoofdprijs.

Zaterdag 11 mei 2019.

De afstemming tussen Jumbo en AH is niet of niet meer perfect. Bij Albert Heijn waren de kleine potjes mosselen (nog) niet terug. Wel hebben ze er bij de visafdeling vrij kleine bakjes met mosselen verpakt in een plastic bakje, afgedekt met doorzichtige folie. Dat is niet alleen ongeveer het dubbele van wat er in het potje zat en zit, maar ook milieuonvriendelijker. Dat is nog tot daar aan toe, maar in die zogenaamde verse producten bij de super, zowel Jumbo als AH en ongetwijfeld ook andere supers, zitten (veel) meer chemicaliën dan in hetzelfde product in een potje of in de diepvries. Dat komt uiteraard, omdat het ‘verse’ product, dat gekoeld wordt aangeboden, sneller bederft dan als het in een potje zit of in de diepvries bewaard wordt. Dus die plastic bakjes met mosseltjes kunnen voor mij niet de mosseltjes in potjes vervangen: er zitten mij teveel conserveringsmiddelen in. En dat geldt voor alle producten, dus bijvoorbeeld ook voor verse kroketten of loempia’s vergeleken met kroketten of loempia’s uit de diepvries. De gekoelde hebben veel meer chemicaliën, vooral dan conserveringsmiddelen. Ik heb mijn voedsel liever zonder de ‘gratis’ extra chemicaliën.

Vrijdag 10 mei 2019.

Het was een tamme dag, waarover niet veel te melden valt. Wel viel me op dat ik dit jaar voor het eerst me veel bewuster ben van de diverse periodes waarin producten te verkrijgen zijn. In de komende zes weken of zo verwacht ik bij onze ‘verse’ groenteman, toch de komst van verse kapucijners en doperwten en van bijvoorbeeld aalbessen. Die wil ik absoluut niet missen, waardoor ik toch iets vaker daar zal gaan verschijnen. Dit soort vragen stelde ik me tot en met vorig jaar niet. Ik merkte het wel een keer als het in de winkel lag.

Verder zijn tot mijn vreugde weer de kleine potjes met mosselen in het zuur te koop. Een jaar of twee jaar geleden nam ik die zo ongeveer elke dag. Het is klein (misschien twintig mosseltjes of zo) overheerlijk en gezond. Er zit geen vet of koolhydraten (o.a. suikers)en geen chemische hulpmiddelen in en het is dus ook goed voor de lijn. Het was mijn dagelijkse snackje. Totdat als eerste Jumbo besloot die kleine potjes te vervangen door grote glazen potten, vrijwel meteen gevolgd door Albert Heijn, die hetzelfde deed. Zo’n grote pot met mosselen daar zit misschien wel een pond in, en die eet ik niet als hapje weg. Dat moet dan in vijf porties of zo, maar ik weet niet of je een geopende pot zo lang goed kunt houden in de koelkast, zeker niet als je in een periode van vijf dagen ook nog eens één of meer dagen weg bent. Dat is mij te riskant, dus weg waren mijn dagelijkse snackjes. Maar bij de Jumbo stonden ze gisteren ineens weer: de kleine potjes mosselen. Ik heb er meteen twee gekocht. Ben wel benieuwd of Albert Heijn  ze nu ook weer heeft.

Donderdag 9 mei 2019.

Inderdaad kreeg ik alle stukken op tijd de deur uit, dus nu is het weer een periode van afwachten.

Ook ben ik, zoals ik me had voorgenomen, naar de plaatselijke tapijtenwinkel gegaan en heb mij daar ook laten voorlichten. Ook zij hadden veel voordeliger aanbiedingen dan de Eeldese firma. Achteraf bezien is de winkel in Eelde meteen voor de hoofdprijs gegaan, zonder naar alternatieven te kijken, viel de keuzemogelijkheid in Nijkerk erg tegen, net zoals bij de firma Barletta. Blijven nu dus over: Carpetright en de plaatselijke winkel. De eerste met de enorme keuzemogelijkheid, de tweede met minder keuze maar ook met voordeligere varianten. Misschien moet ik ze allebei nog een keer bezoeken.

Woensdag 8 mei 2019.

Al gisteravond kreeg ik het commentaar op aangeleverde concept-stukken voor de overlegvergadering en dat betekent dat ik precies op de gewenste dag, vandaag dus, de definitieve stukken kan aanleveren. Als die straks weg zijn ben ik van deze zorgen weer een tijdje af. Er komen ongetwijfeld weer nieuwe taken en dus zorgen achteraan, maar dat zien we dan later wel weer.

Gisteren bezocht ik Carpetright in Groningen. Na mijn bezoek aan Nijkerk bij een tapijttegelspecialist, gespecialiseerd in hoogpolige tapijtegels die er maximaal acht verschillende had, vervolgens aan Barletta in Groningen die ook zoveel hoogpolige tapijttegels zou hebben en ook verder meer keus, maar die toch ook wat tegenviel, een kleinere winkel in Eelde, waar ik voor het eerst ging twijfelen of ik wel tapijttegels wilde of toch niet liever een vast tapijt, was dit dus mijn vierde winkel. Het in Eelde gepresenteerde vaste tapijt was wel fantastisch mooi, maar ook ontzettend duur. Bij Carpetright was ik verbaasd over de enorme keus die ze daar hadden. Opnieuw niet in hoogpolige tegels, want dat waren er ook hier slechts enkele en opnieuw van Heuga, maar wel in de enorme keus in vaste vloerbedekking. Zowel in kleuren, soorten, poolhoogtes als prijzen.

Nu wil ik alleen nog in een plaatselijke kleinere winkel kijken, en dan wil ik een knoop gaan doorhakken. Naar de stand van nu zal dat wel Carpetright gaan worden. Maar eerst krijgt een buurtwinkel ook nog een eerlijke kans. Het heeft ook een voordeel om vlakbij te blijven.

Dinsdag 7 mei 2019.

Gisteren is het dan eindelijk gelukt om het hele jaar 2017 op deze website, samenvatting van de blogs van dat jaar, plus gegevens die ik nog niet eerder kon vermelden, op één pagina te krijgen. Daarmee konden de overgebleven delen van 2017 van deze website worden verwijderd.

Inmiddels ben ik hiermee ook al met het jaar 2018 begonnen. Dat wordt een project van maanden, want het is een hoop werk. In principe elke dag enkele dagen samenvatten en overbrengen.

Voor 2019 ben ik al vanaf de start van het jaar op dezelfde wijze bezig. Oudere bijdragen op deze blogpagina breng ik regelmatig in samenvatting over naar de pagina ‘Het jaar 2019’, zodat ik na het ‘ombouwen’ van 2018 meteen actueel klaar ben. Dat heeft vooral ook als reden dat deze pagina nooit te lang kan worden. Bovendien wordt deze website dan overzichtelijk: elk jaar vanaf  2015  krijgt een eigen pagina. Enkele jaren daarvoor zijn het nog twee jaar per pagina en daarvoor grotere periodes.

Maandag 6 mei 2019.

Telkens verbaas ik me er toch weer over dat een jonger en universitair afgestudeerd persoon, die ik anderhalf jaar geleden nog van (ongevraagd) advies diende voor haar loopbaan, nu ook terecht lijkt te gaan komen, op de door mij anderhalf jaar geleden al voorspelde plek.   Mijn (bijna) standaardprogramma voor een starter aan een loopbaan in een grotere organisatie, zeker op hoger niveau, is steeds: gewoon goed je werk doen, altijd op tijd zijn, nooit te beroerd zijn om eens iets extra’s te doen en er net een klein tikje netter uitzien dan je collega’s. Dan doet de natuur zijn werk. Binnen twee jaar zit je dan op een zwaardere baan. Ik heb het al zo vaak zien gebeuren dat het voor mij een wetmatigheid is. En dat bleek gisteren nog een keer. De genoemde persoon is al na anderhalf jaar benaderd voor een zwaardere baan. Jammer dat zoveel mensen, en vooral veel vrouwen, zo onzeker zijn over zichzelf. Nu moet je natuurlijk ook doorpakken.

Als de natuur na twee jaar zijn werk nog niet heeft gedaan, dan moeten we de natuur een handje helpen. Maar dat is tot nu toe niet nodig geweest.

Een plots vond ik dan een mij onbekend gedichtje van Kees Stip, van wie ik zo ontzettend veel dierengedichtjes uit mijn hoofd ken. Maar deze kende ik toch nog niet, hoewel hij al uit 1966 stamt. Afkomstig uit het boekje Peperbek. Ik moet dus dat boekje nog op de kop zien te tikken, want er zullen nog veel meer mij onbekende gedichtjes in staan. Daar gaat ie dan:

Twee slakken waren al sinds jaren

Op weg van Groningen naar Haren.

Ten slotte kwam geheel ontdaan

de oudste aan het eindpunt aan.

Hij slikte en sprak diep bewogen:

‘Mijn broer is uit de bocht gevlogen.’

Zondag 5 mei 2019.

Voor een buurvrouw in hetzelfde blokje, ze is inmiddels al ruim boven de 90 jaar, hang ik altijd op elke dag die zij wil de vlag uit. Meestal beperkt het zich tot Konings- of Koninginnedag (dan met oranje wimpel uiteraard) en dodenherdenking (4 mei, vlag zonder wimpel, halfstok, van 18.00 uur tot zonsondergang) en bevrijdingsdag: vlag in top, zonder wimpel. Voor mij hoeft het allemaal niet, maar ik doe graag een ander een plezier. Dit jaar lukte het niet op Koningsdag, omdat zij toen nog in een tehuis aan het aansterken was en ik dus niet bij haar vlag kon komen. Ze was inmiddels dezer dagen weer thuisgekomen, en ik heb erg mijn best gedaan haar en haar bezoekers (als ik ze zag) eraan te herinneren dat ik graag voor 4 en 5 mei haar vlag wilde hebben om op te kunnen hangen. Er gebeurde echter niets. Jammer dan, maar het heeft niet aan mij gelegen dat haar vlag niet hangt. Tegen zeven uur belde ze me op: of ik haar vlag was vergeten? Nee, helemaal niet, maar ik heb geen vlag gekregen. Die staat toch op de gebruikelijke plaats op de trap? Nee, daar heb ik hem niet gezien. Maar ik zal nog even met de telefoon in de hand gaan kijken: en enkele seconden later: nee hoor, hij staat er echt niet. Allerlei suggesties van haar volgde ik op, maar hij was ook op een aantal andere mogelijke plekken niet te vinden. En toen ik het al wilde opgeven, zag ik de vlag ineens: hij stond bij een andere buurvrouw voor de deur, grotendeels uit het zicht, achter een geparkeerde scooter. Het was toch een klein wondertje dat ik hem daar heb gevonden, want vanuit mijn huis was hij zo niet te zien. Hoe hij daar gekomen is weet ik niet, maar ik kon hem nog mooi op tijd voor de dodenherdenking op zijn oude plekje plaatsen. Halfstok natuurlijk. Paniek voorbij. Hoeveel jaren dit ritueel nog zal doorgaan? Ik heb geen flauw idee en ik gun haar natuurlijk nog vele jaren, maar heel erg veel jaren zullen het toch ook niet meer zijn.

Zaterdag 4 mei 2019.

Begin april vorig jaar heb ik vijf planten gekocht. Dat deed ik in een opwelling na het lezen van een artikel over wat Amerikaanse ruimtereizigers naar het International Space Station aan planten meenemen. Dat doen ze niet om de huiselijkheid van die ruimtecabine te verbeteren, maar vanwege de luchtzuiverende werking die bepaalde planten hebben. Met een zo zwaar geïsoleerd huis als ik inmiddels had, leek het me geen slecht idee om toch ook maar eens enkele planten van de genoemde soorten neer te zetten. Nu heb ik geen goed verleden als het gaat om het verzorgen van planten. Ze hebben bij mij altijd een mismoedig bestaan gehad, maar dat kwam natuurlijk omdat ik nooit precies wist hoeveel water en andere verzorging die wezens moesten hebben. Ik heb – als exacteling – natuurlijk behoefte aan een concreet voorschrift: zoveel milliliter water per dag of andere tijdseenheid. Als ik dat had geweten hadden ze dat precies gekregen. Maar zo’n gebruiksaanwijzing zit er nooit bij een plant als je die koopt. Dat was dus vorig jaar precies het risico. De verkoper zei op mijn vraag terzake: één keer per week een slokje. Bij heel warm weer iets meer. En hij deed me voor hoeveel een slokje was. Door het gebruik van het woord ‘slokje’ en het voordoen werd me meteen duidelijk dat ik altijd mijn planten veel te veel water heb gegeven. Ik heb ze verdronken. Waarom zou ik niet gul zijn voor een plant als ik me wat meer water gemakkelijk kan veroorloven?

Ik heb me vervolgens vrij strikt aan het wekelijkse ‘slokje’ gehouden. En na dertien maanden moet ik toch zeggen: ze staan er alle vijf bijzonder florissant bij. Beter zelfs dan ze in de winkel hebben gestaan. Sommige heb ik zelfs al een keer verpot, omdat ze te groot voor de pot werden. De grond is steeds bijkans een week lang gortdroog en dat was vroeger dan steevast reden om ze wat extra water te geven. Ik durf zelfs inmiddels te zeggen: ik heb na 72 jaar eindelijk geleerd hoe je een plant moet verzorgen.

Vrijdag 3 mei 2019.

Dat was dus gisteren weer een reisdagje. Eerst naar broer Arie in het LUMC. Hij had nog veel pijn, herkende me meteen en was ook goed aanspreekbaar. Ik geloof dat hij mijn komst wel op prijs heeft gesteld. Ik had perfect het bezoekuur te pakken: van 14.15 tot 15.00 uur.  Enkele minuten over drie vertrok ik weer, braaf als ik ben. In de trein kreeg ik een appje van neef Michiel, dat hij me net had gemist, want blijkbaar was hij direct na mijn  vertrek pas aangekomen, dankzij verkeersproblemen. Een kans om hem weer eens te zien, na vele jaren, ging zo voorbij. Het was van beiden zeker geen opzet. Er komt vast nog wel een nieuwe kans.

Daarna doorgereisd naar goede vriend Gerard in Scheveningen. Wij hebben altijd veel gespreksstof, dus dat kwam ook deze keer weer goed. Een goede maaltijd sloot mijn bezoekje af. Ik kreeg een boekje mee (Succesvol Binnenhalen van Toptalent.’ van Dietz en Beelen, 126 bladzijden), dat ik op de terugweg van Den Haag naar Groningen heb uitgelezen.  Hoewel er zeker wel enkele behartigenswaardige zaken in staan, viel het me verder enorm tegen.

Dik na middernacht was ik weer thuis en kroop ik onder de wol, hoewel er geen wol aan te pas kwam.

Donderdag 2 mei 2019.

Dit voorjaar moet en zal ik vooruitgang gaan boeken bij het updaten van mijn genealogische gegevens, zowel op deze website als op MyHeritage. En liefst ook nog in combinatie met één of meer bezoeken aan regionale archieven. Vooral ook om nog wat meer ‘behang’ te krijgen rondom alle gortdroge gegevens. Dat is een strak voornemen en daaraan ga ik dus de komende dagen en vooral ook het komende weekend werken.

Vanmorgen werd ik wakker met een filosofisch probleem. Mogelijk dat ik daar ook over gedroomd had, vlak voordat ik wakker werd. Dat is: hoe belangrijk nou (naaste) familie voor een mensenleven is. Ik heb zelf mijn vader en mijn familie van vaderskant niet of nauwelijks gekend, dankzij de levenshouding van mijn moeder, maar ik heb geen idee wat ik daaraan nou gemist heb. Je weet immers niet wat je niet weet. Ik heb voor mijn gevoel, na een heel moeilijke aanloopperiode tot aan mijn twaalfde, en ondanks dat ik helaas een aantal keren tegen erg foute mensen ben aangelopen, toch het gevoel dat ik een nuttig en eerlijk leven heb gehad en, juist omdat ik van die slechte ervaringen heb geleerd, ook voorlopig nog zal blijven hebben. Ik ben niet rijk geworden, vooral ook omdat ik dat zelf ook nooit heb nagestreefd, maar mij ontbreekt ook niet iets wat ik dolgraag zou willen hebben, maar niet kan krijgen of kopen. Zou het nou zoveel anders (en vooral ook zoveel beter) zijn gegaan als ik wel met mijn vader en zijn verdere familie om zou zijn gegaan? Het had waarschijnlijk wel geholpen om (eerder) te kunnen vaststellen wie ik nou eigenlijk was.

Als ik om me heen kijk zie ik dat het beeld bij anderen erg wisselend is. Ik heb zeker drie goede vrienden die (vrijwel) compleet hebben gebroken met zo ongeveer al hun familieleden en toch – zo op het oog althans – een heel compleet en succesvol leven hebben gehad en nog steeds hebben.

Ik ken weer anderen die juist wel een sterke familieband hebben met familie van zowel vaders- als moederskant, en daar nu juist zo gelukkig mee zijn.

Ik heb zelf een soort mengvorm getroffen, niet nagestreefd dus, waarbij ik met ongeveer de helft van mijn familie goed en regelmatig omga, maar voor de andere helft de mensen niet of nauwelijks ken. Ik ben dan wel zo eigenwijs en zelfbewust om tegen mezelf te zeggen, dat familieleden (en anderen) die met mij hebben gebroken daar vooral zelf het meeste nadeel van hebben gehad. Niet ik dus. Maar dit kan dus hoogmoed zijn. Ik ben goede contacten nooit uit de weg gegaan.

Woensdag 1 mei 2019.

Op twintig kijkers in april na, had ik weer een nieuw absoluut hoogtepunt van mijn 12maandelijks gemiddelde gehad. Dat haalden we dus net niet. Er waren in april 2019 470 bezoekers. Nu waren er in mei 2018 571 bezoekers, dus dit aantal zullen we in mei 2019 weer moeten halen en liever dus nog 20 meer, en daar heb ik toch een hard hoofd in. We wachten het af.

Gisteren ontdekte ik bij een volgende rondgang langs tapijtenwinkels, dat de goedkoopste Heugatapijttegel, een euro of vijf, en de duurste, tegen de 25 euro, wel een heel eind uit elkaar liggen. Dan komt mijn nieuwe vloerbedekking ineens van tegen de duizend euro op misschien wel vier of vijf keer zoveel. En niemand kon mij uitleggen waarom dat verschil zo gigantisch moest zijn. Als je het allerduurste vaste tapijt zou nemen ben je een heel stuk goedkoper uit dan met de allerduurste tegel. En dan is het duurste vaste tapijt ook nog eens een heel stuk mooier en hoogpoliger dan de duurste tegel. Prijs en kwaliteit ontlopen elkaar niet veel als je diezelfde vergelijking maakt met goedkopere tegels en idem tapijt. Mijn verwarring is compleet. Ik moet toch echt nog een winkel gaan proberen, voordat ik ga kiezen.

Ook het rituele opnemen van de meterstanden voor de gebruikte energie is weer gedaan. Dat deed ik om te kunnen vaststellen wat nu de isolatie van het huis heeft opgeleverd.  Ik kom tot de vaststelling dat het dieptepunt qua gasverbruik nu wel bereikt is en verder zal stabiliseren. Wel heb ik sinds enkele maanden bijna uitsluitend LED-verlichting in gebruik en dat merk je nog wel duidelijk aan het stroomverbruik dat ook de komende maanden nog wel zal blijven dalen. maar dat heeft dan niets meer met de isolatie te maken, maar met andere lampen.

Dinsdag 30 april 2019.

Maandenlang heb ik zitten aanhikken tegen het updaten van deze site, alsmede idem tegen mijn andere sites. Ik was er ook al door mijn hostingbedrijf voor gewaarschuwd en dat zij dat tegen betaling wel voor me wilde doen. Mijn probleem was steeds dat ik bij zeker twee van de vier websites, waaronder deze, geen back-ups meer kreeg. Die kreeg ik vanaf de start wel, maar in september 2018 heeft iemand die er aan heeft gesleuteld, dat uitgezet. Bij de ingrijpende update van het systeem die ik zo lang heb uitgesteld werd ervoor gewaarschuwd dat ik een back-up moest maken. Dus gistermiddag ben ik er toch maar eens voor gaan zitten, om van alle websites dagelijks een back-up te krijgen. Dat is veel kijken naar voorbeelden hoe dat moet en het goochelen met diverse instellingenpagina’s. En het lukte inderdaad na enkele uren (een echte deskundige had het in minder dan 5 minuten gedaan), van allemaal niet alleen een back-up te krijgen, maar ook het zo in te stellen dat dat dagelijks gebeurt en de laatste twee bewaard blijven. Vervolgens kon ik dan het hele systeem updaten. En  dat lukte allemaal wonderwel, zonder dat ik overigens een backup nodig had. Het is mogelijk dat daardoor de lay-out van deze pagina en alle andere pagina’s iets veranderd is. Maar het geeft een goed gevoel dat dat deze website technisch weer helemaal up-to-date en veilig is.

Maandag 29 april 2019.

Met Arie lijkt het al weer wat beter te gaan. Hij is bij kennis en communiceert, maar herinnert zich niets van wat er gebeurd is. Maar voorlopig blijft hij naar verwachting nog wel in het ziekenhuis. Al is dat uiteraard niet voorspelbaar.

Vanaf mijn schooltijd heb ik weerstand tegen boekhouden. Ik zat altijd flink aan te hikken tegen vakken als boekhouden en handelsrekenen. Ik mis gewoon het gen om dat interessant te vinden. Hetzelfde dat ik met het Frans heb, dat Zuid-Europese streektaaltje. Het zit hem bij boekhouden niet in de getallen, want ik ben wel een exacteling, met doorgaans (zeer) goede cijfers voor wiskunde, algebra en dat soort vakken. Het heeft ermee te maken dat de getallen links en rechts moeten kloppen. Voor mij hoeft dat niet of zo, vermoed ik. Zodra ik weer een stukje boekhouden onder mijn neus krijg voel ik de weerstand weer in me opkomen. Gisteren kreeg ik van de penningmeester van onze bewonersclub de jaarstukken over 2018 van deze heel kleine stichting met het verzoek om het even na te kijken.  En inderdaad klopten er dingen niet. Zoals het bij mij ook nooit helemaal klopte. Het gaat om verwaarloosbare bedragen. En ik heb dan de neiging om een verschil van enkele euro’s over een heel jaar gewoon maar bij te passen. Dan ben ik voor enkele euro’s van het hele gedoe af. Alternatief is dat ik – voor mijn gevoel – eindeloos staatjes moet optellen en aftrekken en gaan zoeken waar nou toch in hemelsnaam dat verschil vandaan komt. Na enkele uren gezwoeg haal ik het verschil er natuurlijk altijd wel uit, maar de moeite die ik daarvoor moet doen is onevenredig met de opbrengst.

Ik realiseerde me wel ineens dat het traditionele uithangen van de vlag, dat ik altijd voor een buurvrouw deed, dit jaar niet is gebeurd. Ze is zelf niet groot en sterk genoeg om die vlaggenmast op te tuigen. Voor mij is het een fluitje van een cent. En vermoedelijk zal dat vlaggenritueel ook de komende vlagdagen (bevrijdingsdag, dodenherdenking) ook niet gebeuren. Mijn buuf ligt namelijk nog te herstellen in een verzorgingstehuis en ik kan niet bij haar vlagartikelen en ik weet haar thuiskomdag niet. Er is zo alweer een traditie voorbij.

Zondag 28 april 2018.

Koningsdag is weer geheel geruisloos aan mij voorbij gegaan. Ik ben nooit een vierder van Konings- of Koninginnedag geweest. Het was een beetje druilerig weer. Ik heb niets met het Koningshuis, het onze of welk ander Koningshuis dan ook. Ik vind het idee raar dat je een baan kunt hebben die erfelijk is: alleen maar omdat je vader of moeder dezelfde baan had. Met alle respect voor mijn kinderen, maar geen van hen kan in mijn voetsporen staan en dat was ook nooit mijn of hun bedoeling. Die kinderen hebben of krijgen hun eigen verdiensten, waar ik dan weer niet aan kan tippen. Ik voel het meest voor een ceremoniële president. Volgens het Duitse of Italiaanse model. Eentje zonder enige macht, die staatsbanketten geeft bij buitenlandse bezoeken en de Minister-President beëdigt. Niet volgens het Amerikaanse of Franse model: een president met persoonlijke macht. Dat past totaal niet bij Nederland. Ik zal het vast niet meer meemaken.

Ik begreep gisteravond dat mijn oudste broer in zijn eigen huis een ernstige valpartij heeft gehad en hij inmiddels in het LUMC ligt met hoofdletsel. Het is nog te vroeg voor een prognose. Plots belde mijn neef, zijn zoon, Michiel me met het bericht. Dat had hij nooit eerder gedaan, of dan heel veel jaren geleden, dus mogelijk is het toch wel ernstig.

Het bericht maakte mij zo mogelijk nog vastberadener dan ik toch al was om alles in het werk te stellen om niet te vallen: niet in huis en ook niet buiten. In de eerste plaats door consequent steeds te blijven kijken waar ik mijn voeten neerzet. Geen automatische wandelingen, ook niet in huis. Elke stap zet ik bewust. In de tweede plaats door alle plekken in huis die mogelijk glad kunnen worden te vermijden. Tapijt vrijwel overal in huis is dan natuurlijk wel een uitkomst. Zelfs onder de douche op een superstroeve vloer, merk ik het meteen als zeepresten daar tot gevolg hebben dat ik het toch glad voel worden. Die vloer ga ik dus vaker schoonstomen. Geen salontafel waar je omheen kunt lopen, zoals sommigen me steeds aanraadden en aanraden. Als je om een tafel heen kunt lopen, dan wordt dat ook gedaan en daar zit ik dan met een gestrekt been. Het is vragen om problemen. Geen onverwachte bewegingen maken, ook niet als bijvoorbeeld de telefoon of de bel gaat of er onverwacht iets staat over te koken in de keuken.

Zaterdag 27 april 2019.

De eerste poging om nieuwe vloerbedekking te vinden leverde in elk geval op dat ik meer van dit soort bezoeken zal moeten gaan doen. Het was Nijkerk, best een leuk stadje overigens, waar ik nooit eerder was. Een flinke hal vol met eindeloze stapels tapijttegels. Een superspeciaalzaak. Bij de hoogpolige soorten bleef het assortiment beperkt tot 8 kleuren, waarvan er direct al vijf afvielen, wegens veel te donker. Ik kreeg van de drie overgeblevenen wel een staaltje mee, zodat ik ze later ook met andere tegels kan gaan vergelijken. Ik had in elk geval niet het idee dat dit het wel moest worden, zonder verder naar anderen te kijken. Merkwaardig trouwens dat deze winkel was gevestigd aan de Nijverheidsstraat, waar helemaal geen stoep is en slechts roze fietspadstroken aan beide zijden, waar ook de auto’s gebruik van moesten maken bij tegenliggers. Die winkel is in feite onbereikbaar voor voetgangers. Door voortdurend slalommen om geparkeerde (vracht)auto’s heen bleef de verblijfsduur op de autoweg beperkt. Maar fijn was anders.

Ook in Groningen is zo’n straat zonder stoep, waar ik eens bij de firma Staples professionele drukinkt moest kopen, omdat mijn printertje van toen dat nu eenmaal vroeg. Toen ik daar dus een keer op de weg liep werd ik aangehouden door een politiepatrouille. Wat ik aan het doen was, was de vraag. Mijn antwoord was: ik doe boodschappen, kijk maar, ik heb een lege boodschappentas bij me. En ik liet ze een blik werpen in de lege boodschappentas. Dat antwoord maakte me natuurlijk ernstig verdacht. Het is natuurlijk zeer verdacht als een persoon met een lege boodschappentas tussen winkels aan het lopen is. Dat kan natuurlijk niet, die voert iets in zijn schild. Het hemd werd me van het lijf gevraagd. Ik had uiteraard niets te verbergen, dus ze mochten alles van me zien. Bij het vragen naar mijn rijbewijs aarzelde ik toch even. Je hebt toch geen rijbewijs nodig op op straat te mogen lopen? Ik had dat natuurlijk kunnen weigeren en alleen mijn paspoort kunnen laten zien, maar ik besloot dat ik wel wilde meewerken. Een weigering zou de argwaan van de heren alleen maar nog groter gemaakt hebben. Na uitvoerig onderzoek in alle mogelijke registers, kwam men tot de conclusie dat ik door mocht lopen, zonder verdere aanklacht of bekeuring. De agent bood zelfs aan om mij even naar de gewenste winkel weg te brengen, omdat het lopen over de autoweg wel gevaarlijk was. Dat aanbod wilde ik wel aannemen, maar dan wilde ik wel op de plaats naast de bestuurder zitten, vanwege mijn been. Dat was de heren toch te gortig. En ze reden zonder verder iets te zeggen weg. Dus liep ik verder op de autoweg met lege boodschappentas op weg naar Staples. Ik kan het ook niet helpen dat de gemeente Groningen meent dat in sommige straten geen stoepen nodig zijn. En volgens mij mag je dan, als er ook verder geen bordjes of andere aanwijzingen staan, daar gewoon op lopen. Dat dat gevaarlijk is moet men maar aan de gemeente Groningen vertellen en mij daar niet mee lastig vallen. Maar in Nijkerk hebben ze dus ook zo’n straat: de Nijverheidsstraat. Ik ben er alleen geen politie tegengekomen.

Vervolgens ben ik eerst naar het centrum van Nijkerk gelopen, waar toevallig ook markt was. Het was er gezellig druk en het was ook mooi weer. Op het station Nijkerk opgestapt richting Zwolle, maar de volgende stop ben ik er al weer uitgegaan: Putten. Station Putten heeft een alleraardigst vintage winkeltje. Sommige zullen het erg kitscherig vinden, maar ik vind het wel grappig: een keertje uit de sleur van al die precies hetzelfde ingerichte winkels van een keten. Vanaf Putten ben ik daarna naar station Ermelo gelopen. En in Ermelo ben ik opnieuw op de trein gestapt en naar huis gegaan. Via de Chinees was ik om 19.15 uur weer thuis. Ik had ruim 16 kilometer gelopen.

Vrijdag 26 april 2019.

De uitkomst van het onderzoek naar Arie van Leeuwen: hij was geen familie met een gemeenschappelijke voorouder ‘van Leeuwen’ van na 1800. Bovendien zijn we op dat moment al enkele generaties in Zeeland aangekomen, dus dat maakt de waarschijnlijkheid dat het familie is nog iets kleiner. Het blijft opmerkelijk dat Arie van Leeuwens vader Jacobus van Leeuwen was.

Dan is dus vandaag een serieuze poging aan de beurt om op jacht te gaan naar mijn nieuwe vloerbedekking. Het is natuurlijk maar een eerste poging en de ervaring leert dat er veel pogingen op moeten volgen, totdat ik heb wat ik hebben wilde. Maar het kan ook eens keer meteen raak zijn. We zullen zien.

Donderdag 25 maart 2019.

De gisteren bedoelde Arie van Leeuwen, stond inderdaad ‘gewoon’ in WieIsWie, met vermelding van zijn ouders, onder wie zijn vader Jakobus van Leeuwen. Ik hoor nog wel een keer of hij familie is.

Wordfeud, dat ik af en toe speel met een buurvrouw, levert af en toe toch leuke vondsten op. Gisteren lag er al het woord ‘verf’ op het bord en het zou wel leuk zijn als ik daar vier letters aan vooraf kon laten gaan, want dan kreeg ik driemaal de woordwaarde. Het enige woord dat ik zo snel bedacht van ‘verf’ met daaraan voorafgaand vier letters was ‘stopverf’. Maar ik had die vier letters: s, t,o en p niet. Het enige vierletterwoord dat ik voor ‘verf’ kon leggen was ‘kook’. Maar ik had nog nooit van ‘kookverf’ gehoord, dus dat moest wel fout zijn. Uit balorigheid leg ik toch ‘kook’ aan en tot mijn stomme verbazing accepteerde het systeem het begrip ‘kookverf’ en kreeg ik een mooie score. De volgende vraag is natuurlijk: wat zou nou toch ‘kookverf’ zijn? Wikipedia gaf het antwoord: het bleek een Zweedse uitvinding te zijn, waarbij men inderdaad in het proces ook  kookt, voor verf die ze aldaar op houten huisjes smeren. Ik stelde me dan een houten sauna voor, staande in een ijskoud Zweeds landschap, met temperaturen ver onder nul, terwijl in het huisje stoom wordt opgewekt. Ik stelde me voor dat  dat inderdaad hoge eisen moest stellen aan de kwaliteit van de verf. Maar om dan de verf te gaan koken …….. In elk geval stak ik weer iets op.

Woensdag 24 maart 2019.

Eindelijk hebben we dan sinds gisteravond, een datum voor het overleg met onze verhuurder. Mag wel eens een keer. Ik durf zelfs het jaar niet te noemen dat we voor het laatst overlegden, maar het zou wel eens 2015 of 2016 geweest kunnen zijn. Het duurt nog wel een kleine vier weken, maar dan hebben we ook even de tijd om het goed voor te bereiden.

Verder heb ik nog een Arie van Leeuwen ontdekt, geboren in 1921 in Rotterdam en overleden in Duitsland in januari 1945. Zelfs neef Piet, die veel meer Van Leeuwens heeft dan ik, kon hem niet zo snel plaatsen, maar daarvoor is hij eigenlijk te laat geboren. Zijn geboorte-akte is nog niet openbaar, want pas in 2021, dus staat nog niet in WieIsWie, maar zijn overlijdensakte zou wel openbaar moeten zijn, want dat is meer dan 50 jaar geleden. Dus die zou bij het Nationaal Archief in Den Haag moeten liggen of daar opvraagbaar moeten zijn. Ik ga ook van hem maar eens een CBG-kaart opvragen, hoewel ik me realiseer dat de persoon in Nederland overleden moet zijn.  Niet geschoten is altijd mis.

Dinsdag 23 april 2019.

Gisteren werd bekend dat de beroemde Iraanse generaal Salami, naamgever van de gelijknamige tactiek, tot baas van de IRGC is benoemd met gelijktijdige bevordering tot generaal-majoor. De IRGC, de Iraanse Revolutionaire Garde, is dan weer door de V.S. aangeduid als terroristische organisatie. Al eerder besprak ik in deze rubriek deze persoon. Hij is een groot liefhebber van knoflookworst en, zoals al gesteld, naamgever van de bekende tactiek: snij het probleem in plakken en eet die één voor één op. Ik had hem al een grootse carrière voorspeld en die is nu ook aan het uitkomen.

Nog even een fotootje van Salami uit de NYT:

De aangifte Inkomstenbelasting 2018 heb ik gisteren verstuurd. Ik had al – met de natte vinger – een bedrag gereserveerd en dat blijkt nu 150 te hoog te zijn geweest. Ofwel daar houd ik nog 150 euro van over. Nu nog de aangifte omzetbelasting eerste kwartaal 2019, die ook uiterlijk 30 april weg moet zijn en de aangifte vennootschapsbelasting, die per 1 juni bij de fiscus met zijn. Bij die twee laatste aangiften gaat het om heel lage bedragen, eentje wordt zelfs nul euro, want ik maak maar heel weinig omzet, maar als je het niet op tijd doet, krijg je toch een forse boete. Die voorkom ik liever.

Maandag 22 april 2019, Tweede Paasdag.

Gisteren de fenomenale historische overwinning van Matthieu van der Poel in de Amstel Gold Race gezien. Een overwinning om te onthouden, door de manier waarop.

Verder een vleessalade gemaakt. Zie hiervoor desgewenst de receptenpagina. Het was in elk geval een schot in de roos.

En verder vooral bezig geweest met het eeuwige opruimen. Ik ben ook bezig geweest met drie belastingaangiften: mijn inkomstenbelasting 2018, BTW eerste kwartaal 2019, en Vennootschapsbelasting 2018. Dat laatste doet wel mijn administratiekantoor, maar ik moet ze natuurlijk wel van alle correcte papieren en gegevens voorzien. Allemaal supersaaie maar noodzakelijke  bezigheden, waarover niet zoveel een spannends te vertellen valt.

Zondag 21 april 2019, Eerste Paasdag.

Het afgelopen etmaal was rustig. Ben wel begonnen met het wegwerken van achterstallig administratief onderhoud. Ik heb altijd bergen papier en dat terwijl ik op mijn brievenbus tweemaal NEE heb staan, dus er komt niet meer binnen dan echt voor mij bestemd is. Ik vraag me al heel lang af hoe andere mensen met zo’n papierstroom omgaan. Als ik het een week niet orden ontstaat er chaos. Dus voor dat opruimwerk lenen zich deze dagen uitstekend. Dan kan ik dinsdag weer met een geordend huishouden de nieuwe week aan.

Een jaar of twee geleden kocht ik bij een winkel alhier twee vrijwel identieke broeken, voor doordeweeks. Vorige week stond er een dame bij me aan de deur die me er voorzichtig en vriendelijk attent op maakte dat mijn gulp openstond, van één van de twee genoemde broeken, die ik op dat moment aanhad. Ik schrok. Ben ik aan het aftakelen of zo? Ik sloot de broek weer, maar even later stelde ik in mijn eigen huis, zonder toeschouwer,  vast dat de gulp opnieuw helemaal openstond. De rits was dus gewoon kapot. Hij gaat wel dicht, maar valt meteen daarna weer helemaal open. Ik heb de broek dus maar even gewassen en aangeboden aan een soort naaiwinkeltje alhier, die ook mijn gordijnen heeft gemaakt. Voor € 14,95 krijg ik een nieuwe rits. Ik trok vervolgens de tweede broek van dezelfde soort aan en wat blijkt: ook van de andere broek is de rits kapot, op dezelfde manier als bij de eerste. Ik vertelde dat aan de dame van het naaiwinkeltje. Waarop zij zei: het lijkt wel afgesproken werk. En ik reageerde met: Ja, dat heb ik ook gedacht: ze hebben het afgesproken. De broeken van tegenwoordig zijn ook niet meer te vertrouwen. Ze schoot in de lach.

Zaterdag 20 april 2019, Stille Zaterdag.

Mijn broer Jan is vandaag 78 geworden. Dit betekent dat hij op 20 april 1941 geboren is. Dat was ook de eerste verjaardag van de Führer in het sinds mei 1940 door Duitsland bezette Nederland. Ik liet me het verhaal ooit vertellen, dat op die eerste verjaardag van wijlen Adolf H., iedere jongen die die dag geboren werd en Adolf zou worden genoemd, een persoonlijk geschenk van de Führer zou krijgen. Of dit verhaal waar is, weet ik nog niet. Maar in elk geval heet mijn broer geen Adolf.

Vanavond kan ik dus – desgewenst – twee verjaardagen vieren. Ik hou het toch maar liever op eentje.

Ik ben al een hele tijd bezig om het boek van Jan Buisman, ‘Duizend jaar weer in de lage landen’ compleet te krijgen. Het zijn tot nu toe zes delen  met het weer van het jaar 764 tot intussen 1800. Naarmate de geschiedenis recenter wordt is er meer bekend over het weer per jaar. Dus de delen gaan over een steeds kortere periode en worden ook steeds dikker. Van 600 pagina’s per stuk tot nu ongeveer 800 pagina’s per deel.  Deel 7 komt volgende maand uit en gaat over de periode 1800 – 1825. Het zijn stuk voor stuk boeiende leesboeken over de Vaderlandse geschiedenis geworden, met alles dat er gebeurde, plus het bijbehorende weer. Een of andere Franse historicus, met een heel lange naam, raadt zijn landgenoten aan toch vooral Nederlands te gaan leren, want dat is de enige manier om kennis te nemen van dit fantastische werk. Het eerste: Nederlands leren voor Fransen is een prima idee, natuurlijk. Maar je kunt er zoveel meer mee doen dan dit boek lezen. Onze geschiedenis zou op talloze momenten heel anders gelopen zijn, als er op belangrijke dagen heel ander weer was geweest. Er is maar één probleem: de schrijver Jan Buisman, is geboren in februari 1925 en is dus intussen 94 jaar. En als er vanaf 1825 25 jaren in een deel zullen gaan, hetgeen een optimistische inschatting is, dan moeten er dus nog 8 delen verschijnen. Ik gun het hem natuurlijk van harte, maar ik waag toch te betwijfelen of hij nog zoveel tijd van leven heeft. Hij werkt er, naar ik meen, nog steeds aan, maar heeft wel de de nodige hulp. Straks ga ik deel 6 bestellen, en in mei de delen 4 (die dan in herdruk komt) en het nieuwste deel 7. Dan ben ik voorlopig compleet.

Oudere informatie bij Hoofdstuk XXI, het jaar 2019.